Genealogie Schuurman

Schuurman, Van der Zwam, Van der Leede en Van der Velden

Print Voeg bladwijzer toe

Aantekeningen


Treffers 3,101 t/m 3,150 van 5,326

      «Vorige «1 ... 59 60 61 62 63 64 65 66 67 ... 107» Volgende»

 #   Aantekeningen   Verbonden met 
3101 In 1541 is Gerijt Pietersz eigenaar en bruiker van een stuk land van 18,5 morgen 200 roeden dat hij in erfpacht heeft. (zie ook de akte van 23-09-1643, waaruit blijkt dat de erfpacht schuldig is aan Gerrit van der Laen). In 1564 en 1568 is dit land in het bezit van Neeltgen, de weduwe van voornoemde Gerrit Pietersz. Het land ligt naast de Vaarsloot in de richting van de Zegersweg.
In 1580 blijkt dit land verdeeld te zijn tussen Dirck Gerritsz met 9 morgen 2,5 hond en Cornelis en Jan Gerrit Pieterszonen met Jonge Willem Pieter Jansz, die samen 9 morgen 2,5 hond hebben (zie de akte hieronder). In 1592 blijkt het land herschikt te zijn, zodat Dirck Gerritsz 10 morgen 5 hond bezit, Cornelis Gerrit Pietersz en Jan Gerrit Pietersz bezitten elk 3 morgen 4 hond en Jonge Willem Pieter Jansz heeft 4 hond in eigendom. Dit is samen nog steeds 18,5 morgen 2 hond.
In 1600 bezit Cornelis ook het deel van Jan, in totaal dus 7 morgen 2 hond, volgens de uitkoop van 20-08-1600. Verder blijft de situatie ongewijzigd tot 1612. In 1616 is het deel van Cornelis Gerrit Pietersz in handen gekomen van Jan Gerritsz. Willem Pietersz bezit nog steeds 4 hond. Het land van Dirck Gerritsz is echter verdeeld tussen Gerrit en Dirck Dircksz en Gerrit Jansz. Het morgenboek van 1628 geeft een betere indicatie van de verdeling: Gerrit Dircksz Cuijper bezit 2 morgen 5 hond 75 roeden, Gerrit Jansz Tholl heeft 1 morgen 2 hond 75 roeden gekregen, Dirck Dircksz bezit 2 morgen 1 hond 75 roeden en Ghijsbert Pietersz heeft 4 morgen 75 roeden in eigendom.
Ghijsbert Pietersz blijkt weduwnaar te zijn van Neeltgen Dircksdr, zus van Gerrit Dircksz Cuijper en Gerrit Dircksz Vaendrager. Van zijn 4 morgen 75 roeden komt 2 morgen 1 hond 75 roeden bij zijn zoon Pieter Ghijsz terecht bij de boedelscheiding van 25-10-1629. De overige 2,5 morgen behoudt hij zelf. Dit verkoopt hij op 30-04-1636 aan Jan Pietersz Jonge Willemsz/Jan Pietersz Schenckevelt.

Het mooie is dat in het archief van Erfgoed Leiden een kaart aanwezig is, in 1643 getekend door Stevin van Broeckhuijsen op verzoek van Adriaen Willemsz Wittert. Hierin is bovenstaande 18 morgen 5 hond 73 roeden getekend. Aangezien dit land naast de Oostheul ligt, is het waarschijnlijk dat Dirck Gerritsz aan de Heul dezelfde persoon is. Ook zijn land is in 1616 van eigenaar gewisseld.

Op 21-08-1588 koopt Dirck Gerritsz een stuk land van 2,5 morgen 2,5 hond. In het morgenboek van 1584 staat dit land geregistreerd op naam van Cornelis Sijmonsz c.s. Van 1588 tot 1612 staat dit land op naam van Dirck Gerritsz aan de Heul. In 1616 wordt Cornelis Pietersz als nieuwe eigenaar genoemd. Dit blijkt te zijn Cornelis Pietersz van Swieten, getrouwd met Barber Dircksdr. Deze Barber is een dochter van Dirck Gerritsz. Samen krijgen ze vijf kinderen: Dirck, Sijmon, Pieter, Elisabeth en Cornelis. Gerrit Dircksz Vaendrager is oom en voogd van de onmondige kinderen. Zie voor meer informatie het weesboek van Oudshoorn.
---
28-10-1584: Pieter Gerrit Pietersz, Jan Aalbertsz, getrouwd met Griete Gerritsdr, Cornelis Claesz, getrouwd met Marije Gerritsdr, en Jannitgen Gerritsdr, verklaren uitgekocht te zijn door Cornelis en Jan Gerritsz met Jonge Willem Pieter Jansz voor één helft en door Dirck Gerritsz, hun zwager, voor de andere helft, bij het overlijden van Neeltgen, de weduwe van Gerrit Pietersz, hun moeder.
Bron: GAAR, ora Alphen 2, fol. 27.

21-8-1588: Cornelis Sijmonsz, voor zichzelf en als voogd van Catrijn en Maritgen Sijmonsdr, zijn zusters, Mathijs Jacobsz, weduwnaar van Belijtgen Sijmonsdr, voor zichzelf en als vader en voogd van zijn twee kinderen, geboren uit Belijtgen Sijmonsdr, en Cornelis Ariaensz, getrouwd met Lijsbeth Sijmonsdr, allen erfgenamen van Sijmon Cornelisz, verkopen Dirck Gerritsz, wonende bij de Oostheul, 3 morgen land in Oudshoorn, belend ten oosten Maerten Stichter, ten zuiden Cornelis Willemsz Jongen Bouman, ten westen Ceel Dircxsz Heijnen, ten noorden Bouwen Jansz. Borg: Griete Ghijsbertsdr, weduwe van Claes Claesz, met Jan Jansz, haar neef. Koopsom 303 gulden. Met schuldbrief.
Bron: GAAR, ora Alphen 3, fol. 128v.

20-8-1600: Jan Gherijt Pietersz is uitgekocht door zijn broer Cornelis Gherijtsz van 1/3 deel van een woning en landen van 22 morgen min een hond onder Oudshoorn aan de Oostheul, waarvan Dirck Gerritsz de ene helft en Cornelis Gerritsz en comparant Jan Gerritsz met hun zwager Willem Pietersz de andere helft aangedeeld zijn. Dit met de jaarlijkse erfpacht en lijfrente, die op het geheel berusten.
Bron: GAAR, ora Oudshoorn 1B, fol. 3. 
Gerrits, Dirk (I3184)
 
3102 In 1549 is hij 63 jaar oud. Hendrick Aerts was boer aan de Hordijk onder Oost-Barendrecht. Hij was heemraad in de periode 1526-32 en dijkgraaf in de periode 1533-51 van de vier polders van West-IJsselmonde.
Beroep: Boer.
Beroep: Hoogheemraad. van 1526 tot 1532
Beroep: Dijkgraaf van de vier polders van West-IJsselmonde. van 1533 tot 1551
Beroep: Heemraad van Oost-Barendrecht. van 1549 tot 1549
Ovl. tussen 21-4-1551 en 1-7-1552.
Bron: http://madmonarchs.guusbeltman.nl 
Aarts, Hendrik (I37)
 
3103 In 1599 woont in Benthuizen een Willem Willemss Keyser en aan Den Hogenboom in Benthuizen een Willem Janss Keyser. Beiden zijn ze in het bezit van een verrejager, een lange stok met een ijzeren punt waarmee stieren in bedwang gehouden kondenworden.
Bron: 1599 Weerbare mannen Benthuizen, Benthorn en Hoogeveen
---
NH dopen Benthuizen:
10-11-1624 Pieter; o. Dirck Willemsz Keijser en Ermtgen Lenertsd; g. Hubert Willemsz Keijser en Trijntgen Philipsd
---
Dirck Willemsz Keijser
Ermpgen Lenaertsdr., zijn huisvrouw
kinderen: Ysbrant, Willem, Lenaert, Maritgen en Aechgen
Trijntgen Phlsdr., van Segwaert, haer dienstmaecht
Benthuizen f.697v
Bron: Kohier Hoofdgeld over Rijnland (1622) samengesteld door J. Heemskerk
---
Dirck Willemsz Keijser ij hont
Bron: Morgenboek Benthuizen 1620
---
138.
Wy, Geraerdt Wijten, bailliu ende schout, Bartholomees Prss. de Heij ende Corn. Janss Mous, schepenen van den ambachte ende heerlicht. van Benthuyssen, oirconden, dat voor ons gecomen ende verscheenen zijn:
IJsbrant Janss, Wm. Dircxss Keijser, Leendert Dircxss Keyser, Corn. Gilliss den Haen, getrouwt hebbend Maertgen Dircxdr Keyser, ende Pr. Dircxss Keijser, alle wonend alhyer tot Benthuijssen, kindren ende sulcxs erffgenaemen, elcxs voor een vijfde pt.van Ermtgen Leendertsdr., die eerst weduw was van Jan IJsbrantss, ende laetst van Dirck Willemss Keijser, gewoont hebbende ende overleden zijnde alhijer tot Benthuijsen, verclaerende ende te kennen geevende, hoe dat sij comparanten voornt. met malcandren in aller minne ende vruntschap hadden geschift, gescheyden ende gedeelt, gel. sy alsnoch schiften, scheijden ende deelden mits desen, alle de onroerende goedren, sulcxs ende jn der vougen dezelve bij de voors. Ermtgen Leendertsdr. metter doot ontruijmt ende naergelaeten sijn, ende dat in vougen ende manieren hyernaervolgende, naementl. ende voor eerst, dat de voors. IJsbrant Janss in eijgendomme zal hebben ende wert hem dienvolgende by desen aenbedeelt een gerechte vijerde paert vaneen stuck weylants, groo

141.
Wij, Geraerd Wijten, bailliu ende schout, Bartholomees Prss. de Hey ende Corn. Janss Mous, schepenen van den ambachte ende heerlicheijt van Benthuijsen, oirconden, dat voor ons gecomen ende verscheenen is:
IJsbrant Janss, wonend alhyer tot Benthuijssen, verclaerende uijtterhant vercocht te hebben ende opdrouch dienvolgende bij desen aen ende ten behouve van:
Wm. Dircxss Keijser, onsen jnwonende buijrman, ofte sijns actie vercrijgende, een gerechte vyerde paert van seventhien honden lants, wesende van zuijtwaerts an het tweedegedeelte, gelegen alhijer tot Benthuijssen jnt ije bon, hem comparant by scheijdinge aenbedeelt uijt den boedel van zijn za. moeder, Ermtgen Leendertsdr., belent zynde ten zuyden Cornelis Gilliss den Haen, ten westen Corn. Prss. Verkade, ten noorden Pr. Dircxss Keijser, ende ten oosten hij Wm. Dircxss Keijser selffs, ende dat vrij zonder eenige lasten doch als buijrlanden, wijders met zodanige conditien, servituijten, vrijdommen ende waaringe als begreepen staen jn de respective oude waerb., mitsgrs. de scheijdinge daervan zijnde, die hij comparant tot dyen eynden aenden cooper transporteerde ende overgaeff bij desen, ende dat met alle het recht toe ende aenseggen vandijen, beloovende hy comparant voornt. t voors. vercochte lant te vrijen ende waeren van alle commer ende beswaeringe die daerop geduirende den tijt sijns eijgendoms soud

143.
Wij, Geraerd Wijtens, bailliu ende schout, Jacob Joriss van der Beer ende Bartholomees Prss. de Heij, schepenen in den ambachte ende heerlicheijt van Benthuijsen, oirconden, dat op huijden voor ons gecomen ende gecompareert syn geweest:
Isbrant Janss, Willem Dircxss Keyser, Leendert Dircxss Keyser, Pr. Dircxss Keyser, ende Corn. Gilliss de Haen, getrouwt hebbend Maertge Dircxdr Keijser, alle kindren ende erffgen., elcxs voor een vyfde pt. van Ermpgen Leendertsdr., lest wedue was van Dirck Willemss Keijser, in haer leven gewoont hebbende ende overleden zijnde tot Benthuijsen, dewelcke verclaerden voor haer, haren erven ende nacomel., hoe dat d voors. Ermtge Leendertsdr. in haer leven hadde vercocht ende dat zij comparanten dienvolgende by desen transporteerden ende opdroegen mits desen aen ende ten behoue van:
Pieter Gilliss Cort, onsen inwoonende buijrman, ofte sijn wederactie gecrijgende, een perthijtgen flodderlants, gelegen in de oude Polder int ije bon in desen ambachte, te verongelden volgende t’ mergenbouck voor ij mergen iiij hont met een turffschuijr daerop staende, belent ten oosten Dirck ende Willem Janss Mous, ten zuijden de voors. Dirck en Willem Janss Mous met Willem Theuniss van der Willic, ten westen de voors. Willem Theuniss ende den cooper selffs, ende ten noorden de Moolevaert, vrij wesende als buijrlant, tot welcken eijnde zij comparanten mede aen den cooper transporteerden ende overgaeffen de oude opdracht- ende waerbrieven, die haer comparantes vader za. in zijn leven daervan heeft ontfangen, ende omme daermede gewonnen ende verlooren te werden als recht is. Ende nopende de lasten die t’ zedert date van de jongste waringe opt vercofte lant soude mogen zijn gestelt daervooren verbint zij comparanten haer persoon ende goederen, roerende ende onroerende, presente endetoecomende, subje

