Treffers 3,751 t/m 3,800 van 5,326
| # | Aantekeningen | Verbonden met |
|---|---|---|
| 3751 | NB. Ik ben er niet zeker van dat het dezelfde Dingman Jacobsz betreft in de eerste twee aktes. Dingman Jacobsz wordt online vaak gekoppeld aan Jacob Willemsz Jacobsz, op de Vuijlendam, en Merrichie Jordaensdr (zie Brandwijk, Gijbeland en Molenaarsgraaf 17e eeuw door H. de Bruijn; in dit document wordt de koppeling niet gemaakt). Ik zie daar geen bewijzen voor. --- Willige Langerak 4D. 3 morgen min ½ hont (1616: aan de tiendweg), strekkend van de Lek tot de achterwetering, boven: Adriaan Jacobsz., beneden: Jacob Bastiaansz. 19-7-1616: Dingman Jacobsz. na de dood van zijn vader bij overdracht door Dirk Antonsz., gehuwd met Lijsken Jans, A fol. 30v-31. 16-12-1616: Dionis Christiaansz. bij overdracht door Dingman Jacobsz., A fol. 31v. Bron: Repertorium op de lenen van de hofstede Langerak te Willige Langerak, ca. 1440-1791 door J.C. Kort [Dingman lijkt het land over te nemen van Jacob Christiaansz.] --- Arijaentge Bastiaens, weduwe van Cornelis Jacobsz Groenevelt, geassisteerd door [leeg], haar gecoren voogd, is schuldig aan Dingman Jacobse Groenevelt, wonende te Willige Langerak, 75 gulden geleend geld met 5,5% rente. Als onderpand geldt haar huis en erf op de Varkensmarkt. Bron: SAMH, ORA Schoonhoven (toegangsnr. 1058), inv.nr. 165, d.d. 14-10-1637 (FS scan 161) --- Huijbert Jacobsz Hoogendoorn, onze ingelanden buurman, is schuldig aan Dingman Jacobsz 1.200 gulden geleend geld tegen 5,5% rente. Afgelost op 30-03-1642. Bron: RHC RL, ORA Willige Langerak (beh.nr. L152), inv.nr. 2307, d.d. 18-04-1638 (FS scan 146) --- Willemtgen Maertens van der Poll, weduwe van Jacob Cornelisz Hollaer, wonende aan de Meern onder Vleutenm, ziek op een stoel zittende, met vertoon van een bezegelde octrooibrief van notaris Jacob van Steenre, grifier bij het Hof van Utrecht, herroept haar oude testamenten en stelt een nieuwe op. Cornelis Jacobsz Hollander, haar oudste zoon, houdt 4 morgen leenroerig land gelegen te Reijerscop, waarbij door hem 1.700 gulden in de gemene boedel moet worden ingebracht. Ze benoemt tot erfgenamen voornoemde Cornelis Jacobsz, Marten Jacobsz Hollander, Gerrit Jacobsz Hollander, Jannichgen Jacobs, huisvrouw van Digman Jacobsz, Trijntgen Jacobs, weduwe van Cornelis Dircxsz en Antonia Jacobs, huisvrouw van Willem Claesz, haar zes kinderen. De comparante staat borg voor 1.600 gulden die Cornelis Jacobsz schuldig is aan Willem Jonathas van Duijssel, secretaris van Lekdijk benedendams. Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 231, aktenr. 16, d.d. 30-06-1640 --- Cornelis Jacobsz Hollander, Gerrit Jacobsz Hollander en Willem Claesz Velthuisen, man en voogd van Antonia Jacobs Hollander, voor hen zelf en hen sterkmakende voor Digman Jacobsz, wonende in de "Dortschen Weert" en Jannichgen Jacobs Hollander, echtelieden, hun zwager en zus, samen met Marten Jacobsz Hollander en Dirck Henrixsz, getrouwd met Trijntgen Jacobs Hollander, kinderen van Willemtgen Martens van der Poll en daardoor voor een vierde deel rechthebbenden van de goederen die Aert de With, hun neef, in Weerd overleden, heeft nagelaten, machtigen Marten Jacobsz Hollander en Dirck Henrixsz om tot een boedelscheiding te komen en de goederen te verkopen. Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 220, aktenr. 43, d.d. 01-03-1649 --- Jannichgen Jacops, weduwe van Dingeman Jacopsz, met haar gecoren voogd Pieter Jacopsz, wonende te Brandwijk, aan de ene, en Bastiaen Cornelisz Groenevelt als neef en voogd van de vijf mondige en onmondige kinderen, verwekt bij voornoemde Dingeman Jacopsz, aan de andere zijde. Boedelscheiding ten overstaan van de schout en heemraden te Brandwijk en Gijbeland. De kinderen zijn Jaepgen Dingemans, getrouwd met Willim Jansz, schoolmeester te Brandwijk, Ariaentgen Dingemans, Kor Dingemansz, Merrichgen Dingemans en Cornelis Dingemansz. Voornoemde Pieter Jacopsz maakt zich sterk voor de twee dochters, Ariaentgen en Merrichgen Dingemans. Elk van de kinderen krijgt 1 morgen land, gelegen in het westeinde van Brandwijk, in een hofstede van 11 morgen groot samen met een huis en berg, belend ten oosten de weduwe en kinderen van Jan Gerritsz en ten westen Adrijaen Jansz c.s. Uitzondering is Kors Dingemansz, die 2 morgen land krijgt, waarvan 1 morgen leenland is van Kasteel Liesveld, met een zwarte merrie met een ve Bron: RA Dordrecht, WK Brandwijk (toegangsnr. 902), inv.nr. 1, d.d. 09-09-1655 (FS scan 27) --- Brandwijk 5. 3½ (1560: 1) morgen land (1628: in een hofstad van 11 morgen) in het dorp Brandtwijck, belend ten oosten: (1528: het klooster van de Donck, 1628: Coen Cornelisz. en Cornelis Ariensz. Haen), ten westen: Jacob Jordaensz., (1558: de erfgenamen van Jacob Jordaensz., 1628: het convent van der Donck), (1528: strekkende van de Brandwijcse weg tot aan de kade, 1628: de Overwaertse kade). 8-10-1642: Dingman Jacobsz. te Brandtwijck na overdracht door Cornelis van Someren, medicijn van Dordrecht, en Jan Pietersz. Vekemans, notaris aldaar (7976, fol. 30). Bron: De leenkamer van de hofstad te Liesveld te Groot-Ammers, circa 1341-1650 door C. Hoek | Jacobs, Dingeman (I1606)
|
| 3752 | NB. Ik betwijfel of het huwelijk in 1663 heeft plaatsgevonden. Het is logisch dat Geertje Jansdr, de eerste vrouw van Cornelis Duharling is overleden tussen juni en september 1666. --- NA ’s-Gravenhage (540:605 dd 15-5-1682) Cornelis du Harlingh, chirurg; aan mr Johan van der Heijde, een schuld van fl.200 met (kennelijk) bezit van zijn overleden ouders als pand; toestemming van Hester du Harlin, meerderjarige dochter, ook namens haar broer Hendrick du Harlijn tot Haerlem. Bron: http://www.siskens-van-heijst.nl --- mr. Cornelis [Duharling], Chirurgijn te Rijswijk en later Oudekerk a/d Amstel, poorter tot Oudewater (1670). Bron: M. van Wensveen --- 1670 14 februari Mr. Cornelis Herlingh, chirurgijn, geboortich in 's-Gravenhage, lest gewoont tot Nieuwerkerck. Bron: Oudewater - Poortersboek --- Cornelis du Harlingh, chirurgijn te Nieuwerkerk op de IJssel, Jan Jan Mattijsz en Adriaen Jans Vermeul, beiden oud-schepenen te Nieuwerkerk op de IJssel, leggen een verklaring af op verzoek van Maritge Jans, eerst weduwe van Claes Willems de Jongh en nu weduwe van Pieter Jorisz Fuijck. Zij verklaren dat zij niet zonder de hulp van haar dochter, Adrijaentge Claesdr, kan. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 703, aktenr. 35, d.d. 18-01-1661 --- Meester Cornelis du Harlijngh (Haerlingh) te Nieuwerkerk machtigt Leonardt van Zijl, procureur, om te procederen tegen Isack de Roij. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 719, aktenr. 89, d.d. 22-05-1663 --- Jan Cornelis Kniep (Cnijp), wonend in het Cortland in de jurisdictie van Nieuwerkerk aan de IJssel, ontslaat Gijsbert van der Bijl, grutter, van de borgtocht, op heden aangegaan ten profijte van Isaacq de Rooij, notaris, om alles te voldoen waartoe meester Cornelis Duharling zou worden veroordeeld. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 723, aktenr. 74, d.d. 06-09-1663 --- Gijsbert van der Bijl, grutter, stelt zich borg voor meester Cornelis Duharlingh, chirurgijn, wonend te Nieuwerkerk, ten profijte van Isaacq de Roij, notaris, om alles te voldoen waartoe deze zal worden veroordeeld. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 723, aktenr. 75, d.d. 06-09-1663 --- Meester Cornelis Duharling (du Haerlingh), chirurgijn, te Ouwerkerck op de IJssel, laat een insinuatie overhandigen aan Hartman de Custer, notaris, ter zake van een copie van een protest over een insinuatie van de Custer aan hem. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 722, aktenr. 99, d.d. 25-09-1663 --- Cornelis Duharling, chirurgijn, en Geertge Jansdr, echtelieden, wonende te Nieuwerkerk, maken hun testament op. Als erfgenaam wordt de langstlevende benoemd. Indien ze beiden overlijden zonder kinderen na te laten, dan zal de 1.000 gulden, die Geertge bij haar huwelijk van haar ouders heeft gekregen, gaan naar Trijntge Thomasdr, en Frans Jansz krijgt zijn kleding. Indien Duharling later overlijdt dan Geertge Jansdr, dan zal alles behalve de 1.000 gulden gaan naar de erfgenamen van Duharling. De weeskamer en het gerecht van Nieuwerkerk worden uitgesloten van bemoeienis. Getuigen: Gerrit Baerthoutsz Ridderlaen en Gijsbert Jacobsz. Bron: SAMH, ONA Moordrecht (toegangsnr. 48), inv.nr. 6105, aktenr. 193, d.d. 04-06-1666 --- Jan Cornelisz [Cuijp], biersteker, wonende in Kortland onder Nieuwerkerk, machtigt Thomas Dircxsz Vrijhoovensteijn, zijn schoonzoon, om een staat en inventaris te eisen van mr. Cornelis Duharlingh van de boedel en goederen die Geertjen Jans, zijn overleden dochter, door haar dood heeft nagelaten, en om te komen tot een eerlijke boedelscheiding. Bron: SAMH, ONA Capelle aan den IJssel (toegangsnr. ??), inv.nr. 3081, aktenr. 255, d.d. 03-09-1666 --- 7-3-1668: Jan Dircxsz Overrijnder, onze inwoner, getrouwd met Trijntgen Jansdr, weduwe van Michiel Dircxsz Vermeer, is schuldig aan Marijtgen Michiels, Annitgen Michiels en Crijntgen Michiels 471 gulden met 4% rente vanwege de cassatie van een uitkoopbrief op 7-6-1654 gepasseerd voor het gerecht van Zevenhuizen, nog twee jaar aan landhuur van 1666 en 1667, en nog vier jaar aan rente van 700 gulden. Als onderpand gelden zijn woning en landen gelegen in de Swanlapolder, strekkende van de Binnenwegsloot westwaarts tot Jan Ariensz van Bleijswijck, belend ten zuiden Dirck Willemsz en ten noorden Jan Jacobsz. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 62, fol. 4 (FS scan 17/572) --- 12-9-1679: Jan Dircksz Overrijnder, onze inwoner, verkoopt aan mr. Cornelis Duharlingh, chirurgijn te Capelle aan den IJssel een woning met huis, erf, berg en schuren met het naastgelegen wei- en hooiland gelegen in de Swanlapolder onder Zevenhuizen, strekkende van de Swanlascheweg westwaarts tot de kinderen van Jan Ploonen, belend ten noorden dezelfde en ten zuiden Cornelis Jansz van Alphen c.s., nog een stuk slagturfland gelegen in de Swanlapolder strekkende van Goris Ariensz westwaarts tot de wetering, belend ten noorden Jan Jansz van Alphen molenaar c.s. en ten zuiden Goris Ariensz, laatst nog een partij hooiland met een slagturfakker gelegen als voren, strekkende van Cornelis oude Vuijck oostwaarts tot de Boswetering, belend ten noorden de weduwe van Jan Ockersz en ten zuiden Cornelis oude Vuijck c.s. De koopsom is 1.200 gulden. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 63, fol. 42v (FS scan 337/572) --- Arij Cornelisz Kruijt, 32 jaar oud, Cors Cornelisz Kruijt, 30 jaar oud, beide alhier wonende, en Sijmon Ariensz Hollander, wonende te Hillegersberg, 27 jaar oud, verklaren op verzoek van Cornelis Duharlingh, chirurgijn, wonende alhier in Swanla. Ze hebben in de zomers van 1690 en 1694 gezien dat Cornelis en Willem Ariensz van Alfen, zonen van Arij Cornelisz van Alfen, mede wonende in Swanla, naar schatting 18 en 16 jaren oud, met een praam of schuit vlak langs de kant van het land van de requirant voeren en daarbij verschillende malen per dat het slijk of veen, dat van de requirant was, meenamen. Enz. Bron: SAMH, ONA Zevenhuizen (toegangsnr. 46), inv.nr. 8928, aktenr. 214, d.d. 18-04-1694 --- Mr. Cornelis du Harlingh, aan de ene, en Arij Cornelisz van Alphen en Gangert Janse Backer, aan de andere zijde, allen wonende te Zevenhuizen. Er was onenigheid ontstaan over het venen, moeren en slagturven van enkele partijen land, gelegen in de Swanlasche polder van Zevenhuizen, strekkende van Pieter Dircksz Conijn oostwaarts tot de werf van Du Harlingh en het eigendom van Backer. Het venen, moeren en slagturven mag tot een breedte van veertien roede voeten. Du Harlingh en Backer mogen echter hun partij land ook uitvenen zonder dat de andere partij het ermee oneens kan zijn. Dit staat los van de zaak van Du Harlingh tegen Willem en Cornelis van Alphen, beiden zonen van de comparant Aij Cornelisz van Alphen, die slijk of veen van het land van Du Harlingh hadden getrokken en gebaggerd. Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel (toegangsnr. 1250), inv.nr. 13, aktenr. 73, d.d. 06-06-1694 | Duharling, Cornelis Robrechts (I939)
|
| 3753 | NB. Ik meen te lezen in onderstaande akte dat Claes Gijsbertsz en Maritgen Gerritsdr de ouders zijn van Lenert Claesz, niet van zijn vrouw Sijtgen Claesdr. 22-4-1624: Brief tot verzekering. Baert Cornelisz, wonende aan de Drecht onder Vriezekoop, als vader en voogd zich sterkmakende voor Jannetgen Baerts, zijn mondige dochter, weduwe van Thijmon Pietersz, idem Cornelis Baertsz, Neeltgen en Stijntgen Baertsdr, zijn nog onmondige kinderen, mitsgaders Wouter Pietersz, die mede compareerde, getrouwd met Guertgen Baertsdr, kinderen en erfgenamen van za. Machtelt Claesdr, in leven huisvrouw van voornoemde Baert Cornelisz, Jan Willem Gijssoon, wonende te Nieuwveen, als interveniërende voogd van de kinderen van Lenert Claesz, verwekt bij Sijtgen Claesdr, met namen Claes Lenertsz en Maritgen Lenertsdr, mitsgaders Aert Corsz, nu wonende in Vroonland, als vader en voogd van Weijntgen Aerts, zijn onmondige weeskind, verwekt bij Dingum Claesdr, samen kleinkinderen en erfgenamen van Maritgen Geritsdr, die weduwe was van Claes Gijsbertsz, die in haar leven woonde aan de Vriezenweg onder Vriezekoop. De boedel van Maritgen Geritsdr was bezwaard met veel schulden en last ELO, ora Rijnsaterwoude 4, fol. 137v (FS scan 407/556). | Gijsberts, Claas (I4215)
|
| 3754 | NB. In 1650 is er een Pieter gedoopt in Gouda, zoon van Lieven Pieters. Dat is echter niet deze Pieter Lievens Boulogne. Deze Pieter Lievensen trouwt op 9 oktober 1672 met Centje/Sijna Pieters in Gouda. --- NH dopen Gouda: 25-07-1683 Margrieta 20-03-1686 Pieter 7-10-1681: Pieter Lievensz Bolongue, weduwnaar van Joossje Jans, aan de ene, Jan Jansz van Roijen en Gerrit Thonisz van Gouderack als voogden van Jan Pietersz, 1,5 jaar oud, nagelaten weeskind van Joossje Jans en Pieter Lievensz. De moederlijke erfenis is 2 ducatons. De vader zal de kinderen opvoeden en onderhouden. Bron: SMH, wk Gouda 17, fol. 92v (FS scan 390). 10-4-1685: Pieter Lievensz Bolongue, weduwnaar van Sijna Joosten, aan de ene, Gerrit Theunisz van Gouderack en Jacob Pietersz de Potter als voogden van Grietge Pieters, 1,5 jaar oud, nagelaten weeskind van Sijna Joosten en Pieter Lievensz. De moederlijke erfenis is 3 gld. 3 st. De vader zal de kinderen opvoeden en onderhouden. Bron: SMH, wk Gouda 17, fol. 148 (FS scan 446). 17-12-1688: Jaepje Jans van der Torre, weduwe van Pieter Lievensz Balonge, aan de ene, Jan Pietersz van der Torre en Lieve Lievensz als voogden van Pieter Pietersz, 2,5 jaar oud, nagelaten weeskind van Pieter Lievensz en Jaeppje Jans. De vaderlijke erfenis is een zilvere ducaton. De moeder zal de kinderen opvoeden en onderhouden. Bron: SMH, wk Gouda 17, fol. 148 (FS scan 503). | Boulogne, Pieter Lievens (I423)