144.
Oirconden, dat op huijden voor ons gecomen ende gecompareert is geweest:
Pieter Gilliss Cort, onsen inwoonende buijrman, dewelcke (uijt coope van een perthijtge flodderlants, gelegen in de oude Polder int ije bon in desen ambachte, te verongelden volgende t’ mergenbouck voor ij mergen iiij hont met een schuijr daerop staende, belent ten oosten Dirck ende Willem Janss Mous, ten suijden de voors. Dirck en Willem Janss Mous met Willem Theuniss van der Willic, ten westen de voors. Willem Theuniss ende hij comparant selffs, ende ten noorden de Moolevaert, voor hem, zijnen erven ende nacomel. wel ende deuchdel. bekende schuld. te wesen aen ende ten behoue van:
de kindren ende erffgen. van Ermpgen Leendertsdr., lest wedue van Dirck Willemss Keijser, onse inwoonende buijrluijden, ofte den houder van desen, de somme van vijffhondert carol. guldens, ten xL grooten het stuck, die hij comparant wel ende getrouwel. gelooft te betalen met hondert ende vijftich gl. gereet, als St. Jacobj 1651 hondert ende St. Jacob 1652 vijftich guldens verscheenen sijnde, doch St. Lambert dach daeraenvolgende ten langsten wel betaelt ende voorts met termijnen van vijftichguld. t’ sjaers, waervan den eersten termijn verscheenen ende ommegecomen is geweest Jacobij dach in den jare xvjC drijeenvijftich, geduijrende zoo voorts van jare te jare ter voller ende effectueeler betalingem doch telckens mede St. Lambert daeraenvolgende wel betaelt ijder termijn precijs ende zonder langer dilaij, mitsgaders geheel vrij ende zonder eenigerhande cortinge te mogen doen, t zij van de Xe, XXe, XXXe , XLe, Le meerder ofte minder penn., beden, subventijen, nijet jegenstaende eenige placcaten ofte r

Bron: 1652-1657 Transporten Benthuizen (RA Benthuizen inv. 21) 
Keizer, Dirk Willems (I1851)
 
3104 In 1626 werd Paul Martens de eigenaar, zoon van Geertje Schut en Marten Orges en stiefbroer van Jacob Jacobs. (...) De 3 watermolens in Uchelen en de windmolen, de 3 Hattem molens en de Winkewijert waren tot ca. 1780 in handen van de nazatenvan de (stief)zonen van Geertje Schut en Martin Orges. De nazaten zijn allemaal neven en nichten 'Schut'. Ook vrouwen behielden hun erfdeel bij de papiermakers.
Bron: http://www.ugchelen.org
---
De Oude Molen (Molen Altena)
1613 Jacob Jacobs - molen gelegd, eigenaar en papiermaker
1648 Daniel Jacob Schut - eigenaar en papiermaker
Molen Het Voorslop
1646 Jacob Jacobs - molen gelegd en eigenaar
1653 Daniel Jacobs Schut - papiermolen gelegd
De Nieuwe Molen of Hamermolen
1644 Jacob Jacobs - molen gelegd en het water in pacht, papiermaker
1646 Daniel Jacobs Schut - eigenaar en papiermaker
Bron: Het verborgen verleden van het Engelanderholt 
Jacobs, Jacob (I1600)
 