|
| 3755 | NB. In 1728 wordt er in Blokzijl een Jan gedoopt, zoon van Klaas Schuurman en Zwaentje Pieters. Sommige mensen menen dat het om dezelfde persoon gaat. Dat is onwaarschijnlijk. Niet alleen is hij dan op zeer late leeftijd getrouwd (wat op zichzelf nog geen bezwaar is), maar de vernoemingen kloppen niet en dan zou Jannis geen burgerwinning hoeven te kopen. --- NH dopen Blokzijl: 02-02-1785 Jan; o. Jannis Schuurman en Wilmina Lammerts (overl. 22-06-1862 Oosterend) 04-06-1786 Lammert; o. Joannis Schuurman en Wilmina Lammerts (overl. 05-05-1819 Blokzijl) 26-12-1788 Anthonij; o. Johan Schuurman en Wilmina Lammerts (begr. 27-12-1800 Blokzijl) 12-06-1791 Gerrigjen Jannis; o. Jannis Schuurman en Wilmina Lammerts (begr. 07-10-1794 Blokzijl) 08-12-1793 Albert; o. Johan Schuurman en Willemina Lammers Niemeijer; g. Geertje Romkes (begr. 23-09-1794 Blokzijl) 19-07-1795 Gerrigjen; o. Jannes Schuurman en Wilmina Nieumeijer; g. Geertje Romkes (begr. 30-12-1800 Blokzijl) 09-12-1798 Albert; o. Jannis Schuurman en Wilmina Nieuwmeijer (overl. 16-03-1892 Blokzijl) --- 1783 Den 14 februarij ontfangen van Jannis Schuurman op rekening van sijne burgerwinnen 10=:= Den 7 October ontfangen op rekening van Jannis Schurman 9=:= Rest 9 Gl. Den 8 December ontfangen van Jannis Schurman het laeste restand van sijne burgerwinning daar hij mede heeft voldaen 9=:= --- Ontfangen van het 1 vier en deel jaars 1785 12 April ontfangen van Jannes Schurman het oortesgeld van sijn halve angekogte huijs. De koop was 90 G: 10 St koomt voor den armen 1-2-6 Bron: Blokzijl - Boek met inkomsten en uitgaven van het weeshuis (in het archief van PKN Blokzijl) | Schuurman, Jannis (I2860)
|
| 3756 | NB. In de morgenboeken van Randenburg (bewerking P.W.C. van Kessel, Ons Voorgeslacht) staat Jan Pietersz van Randenburg/Raemburg in 1596 vaak als eigenaar genoteerd van land waarvan in 1543 de eigenaar Pieter Neel Weermsz/Werboutsz is. Het is verleidelijk om Jan Pietersz te zien als de zoon van Pieter Neel Werboutsz. --- 19-1-1603: Anthonisz Jansz, voor zichzelf, Leendert Geerliffsz als man en voogd van Aeffgen Jansdr, Huijch Pietersz als man en voogd van Belichgen Jansdr, Jop Arijensz als man en voogd van Neeltgen Jansdr, voornoemde Anthonis Jansz als gekozen voogd van Margriete Jansdr, weduwe van Jacop Florisz, allen kinderen en erfgenamen van za. Annetgen Anthonisdr, transporteren aan Jan Pietersz, hun vader, een hofstede, huis, berg en schuur met 5 morgen naastgelegen land, gelegen in Raamburg, strekkende van de Gouwkade tot de Raamburgerweg, belend ten noorden Leendert Aertsz en ten zuiden Dirck Meesz; nog een stuk land genaamd Neel Barentsland, ook 5 morgen groot, gelegen en strekkende als voren, belend ten zuiden Pieter Willemsz en ten noorden de Molenvliet; nog 2,5 morgen land gekomen van de kinderen van Wouter Willemsz, belend ten zuiden Dirck Meesz en jonge Jan Aertsz en ten noorden de voornoemde erfgenamen, strekkende van de Raamburgerweg tot Leendert Aertsz; nog een stuk land 4,5 morgen groot, strekkende v Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 1, fol. 101 (FS scan 108/393). 19-1-1603: Jan Pietersz, wonende in Raamburg, transporteert aan zijn voornoemde kinderen een stuk land van 5 morgen gelegen in Raamburg onder Reeuwijk, strekkende van de Raamburgerweg tot de Gouwkade, belend ten zuiden de Molenvliet en ten noorden jonge Jan Aertsz; nog twee percelen naast elkaar samen 7,5 morgen groot, gelegen en strekkende als voren, belend ten zuiden voornoemde Jan Pietersz en Leendert Aertsz en ten noorden de polder van Zuidwijk; nog een stuk land van 9 morgen gelegen in Zuidwijk, strekkende van de Zuidwijkerdijk tot de landscheiding en Claes Sijmonsz, belend ten zuiden voornoemde Jan Pietersz en zijn kinderen en ten noorden Adriaen Willemsz; nog 1,5 morgen land gelegen in Raamburg, strekkende van de Raamburgerweg tot de landscheiding, belend ten zuiden de jonge Jan Aertsz en ten noorden voornoemde Jan Pietersz; nog 1,5 hond hennepland gelegen als voren, strekkende van de Raamburgerweg tot Aelbert Pietersz, belend ten zuiden voornoemde Aelbert Pietersz en ten noorden voornoemde Jan Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 1, fol. 102 (FS scan 109/393). 30-11-1603: Jan Pietersz te Raamburg onder Reeuwijk stelt zich borg voor de vrijwaring van verplichtingen die zijn zoon Cornelis Jan Pietersz heeft toegezegd aan Cornelis Jansz van Stolwijck, poorter van Gouda, als koper van een huis en erf aan de Smidstraat te Gouda. Als hypotheek stelt hij 4 morgen 300 roe land op Raamburg onder Reeuwijk. Het land ligt tussen de Raamburgseweg en het land van Dirck Meesz en wordt ten noorden belend door Jan Aertsz en ten zuiden belend door het Raamburgerweggetje. Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 1, fol. 111 (bewerking RHCRL). 7-5-1612: De gezamenlijke erfgenamen van wijlen het echtpaar Jan Pietersz en Annitgen Tonisdr transporteren aan hun mede-erfgenaam Tonis Jansz een boerderij en land onder Reeuwijk. De verkopers zijn: 1) Cornelis Jansz, poorter van Gouda; 2) Leendert Geelisz, gehuwd met Aeffgen Jansdr; 3) Huijch Pietersz, gehuwd met Belichgen Jansdr; 4) Jop Arijensz, gehuwd met Cornelia Jansdr; 5) Vranck Damensz, gehuwd met Margrietgen Jansdr; 6) Anthonis Cornelisz; 7) Sijmon Cornelisz, en 8) Margriete Cornelisdr, bijgestaan door haar voogd Jan Jansz, secretaris van Reeuwijk. Het betreft: a) een boerderij met opstallen en 4 morgen 200 roe land op Raamburg. Het geheel ligt tussen de Goudkade en de Randenburgseweg en wordt ten noorden belend door Leendert Aertsz en ten zuiden door Dirck Meesz; b) 4 morgen 200 roe land op Raamburg. Het land ligt tussen de Raamburgerweg en het land van Dirck Meesz en wordt ten noorden belend door Jan Aertsz de oude en Jop Arijensz en ten zuiden door de Nieuweweg; c) 4 morgen 400 roe land o Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 2, fol. 3 (bewerking RHCRL). 7-5-1612: De gezamenlijke erfgenamen van wijlen het echtpaar Jan Pietersz en Annitgen Tonisdr transporteren aan hun mede-erfgenamen Jop Arijensz, gehuwd met Cornelia Jansdr, onroerend goed onder Reeuwijk. De verkopers zijn: 1) Cornelis Jansz, poorter van Gouda; 2) Leendert Geelisz, gehuwd met Aeffgen Jansdr; 3) Huijch Pietersz, gehuwd met Belichgen Jansdr; 4) Tonis Jansz; 5) Vranck Damensz, gehuwd met Margrietgen Jansdr; 6) Anthonis Cornelisz; 7) Sijmon Cornelisz, en 8) Margriete Cornelisdr, bijgestaan door haar voogd Jan Jansz, secretaris van Reeuwijk. Het betreft: a) een boerderij met opstallen en 5 morgen 20 roe land op Raamburg onder Reeuwijk. Het geheel ligt tussen de Goudkade en de Randenburgseweg en wordt ten noorden belend door jonge Jan Aertsz en ten zuiden door Tonis Jansz; b) 3 morgen 464 roe weiland op Raamburg onder Reeuwijk. Het land ligt tussen de Randenburgseweg en de landscheiding en wordt ten noorden belend door Cornelis Meesz en ten zuiden door oude Jan Aertsz, Tonis Jansz en Drick Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 2, fol. 6 (bewerking RHCRL). | Pieters, Jan (I4206)
|