3105 In 1632 molenmeester van de Gr. Polder in Oudshoorn (bron: Alphen - Index dopen)
---
Jacob Claesz Cappiteijn ende
Lijsbet Dircxdr sijn huijsvre
met Cornelis, Anna, Dirck ende
Jan, heurluijder kinderen – 6 hoofden
Bron: Genealogie Rijnland
---
Cors Gerritsz draagt over op Willem Claesz, wonende achter in Oudshoorn, twee bezegelde koopbrieven met twee transfixen, inhoudende, ieder der brieven 4½ hond land.
Bijbehorende akte (23-01-1603): Willem Claesz is schuldig aan Cors Gerritsz 336 gulden wegens koop van 1½ morgen land (= 2 x 4½ hond!) onder Oudshoorn, strekkende van Claes Willemsz tot de Duikerwetering, belend ten oosten Claes Willemsz en ten westen Cornelis Ariensz Voshol. Borg Jacob Claesz.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 1B, p. 34v, d.d. 23-01-1603
---
Jacob Claesz Cappiteijn verkoopt aan zijn broer Jan Claesz een eigenbrief, inhoudende het eigendom van een perceel land onder Oudshoorn, gelegen in de Hontscoop onder Esselickerwoude (!?), belend ten oosten Anthonis Jorisz Focker, ten westenDirck Claesz, ten noorden de Hontscooper Dijk en ten zuiden Jan Claesz zelf. De brief gecasseerd 10-05-1631.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2A, p. 52v, d.d. 06-03-1625
---
Aeltgen Dircksdr, weduwe van Willem Claes Willemsz met haar voogd Lourens Monden, secretaris van Oudshoorn en Jacob Claesz Cappiteijn als oom en bloedvoogd van de weeskinderen van Willem Claes Willemsz, verkoopt aan haar oom Cornelis Willemsz, wonende te Rijnsaterwoude, een eigenbrief d.d. 11-03-1611, inhoudende het eigendomsrecht van 1 ½ morgen land onder Oudshoorn. Koopsom 200 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2A, p. 74v, d.d. 13-11-1625
---
Jacob Claesz Capiteijn en Jan Cornelis Michielsz, beiden wonende in Oudshoorn, voogden over de weeskinderen van Sijmon Sijmonsz, geprocreeerd bij Marritgen Claesdr, zijn schuldig aan de broers Gerrit en Dirck Willemsz 1.036 gulden 8 stuiver wegens koop van 2 morgen land, belend ten oosten Willem Pietersz, ten zuiden Willem Heijnricxsz Cop en ten westen Gerrit Pietersz en Claes Claesz Cool.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2A, p. 76v, d.d. 13-03-1626
---
Cornelis Cornelisz Cop, wonende te Oudshoorn, verkoopt aan Jacob Claesz Capteijn 4½ hond land onder Oudshoorn, strekkende van het land van Leendert Leendersz tot aan de Duikerwetering, belend ten westen Sprongh Jacobsz en ten oosten Leendert Leendertsz.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2A, p. 77v, d.d. 13-03-1626
---
Huijch Claes Willemsz verkoopt aan zijn broer Jacob Claesz Capijteijn en zijn zoon Willem Jacobsz Admiraell een eigenbrief d.d. 09-09-1621 inhoudende de koop van een huis en erf met beplanting onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse weg tot aan het land van Huijch Claesz voornoemd, belend ten westen Pieter Bouwensz en ten oosten Huijch Claesz. Koopsom 600 gulden. Gecasseerd 20-02-1637.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2B, p. 10v, d.d. 11-11-1627
---
Aeltgen Dircksdr, weduwe van Willem Claes Willemsz met haar broer Cornelis Dircksz als voogd, ter eenre en Cornelis Willemsz, Cors Ariensz, weduwnaar van Marijtgen Willemsdr, Cornelis Aelbertsz, man van Annitgen Willemsdr, Leendert Cornelisz, man van Catharijna Willemsdr en Jacob Claesz Capijteijn als bloedvoogd van de vier onmondige weeskinderen van Willem Claesz, ter andere zijde. Regeling van de nalatenschap. Aeltgen Dircksdr behoudt het huis, berg, schuur en beplanting met omtrent 2 morgen 4 hond land, strekkende van de Oudshoornse weg tot het land van Willem Dircksz van Buesecum, belend ten oosten de kinderen met hun delen land en ten westen Gerrit Jansz Cort, hierbij een perceel veenland van 1½ morgen, belend ten oosten en zuiden Dirck Claes Willemsz, ten westen Heijndrick Bonensz en ten noorden de Duikerwetering. De voornoemde acht kinderen ontvangen met elkaar omtrent 4 morgen 5 hond en 50 roeden land, genaamd het Ruijge Land, strekkende van de Oudshoornse weg tot de Duikerwetering, belend te
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2B, p. 15v, d.d. 12-01-1628
---
Aeltgen Dircksdr, weduwe van Willem Claes Willems met haar broer Ghijsbert Dircksz als voogd en Jacob Claesz Capijteijn en Ghijsbert Dircksz voornoemd als voogden van de vier onmondige kinderen van Willem Claesz voornoemd en zich sterk makende voorde vier volwassen kinderen, zijn schuldig aan Sussanna Otten, vrouwe van Leeuwenhorst, wonende te Leiden, een jaarlijkse losrente van 37 gulden 10 stuivers, hoofdsom 600 gulden. Gesteld onderpand: 4 morgen 1 hond land onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse weg tot de Duikerwetering, belend ten oosten Willem Pietersz als bruiker en ten westen Cornelis Dircksz Zoentgen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2B, p. 19v, d.d. 20-05-1628
---
Jacob Claesz Capijteijn, wonende te Oudshoorn, verkoopt aan Dammis Huijbertsz de helft van een huis, met erf en beplanting onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse dijk tot aan het land van Huijch Claes Willemsz ter halversloot toe, belend ten oosten de wederhelft, toekomende Willem Jacobsz en ten westen Pieter Bouwensz. Koopsom 450 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 2B, p. 24, d.d. 22-06-1628
---
Cornelis Willem, Dirck Willemsz, Cornelis Aerbertsz, man van Annitgen Willemsdr, Leendert Cornelisz, man van Catharijna Willemsdr, ter eenre en Jacob Claesz Capijteijn als voogd van de drie onmondige weeskinderen van Willem Claesz en AeltgenDircksdr, ter andere zijde, regelen de boedelscheiding. De drie jonge weeskinderen valt ten deel het "asterste" (achterste?), groot ca. 2½ morgen, strekkende van de voorste partij, hiervan gedeeltelijk door een dwarssloot gescheiden, tot aan de Duikerwetering, belend ten westen Aeltgen Dircksdr c.s. en ten oosten Gerrit Jansz Cort, "met zijne medehelpers" en zullen van Dirck Cornelisz voornoemd(?) ontvangen 250 gulden. Dirck Willemsz ontvangt een kampje, groot 2 morgen 2½ hond, strekkende vande Oudshoornse weg tot aan het gedeelte der jonge kinderen, belend ten westen Aeltgen Dircksdr, de moeder en ten oosten Jan Jansz Cort, zal zijn broes betalen 250 gulden. Cornelis Willemsz, Cornelis Aelbertsz en Leendert Cornelisz delen onderling alle schulden en obligaties.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 6, d.d. 26-10-1629
---
Jacob Claes Capijteijn, wonend te Oudshoorn, verkoopt aan Evert Matheusz van Heijningen 2½ hond land onder Oudshoorn, strekkende van het land van Leendert Leendertsz tot in de Duikerwetering, belend ten westen Pieter Cornelisz Sprong met zijn zuster en ten oosten Jacob Claesz. Deze brief is niet gepasseerd.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 18, d.d. 08-04-1630
---
Jacob Claesz Capijteijn als grootvader en voogd van de onmondige weeskinderen van Willem Jacobsz Admiraell en Claes Claesz Cooll als vader van Agatha Claesdr, mede grootvader van de vijf onmondige kinderen van Willem en Agatha, verkopen aan Huijch Claesz een eigenbrief, inhoudende de koop van ½ morgen land onder Oudshoorn. Koopsom 184 gulden 10 stuivers.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 34v, d.d. 22-10-1630
---
Jacob Claesz Capijteijn verkoopt aan Evert Matheusz van Heijningen twee eigen- of transportbrieven, inhoudende de koop van 4½ hond land. Koopsom 2.129 gulden. Evert stelt als onderpand: de genoemde 4½ hond land onder Oudshoorn, strekkende van het land van Leendert Leendertsz tot in de Duikerwetering, belend ten westen Pieter Cornelisz Sprong en zuster en ten oosten Leendert Leendertsz.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 35, d.d. 22-10-1630
---
Jacob Claesz Capijteijn verkoopt aan zijn zoon Jan Jacobsz Jonge Capijteijn twee eigen- of transportbrieven inhoudende de koop van 1½ morgen land onder Oudshoorn, bezegeld op 13-10-1610. Koopsom 600 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 48v, d.d. 30-01-1631
---
Baertge Jansdr, weduwe van Sijmon Simonsz, met Cornelis Jansz, wonende te Waddinxveen, als voogd, ter eenre, Ever Simonsz en Trijntgen Simonsdr, met Jacob Claesz Cappiteijn, haar voogd, als erfgenamen van Simon voorn., ter andere zijde. Deling der nalatenschap. Baertge Jansdr behoudt een huis, erf en boomgaard op de kade aan de westzijde van de Gouwe, liggend tussen de Gouwe en de Wetering, strekkend van de Zaanse molenwetering tot de hoefslag van Isbrandt Willemsz; nog een huis en erfaldaar, strekkend van Trijn Wiggerden tot de kade van Jan Dircksz Drooch; nog 2 hennepwerfjes naast de binnenpolder genaamd "het Veetwerck" tussen de Gouwe en 't voorn. land. Evert en zijn zuster moeten hun moeder nog uitkeren 75 gulden; nog de helft van3 morgen weiland, waarin een hennepwerf, strekkend van de Zaanse binnenkade tot de dwarssloot waar het deel van Evert en zijn zus begint; nog 3 morgen hooiland, strekkend van het land van Jan Direcksz Drooch tot in de Toegang, belend ten oosten devoorn. erfgenamen, ten we
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 10, p. 123, d.d. 03-11-1631
---
Baertge Jansdr, weduwe van Sijmon Simonsz, met Cornelis Jansz, als voogd, ter eenre, Ever Simonsz en Trijntgen Simonsdr, met Jacob Claesz Cappiteijn, haar voogd, stellen als onderpand voor de 425 gulden, toekomend het weeskind Grietien Jans,3 morgen land, strekkende van de binnenkade tot het land van Gerrit Govertsz, belend ten oosten Jan Droochiens en ten westen de erfgenamen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 10, p. 124v, d.d. 03-11-1631
---
De broers Willem, Cornelis en Claes Willemsz met Jacob Claesz Capijteijn en Cornelis Willemsz als voogden. Regeling van erfenisdeling. Willem Willemsz valt ten deel 7½ hond land of water, strekkende van Dirck Willemsz land tot het deel van CornelisWillemsz, belend ten oosten Gerrit Jansz Cort c.s. en ten westen Cornelis Willemsz met zijn deel. Cornelis Willemsz valt ten deel 7½ hond land of water, strekkende van Dirck Willemsz land tot het land van de weduwe of erfgenamen van Pieter Jonge Willemsz, belend ten oosten Willem Willemsz met zijn deel en ten westen Aeltgen Dircksz. c.s., hierbij een "teellworff", strekkende van het land van Willem Willemsz tot in de Duikerwetering, belend ten oosten en westen de weduwe van Pieter Jonge Willemen. Claes Willemsz valt ten deel enkele obligatiën en penningen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 66v, d.d. 16-12-1631
---
Michiel Sijmonsz ter eenre en Jacob Claesz Capijteijn en Jan Cornelisz als voogden van Annitgen Sijmonsdr ter andere zijde, allen kinderen van Sijmon Sijmonsz. Overeenkomst betreffende de boedelscheiding. Michiel Sijmonsz valt ten deel een huis, berg, schuur en beplanting met bijbehorend land, strekkende van de Oudshoornse weg tot aan het kadeland, belend ten oosten Jan Jansz Cort en Huijbert Ghijsbertsz en ten westen Dirck Dircksz Joor; hierbij tot het kadeland onder "der Aer", strekkende van de Langeraarse weg tot de dwarskade toe, belend ten zuiden de scheisloot tussen Oudshoorn en Ter Aar en ten noorden Leendert Dircksz en de weduwe van Jacob Annetges c.s.; hierbij enige "teellworven" daar in liggende; nog 1 morgen land onderJacobswoude, strekkende van de Duikerwetering tot aan het kadeland, belend ten oosten Jan Jansz Cort en ten westen Huijch Claesz; nog een perceeltje land genaamd "den ouden boemgaert", strekkende van het land van Jacob Claesz Capijteijn tot de scheisloot van het kadeland, bele
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 93v, d.d. 03-12-1632
---
Pieter Cornelisz Sprong verkoopt aan Jacob Claesz Capijteijn, Jan Jacobsz, Willem Pietersz en Jan Pietersz van Scheijnkevelt, ieder voor 1/4 deel, 10 hond land onder Oudshoorn, strekkende van Jan Jansz Cort tot in de Duikerwetering, belend ten oosten Leendert Leendertsz en Evert Matheusz van Heijningen en ten westen Claes Claesz Coolen. Koopsom 1.000 gulden, voldaan 05-03-1638.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 103v, d.d. 10-03-1633
---
Aeltgen Dircksdr, weduwe van Willem Claes Willemsz met Jacob Claesz Capijteijn als voogd, verkoopt aan haar zoon Dirck Willemsz 1½ morgen land onder Oudshoorn, strekkende van de Duikerwetering tot het land van Dirck Claes Willemsz, belend ten oosten Dirck Claes Willemsz en ten westen Heijndrick Bonensz. Koopsom 132 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 105, d.d. 10-03-1633
---
Trijntgen Dircksdr, weduwe van Cornelis Cornelisz Honscoop met haar huidige man Willem Jansz en haar broer Claes Dircksz Fransman als voogden, ter eenre en Cornelis Cornelisz Honscoop en Dirck Cornelisz Honscoop, beiden voor zichzelf en Jacob Claesz Capijteijn als voogd van Pieter Cornelisz Honscoop, allen kinderen van Cornelis Cornelisz Honscoop, ter andere zijde. Regeling der boedelscheiding. Trijntgen Dircksdr valt ten deel 3 morgen 5 hond land onder Alphen, strekkende uit de Rijn tot hetland van Cornelis Dirck Jan Pietersz, belend ten zuiden Claes Claesz Vranck en ten noorden Cornelis Dircksz Zoentgen; nog diverse obligaties. Cornelis Cornelisz Honscoop valt ten deel diverse obligaties. Dirck Cornelisz valt toe 16 koeien, 1 paard, 2 hakkelingen, 1 "gastevaers" e.a. Pieter Cornelisz valt ten deel een schuldbrief en enkele obligaties
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 110v, d.d. 21-04-1633
---
Aechgen Claesdr, weduwe van Willem Jacobsz Admiraell met haar broer Claes Claesz Coolen als voogd en met Jacob Claesz Capijteijn als grootvader en voogd van de vijf onmondige kinderen van Willem Jacobsz Admiraell, verkoopt aan Willem Claesz Coolen een huisje, erf en beplanting onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse weg tot het land van Dirck Dircksz Joor, belend ten westen Dammis Huijbertsz en ten oosten Dirck Dircksz Joor. Koopsom 400 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 130v, d.d. 21-09-1634
---
Dirck Cornelis van Swieten, toekomende bruidegom, ter eenre en Annitgen Sijmonsdr, wonende te Oudshoorn, toekomende bruid met haar broer Michiel Sijmonsz en haar oom Jacob Claesz Capijteijn als voogden, ter andere zijde, besluiten een huwelijk aan te gaan op de volgende condities. De bruidegom brengt in een deel van het land dat hij met zijn broers en zusters in het gemeen bezit, ook brieven en obligaties, geschat op 2.000 gulden. De bruid brengt in 5 morgen 4 hond land, nog 2 morgen 1½ hondland en nog 4 morgen land, alles in Oudshoorn. Nog aan brieven en obligaties e.a. in waarde 2.450 gulden. Bij overlijden van één van beiden worden de gebruikelijke successieregels gevolgd.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 134, d.d. 03-01-1635
---
Jacob Claesz Capijteijn, wonende te Oudshoorn, is schuldig aan Theodora van der Craft een jaarlijkse losrente van 25 gulden, hoofdsom 400 gulden. Gesteld onderpand: 6 morgen land onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse weg tot de Duikerwetering, belend ten oosten Gerrit Jansz Cort c.s. en ten westen Harper Gerritsz en Jacob Claesz Capijteijn.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 172, d.d. 13-11-1636
---
Aeltgen Cornelisdr, weduwe van Cornelis Cornelisz Poell met haar zoon Cornelis Cornelisz als voogd, voor de ene helft en Cornelis Cornelisz Poell, Claes Cornelisz Poell en Jan Dircksz van der Thocht, schoenmaker, man en voogd van Maddaleentgen Cornelisdr, allen kinderen van Cornelis Cornelisz Poell, voor de andere helft, verkopen aan de broers Jan en Sijmon Jansz Vermij, ieder voor de helft, 3 morgen 3 hond 75 roeden land onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse dijk tot de Duikerwetering, belend ten oosten Jan Jansz Vermij en ten westen de verkopers, mede verkocht aan ouwe Jan Jansz Vermij en Jacob Claesz Capiteijn. Koopsom 2.550 gulden, voldaan 03-06-1641.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 2, d.d. 21-01-1638
---
Aeltgen Cornelisdr, weduwe van Cornelis Cornelisz Poell met haar zoon Cornelis Cornelisz als voogd, voor de ene helft en Cornelis Cornelisz Poell, Claes Cornelisz Poell en Jan Dircksz van der Thocht, schoenmaker, man en voogd van Maddaleentgen Cornelisdr, allen kinderen van Cornelis Cornelisz Poell, voor de andere helft, verkopen aan Jacob Claesz Capijteijn 1 morgen land, strekkende van het land van Jan Jansz Vermij tot de Duikerwetering, belend ten oosten Jan en Sijmon Jansz Vermij enten westen Willem Clementsz. Koopsom 500 gulden, voldaan 28-05-1642.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 4v, d.d. 21-01-1638
---
Jacob Claesz Capiteijn, wonende te Oudshoorn, is schuldig aan Justus Nobelaer een jaarlijkse losrente van 18 gulden 15 stuivers, hoofdsom 300 gulden. Gesteld onderpand: 2 morgen 4½ hond land onder Oudshoorn, met huis, berg en schuur, strekkende vande Oudshoornse weg tot Cornelis Cornelisz Cuijt, belend ten oosten Claes Willemsz en ten westen Jacob Claesz zelf; nog 6 morgen onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse weg tot de Duikerwetering, belend ten oosten Gerrit Jansz Cort c.s. en ten westen Harper Gerritsz en Jacob Claesz Capiteijn zelf.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 17, d.d. 27-05-1638
---
Jacob Claesz Capijteijn verkoopt aan zijn zoon Jan Jacobsz Capiteijn 1/4 deel van 10 hond land onder Oudshoorn, strekkende uit de Duikerwetering tot van Jan Jacobsz voornoemd, belend ten oosten Evert Matheusz van Heijningen en ten westen Anthonis Cornelisz. Koopsom 145 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 32v, d.d. 04-03-1639
---
Jacob Claesz Capijteijn, wonende te Oudshoorn, verkoopt aan zijn zoon Jan Jacobsz Capijteijn een eigenbrief, inhoudende de koop van 6 morgen land onder Oudshoorn, strekkende van de Oudshoornse weg tot de Duikerwetering, belend ten oosten Gerrit Jansz Vermij en ten westen Huijch Claesz en Jacob Claesz Capijteijn. Koopsom 4.463 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 70, d.d. 14-09-1640
---
Jan Jacobsz Capijteijn is schuldig aan zijn vader Jacob Claesz Capijteijn een jaarlijkse losrente van 100 gulden, hoofdsom 2.000 gulden. Compareerde mede Jacob Claesz met zijn vrouw Elijsabeth Dircksdr, opkomende voor hun andere kinderen Cornelis, Dirck en Jan Jacobsz Capijteijn, Jan Pietersz Scheijnckevelt, man en voogd van Anna Jacobsdr en de vier onmondige weeskinderen van Willem Jacobsz Capijteijn en Aechgen Claesdr, ieder van deze kinderen zal recht hebben op 1/5 deel der 2.000 gulden, na overlijden hunner ouders.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 70v, d.d. 14-09-1640
---
Jacob Claesz Capijteijn verkoopt aan Cornelis Crijnensz van Swieten, schout van Nieuwveen, een schuldbrief, sprekend op Jan Jacobsz Capijteijn, inhoudende 1.200 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 71, d.d. 07-10-1640
---
Ghijsbert Dircksz voor zijn zuster Elijsabeth Dircksdr, weduwe van Jacob Claesz Capijteijn voor de ene helft en Cornelis, Dirck, Jan Capijteijn, Jan Pietersz Scheijnkevelt, man en voogd van Anna Jacobsdr, Cornelis Jacobsz en Claes Claesz alsman en voogden over de vier weeskinderen van Willem Jacobsz Capijteijn, geboren uit Aechgen Claesdr, voor de andere helft, verkopen aan Sijmon Jacobsz van Leeuwen 1 morgen veenland met een schuurtje onder Oudshoorn, strekkende van Jan Jansz Vermij tot in de Duikerwetering, belend ten oosten jonge Jan Jansz en Sijmon Jansz Vermij en ten westen Willem Clementsz. Koopsom 500 gulden. Als borgen traden op Dirck Cornelisz Cop en Jan Cornelisz van Veen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 79, d.d. 26-02-1641
---
Cornelis Jacobsz Capijteijn, Dirck Jacobsz Capijteijn, Jan Pietersz Scheijnkevelt, kinderen, "geswaegers" en erfgenamen van Jacob Claesz Capijteijn, ter eenre en Jan Jacobsz Capijteijn, broer en zwager, ter andere zijde. Regeling der boedelscheiding, inhoudende voor ieder 1/10 deel van een huis, erf, berg, schuur met beplanting met 2 morgen 4½ hond land of water, strekkende van de Oudshoornse weg tot Huijch Claes Willemsz, belend ten oosten Jan Jacobsz Capijteijn en ten westen Willem Pietersz Scheijnkevelt. Jan Jacobsz zal behouden 3 delen en ieder zijn 1/10 deel van de behuizing en het land (!?) De verdere bovengenoemde erfgenamen krijgen de roerende goederen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 96, d.d. 04-02-1642
---
Ghijsbert Dircksz, als broer en voogd van Elijsabeth Dircksdr, weduwe van Jacob Claesz Capijteijn, verkoopt aan haar zoon Jan Jacobsz Capijteijn de helft van een huis, erf, berg, schuur en beplanting en de helft van 2 morgen en 4½ hond land of water, strekkende van de Oudshoornse weg tot Huijch Claes Willemsz, belend ten oosten Jan Jacobsz Capijteijn en ten westen Willem Pietersz Scheijnkevelt en de oude Jan Dircksz. Koopsom 925 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 4, p. 171, d.d. 06-09-1646 
Kapitein, Jacob Claas (I1831)
 
3106 In 1634 samen met Matgen Claes getuige bij de doop van zijn kleinzoon Claes in Overschie, zoon van Joris Claesse en Immetgen Beunen
---
Jacob Siersz, oud 50 jaar, ambachtsbewaarder van Schieveen en Jan Claesz, croosheemraedt van Schieveen, 54 jaar, verklaren op verzoek van Abraham Gerritsz, timmerman wonende bij de Swedtheul onder Overschie, dat na het overlijden van de molentimmerman Crijn Aryensz er door de geburen van Schieveen een nieuwe molentimmerman gekozen moest worden.
Als medeburen in de polder en als molentimmerlieden worden nog genoemd: Harmen Michielsz, Symon Cornelisz, Harmen Cornelisz Coeckoeck, Aryen Jansz, Jan Jacobsz, Claes Cornelisz, molenaar, Arent Pietersz, Claes Jorisz, molenaar, Pieter Cornelisz Beun, Vechter Euften, Jan Jansz alias Jonge Jan en Aryen Louwen, molentimmerman.
Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 91, aktenr. 318, d.d. 28-03-1623
---
Ons Voorgeslacht 1970 blz. 54:
Pieter Ariensz, brugwachter, als man en voogd van Maritie Lenerts, Claes Jorisz man en voogd van Aeltjen Lenerts, Pieter Ariensz Vogelaer vervangende Dirck Lenertsz Vogelaer getrouwd hebende Annitie Lenerts, alle voorkinderen, mits Adriaen Hubrechtsz met Lenert Hubrechtsz voor henzelve, Pieter Arentsz Vogelaer als man van Jannitje Hubrechts alle mede te Overschie en Joris Jacobsz Bleycker tot Schiedam getrouwd hebbend Lijsbeth Hubrechts wezende nakinderen dus erfgenamen van Jacobie Pieters lest weduwe van Hubrecht Ariensz Post beide zaliger, transporteren Maerten Cornelisz Metselaer een huis in het dorp Overschie. Akte voor sch. en schepenen 10 aug. 1616 [Transp. reg. Overschie). 
Kleiweg, Claas Joris (I1891)
 
3107 In 1644 laat een Jan Claesz Strijtvos een zoon dopen.
---
Notariële akte 75 testament 21-dec-1632
Datering: 21-dec-1632
Aktesoort: testament
Aktenummer: 75
Bladzijden: 88 t/m 89
Notaris: Jacob Cornelisz van der Swan
Standplaats: Rotterdam
Akteplaats: Rotterdam
Inhoud: Bouwe Sibertsz van Slingerlandt, quartiermeester op het Jacht Davidt van Dordrecht dat gaat varen naar Pharabock in Westindië, en Claesken Mathijsdr, zijn aanstaande bruid, maken hun testament. Hij legateert aan wettelijke erfgenamen ieder 6gulden en benoemt Claesken Mathijsdr tot erfgename, en bij vooroverlijden haar moeder Geertgen Ariensdr, weduwe van Mathijs Claesz. Zijn eigen ouders zijn overleden. Zij vermaakt hem 80 gulden en benoemt hem tot erfgenaam. Mocht de bruidegom op reis ziek worden, dan krijgt de maat die hem verzorgt 1 of 2 maanden gage. Zij beloven dit testament slechts met wederzijds goedvinden te veranderen.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 185
---
Notariële akte 28 overeenkomst 12-apr-1637
Datering: 12-apr-1637
Aktesoort: overeenkomst
Aktenummer: 28
Bladzijden: 51 t/m 52
Notaris: Gerrit van der Hout
Standplaats: Rotterdam
Akteplaats: Rotterdam
Inhoud: Pieter Jansz, wonend bij in den Bosch onder Hillegontsberch, Cornelis Joppen, Geertgen Aeryens weduwe van Mathijs Claesz Strijtvos, Dirck Joppen gehuwd met Annetgen Aeryens, Christiaen Cornelis Casteleijn gehuwd met Joosgen Jans en Crijn Vrancken, backer, getrouwd met Annetgen Jansdr zijn erfgenamen, ieder voor 1/6 deel van de goederen van Willem Teunisz en Trijntge Cornelis hun gewezen noem en muye. Ze hebben overeenstemming bereikt over de verdeling en speciaal over de verkoop van het onroerend goed. Ze mogen niets verkopen voor er verdeling is geweest met Cornelis Adriaensz Cleywech die voor de andere helft erfgenaam is.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 269
---
Notariële akte 364 attestatie of verklaring 18-mrt-1643
Datering: 18-mrt-1643
Aktesoort: attestatie of verklaring
Aktenummer: 364
Bladzijden: 524 t/m 524
Notaris: Arnout Hofflant
Akteplaats: Rotterdam
Standplaats: Rotterdam
Inhoud: Harmen Harmensz, leydecker, 60 jaar, Huijbert Huijbertsz, 50 jaar, Thomas Thomasse, 40 jaar, Geertgen Adriaensdr, weduwe van Mathijs Strijtvos, 62 jaar, Sara Danielsdr, vrouw van Jacob Ariensz, 52 jaar, en Tanneken Pietersdr, vrouw van Wijnant Pietersz, 48 jaar, leggen een verklaring af op verzoek van Jannetge Jansdr, vrouw van Frans Pietersz Sippeleijnge. Zij kennen haar al jaren, o.a. als buurtgenoten, als een eerbare en deugdzame vrouw. De kwade geruchten die sinds kort over haar rondgaan missen volgens hen elke grond.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 263
---
Notariële akte 215 schuldbekentenis 06-aug-1647
Datering: 06-aug-1647
Aktesoort: schuldbekentenis
Aktenummer: 215
Bladzijden: 332 t/m 332
Notaris: Leonard van Zijl
Akteplaats: Rotterdam
Standplaats: Rotterdam
Inhoud: Geertge Ariensdr, weduwe van Mathijs Claesz, bekent schuldig te zijn aan Heiltgen Dirxsdr, een bedrag van 150 gulden, ter zake van geleend geld.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 446
---
Notariële akte 107 testament 26-jun-1652
Datering: 26-jun-1652
Aktesoort: testament
Aktenummer: 107
Bladzijden: 300 t/m 301
Notaris: Arnout Wagensvelt
Akteplaats: Rotterdam
Standplaats: Rotterdam
Inhoud: Mathijs Mathijsse Strijtvos, waard in herberg Het Goude Laecken, benoemt zijn moeder Geertgen Aryens tot erfgename en belast haar met het uitbetalen van legaten gedaan door Claertge Cornelisdr, zijn overleden vrouw.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 130
---
Notariële akte 213 attestatie of verklaring 01-aug-1653
Datering: 01-aug-1653
Aktesoort: attestatie of verklaring
Aktenummer: 213
Bladzijden: 366 t/m 367
Notaris: Pieter van Leeuwen
Standplaats: Rotterdam
Akteplaats: Rotterdam
Inhoud: Geertjen Ariensdr, weduwe van Mathijs Claesz Strijtvos verklaart te hebben overgedragen aan haar schoonzoon Arien Jansz Slecht een rentebrief van 450 gulden ten laste van Johan van Berckel.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 469
---
Notariële akte 214 schuldbekentenis 01-aug-1653
Datering: 01-aug-1653
Aktesoort: schuldbekentenis
Aktenummer: 214
Bladzijden: 368 t/m 369
Notaris: Pieter van Leeuwen
Standplaats: Rotterdam
Akteplaats: Rotterdam
Inhoud: Geertjen Ariensdr, weduwe van Mathijs Strijtvos, verklaart schuldig te zijn aan haar schoonzoon Arien Jansz Slecht 1.500 gulden ter redding van de boedel van haar zoon Mathijs Mathijsz Strijtvos.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 469
---
Notariële akte 348 testament 11-jul-1654
Datering: 11-jul-1654
Aktesoort: testament
Aktenummer: 348
Bladzijden: 388 t/m 390
Notaris: Vitus Mustelius Woutersz
Inhoud: Geertge Ariensdr weduwe van Matthijs Claessen Strijtvos, wonend in de Santstraet. Zij benoemd tot haar erfgenamen Arien Janssen Slecht en zijn vrouw Claesge Matthijsdr, zij erven de helft van het huis "Het Goeden Laecken", staande op de Grote Marckt en de helft van de inboedel ter waarde van 1500 gulden, zij acht dit genoeg voor het onderhoud van haar incontente en slechte dochter Annetge Matthijsdr. Voorts erft haar andere dochter Maria Matthijsdr en haar man Johannes de Ruiter haarhuis in de Santstraet inclusief de inboedel. Als voogden en bewindvoerders benoemd zij Arien Jansz Slecht en Corstiaen Cornelisz Casteleijn.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 505
---
Notariële akte 347 overeenkomst 11-jul-1654
Datering: 11-jul-1654
Aktesoort: overeenkomst
Aktenummer: 347
Bladzijden: 387 t/m 388
Notaris: Vitus Mustelius Woutersz
Inhoud: Geertge Ariens, weduwe van Matthijs Claesse Strijtvos heeft overeenstemming met haar zwager [= schoonzoon] Arij Jansz Slecht inzake haar slechte en inocente dochter Annetge Matthijsdr. Arij Jansz Slecht moet deze dochter ten alle tijden onderhouden bij ziekte en gezondheid, deze regeling is ingegaan op 23 juli 1652. Mocht Geertge Ariens het huis van Matthijs Jansz Slecht verlaten en vertrekken uit de stad dan verplicht hij zich om door 2 gulden te verstrekken voor het levensonderhoud. Geertge Ariensdr bezit samen met Matthijs Jansz Slecht het huis genaamd "Het Gouden Laecken" staande aan de zuidzijde van de Grootmarckt, en daardoor krijgt zij bij overlijden van Matthijs een som van 1500 gulden (de helft van de waarde). Getuigen bij deze akte zijn Cornelis Sattouw en Arien Assierus.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 505
---
Notariële akte 146 overeenkomst 29-aug-1656
Datering: 29-aug-1656
Aktesoort: overeenkomst
Aktenummer: 146
Bladzijden: 258 t/m 258
Notaris: Leonard van Zijl
Akteplaats: Rotterdam
Standplaats: Rotterdam
Inhoud: Christiaen Casteleijn, mede handelend namens Adriaen Jansen Slecht, gehuwd met Claesgen Mathijsdr Strijtvos, ter ene zijde, en Johannis de Ruijter, gehuwd met Maria Mathijs Strijtvos, ter andere zijde, sluiten een overeenkomst over het testament en de nagelaten goederen van Geertgen Adriaensdr, in haar leven weduwe van Mathijs Claessen Strijtvos, de moeder van genoemde Claesgen en Maria Strijtvos.
Toegangsnummer: 18 Notarissen te Rotterdam en daarin opgegane gemeenten (ONA)
Inventarisnummer: 459 
Strijdvos, Matthijs Claas (I3060)
 
3108 In 1687 trouwen Pieter Willemsz Hoogeveen J.M. en Neeltje Ariens Hoogenburg te Benthuizen. Dit is een andere Pieter Willemsz Hoogeveen dan de Pieter die in 1671 te Hazerwoude een kind laat begraven. Het trouwboek van Hazerswoude begint in 1670. Pieter zal dan al getrouwd zijn geweest als hij in 1671 een kind laat begraven. Het kan dus zijn dat de datum van begraven niet van deze Pieter Willems Hoogeveen is.
---
Maritje Pietersdr Hijselendoorn, weduwe van Willem Cornelisz Hoogeveen, voor de helft en Jan Cornelisz van Luijck, gehuwd met Neeltje Willemsdr Hoogeveen, Dirck Gerritsz Langendam, gehuwd met Maritje Willemsdr Hoogeveen, Bastiaen Jansz Wittebol, gehuwd met Lijsbeth Willemsdr Hoogeveen, Cornelis Govertsz als man en voogd van Annetje Willemsdr Hoogeveen, Jan Claesz Vercade, Crijn Cornelisz Hoogeveen en Cornelis Cornelisz Baes als testamentaire voogden over Pieter Willemsz Hoogeveen en Annetje Willemsdr Hoogeveen, alsnog minderjarig, allen kinderen en mede-erfgenamen van Willem Cornelisz Hoogeveen voor 6/7 deel in de wederhelft, verkopen aan Willem Maertensz Snoeckaert en Arie Cornelisz Craen een turfschuur met staling gelegen Buitenweg,groot 18 roeden, belend ten oosten Pieter van Heijningen, ten zuiden de Bentvaart en ten westen en noorden de weduwe van Andries Claesz. Voldaan met een schuldbrief van 140 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 33, p. 300, d.d. 21-10-1667
---
Bovengenoemde schuldbrief met hypotheek op het gekochte. Borgen zijn Hendrick Egbertsz van der Does en Pieter Willemsz Hoogeveen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 34, p. 254, d.d. 22-01-1672
---
Pieter Willemsz Hoogeveen, Arie Leendertsz Slootwech en Eeuwout Cornelisz Craen namens de crediteuren van de boedel van Cornelis Govertsz en diens weduwe, verkopen aan Arie Cornelisz Craen 8 hond 50 roeden slagturfland of water gelegen Buitenweg, belend ten oosten Simon Leendertsz van Tol, ten zuiden Cornelis Ariensz van der Does, ten westen beide voornoemde personen en ten noorden de Delff. Koopsom 75 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 34, p. 409v, d.d. 27-08-1674
---
Cornelis Cornelisz Houweling, Dirck Gerritsz Langendam en Pieter Willemsz Hoogeveen door de crediteuren van de desolate boedel van Jan Cornelisz van Luijck en Neeltje Willemsdr Hoogeveen, beiden overleden, aangewezen tot reddering van de boedel, verkopen aan Jan Bartelsz van Doeveren 2 hond slagturfland of water met een schuur gelegen Buitenweg, belend ten oosten Lambert Ariensz van Doeff en Willem Maertensz Keijser, ten zuiden Willem Simonsz Tange, ten westen David Pietersz Craen en ten noorden de Bentvaart. Voldaan met een schuldbrief van 132 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 35, p. 123, d.d. 08-06-1677 
Hoogeveen, Pieter Willems (I1465)
 