| 3757 | NB. In deze tijd zijn er verschillende personen die Jan Jansz Ramp heten. Eén woont in Kamerik en één woont in Waarder. --- NH dopen Oudewater: 28-06-1673 Pieter; o. Jan Jansz Ramp NH dopen Woerden: 20-03-1683 Aghje; o. Jan Janse Ramp en Jannighje Dirck Bogar 23-05-1685 Willem; o. Jan Jansen Ramp en Jannighje Dircks Bogert; g. Eva Jelus [Kromwijk] (op de Haer) --- Geertgen Jans, weduwe van Dirck Fredericksz Bogaert, geassisteerd door Franck van Loendersloot, aan de ene, en Frerick, Aeltgen, Neeltgen en Jannichie Dircx Bogaert, geassisteerd door Jan Jansz Ramp, haar man, allen meerderjarige en getrouwde kinderen van Dirck Fredericksz Bogaert, zich sterkmakende voor Jan en Aechie Dircx, hun minderjarige broer en zus, aan de andere zijde. Akkoord over de verdeling van de vadelijke erfenis. Geertgen Jans geeft aan elk kind 50 gulden. Als de minderjarige kinderen willen dat hun moeder het geld bewaart, kan dat met 4% rente. De kinderen krijgen geen uitzet mee. Als onderpand stelt ze haar huis, berg en schuur, gelegen te Kromwijk in de heerlijkheid van Vlooswijk. Bron: RHC RL, WK Woerden (beh.nr. W035), inv.nr. 6, fol. 195, d.d. 23-11-1666 --- Compareerden Jan Jansz Ramp, Hendrick Jansz van der Helm ende Cors Cornelisz Croeff, alle inwoonders opde Zuyd en Noortsijde vande Langelinschooten respective, doch geen eygenaars van eenige huysen aldaar, van competenten ouderdom, dewelcke attesteerden, tuygden en verclaarden t’zamen en elcx besonder, ter requisitie en instantie vande gemeene eygenaars vande huysen aldaar staende, waar ende waarachtich te zijn, dat de Buyrte vande Zuyt ende Noortsijde vande Linschooten is gelegen tussen beyde de steden Oudewater ende Woerden, en dat dienvolgende de France volckeren so dagelicx als bij nacht aldaar met groote en cleyne pertijen soo nu soo dan zijn geweest, en de huysluyden niet alleen genouchsaem van alles berooft en totaliter geruyneert, maer oock verscheyde huysluyden gevangen genomen ende binnen Woerden in strickte vangenisse hebben geset, en deselve aldaar soo lange gehouden, totdat zij genootsaakt zijn geworden haar rantsoen met groot gelt te voldoen, jae dat noch onlancx, en geen veertien dage Bron: RHC RL, ORA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1891, aktenr. 178, d.d. 21-12-1672 --- 72. Jacob Jansz bij Jan Jansz Ramp betaelt 0-6-0 83. Jan Willemsz Ramp bij Jan Jansz Ramp betaelt 0-6-0 84. Luijt Willemsz Ramp bij Gerrit Bockhoof betaelt 0-6-0 Bron: RHC RL, NHG Linschoten (beheersnr. M086), inv.nr. 193, d.d. 07-07-1705 --- 72. Jacob Janse, Jan Janse Rampe wed. bet. 0-6-0 nu Claes Jansz Tibbe en bet. wegens 't verboecken 6 st. 83. Jan Willemse Ramp, Jan Janse Rampe wed. 0-6-0 nu Dirck Jansz Ramp en bet. wegens 't verboecken bet. 6 st. 84. Luijt Willemse Ramp, Gerrit Boekhoven bet. 0-6-0 den 27 feb. 1728 dit graft get. op Willem Huijgen Rijseveld Bron: RHC RL, NHG Linschoten (beheersnr. M086), inv.nr. 193, d.d. 30-07-1720 --- LINSCHOTERHAAR 172. Een vierde deel van een viertel land (1457: in een weer van 9 morgen gemeen met Arent van Hove Dircxz.) in het gerecht van de heer van Montfoort, belend aan de zeezijde: de erfgenamen van Jacob van Denemercken, aan de landzijde: Johan Pietersz., strekkende van de Haerdijk tot het gerecht van de vrouwe van Wulvenhorst. 23-10-1631: Maertge Jans Spruyt te Woerden, gehuwd met Gerrit Dircxz. Bemmel, bij dode van haar nicht Aeltge Cornelis Elbertsz. Spruyt die het leen had geërfd van haar vader Cornelis Elbertsz. 28-2-1635: Jan Willemsz. Ramp te de Haer na overdracht door Marijtge Jansdochter Spruyt. 28-2-1660: Jan Jansz. Ramp bij dode van zijn vader Jan Willemsz. Ramp en draagt het leen over aan Floris Borre van Amerongen. Bron: Repetorium op de lenen van de hofstad te Hontshol, 1253-1770 door C. Hoek | Ramp, Jan Jans (I2637)
|
| 3758 | NB. In ORA Reeuwijk is er sprake van den Gerrit Jansz Kievit en zijn vrouw Annetje Joppen (zijn dochter Jannetje trouwt met Jan Jansz Neuteboom). Bij de weerbare mannen van Reeuwijk in 1672 worden Dirck en Gerrit Jansz Kievit genoemd. In het Kohier van het gemaal 1680 te Reeuwijk kom ik geen Sijmon Jansz Kievit tegen (wel aanwezig in het document van J. Heemskerk). De moeder van Gerrit Jansz Kievit uit Randenburg is Joosgen Gerwertsdr, dochter van Gerwer Dircxsz en Ootgen Sijmonsdr (Belastingkohieren en genealogie: roulette of methode? van M.S.F. Kemp). --- RK dopen Reeuwijk 27-09-1704 Petronella; o. Dirck Sijmons Kievit en Jannetie (acatholica); g. Annetje Sijmens Kievit; Boskoop 22-10-1706 Aleidis; o. Dirck Sijmense Kievit en Jannetje (acath.); g. Annetje Sijmens Kievit; Boskoop 11-02-1709 Anna; o. Dirk Sijmense Kievit en Jannetje (acath.); g. Annetje Sijmens Kievit; Boskoop --- Zussen: Annetje Sijmens Kievit x Bouwen Bouwensz Swarteleeuw Aeltje Sijmens Kievit x Jan Jansz van Vliet Grietje Sijmens Kievit x Jan Willemsz Boer --- 21-4-1719: Jannetje Reiniers Boom, weduwe van Dirk Simonsz Kievit, aan de ene, Bouwen Swarte-Leeuw en Willem de Hond als voogden van Pieternelletje, 14 jaar, Aaltie, 12 jaar, en Simon Dirksz Kievit, 3 jaar oud, nagelaten weeskinderen van Dirk Simonsz Kievit en Jannetie Reiniers Boom. De vaderlijke erfenis is 4 gulden. De moeder zal de kinderen opvoeden en onderhouden. Bron: SMH, wk Gouda 19, fol. 97v (FS scan 381). | de Kievit, Dirk Simons (I1869)
|
| 3759 | NB. Isbrandt Jansz is reeds op 20-11-1667 te Moordrecht getrouwd met Marrigje Maertens Hoogervorst, dochter van Maerten Thonisz Hoogervorst. Dat lijkt niet te passen van een huwelijk van zijn ouders in 1650. Hij hertrouwt op 24-02-1669 met Neeltje Francke, weduwe van Frans Aelbertsz, en op 27-09-1671 met Marichje Cornelis van Zevenhuizen. Er zijn dus twee mogelijkheden: 1) Jan Willemsz Goutsblom en Jan Willemsz timmerman zijn dezelfde persoon, maar dan is hij niet getrouwd met Leentgen Cornelisdr. 2) Jan Willemsz Goutsblom en Jan Willemsz timmerman zijn niet dezelfde persoon. Barber Ariens is volgens het hoofdgeld van Moordrecht van 1613. --- NH dopen Moordrecht: 27-02-1656 Willem; o. Jan Willemsz en Leentje Cornelis --- Arien Jacob Ingen, grootvader en voogd van de nagelaten weeskinderen van Barber Ariens zaliger, verwekt bij Jan Willemsz timmerman, mitsgaders Willem Vernes schout, Jan Maertensz Bruijn en Pieter Dircxsz Hooijmaeijer, weesmannen van Moordrecht, machtigen voornoemde Jan Willemsz timmerman om te eisen van Trijntgen Nanen, weduwe van Jan Arien Jacobsz, een staat en inventaris van haar goederen die ze tijdens het overlijden van Jan Arien jacobsz bezat. Bron: SAMH, ONA Moordrecht (toegangsnr. 0048), inv.nr. 6103, d.d. 17-03-1660 (FS scan 254) --- Jan Willemsz timmerman, onze inwoner, heeft aan Cornelis Jansz, zijn zoon, in voldoening van zijn uitkoopbrief en moederlijke erfenis getransporteerd een huis en erf gelegen in het dorp Moordrecht op de Hoge IJsseldijk, strekkende van de dijk tot de IJssel, belend ten oosten Dirck Goossensz de Bruijn en ten westen heer Pieter van Groenendijck; met nog gereedschap. Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 0019), inv.nr. 49, fol. 248, d.d. 28-02-1676 (FS scan 264) --- Jan Willemsz timmerman, onze inwoner, verkoopt aan Maria Aerts van Enckel, bejaarde ongehuwde dochter, wonende in de stad Gouda, de helft van een huis en erf, gelegen in het dorp Moordrecht, strekkende van de Hoge Zeedijk tot het Buurpad, belend ten oosten de Buursteeg en ten westen Aelbert Jansz Touw of diens kinderen. Betaald met een obligatie van 700 gulden. (Er is sprake van een oude eigendomsbrief waarbij het huis en erf aan Arij Jacob Ingen zaliger is opgedragen.) Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 0019), inv.nr. 49, fol. 314, d.d. 10-01-1678 (FS scan 330) --- Jan Willemsz timmerman, als grootvader en voogd van de nagelaten weeskinderen van Isbrandt Jansz metselaar zaliger, verkoopt aan Pieter Wouterse Verkouter een huis en erf gelegen in het dorp Moordrecht, strekkende van de Hoge Zeedijk tot de IJssel, belend ten oosten Pieter Goossensz de Bruijn en ten westen Cornelis Michielse van der Lee en Pieter Jacobsz Vosch. (Er is een oude eigendomsbrief d.d. 15-04-1616.) Belast met een rentebrief van 400 gulden toekomende Pieter Dircxsz Hoimaijer die de koper overneemt. Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 0019), inv.nr. 49, fol. 346, d.d. 28-02-1676 (FS scan 362) | Goudsblom, Jan Willems (I1191)