3109 In 1695 wordt in Leiden een zoon gedoopt van mr. Gerrit Blanken (dienaar van de Anatomie) en Catharina Bacherus, genaamd Jan Frederik. Deze Jan Frederik Blanken trouwt in 1725 met Johanna Warmenhuijsen en is baljuw van Oosthuizen. Deze Blankens zijn een gegoede familie uit Leiden, in tegenstelling tot deze Blankerts.
---
NH dopen Leiden:
15-10-1715 Jan Frederick; o. Jan Frederick Blancke en Jannetie Weijland; g. Aaltie Meijer
---
Op 26 oktober 1717 vertrekt Jan Fredrik Blanken uit Leiden als derde barbier met het schip Nesserak naar Batavia. Op 18 augustus 1717 komt hij daar aan. Op 28 november hetzelfde jaar vertrekt hij met het schip Standvastigheid om 7 augustus 1718 weerin Nederland aan te komen.
Bron: NL-HaNA, VOC (toegangsnr. 1.04.02), inv.nr. 5700, fol. 32
Op 8 maart 1720 vertrekt Jan Fredrick Blanken uit Leiden als onderchirurgijn met het schip Magdalena naar Batavia. Op 19 september 1720 komt hij daar aan. Op 1 december hetzelfde jaar vertrekt hij met het schip Stad Leiden om 21 augustus 1721 weer in Nederland aan te komen.
Bron: NL-HaNA, VOC (toegangsnr. 1.04.02), inv.nr. 14373, fol. 33 
Blankert, Jan Frederik (I307)
 
3110 In 1774 trouwt voor het gerecht van Barwoutswaarder Pietertje Cornelis Brunt met Willem Cornelis de Haan. Pietertje is afkomstig van De Bree. Zij laten twee kinderen dopen in Breukelen, waarvan de laatste op 26-12-1776. Het is duidelijk dat het niet gaat om dezelfde Pietertje.
---
NH dopen Woerden:
17-09-1741 Pietertije; o. Cornelis Brunt en Niesije Groenendijk
Luthers dopen Bodegraven:
03-06-1742 Pietertje; o. Cornelis Brunt en Maria Blom; g. de vader en Pietertje Brunt der kinds moeij
08-09-1743 Pietertje; o. Cornelis Brunt en Maria Blom; g. de vader en des kinds moeij Pietertje Brunt

Het is niet duidelijk welke Pietertje trouwt met Gerrit Vergeer en welke met Willem de Haan. 
Brunt, Pietertje (I525)
 
3111 In 1776 overlijdt Grietjen Jurriens in Beekbergen, als dochter van wijlen Jurrien Jans. In 1759 overlijdt in Voorst een Jurrien Jansen en in 1775 in Vaassen. Jans, Jurrien (I1680)
 
3112 In de huwelijkse bijlagen bij het derde huwelijk van Geertrui in 1830 staat vermeld:
"dat zij is eene dochter van Martinus Bijkerk en Jannetje Schouten in leven echtelieden, waarvan laatstgenoemde in de gemeente van Zwammerdam is overleden, dat voornoemden haren vader Martinus Bijkerk hare moeder in den jare zeventienhonderd drie en tachtig, en das nog vóór des requirantes geboorte heimelijk heeft verlaten, zonder ooit iets van zich te hebben doen hooren of dat zijn verblijf is bekend geweest, dat hoewel hij vermoedelijk zal zijn overleden, het der requirante niet mogelijk is, zulks te bewijzen." 
Bijkerk, Martinus Cornelis (I299)
 
3113 In de kercken camer nr. 6 begraven
1673 22 martij Neeltgen Jacobsdr huijsvr. van Frans Claesz Stam
suijden ende noorden, doch in den zuijtwest houck
[slecht leesbaar] 
Hoogerlinde, Neeltje Jacobs (I3702)
 
3114 In den jaare een duizend agt honderd en veertien, den vijftiende augustus, compareerde voor ons President van het provisioneel bestuur van Aarlanderveen, Canton Woubrugge, district Leijden, Provinctie Zuid Holland, Dirk van den Neut, vader, wonende in deze gemeente, dewelke ons heeft vertoond een kind van het vrouwelijk geslagt, geboren den veertiende dezer, des nachts om elf uur, zijnde van hem declarent en zijne huisvrouw Aagje Hogendoorn, en aan welk kind hij heeft verklaard te willen geven de voornaam van Annigje. De voornoemde aangeving en vertoning is geschied in tegenwoordigheid van Daniel van Zwieten, oud agt en twintig jaar, van beroep dagloner en Pieter Verhoog, oud zeven en dertig jaar, van beroep dagloner, geburen beiden wonende in deze gemeente, en heeft de declarant na voorlezinge met de geburen deze met ons ondertekend, de declarant Dirk van der Neut, verklaart niet te kunnen schrijven. van der Neut, Annigje (I2382)
 
3115 In den jare achttienhonderd negentien, den zes en twintigsten augustus, des nademiddags ten een uur, zijn voor ons schout ambtenaar van den burgerlijken stand der gemeente van Nieuweveen met den Uiterbuurt, kanton Mijdrecht, provincie Zuid Holland, gecompareerd Sara Anthonia de Graaf, oud acht en vijftig jaren, naaister en Willem Groenendijk, oud zes en veertig jaren, verver, beiden wonende binnen deze gemeente dewelke ons hebben verklaard, dat Theodorus Meijer, oud twee en zestig jaren, geboren te Utrecht, kantoorbediende, alhier woonachtig, gehuwd met gemelde Sara Anthonia de Graaf, den vier en twintigsten der tegenwoordige maand augustus, de voordemiddags ten half drie uren, ten zijnen huize N. 46 binnen deze gemeente is overleden; en hebben de declaranten deze akte, na gedane voorlezing, nevens ons onderteekend. Meijer, Theodorus Theodorus (I2313)
 
3116 In den jare een duijzend agt honderd en veertien den eersten der maand augustus compareerde voos ons President, Ambtenaar van den burgerlijken stand der gemeente Aarlanderveen, Canton Woubrugge, District Leijden, Provincie Zuid-Holland, Krijnde Bruin en Pieter Guldemond, geburen van den overledenen, dewelke ons hebben verklaard dat den een en dertigsten julij des avonds ten vijf uren Jan van der Lede, oud negen en veertig jaren van beroep daggelder, zoon van Jan van der Lede en van Marrigje Zwijnenburg, echtgenoot van Machteltje van der Vos, geboren te Boskoop is overleden in het huis N. 310 op den Aardijk binnen deze gemeente en heeft de laatste comparant, deze acte met ons onderteekend en de eerste verklaard niet te kunnen schrijven na voorlezing dezes. van der Leden, Jan Jans (I2051)
 
3117 In den tijd van D. Timmer v. pag. 26
Van Maria Arisse van Leeuwen weduwe van Burgert Mekking, getuigende, dat zij alhier zoo zij meent, in het jaar 1702 uit Aris Wouterse van Leeuwen, en Gerritje Jans gebooren, en vervolgens gedoopt is 't welk zij in ede met getuigen niet heeft kunnenbevestigen dog waarschijnlijk wort, dewijl ik drie kinderen van dezelve ouders als hier gedoopt, vinde aangetekent den 10 Aug. 1690 den 31 Maart 1693 en den 11 Aug. 1695. 
van Leeuwen, Maria Arissen (I2138)
 
3118 In den tijd van D. Timmer v. pag. 58
In of omtrent het jaar 1722 zijn alhier getrouwt Burgert Mekking J.M. van elders en Maria Arisse van Leeuwen J.D. van hier. Dit hebbe ik alhier aangetekent op het getuigenis van Willem Everts en Jantje Buis weduwe van Aart Jansen, die beide voor mijverklaart hebben wel te weeten, dat gemelde persoonen alhier getrouwt zijn, en wel, naar 't hun voorstaat, bijna op de zelve tijd, als Thomas Oostendorp met Marritje Teunisse van Beek getrouwt is 't welk volgens aantekening in het trouwboek is geschied in het jaar 1722. 
Gezin: Burgert Mekking / Maria Arissen van Leeuwen (F1754312927)
 
3119 In een akte van de Weeskamer van Nieuw-Lekkerland uit 1735 wordt aangegeven dat Merrigje Bastiaen Beck een broer heeft die Arie Bastiaense Beck heet. Dat maakt het zeer aannemelijk dat Bastiaan Willems Bek en Jannigje Cornelis haar ouders zijn.
---
NH dopen Bergambacht:
07-09-1664 Sijbrant; o. Bastiaan Willemse Becq
10-10-1669 Cornelis; o. Bastiaan Becq
14-11-1671 Claas; o. Bastiaan Willemse Bek
NH dopen Nieuw-Lekkerland:
12-04-1682 Cornelis; o. Bastiaen Willemsen en Janneke Cornelis; g. Cornelis Cornelissen en Gerritje Cornelis
11-07-1683 Cornelia; o. Bastiaen Willemsen en Janneken Cornelis; g. Marichje Cornelis en Gerritjen Ariens
07-04-1686 Adriaen; o. Bastiaen Willemsen en Jannichje Cornelis; g. Gijsbert Jacobsen en Gerrichje Ariens
---
IVb. Bastiaan Willems Beck geb. ca. 1640 won. BGB -> NLL
huwt ca. 1665 Marrigje Sijbrants dr. van Sijbrant Jans en Gerrigje Claasdr Bijman
kinderen:
Sijbrant Bastiaans Beck geb. 1664
Willem Bastiaans Beck geb. ca. 1670
Gerrit Bastiaans Beck geb. ca. 1670
Cornelis Bastiaans Beck geb. 1669
Claas Bastiaans Beck geb. 1671
huwt 1709 Marrigje Claasdr Smoor
kk: Arie, Marrigje, Bastiaans, Claas
Gerrigje Bastiaans Beck geb. ca. 1670
Marrigje Bastiaans Beck huwt 1699 Jan Gijsz
Bron: https://hunter.home.xs4all.nl 
Bek, Bastiaan Willems (I229)
 
3120 In eerste instantie dacht ik als vader aan Jacob Jans van der Werf. Jacob wordt op 17-01-1666 te Sassenheim gedoopt als zoon van Jan Jacobs van der Werf en Grietje Claas van der Helder. Jacob Jans van der Werf is twee keer doopgetuige: bij een zoon van Abraham Isaacs Coopaart en Maartje Jans van der Werf in 1684 en bij een zoon van Jacob Cornelis Adrichem en Grietje Jans van der Werf in 1695. Het blijkt echter dat hij in 1722 te Leiden testament opmaakt. Hij laat geld na aan zijn nicht Trijntje Abrahams Coopaart, omdat zij hulp in de huishouding is. De rest laat hij na aan zijn broer Claas Jans van der Werf. Deze Claas is gedoopt op 24-02-1669 te Sassenheim. Jacob Jans van der Werf valt dus af.
---
NH dopen Sassenheim:
15-09-1705 Jacob; o. Arij Jacobsz van der Werff en Neeltje Claasdr. van Rhijn; g. Marij Claasdr. van Rhijn
17-10-1706 Klaas; o. Arie Jacobsz van der Werff en Neeltje Klaasdr. van Rhijn; g. Marij Klaasdr. van Rhijn
28-10-1708 Meerten; o. Arij Jacobs van der Werf en Neeltie Claes van Rijn; g. Aris Claesse van Leeuwen en Meeretie Martens van der Fock
14-12-1710 Dirk; o. Arij Jacobse van der Werf en Neeltie Claes van Rijn; g. Kniertie Claes van Rijn
22-11-1711 Geertie; o. Arij Jacobse van der Werf en Neeltie Klaes van Rijn
26-12-1713 Wouter; o. Arij Jacobse van der Werf en Neeltje Klaes van Rijn
27-05-1714 Wouter; o. Arij Jacobse van der Werf en Neeltje Klaes van Rijn
10-11-1715 Wouter; o. Arij Jacobse van der Werf en Neeltje Klaes van Rijn
26-03-1717 Aegje; o. Arij Jacobse van der Werf en Neeltje Claes van Rijn 
van der Werf, Arie Jacobs (I3517)
 
3121 In eht jaar een duizend acht honderd acht en zeventig, den zeven en twintigsten mei zijn voor ons ondergeteekende Ambtenaar van den Burgerlijken Stand van de Gemeente Nieuwveen, verschenen Gabriel van der Lee, oud zes en vijftig jaren arbeider, echtgenoot en Willem de Groot acht en zestig jaren oud, particulier, geen bloedverwant van de overledene beide wonende binnen deze Gemeente, welke ons hebben verklaard dat Margaretha Maria Boer, oud negen en veertig jaren en ruim zes maanden, zonder beroep, dochter van Gijsbert Boer overleden en Trijntje Middelkoop wonende te Ter-Aar, gehuwd met den eersten comparant geboren te Ter-Aar en wonende binnen deze Gemeente, op den zes en twintigsten deze maand des voormiddags vijf ure ter harer woonhuize in nummer twintig binnen deze Gemeente is overleden. Wij hebben deze akte voorgelezen en met de beide comparanten onderteekend. Boer, Margaretha Maria (I356)
 
3122 In Gelderswoude
Cornelis Cornelisz alias Swarte Kees ende Willempgen Huijgendr sijn huijsvrouwe, mitsgaders Jacob, Willem, Cornelis, Maritgen, Neeltgen, ende Henrick, haerl. kinderen, sijnde – 8 hoofden [onvermogent]
Bron: Zoeterwoude - Hoofdgeld 1623 
Cornelis, Cornelis (I4121)
 