|
| 3760 | NB. Jan Jacob Woutersz alias Jan Bouwensz. --- Jan Jacopsz, Claes Jacopsz en Gheerloff Jacopsz, broers, ieder voor zichzelf, Elbert Jansz, getrouwd met met Hillegont Jacopsdr, Meijz Jacopsdr, weduwe van Gerrit Gerritsz Twaloffhoven met Gerrit Gerritsz, haar oudste zoon en voogd, Cornelis Woutersz voor zichzelf en als voogd over zijn zuster Jonge Marijtgen Woutersdr en mede als voogd over zijn zusters Ouwe Marijtgen en Claertgen Woutersdr, kinderen van Wouter Jacopsz, nog Claes Cornelisz uit naam van zijn overlden moeder Lijsbeth Jacopsdr, allen kinderen van Jacob Woutersz. Boedelscheiding van 30-05-1583. Jan Jacopsz, Meijns Jacopsdr en de kinderen van Wouter Joopsz ontvangen samen de hofstede in Zwammerdam met huis, berg en beplanting met de lasten, nu door Antonis Cornelisz in huur gebruikt, getaxeerd op 3000 gulden. Meijns Jacopsz zal aan Jan en de kinderen van Wouter 100 gulden uitkeren. Elbert Jansz en Hillegont Jacobsdr ontvangen 3 morgen leenland in Oud Bodegraven in de polder van de Zuidzijde, getaxeerd op 500 gulden. Nog ontvangen zij een Inhoud 2: Cornelisz Roeloffsz, hoofdsom 1100 gulden, waarvan 150 gulden gaat naar het leen in Oudbodegraven in de polder van de Zuidzijde. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 15, p. 57v, d.d. 30-12-1585 --- Cornelis Woutersz voor zichzelf, mede voor Oude en Jonge Marijtgen Wouterdr, zijn zusters, Adriaen Gerritsz Vrij de Jonge, getrouwd met Claertgen Woutersdr, verkopen aan Jan Jacopsz en Pieter Willemsz Verhouff, zijn zwager, 1/3 deel van eenhofstede te Zwammerdam, hen als erfdeel toekomend door het overlijden van hun grootouders Jacop Woutersz en Marijtgen Jansdr. De hofstede met huis, berg en schuur en 17 morgen land, strekkend uit de Rijn over de kade, belend ten oosten Jan Hagenszen ten westen voornoemde Pieter Willemsz Verhouff als bruiker, met nog 4 morgen strekkend van de voornoemde kade tot de Tempeldijk, belend ten oosten de Wonne en ten westen Voshol en de Wijk; nog 3 1/2 morgen land in de Wonne, strekkend van de Groeneweg tot de Zijdenweg toe, belend ten zuiden de Vrouwe van Bredenroede met Anthonis van Nesse en ten noorden Cornelis van Nijecop; nog 8 morgen land in de Wonne strekkend van de Groeneweg tot de Zijdenweg, belend ten zuiden Lenert Toenisz en ten noorden Jan Daenen. De kopers neme Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 15A, p. 1, d.d. 18-06-1590 --- Pieter Willemsz Verhoeff ter eenre en Jan Jacop Woutersz, bijgenaamd Jan Bouwensz, als grootvader en bloedvoogd van de onmondige kinderen van Marijtgen Jansdr, zijn overleden dochter en Pieter Willems voornoemd, genaamd Cornelis en Willem Pietersz, Annichgen en Geertgen Pietersdr met Elbert Jansz, als oudoom en medevoogd van moederszijde, ter andere. Op 17-04-1592 is over de moederlijke nalatenschap beslist. De kinderen ontvangen 1/6 deel van een bruikweer, eertijds gekomen van JacopWoutersz en Marijtgen Jansdr als grootouders van de moeder der weeskinderen, met 1/6 deel van een huis, berg en schuur, die hun vader Pieter Willemsz tot nu toe toebehoorde, de bruikweer is groot 17 morgen, strekkend uit de Rijn over de kade, belend ten oosten Jan Hoogersz en ten westen de voornoemde Pieter Willemsz, als bruiker; nog 4 morgen, strekkende van voornoemde kade tot de Tempeldijk, belend ten oosten de Wonne en ten westen Voshol en de Wijk; nog 3 1/2 morgen land in de Wonne, strekkend van de Groeneweg tot de Zij Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 15A, p. 50, d.d. 07-06-1593 --- Quijrijn Joppensz, schout van Bodegraven draagt over op de vier kinderen van Pieter Willemsz Verhoeff en Marijtgen Jan Bouwenzndr, beiden overleden, Marijtgen voornoemd was zijn eerste vrouw, 11 hond land in de Wonne, strekkend van Zijden of Oestcop tot de Groeneweg, belend ten noorden de erfgenamen van voornoemde Jan Bouwensz en ten zuiden de erfgenamen van Arendt van Riedtwijck. Dit land was door Joppensz voornoemd op 22-12-1594 gekocht van de Staten van Holland. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 15A, p. 154, d.d. 14-12-1602 --- Mees Aertsz voor zichzelf en als broer en voogd van Hantgen Aertsdr, met procuratie zijn broer van Jan Aertsz, wonend te Zevenhuizen, van zijn zuster Marritgen Aertsdr, wonend te Lopik, en van Adriaen Adriaensz, man en voogd van zijn zuster Gerrichje Aertsdr, wonend te Nieuwpoort, Cornelis Jansz Jonge Neel, man en voogd van Trijntgen Adertsdr, Adriaen Cornelisz alias Adriaen Vriesen Kors en Aert Leenertsz, broers (?), ieder voor zichzelf, Leenert Korsz als vader en voogd van zijn kinderen Dirck Leenertsz, Ghijsgen en Lijsbeth Leenertsdr, geboren bij zijn overleden vrouw Annichgen Aertsdr, allen erfgenamen van Pieter Aertsz van Clevesteijn, die woonde op de Burch, Jan Gerritsz voor zichzelf, Jan Bouwensz, man en voogd van Hennichgen Gerritsdr, Aert Dirck Aertsz voor zichzelf en opkomend voor zijn moeder Marijtgen Dirck Aertsdr weduwe, met procuratie van Jan Rijckens, wonend te Linschoten, man en voogd van Ghijseltgen Dircksdr, van Jan Korsz, wonend te Amsterdam, en voor diens broer Jan (!) Korsz, wonen Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 15A, p. 154v, d.d. 05-02-1603 --- Mees Aertsz voor zichzelf en als broer en voogd van Hantgen Aertsdr met procuratie van zijn broer Jan Aertsz, wonend te Zevenhuizen, van zijn zuster Marritgen Aertsdr, wonend te Lopik en van Adriaen Adriaensz, man en voogd van zijn zuster Gerrichje Aertsdr, wonend te Nieuwpoort, Cornelis Jansz Jonge Neel, man en voogd van Trijntgen Aertsdr, Adriaen Cornelisz alias Adriaen Vriesen Kors en Aert Leenertsz, broers (?), ieder voor zichzelf, Leenert Korsz als vader en voogd van zijn kinderen Dirck Leenertsz, Ghijsgen en Lijsbeth Leenertsdr, geboren bij zijn overleden vrouw Annichgen Aertsdr, allen erfgenamen van Pieter Aertsz van Clevesteijn, die woonde op de Burch, Jan Gerritsz voor zichzelf, Jan Bouwensz, man en voogd van Hennichgen Gerritsdr, Aert Dirck Aertsz voor zichzelf en opkomend voor zijn moeder Marijtgen Dirck Aertsdr weduwe, met procuratie van Jan Rijckens, wonend te Linschoten, man en voogd van Ghijseltgen Dircksdr, van Jan Korsz, wonend te Amsterdam, en voor diens broer Jan (!) Korsz, wonend i Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 15A, p. 158v, d.d. 09-04-1603 | Wouters, Jan Jacob (I3607)
|
| 3761 | NB. Jan Pieterse Kleijn en Jaapje Leenderts zijn getuigen bij de doop van Maartje, de dochter van Teunis Dirkse Levelangh en Betje Pieters Kleijn die op 14-9-1687 remonstrants wordt gedoopt te Zevenhuizen. Pieter Jansz Cleijn vernoemt dus een van zijn kinderen naar zijn zus Betje. --- 6-8-1617: Grietgen Commers, weduwe van Jan Cornelisz Cleijn, geassisteerd door Cornelis Commersz, haar broer en voogd, verticht tegen Annetgen Jans, Merritgen Jans, Leentgen Jans, Betgen Jans, Cornelis Jansz en Pieter Jansz, nagelaten kinderen van voornoemde Jan Cornelisz, waarvan de voogd is Pieter Cornelisz Cleijn, die Aernt Cornelisz Cleijn vervangt. Bron: SAR, wk Hillegersberg 2070, fol. 85 (scan 88/287) 2-5-1638: Jan Leenertsz van der Houck, voor zichzelf, Cornelis Pietersz van der Vliet, als grootvader en voogd van het weeskind van Maertgen Leenertsdr, verwekt bij Jan Cornelisz van der Vliet, Dirck Roecken als oom en voogd van het weeskind van Cornelis Leenertsz van der Houck, verwekt bij Aeriaentgen Jansdr, en Pieter Jansz, getrouwd met Neeltgen Leenertsdr, voor zichzelf, erfgenamen van Leenert Cornelisz van der Houck en Maertgen Roeckendr, beiden overleden, verkopen aan Sent Sentensz een huis, erf en schuur in het zuideinde van Zevenhuizen bij de Zevenhuizenhoek, belend ten oosten de landscheiding, ten westen de Heren Hogenweg, ten zuiden de Heerweg "De Zevenhuizen Hoek" en ten noorden Aerien Aelwijnsz. Betaald met een custingbrief van 1.200 gulden. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 54, fol. 66v (FS scan 74/318) 8-4-1649: Cornelis Jansz Cleijn, Pieter Jansz Cleijn, Pieter Eewoutsz, getrouwd met Leentgen Jansdr, Betgen Jansdr, geassisteerd door Cornelis Jansz Cleijn, haar gekozen voogd, en Jan Dircxsz van Wensveen als voogd van de weeskinderen van za. Dirck Aertsz, allen erfgenamen van Grietje Commersdr, in haar leven huisvrouw van Eewout Ockersz, transporteren aan Jacob Crijnen in 't Houdt een stuk land gelegen in de Swanlapolder, strekkende van de Rottekade oostwaarts tot Cornelis Lenert Matsz, belend ten noorden de erfgenamen van Eewout Ockersz en ten zuiden Jacob Crijnen in 't Houdt. Schuldbrief van 1.650 gulden volgt. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 57, fol. 140v (FS scan 143/664) 8-4-1649: Cornelis Jansz Cleijn, PIeter Jansz Cleijn, Pieter Eeuwoutsz, getrouwd met Leentgen Jansdr, Betgen Jansdr, geassisteerd door Cornelis Jansz Cleijn, haar gekozen voogd, en Jan Dircxs van Wensveen als voogd van de weeskinderen van za. Dirck Aertsz, allen erfgenamen van Grietge Commersdr, in haar leven huisvrouw van Eewout Ockersz, transporteren aan Gerrit Willemsz Levelangh een partij buitenland gelegen rondom in het water, belend ten westen en noorden de Oude Rotte en ten oosten en zuiden de Nieuwe Rotte. Schuldbrief van 250 gulden volgt. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 57, fol. 144v (FS scan 147/664) 18-5-1650: Willem Geenen Crijsman, onze buurman, verkoopt aan Pieter Jansz Cleijn een stuk land gelegen in de Swanlapolder, strekkende van Willem Geenen westwaarts tot Jan Cornelis Cleijns erfgenamen, belend ten noorden Gerrit Jacob Vrancken en ten zuiden de comparant, te verongelden voor 2,5 morgen in het molenboek en morgenboek. De koper moet gedogen dat het land onderpand is voor de vrijwaring van 3 morgen slagturfland, waaraan ook is verbonden het huis en erf waar Lenert Lendertsz Jonghenbogaert tegenwoordig in woont. Betaald met een custingbrief op naam van Maria Cornelis Hogenberch van 1.900 gulden. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 57, fol. 225 (FS scan 232/664) 6-11-1652: Fijtgen Pietersdr, weduwe van za. Cornelis Jansz Cleijn, verticht tegen Pieter Jansz Cleijn als oom en gestelde voogd van Maritgen, Jan, Pieter, Cornelis en Grietgen, haar kinderen, verwekt bij voornoemde Cornelis Jansz Cleijn, van alle goederen de kinderen aanbestorven door het overlijden van hun vader. Bron: SAR, wk Hillegersberg 2054, fol. 8 (scan 13/67) 3-2-1653: Fijtgen Pietersdr, weduwe van Cornelis Janssen Cleijn, heeft uitkoop gedaan tegen Pieter Janssen Cleijn als voogd van Maritgen Cornelis 16 jaar, Jan Cornelisz 15 jaar, Pieter Cornelisz 11 jaar, Cornelis Cornelisz 8 jaar en Grietgen Cornelisdr 4 jaar oud, haar kinderen verwekt bij voornoemde Cornelis Jansz Cleijn. De weduwe zal de kinderen opvoeden en onderhouden tot hun 18e. Ze krijgen dan 35 gulden en nog eens 10 gulden aan bruidskledij bij een huwelijk. Als onderpand geldt 4 morgen land met een huis, berg en schuur gelegen in de Boterdorpse polder, strekkende van de Bergweg tot de achterwetering, belend ten oosten Jacob Coenen en ten westen Jan Arijensz Decker, Cornelis Cornelis Diertsz en de weduwe zelf met 5 hond. Bron: SAR, ora Hillegersberg 1824, fol. 28v (scan 33/317) 23-1-1654: Pieter Jansz Cleijn, onze buurman, stelt tot verzekering van een custingbrief, waarvan nog 1.800 gulden openstaat, 100 gulden per jaar te betalen aan juffr. Maria Cornelis Hoogenberch, op 18-5-1650 gepasseerd voor het gerecht van Zevenhuizen, zijn huis, erf en schuur gelegen in het zuideinde van Zevenhuizen, belend ten westen de Heerweg, ten noorden en oosten Cornelis Lenert Huijbrechtsz en ten zuiden Aelbrecht Dircxsz. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 58, fol. 158v (FS scan 473/664) 4-12-1663: Ariaentje Crijnen, laatst weduwe van Leendert Leendertsz Jongenboogaert, geassisteerd door Jan Gerritsz Goor, haar zoon en gekozen voogd, transporteert aan Pieter Jansz Cleijn, onze inwoner, ca. 3 morgen, zowel land als water, met een schuur erop staande, genaamd De Knip, gelegen in de Swanlapolder, belend ten oosten de Oude Vaart, ten westen en noorden Claes Cornelisz van Alphen en ten zuiden Crijn Ariensz Muijs en de erfgenamen van Leendert Jacobsz van Velsen. Pieter Jansz Cleijn neemt het land over onder voorwaarde dat hij alle ongelden betaalt die horen bij het land en dat hij de weduwe zal kwijteren van een waarborgbrief d.d. 26-5-1650 die de overleden man van de comparante voor het gerecht van Zevenhuizen ten behoeve van voornoemde Pieter Jansz Cleijn had gepasseert. Bron: SMH, ora Zevenhuizen 61, fol. 100v (FS scan 412/574) | Cleijn, Pieter Jans (I4173)
|
| 3762 | NB. Matthijs Roelen gebruikt zelf de naam Van Eijck niet. Zijn kinderen gaan de naam gebruiken. Hij is in ieder geval niet de zoon van Cornelis Roelofsz van Eijck en Gerrigje Simons (I727). Op internet wordt Matthijs Roelen gekoppeld aan Cornelis Roelofsz van Eijck en Gerrichjen Elberts Abcou. In Zegveld komt alleen een Gerrigje Elbertsdr voor die is getrouwd met Jan Jansz. Zij is de dochter van Elbert Sijmonsz. --- NH dopen Zegveld: 04-1641 Cornelis; o. Thijs Roelen; g. vader en Thijs sijn swager 09-1642 ...; o. Thijs Roelen 07-01-1644 Gerridt; o. Thijs Roelen NH dopen Woerden: 26-08-1646 Zegerum; o. Thijs Roelen en Geertgen Pieterse NH dopen Zegveld: 24-09-1648 Ceuntje; o. Thijs Roelen NH dopen Woerden: 15-09-1651 Neeltgen; o. Tijs Roelen tot Segvelt en Geertgen Pieters Woerden NH dopen Zegveld: 12-02-1654 Mathijs; o. Mathijs Roelen en Geertje Pietersdr --- Tijs Roelen, wonende te Zegveld, nomine uxoris mede erfgenaam van Lobbrichgen Segeroms, is schuldig aan Sijmon Hendricxsz snijder 125 gulden vanwege geleverde eetbare waren. Ter vermindering van dit bedrag draagt hij over een gedeelte van de erfenis die hij als man en voogd van zijn huisvrouw door het overlijden van voornoemde Lobbrichgen Segeroms is aanbestorven. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8534, aktenr. 69, d.d. 27-12-1652 | Roelen, Matthijs (I2707)
|