3123 In het artikel De nakomelingen van Den Druijt een Maaslandse familie Van der Houff door P. van der Hoeven. (OV nr. 635, jul/aug 2011, p. 233-274) wordt het echtpaar Pieter Vrancken (van) Noordervliet en Maertge Cornelisdr van der Houff genoemd. Gezien Pieter Vrancken Noordervliet na het overlijden van zijn vrouw in 1671 in Naaldwijk woont, zijn zij goede kandidaten als ouders. Noordervliet, Willem Pieters (I2395)
 
3124 In het artikel Een weinig bekende bron uit Langerak, het kohier van de morgentalen van 1579 (Ons Voorgeslacht nr. 613, juli/augustus 2009, blz. 263) gebruikt H.M. Kuypers het voornoemde kohier om de eerste echtgenoot van Trijntgen Dircxdr Boon te vinden.
---
Claas Jansz, RA.25 f110 6-2-1624, RA.26 f10 ca 1650. tr. ca 1560
Trijntje Dirks Boon, tr. 2e Sijmon Bastiaansz
kinderen:
Dirk tr. Susanna Sarvels, weduwe
Claas tr. nn
Ariaantje tr. Jan Cornelisse Stout
Marigje tr. 1e Pleun Florisse en 2e Jacob Jacobse zie Goudriaan
(kinderen zijn later erfgen. van Jan Sijmonsz)
Bron: Langerak gezinnen 17e en 18e eeuw (Hogenda/H. de Bruin)
---
8-3-1592: Compareerden op huijden date ondergesz. voor schout ende schepenen der stede van den Nieupoort in Hollant, ondergenomineert, ter requisitie ende versoucke van Gielis Ariaensz ende Sebastiaen Ariaensz Heilichgeestmrs. der stede voornt., Aerdtgen Andriesdr omme verclaringe te doen, hoe zij aen zeker rentenbrieff, verleden bij Claes Jansz hier voortijts in zijnen leven gewoent hebbende in Langeraeck, tot behouff van den H. Geest der stede voornt., houdende inde hooftsomme 65 schilt, tstuck tot 14 stuvers, al breeder blijckende bijden zelven brieff, van date den 24 januarij anno 1567 stilo coj., gecomen es, soe heeft zij verclaert ten versoucke als boven, dat zij de voorsz. rentebrieff van den versz. Claes Jansz gecocht heeft voorde somme van 26 carolus gul., die zij bet. heeft in twee termijnen, doen zij tSchoonhoven was woenende, als de Spaengiaerts hier inde stede voorsz. lagen. Actum ende present schout Cornelis Pietersz Boscoep schepenen Pieter Pietersz ende Jan Aelbertsz opten 8en mertij a
Verclaerde dzelve noch der naer, bijden voorsz. schout gevraecht zijnde, dat zij den zelven brieff hadde gecocht van eenen Claes Jansz eertijts in zijnen leven gewoent hebbende in Langeraeck voorde somme van zes ende twintich gul., die zij betaelt heeft in twee termijnen, elcke termijn 13 gul., welcke coop was geschiet over sesthien ofte zeventhien jaeren, eer Claes Jansz gevangen hadde geweest, als die Spaengiaerts alhier inde voorsz. stadt van den Nieupoort lagen, ende verclaerde oeck mede hier van, egheenen coopcele metten voorn. Claes Jansz gemaeckt te hebben. Actum als boven, present Claes Ariaensz Rib burgemr., ende Johan van der Putte secretaris der voorsz. stede Nieupoort.
Bron: RAD, ora Nieuwpoort 21 (FS scan 372/697).

6-11-1592: Compareerden op huijden date onderschreven voor schepenen der stede Nieupoort in Hollant, ondergenomineert, deersame mannen Jan Jansz out ontrent vijftich jaeren inden voorleden jaer, ende jeghenwoordich burgemr. der voorn. stede, Claes Ariaensz Rib, out ontrent acht ende dertich dertich jaeren, inden voorleden jaer mede burgemr. ende jeghenwoordich schepen der voorsz. stede, ende Sebastiaen Ariaensz out ontrent vijftich jaeren, den voorleden jaer Heijlich Geestmr. ende jeghenwoordich burgemr. der voorn. stede alle gerechtelijck gedaecht, van wegen de Bailliuwen der voorn. stede, omme getuijchenisse der waerheijt te gheven, ende haerluijden gevraecht, off zijluijden opt versocht zijn geweest ofte der over gestaen hebben, ende henluijden voorstaet, datter eenich contract tusschen de Heijlich Geestmrs. der voorn. stede ende Aerdtgen Andries, is gemaeckt geweest, aengaende den rentebrieff van 65 schilt hooftsoms, den Heijligen Geest voornt. verleden bij Claes Jan Loijsz, verclaren zij comparan
Bron: RAD, ora Nieuwpoort 21 (FS scan 375/697). 
Jan Loeys, Claas (I4023)
 
3125 In het dorp Wassenaar:
Den ouden Pieter van Caveij, ende Joosge Moij sijn huijsvrouwe, met Maritgen haer dochter – 3 hoofden [onvermogent]
Bron: Wassenaar en Zuidwijk - Hoofdgeld 1623
---
Otr. 22-07-1635 te Leiderdorp: Sijdrag Pieterse Vankeveij, weduwnaar van Maartge Leenders, met Luentge Jans, weduwe van Jacop Franse, beiden won. te Leiderdorp.
[Sijdrecht Pietersz en Maritgen Lenaertsdr wonen in 1623 te Hazerswoude en hebben dan twee kinderen. Woont volgens RA Wassenaar 1616 te Valkenburg en 1632 te Haarlem.]
Otr. 30-07-1637 te Leiden: Sijdrach Pietersz van Caveij, weduwnaar van Leuntgen Jansdr, won. op de steenplaats te Hazerswoude vergezelschapt met Jan Abrahamsz van Boxel kleermaker, aangetrouwde oom, met Maertgen Stevensdr, weduwe van Cornelis van Haverbeeck, won. te Leiden op de Middelweg, vergezelschapt met Anna Stevensdr, haar zus.
Otr. 16-10-1649 te Leiderdorp: Hendrick Jacobsen de Gaeij weduwnaar van Maertgen Oestlant, won. te Leiderdorp, met Maertjen Pieters van Coveij weduwe van Bartholomeus Pieterssen won. te Leiderdorp, getr. te Zoeterwoude.
Otr. 13-12-1653 te Leiderdorp: Sijdrach Pietersz van Cavij weduwnaar van Maertgen Stevens met Marijtgen Bastiaens won. te Leiden.
Otr. 03-10-1664 te Leiderdorp: Cijdrach Pietersen van Coveij weduwnaar van Maertje Bastiaens met Annetje Jans weduwe van Jacop Cornelisse van Barendrecht, beiden won. alhier.

NH dopen Leiderdorp:
02-05-1632 Theunis; o. Bartholomeus Pietersz en Maertge Pieters; g. Cors Heijndricx
20-07-1636 ...; o. Bartholomeij Pieterse en Maartge Pieters
05-12-1637 Maartge; o. Bartholomees Pieterse en Maartge Pieters; g. Jan Tuenisse, Jacob Borges en Annetge Jans
11-05-1641 Sadrach; o. Bartholomeus Pietersz; g. Frans Jacobsz
04-09-1644 Lea; o. Batholomeus Pietersen en Maertge Pieters
30-12-1646 Sedrach; o. Bartholomeus Pieterssen en Maertge Pieters
---
Pieter van Kaveije wordt genoemd in het haardstedengeld van Wassenaar van 1604 en 1606. Hij bruikt een huis van Goris Willemsz. In 1627 worden de haardsteden van de oude en jonge Caveij samen geteld.
Bron: A.W. Bredero, Ons Voorgeslacht
---
Adriaen Angier saeijwercker van Wormont [= Wormhout] in Vlaenderen weduenaer van Maijcken Minnes, vergeselschapt met Pieter Pietersz van Kaveije zijn zwager ende Henrick Bocheljoen zijn cosijn, met Judick Rogiers jonge dochter van Middelburch in Zeelandt, vergeselschapt met Susanna Rogiers haer zuster.
Datum: 31-10-1608
Bron: Leiden - NH ondertrouw
---
16-12-1616: Judith Reijniersdr, weduwe van Adriaen Angier, geauthoriseerd door Reijer Arentsz als haar bijstaande voogd, aan de ene, en Pieter Pietersz van de Caveij de oude, mitsgaders Henrick Verbocheljoen als bloedvrienden van voornoemde Adriaen Angier, mitsgaders van Maijken Minne, voornoemde Adriaens eerste huisvrouw, en dus van rechtswege voogden van Bossardijne Angiers, weeskind van Adriaen Angier en Maijken Minne, tegenwoordig 19 jaar oud, zijn tot een akkoord gekomen. Het weeskind zal bij mondigheid of huwelijk 10 gulden uitgekeerd krijgen. Ze heeft al een oude kist met een Bijbel gehad. Hiermee is haar erfenis voldaan.
Bron: ELO, ona Leiden 178, aktenr. 132 (pagina 511).
---
Bussaert Angier saeijwercker jongman van Bambeeck [= Bambeke] vergeselschapt met Pieter Pietersz van den Caveije zijn oom met Maijcken Droochbroots jonge dochter van Belle in Vlaenderen vergeselschapt met Christijna Rijcx haer nichte.
Datum: 01-09-1617
Bron: Leiden - NH ondertrouw
---
vertrocken Pieter van de Kaveijen ende
idem Joosgen sijn huijsvr. doot
Bron: Een lidmatenlijst van Voorschoten van circa 1620, Teun van der Vorm, Ons Voorgeslacht 2022 nr. 752
---
156v. 15-3-1612. Pieter Pietersz. van Caneye [= Caveye] de oude wonende Wassenaar verkoopt Goris Willemsz. passementwerker wonende Wassenaar de helft van een boomgaard onder Zuidwijk genaamd de Morschboomgaard, belend O, W en N Gijsbert Meyster en Jan van Berendrecht, weeskind van Jan van Berendrecht en Eva Meyster en Z de verkoper, belast met 16 gulden per jr (de helft van 32 gulden).
Bron: RA Wassenaar, inv.nr. 7 (Ons Voorgeslacht/H.J. van der Waag).

20v. 29-1-1626. Pieter Pieterszn. Cavey de jonge passementier wonende Wassenaar omtrent de Kerk schuldig aan Floris Joostenzn. van Bleyswijk 54 gulden daarvoor hij jaarlijks zal betalen 6 gulden, met hypotheek op zijn huis en erf gelegen aan de Kerk, belend O de Morschwei, Z de Caswatering, W Goris met bruikwaar en N de vader van de schuldenaar. Borg Pieter Pieterszn. van Cavey de oude met waarborg een huis en erf, belend O de Morschwei, Z jonge Pieter voorsz. en de Caswatering, W de Morschwei voorsz. en N Goris Willemszn. Acte doorgehaald. Zie folio 57v.
57v. Ongedateerd en ongetekend. Pieter Pieterszn. Cavey de jonge passementier wonende alhier achter de Kerk schuldig aan Floris Joostenzn. van Bleyswijck 3 gulden 7 1/2 st per jr met hypotheek op zijn huis en erf gelegen achter de kerk, belend O de Morschwei, Z de Caswatering, W Goris Willemszn. met bruikwaar en N Pieter Pieterszn. Cavey den ouden zijn vader. Borg zijn voorsz. vader.
Bron: RA Wassenaar, inv.nr. 9 (Ons Voorgeslacht/H.J. van der Waag).

43v. 11-7-1631. Pieter Pieterszn. de oude Cavey verkoopt Maarten Janszn. van de Vijvere een laan genaamd de Morschlaan gelegen achter de Kerk van Wassenaar, belend O de koper en de weduwe van Jan Janszn. kuiper den oude, Z de Achter- of Buurweg, W Pieter Janszn. Houckhuys en N de Kaswatering. Voldaan met een custingbrief.
44. 11-7-1631. Volgt schuldbrief van 86 gulden tbv Pieter of Sydracht Pieterszn. Cavey zijn zoon met hypotheek op het gekochte.
Bron: RA Wassenaar, inv.nr. 11 (Ons Voorgeslacht/H.J. van der Waag).