| 3763 | NB. Mogelijk is Pieter Bastiaensz de zoon van Bastiaen Pietersz. Bastiaen Pietersz is de neef van de kinderen van Thamis Cornelisz en Stijntgen Bastiaensdr. Logischerwijs is Bastiaen Pietersz dus op zijn beurt weer de zoon van Pieter Bastiaensz, broer van Stijntgen Bastiaensdr. Nomb. 22 Marritje Arenden de weduwe van Bastiaen Pietersz tot 's Burghgraven haer graft 't welck sij gekoft heeft in 't jaar 1673 op den 6 7br ende betaelt volgens d'ordon. der kercke 6 gul. Bron: Leimuiden - NH begraven --- NH dopen Leimuiden: 03-11-1644 Annetge; o. Pieter Bastiaens; g. Leendert Meertens, Aeltge Bastiaens en Aeltge Jacobs 14-10-1646 Arent; o. Pieter Bastiaens; g. Wijrinck Willems en Aeltge Bastiaens 03-04-1650 Annetge; o. Pieter Bastiaens; g. Cornelis Bastiaensen en Aeltge Jacobs 22-12-1652 Maritge; o. Pieter Bastiaens; g. sijn broeder ende suster 02-04-1657 Aeltge; o. Pieter Bastijaensz; g. sijn broeder ende sijn wijff NH dopen Rijnsaterwoude: 17-09-1662 Bastiaen; o. Pieter Baestiaensz en Marritgen Jacobsdr; g. Cornelis Bastiaensz en Marritge Bastiaen; van Burgerveen --- Neeltgen Jansdr, weduwe van Jan Philipsz van der Haij, in zijn leven wonende te Burggraverveen onder Leimuiden, met de schout als gekozen voogd, voor de ene helft, mitsgaders Philips en Jacob Jansz van der Haijen als zonen, elk voor hen zelf, en Jacob Philipsz van der Haij als oom en bloedvoogd van Maritgen Jans, mondige ongehuwde dochter, kinderen en erfgenamen van voornoemde Jan Philipsz van der Haij, samen voor de andere helft, dragen over aan Sebastiaen Pietersz en Gerit Jansz Opsitter, beiden wonende te Burggraverveen, een perceel rietland gelegen te Leimuiden, belend ten oosten en zuiden Gerit Henricxsz, ten westen de kinderen van Grietgen Cornelis Huberden en ten noorden de weduwe van Willem Pietersz Loos, te verongelden voor 1/2 morgen. Custingbrief van 36 gulden volgt. Bron: ELO, ORA Rijnsaterwoude (toegangsnr. 124.1.11), inv.nr. 7, fol. 829, d.d. 25-04-1653 (FS scan 416; fol. 830 op scan 418) --- Jan Pieter Gijsz, wonende in Ter Aar, als voogd zich sterkmakende voor Jaepgen Jans, laatst weduwe van Adriaen Dircxsz, in zijn leven wonende te Burggraverveen, voor de ene helft, mitsgaders Cornelis en Dirck Adriaensz Hogeboomen als zonen, elk voor hen zelf, Jan Adriaensz Schipp te Amsterdam, getrouwd met Dirckgen Adriaensdr, nog voornoemde Cornelis Adriaensz Hogenboom als oom en voogd van de nagelaten weeskinderen van Dirck Willemsz Lagenboom, verwekt bij Maritgen Adriaensdr, allen kinderen, kleinkinderen en erfgenamen van voornoemde Adriaen Dircxsz, samen voor de andere helft, verkopen aan Pieter Bastiaensz en Jan Claesz, zwagers, beiden wonende te Burggraverveen, een huis, schuur en werf, gelegen te Leimuiden, belend ten oosten Thonis Jacobsz, ten zuiden Mees Pietersz, ten westen Bastiaen Arentsz en ten noorden de Rijsdrecht. Betaald met een custingbrief van 200 gulden. Bron: ELO, ORA Rijnsaterwoude (toegangsnr. 124.1.11), inv.nr. 8, fol. 77, d.d. 28-01-1654 (FS scan 48) --- Henrick Claesz Rietvelt, voljaarde zoon, voor hem zelf, en Jacob Henricksz Decker, beiden wonende te Burggraverveen onder Leimuiden, als oom en bloedvoogd van Jan Evertsz en Bastiaen Claes, zonen, en Hillegont Claesdr, minderjarige nakinderen en daarom erfgenamen van Claes Henricxsz Decker, in zijn leven wonende te Burggraverveen, dragen over aan Sebastiaen Pietersz, mede buurman en inwoner van Burggraverveen, een huis, schuur en werf gelegen te Leimuiden, belend ten oosten Cornelis Harmansz, ten zuiden Jan Willemsz Hogenboom, ten westen Cornelis Dircxsz Koestraet en ten noorden de Rijsdrecht. Betaald met een custingbrief van 650 gulden. Bron: ELO, ORA Rijnsaterwoude (toegangsnr. 124.1.11), inv.nr. 8, fol. 97, d.d. 12-03-1654 (FS scan 58) | Bastiaans, Pieter (I220)
|
| 3764 | NB. Op 17-2-1641 wordt te Oudewater gedoopt Daem, de zoon van Pieter Janssen in Hekendorp. Deze vader wordt later Pieter Jansz Trijnties genoemd (RHCRL, ona Oudewater 1894, aktenr. 107). Daem Pietersz is voor 25-4-1681 overleden (RHCRL, ona Oudewater 1910, aktenr. 7). --- NH dopen Oudewater: 08-02-1671 Johannes; o. Daem Pieterssen uijt Hekendorp NH dopen Bodegraven: 17-11-1675 Leendert; o. Daam Pietersz van der Lee en Geertje Damen [Reeuwijk] RK dopen Reeuwijk: 22-01-1684 Adrianus; o. Arijen Aertsen Jammaet en Geertie Daemen; g. Aert Adriaensen Jammaet en Marrichie Cornelis [Reeuwijk] Daem Pietersz met zijn vrouw, een kind boven de 10, 3 kinderen tussen 4 en 10 jaar, een hulp. Bron: Reeuwijk - Kohier van het gemaal 1680 --- 4-3-1692: Merrichjen Lamberts Verhoeff, eerste weduwe van Daem Pietersz van der Lee en laatst van Jasper Gijsen Camerick, wonende in het Westeinde van Waarder, testeert. Ze revoceert het testament van 4-9-1691 gepasseerd bij notaris Beuckel van der Hout en getuigen, evenals voorgaande testamenten. Haegje Damen van der Lee, dochter van Geertjen Damen van der Lee, verwekt bij Daem Pieterssen van der Lee, krijgt na haar overlijden haar hofstede met ca. 9 morgen 3 hond land, gelegen in het Westeinde van Waarder, strekkende van de Ruigeweidse landscheiding tot de Waardsewetering, belend ten oosten Jan Willemsz Boerefijn c.s. en ten westen Cornelis Willemsz Pols als bruiker. Haegje Damen van der Lee moet daarvoor 1.000 gulden inbrengen in de boedel en 50 gulden uitkeren aan Daem Pieterssen van der Lee, zoon van Pieter Damen van der Lee, overleden aan de Driebruggen. Ze benoemt tot haar erfgenamen haar zoon Leendert Damen van der Lee, wonende te Aarlanderveen, haar dochter Pietertje Damen van der Lee, wonend Bron: RHCRL, ona Woerden 8559, aktenr. 61 (scan 172/333). | van der Lee, Daam Pieters (I2053)
|
| 3765 | NB. Tot 1729 is het aardig duidelijk hoe het leven van Jan Houthof eruit ziet. Daarna is er onduidelijkheid. Is Magteld vlak in 1727 overleden? Is het deze Jan die hertrouwt met Aeltje Pieters Verlaen (en waar)? *** NH dopen Harmelen: 19-02-1719 Jannigje; o. Jan Janze Houthov --- Naam: Magtelt Jans van 't Hoff Hoedanigheid: geldnemer, koper Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8557, aktenr. 125, d.d. 28-01-1719 --- Naam: Jan Harmensz van 't Hoff (erven van) Hoedanigheid: transportant Type akte: transport Inhoud: Huis en erf te Nieuwerbrug. Retroacta: Notaris D. van Beke, boedelscheiding 18 september 1714. * Naam: Jan Jansz Outhoff Hoedanigheid: transportant * Naam: Machteld Jans van 't Hoff Hoedanigheid: huwelijkspartner Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 5, aktenr. 4, fol. 4, d.d. 20-01-1727 --- Barend Danielsz Vergunst, wonende te Aarlanderveen, ter eenre en Jan Janse Houthof, wonende te Alphen, ter andere zijde. Vergunst geeft uit in erfpacht aan Houthof 450 roeden land in Alpherhoorn, strekkend uit de Rijn over de Rijndijk tot het land van Cornelis Sijmonsz van Leeuwen, belend ten oosten de weduwe van Jan Meurs, ten westen president Rosenboom. Hoofdsom 500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 31, p. 89, d.d. 09-03-1729 *** NH dopen Alphen: 22-04-1731 Cornelia; o. Jan Houthoff en Lammertje Rijke Vermeulen; g de moeder zelfs NB dit is onecht 23-08-1733 Marrigje; o. Jan Jansz Houdhof en Aeltje Pieters Verlaen; g. Aeltje Bouwes Verkerk | Houthof, Jan Jans (I1495)
|