18-1-1650: Josijas Pietersz van Koveij vlasser en Henrick Jacobsz de Gaeij linnenwever, met Maritgen Pietersdr van Koveij, zijn huijsvrouw, die weduwe en boedelhoudster was van Bartholomees Pietersz, in zijn leven mede linnenwever, voornoemde Maritgen Pietersdr geassisteerd door haar man, allen wonende te Leiderdorp, bekennen dat Sijdrach Pietersdr van Koveij, mede wonende te Leiderdorp, hun broer en zwager, aan Josijas Pietersz en Bartholomeus Pietersz heeft betaald wat hen toekwam uit de erfenis van Pieter Pietersz van Koveij, in zijn leven hovenier, en Joosgen Maeljaerts Osiers [Angier?], gewezen echtelieden, hun overleden vader en moeder.
Bron: ELO, ona Leiden 512, aktenr. 15 (pagina 33). 
Caveij, Pieter Pieters (I4132)
 
3126 In het haar negentienhonderd vijf den achttienden der maand mei, zijn voor Ons, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der gemeente Oudshoorn, in het huis der gemeente verschenen ten einde een huwelijk aan te gaan Johannes van der Leede, oud zevenentwintig jaren, van beroep werkman, geboren en wonende te Oudshoorn, meerderjarige zoon van Jan van der Leede, overleden en van Lena Koelewijn, zonder beroep, wonende te Oudshoorn en Willempje van der Meer, oud twintig jaren, van beroep zonder, geboren en wonende te Ede, minderjarige dochter van Jacob Sijtzes van der Meer, timmerman en van Elizabeth Mekking, zonder beroep, wonende beiden te Ede. De moeder van comparant en de ouders van comparante alhier tegenwoordig verklaren ons hunne toestemming tot dit huwelijk te verleenen.
Daar geene beletselen tegen de voltrekking van dit huwelijk ter Onzer kennis zijn gebracht en de afkondigingen in deze gemeente alsmede te Ede op zondagen en zevenden en veertienden Mei dezes jaars zonder stuiting zijn afgeloopen, hebben Wij de Comparanten in het openbaar afgevraagd, of zij elkander aannemen tot Echtgenooten en getrouw de plichten zullen vervullen, die door de wet aan den huwelijken staat zijn verbonden. Nadat deze vragen door beiden toestemmend beantwoord zijn, is door Ons in naam der wet verklaard, dat zij door den echt aan elkaar zijn verbonden.
Waarvan deze akte is opgemaakt in tegenwoordigheid van Gerrit van Eijk, oud zeventig jaren, van beroep werkman, wonende te Oudshoorn; Cornelis van der Leede, oud dertig jaren, van beroep werkman, wonende te Oudshoorn; Gerrit Jan van de Meent, oud zevenentwintig jaren, van beroep werkman, wonende te Oudshoorn; Leendert Buner, oud zesenvijftig jaren, van beroep veldwachter, wonende te Oudshoorn, zijnde de eerste getuige stiefvader, de tweede getuige broeder van de comparant, de derde getuige zwager van de comparante, de vierde getuige geen bloed of aanverwant van partijen.
Na voorlezing is deze akte door Ons onderteekend. 
Gezin: Johannes van der Leede / Willempje van der Meer (F1754312710)
 
3127 In het jaar achtien honderd zeventien den vijftiende augustus zijn voor mij Jan Stadelaar Burgemeester van Kortenhoef Provintie Utrecht Kanton Loenen, gecompareerd, Krijn Scheepmaker oud 67 jaren, watermolenaar, en Harmen de Kloet oud 42 jaren dagloner, beide wonende te Kortenhoef, en naaste buuren van den overledenen welke verklaarden dat op den dertiende augustus 1817 des middags ten 3 uuren te Kortenhoef in no. 56 overleden was, Jan van de Velde in den ouderom van zeven en zeventich jaren, en is deze acte aan hun voorgelezen en door de laatste getuigen nevens mij ondertekend verklarende de eerste getuigen niet te kunnen schrijven. van der Velden, Jan Harmanus (I3217)
 
3128 In het jaar Achtien hondert zestien, den derden maart zijn voor ons Arij de Ruiter Presint en officier van den burgerlijken staat der gemeente van Stolwijk, provincie Zuidholland, gecompareerd, Klaas de Bruijn, oud negen en zestig jaren visscher woonende te Stolwijk, Johannes van Lodensteijn oud twee en veertig jaren ontvanger woonende te Stolwijk, en Arij Ouderkerk oud drie en twintig jaren rietdekker woonende te Stolwijk welke ons verklaard hebben dat op den twede maart ten haren huijze no. 132 is overleden Grietje Huijsman, oud acht en zestig jaren, huisvrouw van den eerst genoemde declarant, waarvan wij acte hebben opgemaakt welke de declaranten nadat hun dezelve was voorgelezen nevens ons hebben ondertekend, uitgezonderd Klaas de Bruijn welke verklaard zijn naam niet te kunnen zetten. Huisman, Grietje Pieters (I1545)
 
3129 In het jaar achttien honderd acht en dertig, den negenden der maand April des voormiddags ten acht ure, is voor ons Burgemeester van Rijnsaterwoude Officier van den Burgerlijken Stand, verschenen Jan van der Zwam oud vijfentwintig jaren, vanberoep arbeider wonende in deze Gemeente, welke ons heeft verklaard dat zijne echtgenote Anna Belein op den zevenden April achttien honderd acht en dertig des avonds ten zeven ure bevallen is van een kind van het mannelijk geslacht, aan hetwelk hij bij deze geef den voornaam van Jan.
De gemelde verklaring is geschied in tegenwoordigheid van Hendrik Bosman oud zesentwintig jaren, van beroep veenman en van Pieter van de Geer oud drieënzestig jaren, van beroep deurwaarder wonende beiden alhier, en hebben de getuigen deze na voorlezing met ons onderteekend, terwijl de vader nader verklaarde niet te kunnen schrijven. 
van der Zwam, Jan (I3631)
 
3130 In het jaar achttien honderd acht en twintig den derden september zijn voor ons ondergetekende officier van den burgerlijken staat der gemeente Ter Aar canton Woubruggen provincie Zuid Holland gecompareerd Gijsbert Boer bouwmansknegt oud zeven en twintig jaaren gebooren en wonende te Ter Aar meerderjarige zoon van Gerrit Boer wonende te Corter Aar hierbij tegenwoordig en zijne toestemming gevende, en van wijle Marijtje Stakenbroek en Trijntje Middelkoop dienstmaagd oud ruim zeventien jaaren gebooren te Oudshoorn en wonende alhier minderjarige dochter van Hermanus Middelkoop en Jannigje van der Hoeven woonenden te Oudshoorn hierbij tegenwoordig en hunne toestemming gevenden (...) Gezin: Gijsbert Boer / Trijntje Middelkoop (F1754313050)
 
3131 In het jaar achttien honderd dertien, den negenden der maand januarij, des middags ten halff een uure zijn voor ons maire, officier van den Burgelijke Staat der Gemeente van Alphen, departement der Monden van de Maas gecompareerd Benschop (Jacob) oud agt en vijftig jaren en Leeuwen (Abraham van) oud negen en vijftig jaren, beide wonende onder Alphen, en zijnde van beroep arbeider, geburen van de overledene, welke ons verklaard hebben, dat heden morgen ten negen uure, in het huijs nummero twee honderd zeven en vijftig, onder deze gemeente is overleden Vos (Abraham van der) oud tachtig jaren, weduwenaar van Blazer (Cornelia), geboren te Gouda, en gewoond hebbende alhier, zoon van Vos (Adam) en Marijtje Verdoes, beide overleden. En hebben wij Maire deze Acte na dat de declaranten dezelve was voorgelezen, die verklaarden niet te kunnen schrijven, ondertekend. van der Vos, Abraham Adams (I3436)
 
3132 In het jaar achttien honderd drie en dertig, den veertienden der maand Julij des voor de middags te elf ure, zijn voor ons Burgemeester van Woubrugge Officier van den Burgerlijken Stand, gecompareerd Aart Vogelaar oud ruim negentien jaren, van beroep arbeider geboren te Sluipwijk wonende te Woubrugge meederjarige Zoon van Jakob Vogelaar van beroep arbeider wonende te Woubrugge alhier tegenwoordig en zijne toestemming tot dit huwelijk gevende en van Maria Huurman overleden ingevolge doodakte afgegeven door den Heer Burgemeester van Zwammerdam dato den twaalfden Junij laatstleden. En Jaapjie Rijnsburger oud vijf en twintig jaren, van beroep dienstbaar geboren te Leijmuide en nu wonende te Woubrugge meerderjarige Dochter van Matthijs Rijnsburger van beroep bouwman en van Grietje de Bruin beide nog in leven wonende binnen de gemeente van Ter Aar hunliede consent tot dit huwelijk gevende (...)
---
Op heden den eersten der maand september achttien honderd drie en vijftig, zijn voor ons Burgemeester, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente Alkemade Cum Annexis, in het huis der Gemeente verschenen, ten einde een Huwelijk aan te gaan: Albert Buurman, weduwenaar van Johanna de Rijk, van beroep arbeider, oud zestig jaren, geboren te Waverveen wonende te Rijnzaterwoude, meerderjarige zoon van Dirk Buurman en van Belegje Kloek, beide overleden, ter eenre. En: Jaapie Rijnsburger, weduwe van Aart Vogelaar, zonder beroep, oud vijf en veertig jaren, geboren te Leijmuiden, wonende te Alkemade, meerderjarige dochter van Matthijs Rijnsburger, arbeider en van Grietje de Bruin, zonder beroep, beide wonende te Ter Aar ter andere zijde (...)
Bron: Alkemade - BS huwelijken 
Gezin: Aart Vogelaar / Jaapje Rijnsburger (F1754311992)
 
3133 In het jaar achttien honderd en negentien den zes en twintigsten meij zijn voor ons ondergetekende als waarnemende de functien van officier van den burgerlijken staat der gemeente van Ter Aar canton van Woubrugge provincie Zuid Holland gecompareert Meeuwis van der Lee oud ruim een en twintig jaren van beroep arbeider geboren te Zegwaard, en wonende onder Corter Aar, meerderjarige zoon van Gabriel van der Lee, en Elisabeth van Houten, wonende onder Corter Aar, hier bij tegenwooridg, enhunne toestemming gevenden, en Sara Anthonia Meijer oud ruim een en twintig jaren van beroep dienstmeid geboren te Bodegraven, en wonende te Corter Aar meerderjarige dochter van Theodorus Meijer, en Sara Anthonia de Graaf wonenden te Nieuweveen, hierbij tegenwooridg en hunne toestemming gevenden. (...) Gezin: Meeuwis van der Lee / Sara Anthonia Meijer (F1754313049)
 
3134 In het jaar achttien honderd negen en twintig, den acht en twintigsten der maand augustus des middags ten twaalf uren, zijn voor ons meester Albertus Jongkindt, burgemeester Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente Aarlanderveen, verschenen Jan Gijlswijk oud twee en veertig jaren arbeider en Romer van der Wind oud zestig jaren, arbeider wonende beiden alhier; welke ons verklaard hebben, dat op den zeven en twintigsten dezer maand augustus des nachts ten drieuren, in het huis No. 22 alhier overleden is Adrianus Gijlswijk, in den ouderdom van zeventig jaren en tien maanden, geboren te Kalslagen, en gewoond hebbende alhier, van beroep kuiper, echtgenoot van Hilletje van Leeuwen, zonder beroep, mede alhier woonachtig, eerst gehuwd geweest met Antje Rietveld, overleden, vader van den eersten deklarant. En hebben de eerstgenoemde deklarant deze akte van overlijden met ons onderteekend, hebbende de laatstgenoemde deklarant verklaard niet te kunnen schrijven noch zijnennaam te teekenen. Gijlswijk, Arie Jans (I1152)
 
3135 In het jaar achttien honderd twintig, den tweeden der maand junij des namiddags te vier ure, zijn voor ons Schout van Oudshoorn Officier van den Burgerlijken Stand verschenen Cornelis Kieviet en Arie de Jong, beide arbeiders en geburen van deoverledene, wonende te Oudshoorn, de eerste oud agt en veertig jaren, de tweede dertig jaren welke ons verklaard hebben, dat op den eersten junij bovengenoemd des morgens ten vijf uren, is overleden in het huis no. 214 Jannetje Leenheer weduwe vanHindrik Middelkoop zonder beroep oud drie en zestig jaren, geboren onbekend en ouders onbekend wonende alhier en hebben de declaranten deze na voorlezing nevens ons geteekend. Leenheer, Jannetje Hendriks (I2115)
 
3136 In het jaar achttien honderd vier en twintig den vierden julij, des voormiddags ten tien uren, zijn voor ons schout, ambtenaar van den burgerlijken staat van de gemeente Nieuweveen met den Uiterbuurt kanton Mijdrecht provincie Zuidholland gecompareerd Albert Kok, timmermansknecht, oud acht en twintig jaren, en Arie Oostenrijk kastelein, oud zes en dertig jaren, beiden wonende binnen deze gemeente welke ons hebben verklaard dat Sara Antonia van der Graaf, zonder beroep, oud vier en zestig jaren, weduwe van Theorodus Meijer, geboren te Utrecht en wonende alhier, op den derden der tegenwoordige maand julij, des voormiddags ten negen uren ten huize van haren schoonzoon den voormelden Albert Kok, binnen deze gemeente, is overleden. En hebben de comparanten deze akte na gedane voorlezing nevens ons onderteekend. de Graaf, Sara Anthonia (I1201)
 
3137 In het jaar achttien honderd zes en dertig, den dertienden der maand Januarij des nadenmiddags ten vier ure, is voor ons Burgemeester van Woubrugge Officier van den Burgerlijken Stand, verschenen Aart Vogelaar oud twee en twintig jaren, van beroep arbeider wonende in deze Gemeente, welke ons heeft verklaard dat Jaapje Rijnsburger zijne huisvrouw op den dertienden Januarij achttien honderd zes en dertig des voordenmiddags ten elf ure bevallen is van een kind van het vrouwelijk geslacht, aan hetwelk hij bij deze geeft de voornaam van Grietje.
De gemelde verklaring is geschied in tegenwoordigheid van Teunis Geuken oud vijftig jaren, van beroep arbeider en van Abraham Mulder oud zeven en veertig jaren, van beroep veldwachter wonende beiden alhier, en hebben de comparant & getuigen deze navoorlezing met ons onderteekend. 
Vogelaar, Grietje (I3420)
 
3138 In het jaar achttien honderd zes en dertig, den eenendertigsten der maand maart des namiddags ten vier ure, is voor ons Burgemeester, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente van Koudekerk, in de Provincie Zuid-Holland, verschenen: Cornelis Vergunst, oud tweeenveertig jaren, pannenbakkersknecht wonende te Koudekerk. Dewelke ons heeft verklaar dat zijn huisvrou Sara van Leeuwen, op den negenentwintigsten maart dezes jaars, des avonds ten vijf ure, is bevallen van een kind van het vrouwelijk geslacht, waar aan hij bij deze den voornaam geeft van Sijtje. De voormelde verklaring is geschied in tegenwoordigheid van Johannes Cornelis Zwanenburg oud negenenzestig jaren, veldwachter en van Willem van Heusden oud achtenveertig jaren, steenbakkersknecht, beide wonende te Koudekerk. En is na gedane voorlezing deze acte, nevens ons onderteekend door de getuigen, hebbende de vader verklaard zijnen naam niet te kunnen schrijven. Vergunst, Sijtje (I3275)
 
3139 In het jaar achttien honderd zes en dertig, den zevenden der maand September des voor den middags ten acht ure, zijn voor ons Burgemeester van Woubrugge Officier van den Burgerlijken Stand, verschenen Pieter de Bruin oud negen en dertig jaren, van beroep veenman en Klaas Vogelaar oud acht en twintig jaren, van beroep arbeider wonende beide te Woubrugge welke ons verklaard hebben dat op den zesden September achttien honderd zes en dertig des na den middags ten vijf ure, is overleden inhet huis no. 4 wijk E. Hendrik de Bruin weduwnaar van Susanna Roest oud acht en zeventig jaren, van beroep zonder wonende te Woubrugge geboren te Oudshoorn, zoon van Alexander de Bruin en Grietje (geslachtsnaam onbekend) en hebben de comparanten dezena voorlezing met ons geteekend. de Bruijn, Hendrik Alexanders (I491)
 
3140 In het jaar achttien honderd zesëntwintig den zevenden der maand december des avonds ten zeven ure, zijn voor ons Burgemeester, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente van Koudekerk, in de Provincie Zuid-Holland, gecompareerd: Cornelis Vergunst, oud eenendertig jaren, pannenbakkersknecht aanbehuwd zoon en Jan Verkerk, oud veertig jaren, pannenbakkersknecht, goede bekende,wonende beide alhier. Welke ons verklaard hebben, dat op den zevenden der maand december dezes jaars, desmorgens ten negen ure, in het huis No. 83 staande in de Hoogenwaard binnen deze Gemeente, is Overleden Petronella de Jong oud achtenzeventig jaren, zonder beroep, geboren te Woerden, in het jaar zeventienhonderd acht en veertig, welke ouders zijn genaamd geweest, Klaas de Jong en Anna Bloem. En heeft de tweede comparant deze, na gedane voorlezing, nevens ons onderteekend, hebbende de eerste verklaard, zijne naam niet te kunnen schrijven. de Jong, Pieternel Claas (I1782)
 
3141 In het jaar achttien honderd zesëntwintig, den zevenden der maand december des avonds ten zes ure, zijn voor ons Burgemeester, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente van Koudekerk, in de Provincie Zuid-Holland, gecompareerd: KlaasVergunst oud veertig jaren, zoon, en Willem van Heusden, oud negen en dertig jaren, oude bekende, de eerste pannen en de laatste steenbakkersknecht, en wonende beide alhier. Welke ons verklaard hebben, dat op den vijfden der maand december dezes jaars, des morgens ten tien ure, in het huis No. 51 staande in het dorp binnen deze Gemeente, is Overleden Lourens Vergunst oud vier en zeventig jaren, zonder beroep, weduwenaar van Gijsje Blok geboren te Valkenburg, in het jaar zeventienhonderd twee en vijftig, zoon van wijlen Hendrik en van Katje Pieters. En heeft de tweede comparant deze, na gedane voorlezing, nevens ons onderteekend, hebbende de eerste verklaard, zijne naam niet te kunnen schrijven. Vergunst, Lourens Hendriks (I3277)
 
3142 In het jaar achttien honderd zeven en dertig den achttienden april des voormiddags te tien ure zijn voor ons Cornelis van Vollenhoven junior, Burgemeester, als ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente Moordrecht, gecompareerd Jacob Verburg, oud negen en veertig jaren, baander, aangehuwde zoon van den overledenen, en Joannes de Keizer, oud negen en twintig jaren veldwachter, gebuur van den overledenen beiden wonende in deze Gemeente, dewelke ons verklaard hebben, dat op zaturdagden vijftienden april van het jaar achttienhonderd zeven en dertig des namiddags te acht ure in het huis wijk nommer 236 binnen deze Gemeente in den ouderdom van zeventig jaren is overleden Arie van velzen, tuinier, geboren te Gouderak, ProvincieZuid Holland, en laatst gewoond hebbende in deze Gemeente, eerst gehuwd geweest met Johanna Boudestein, overleden te Gouderak, vervolgends met Elisabeth van der Linden, overleden te Gouderak, en thans echtgeneoot van Lena Uitenbroek, zonder beroep, gedomicilieerd in dez van Velzen, Arie Cornelis (I3229)
 
3143 In het jaar achttien honderd zeven en twintig den twintigsten dag der maand Augustus des voor de middags ten elf ure, zijn voor ons Jakob Verdam Burgemeester en als zoodanig Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente van Mijdrecht verschenen: Hendrik de Bruijn oud acht en zestig jaren, van beroep bouwman en Arie van der Heul oud tweeënzestig jaren, van beroep gemeentebode wonende beiden te Mijdrecht de eerstgemelde echtgenoot en de laatstgenoemde goede bekende van de zoo strakste noemen Overledene.
Dewelken aan ons verklaard hebben, dat op den achttienden dag der maand Augustus dezes Jaars, des middags ten vier ure, binnen deze Gemeente, in het Huis staande in Blokland onder Mijdrecht is overleden Susanna Janse Roest oud ruim eenenzestig jaren, van beroep boerin geboren te Alkemade gewoond hebbende te Mijdrecht; huisvrouw van de eerste Declarant; dewelke is een dochter van Jan Gerritse Roest en Antje van der Star beiden overleden.
En hebben wij deze Akte van Overlijden, na dezelve aan de Declaranten voorgelezen te hebben met hun onderteekend. 
Roest, Sannetje Jans (I2716)
 
3144 In het jaar achttien honderd zeven en twintig op dingsdag den zesden der maand november des voormiddags ten elf uren, is voor ons Nicolaas van Voorthuijsen Burgemeester, Ambtenaar van den Burgerlijken stand der Gemeente van Abcoude en Baambrugge, kanton Baambrugge, provincie van Utrecht, verscheenen: Pieter de Groot oud zeven en veertig jaren, van beroep armmeester wonende te Baambrugge; en Jan Voorthuis oud twee en veertig jaren deurwaarder wonende te Abcoude. Dewelken ons hebben verklaard, dat op den zesden november dezes jaars, des voormiddags ten drie uren in het huis staande in deze Gemeente is overleden Pieternella van der Putten oud vier en tachtig jaren van beroep zonder geboren te Doorn gewoond hebbende in deze Gemeente, weduwe van Egbert van der Horst. En is deze acte na voorlezing door de beiden declaranten met mij onderteekend. van Putten, Petertje (I2621)
 
3145 In het jaar achttien honderd zeventien, den achttienden der maand October des voormiddags te tien uren, zijn voor ons Guillaume Brack President als belast met het werk van den Burgerlijken Staat der Gemeente Zwammerdam, verschenen Willem Boezel schoolmeester en Henderik Schuddeboom veldwachter beide van bevoegden ouderdom en wonende alhier, welke ons hebben verklaard, dat op den zestienden der maand October des morgens te acht uren, in het huis no. - binnen deze Gemeente, is overledenMaria Huurman huisvrouw van Jacob Voelaar oud acht en dertig jaren, geboren te Gouderak, dochter van Aart Huurman en van Pieternella den Edel, beiden overleden. En hebben de declaranten bekenden van de overledene, deze acte van overlijden, na gedane voorlezing, met ons onderteekend. Huurman, Maria Aarts (I1553)
 
3146 In het jaar achttien vier en twintig, den negenden des maand januarij, des nademiddags ten drie uuren zijn, voor ons Martinus van Graauwenhaan schout, en ambtenaar van den burgerlijken staat der gemeente van Zegwaart, provincie Zuidholland, kanton Voorburg, gecompareerd Jacob Droog, een goede bekende toezicht hebbende, oud een en dertig jaren, van beroep bouwman, wonende in deeze gemeente in No. honderd drie en vijftig; en Simon van der Kraats, gebuur oud vijf en veertig jaaren, van beroep bouwman, meede wonende in deze gemeente in No. honderd een en vijftig; welke ons verklaard hebben dat, op heden den negende dezer maand januarij, des 's morgens ten vier uure, Pieter van der Burg, oud twee en vijftig jaaren, gehuwd met Anna van der Kraan, van beroep arbeider, geboren te Benthuizen, en woonende alhier, zoon van Pieter van der Burg, en van Breggie 't Hart in het huis No. honderd negen en vijftig, aan den Zegwaartschenweg, binnen deze gemeente is overleeden. En hebben de declaranten deze acte  van der Burg, Pieter Pieters (I541)
 
3147 In het jaar achttiendhonderd zeventien den achttienden augustus zijn door ons burgemeester, officier van den burgerlijken stand der gemeente Bennekom, canton Eede, provincie Gelderland gecompareerd Reinier Epping, landman oud vijf en vijftigjaaren en Aart Roseboom arbeider, oud vier en sestig jaren, beiden geburen doch geene bloedverwanten der nagenoemde overleedene woonachtig binnen deeze gemeente, dewelken ons verklaarden, dat in de gemeente alhier, ter woonhuize gequoteerd No. 97 opde zestienden augustus dezes jaars des morgens ten drie uuren is overleden Huibertje van de Linden, huisvrouw van Gijsbert van Veldhuizen, in den ouderdom van drie en dertig jaren. En hebben de burgemeester voornoemd deeze acte na gedane voorlezingaan de declaranten, die verklaarden niet te kunnen schrijven, ondertekend. van de Linden, Huibertje (I2183)
 
3148 In het jaar achttienhonderd acht en negentig en tienden Maart verschenen voor Ons, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente Aarlanderveen Lambertus Leendert van der Velden, oud zes en vijftig jaren, van beroep arbeider, wonende te Aarlanderveen, zoon van de overledene en Arie Vernes, oud drieendertig jaren, van beroep schepenjager, wonende te Aarlanderveen, die verklaarden dat op den negenden Maart dezes jaars des namiddags ten vijf ure, binnen deze Gemeente in het huis Wijk drie Nommer honderd en vijf is overleden Jannigje Rijnsburger, oud achtenzeventig jaren, van beroep zonder, geboren en wonende te Aarlanderveen, dochter van Arie Rijnsburger en van Jannigje Eeftens, beiden overleden, weduwe van Lambertus van der Velden.
Na voorlezing is deze akte door Ons onderteekend, nevens de aangevers. 
Rijnsburger, Jannigje (I2694)
 
3149 In het jaar achttienhonderd acht en tachtig, den een en twintigsten der maand augustus verschenen voor Ons, Ambtenaar van den Burgerlijken Stand der Gemeente Rijnzaterwoude: Jan van der Zwam oud vijftig jaren, van beroep arbeider wonende te Rijnzaterwoude schoonzoon van de overledene en Jan Bijleveld oud vier en zestig jaren, van beroep arbeider wonende te Rijnsaterwoude, geen bloedverwant van de overledene die verklaarden, dat op den een en twintigsten der maand augustus dezes jaars,des morgens te een ure, binnen deze Gemeente in het huis Nommer negen en veertig is overleden Jaapje Rijnsburger oud tachtig jaren, van beroep zonder geboren te Leimuiden en wonende te Rijnzaterwoude weduwe van Albert Buurman vroeger gehuwd geweest met Aart Vogelaar, dochter van Matthijs Rijnsburger en van Grietje de Bruin beiden overleden. Na voorlezing is deze akte door Ons onderteekend met de getuigen. Rijnsburger, Jaapje (I2687)
 
3150 In het jaar achttienhonderd acht en twintig den derden november des morgens elf uuren zijn voor ons ondergetekende officier van den burgerlijken staat der gemeente Ter Aar canton Woubruggen provincie Zuid Holland gecompareerd Gijsbert Boer arbeider oud zeven en twintig jaaren wonende te Corter Aar wijk C welken ons heeft verklaard dat op den eersten november achttienhonderd acht en twintig des morgens half twee uuren zijnde huisvrouwe Trijntje Middelkoop is verlost van een kind van het vrouwelijk geslagt aan hetwelk hij verklaard de voornaamen van Margaretha Maria te geeven. De gemelde veklaring is geschied in tegenwoordigheid van Gerrit Boer bouwman oud twee en vijftig jaaren wonende te Corter Aar vader van den aangever, en Hermanus Middelkoop arbeider oud vijftig jaaren wonende te Oudshoorn vader van de verloste vrouwe. En is deze acte van geboorte door de twee eerste comparanten neven ons ondertekend verklarende de derde niet te kunnen schrijven. Boer, Margaretha Maria (I356)
 

      «Vorige «1 ... 59 60 61 62 63 64 65 66 67 ... 107» Volgende»


Deze site werd aangemaakt door The Next Generation of Genealogy Sitebuilding v. 14.0.3, geschreven door Darrin Lythgoe © 2001-2026.

Gegevens onderhouden door Timon Schuurman.