| 3766 | NB. Vanwege de trouwinschrijving van Salomon Rogiers/Reiniers Blankerts ga ik er vanuit dat Reinier en Rogier Joris Blankerts één en dezelfde persoon is. --- NH dopen Katwijk a/d Rijn: 26-12-1615 Janetge; o. Rogier Jorisz Blanckert 09-07-1617 Salomon; o. Rogier --- "Rogier Blankaert wonende tot Reijnsburch ende bekende bij desen voor hem ende zijnen erven wel ende deuchdelicken schuldich te wesen Aelwijn Andriesz W... tot Valckenburch die somme van tween vijftich gulden ende thien stuvers" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 161, aktenr. 66, d.d. 14-03-1623 --- * Joris - 13-04-1635 ondertrouw: Joris Reijniersz Blanckaert backer, j.m. van Oestgeest, en Grijetgen Cornsdr de Ruw; zijn getuige is Reijnier Jorisz Blancquart, zijn vader tot Reijnsburch. NH dopen Katwijk a/d Rijn: a. 18-10-1637 Aechgen; o. Joris Blankaert; g. Cornelis Danielsz de Rouw [schoonvader] en Jannetje Cornelis de Rouw b. 25-04-1639 Aaron; o. Joris Blanckaert; g. Jacob Blanckaert, Maritjen Pieters [van Schenaert] en Annetjen Cornelis b. 16-12-1640 Reijnier; o. Joris Blanckaert; g. Salomon Rogiers en Catelintien Joris c. 09-11-1642 Maertje; o. Joris Blanckaert; g. Elias Woets, Maertje Pieters en Aefge Pieters d. 01-1645 Machtelt; o. Joris Blanckaert; g. Anthonij Hendricsz Tuis, Aeltje Jacobs en Gerritje Gerrits e. 14-02-1646 Kornelis; o. Joris Blankaart; g. Kornelis Danielsz de Rouw, Antonij Hendriksz Tuijt en Gerritje Gerrets f. 11-03-1648 Marijtien; o. Joris Blanckart; g. Daniel Cornelis Dru, Aeltien Jacobs Verweij en Reijntien Blanckards 13-03-1658 ondertrouw: Joris Blanckaert, wed. van Grietgen Cornelis de Rou, en Annetgen Vromans "Samuel Josijasz van Covij wonachtich tot Valckenburch te kennen gevende hij comt. vernt. dat hij aen Joris Blanckaert wonachtich binnen dese stede soo van geleenden gelde verschoten segt als andere sints deuchdelic schuldich is de some van t'sestich guldens tot xl groten t'stucks" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 758, aktenr. 82, d.d. 07-04-1652 Franchoys de Heger en Joris Reynyerssen, Cornelis Danyëlsz. de Ruw, opkomend voor zijn schoonzoon, Joris, naaste buren. De Heger is bezig met een verbouwing op zijn erf, en mag hiermee doorgaan, mits hij de scheidsmuur tussen de erven schoort. Adres: Pieterskerk-Choorsteeg. Oud adres: Kerksteeg, noordzijde Bron: ELO, Buurquestieboeken, inv.nr. 48F, fol. 51, aktenr. 2205 * Samuel "sr. Jacob Baelde coopman tot Amsterdam als besteder ter eenre, ende Jacob van den Kellenaer verwer als aennemer ter andere sijde, ende bekenden sij compten voornt. niet ende weder niet besteet ende aengenomen te hebben, Samuel Blanckaert in manieren hier naer volgend op te weeten dat Samuel Blanckaert voorn. voor de tijt van twee achtereenvolgende jaren, inne gaende op meije age eerstcomende deses jaers xvje sevende .. bij den voorsz Kellenaer inde kost inne woonen sal" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 430, aktenr. 52, d.d. 17-04-1637 "Samuel Josijasz van Coveij vlasser woonende tot Valckenburch, ende verclaerde hij comparant vercost getransporteert gecedeert ende in vrijen eijgendom afgegeven te hebben (...) aan ende ten behoeve van Samuel Reijniersz Blanckert ondermr. opde Valckhove Catreijne" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 925, aktenr. 165, d.d. 2?-10-1657 | Blankerts, Rogier Joris (I312)
|
| 3767 | NB: Cornelis Dircksz Koelewijn heeft dus twee zoons die hij Dirck heeft genoemd: Dirck Cornelisz Koelewijn de oude en Dirck Cornelisz Koelewijn de jonge. Op 5 januari 1724 ondertrouwt Dierk Cornelissen Coelewijn (de oude) met Aagje Claas Blomhoorn uit Vriezekoop. Op 20 februari 1734 ondertrouwt Derk Cornelissen Coelewijn met Catharina Jacobs Hogeveen uit Kudelstaart. In de akte uit 1739 wordt niet gesproken over halfbroers, dus ze zullen allebei geboren zijn uit Annetje Dirks Neeloom. --- NH dopen De Kaag: 16-01-1735 Cornelis; o. Derk Cornelisse Coelewijn en Geertjen Harkes; g. Willem Maartense van den Urm en Willemtje Cornelisse Coelewijn 09-11-1736 Annetjen; o. Derk Cornelissen Coelewijn en Geertjen Harkes; g. Willem Maartense van den Urm en Willemtje Cornelissen Coelewijn 18-04-1739 Cornelis; o. Derk Cornelisse Koelewijn en Geertjen Arkens 19-11-1741 Cornelis; o. Derk Cornelisse Coelewijn de jonge en Geertjen Harkes; g. Hilletje Corneliszen 12-03-1747 Willem; o. Derk Cornelisse Koelewijn de jonge en Geertje Harkes; g. Hilletje Cornelisze --- den 22e novemb. 1728 acte prodeo gegeven om 't lijk van de huijsvrouw van Dirk Cornsz Coelewijn Krijntje Gts overleeden in de Cage te begraven. op den 25 aug 1736 acte prodeo gegeven aen Dirk Cornelisse Coelewijn wegens het lijk van zijn kindie overlede inde Cage genaemt Cornelis Dirkse Coelewijn omme aldaer te begraven. op den 22 april 1739 acte prodeo gegeven aan Dirk Corn. Coelewijn de jonge wegens een kindie genaamt Corn Dirkse Coelewijn overlede inde Cage ende aldaer te begraven. Bron: Alkemade - Registers van ontvangst van de impost op het begraven --- Dirk Cornelisz Koelewijn de oude, weduwnaar van Aagje Klaas Blomhoorn, wonende in De Kaag onder Alkemade, aan de ene, en Dirk Cornelisz Koelewijn de jonge, wonende mede in De Kaag en Gerrit Klaasz Blomhoorn, wonende te Vriezekoop onder Leimuiden, beiden ooms van het nagenoemde kind, door de eerste comparant uit kracht van het testament d.d. 31-10-1725 gepasseerd bij notaris Isaac Angelkot te Amsterdam, gekozen voogden van Cornelis Dircksz Koelewijn, 6 jaar oud, nagelaten kind van voornoemde Aagje Klaas Blomhoorn, verwekt bij de eerste comparant, aan de andere zijde. De vader zal het kind opvoeden en onderhouden. Hij houdt alle goederen in de boedel en zal zijn zoon bij mondigheid of huwelijk uitkeren 200 gulden. Bron: Noord-Hollands Archief, ONA Aalsmeer (toegangsnr. 185), inv.nr. 95, aktenr. 93, d.d. 23-02-1734 (FS scan 294) --- "Dirk Cornelis Koelewijn rapen schipper woonende in de Kaag & Geertje Harkes egte luijden mij notaris door de nagemelde getuijgen bekend gemaakt beijden gesond gaande & staande (...) haar moeder Elitje Cornelis wedue van Harke Willems Waker woonagtig tot Broekerhaven bij Enkhuijsen soo verklaarde zij testatrice de gemelde haere moeder tot haar meede erfgenaem te noemen & te stellen " Bron: SA Amsterdam, ONA Amsterdam (toegangsnr. 5075), inv.nr. 8519, aktenr. 573, d.d. 28-10-1734 --- "de eerbare Willempje Cornelis van Coelewijn wede. en boedelhoudster van Willem Maertens van der Orm woonende inde Kaag dog op 't passeeren deses sijnde alhier ter steede (...) heeft sij compte. dienvolgende over alle deselven, ende ijder van hun tot absoluijte voogden versogt gesteld ende gecommitteert gelijk sij doet bij deesen Dirk Cornelis Coelewijn de jonge, en Hendrik Maertens van der Orm haer broeder en swager respecte. ende bij overlijden of voor overlijden van haar voorne. broeder als dan haar comptes. andere broeder Dirk Corn. Coelewijn den oude, ende mede bij overlijden ofte voor overlijden van haar swager, als dan in deselfs plaetse Arij Maertens van der Orm meede haar comptes. swager" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 2028, aktenr. 93, d.d. 25-04-1739 | Koelewijn (De Jonge), Dirk Cornelis (I1931)
|
| 3768 | NB: In 1758 is te Sassenheim een Cornelis Dirksz Koelewijn getrouwd met Maartje Alders Paling. De vader van deze Cornelis is waarschijnlijk eerst getrouwd geweest met Aagje Claes Blomhoorn en daarna met Caatje/Catharina Jacobs Hogeveen. --- NH dopen Noordwijk: 21-03-1773 Dirk; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Jakob Dirksz Kreekel en Annetje Dirksdr Koelewijn 28-08-1774 Gerrit; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Gerrit Dorland en Geertrui de Zoeten 31-03-1776 Willem; o. Kornelis Dirksz Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Willem Dirksz Koelewijn en Antje Huibertsdr Kooij 05-04-1778 Bruin; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Jakobus Struiken en Annetje Dorland 26-03-1780 Jakob; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Jakob Koelewijn en Antje Koelewijn 03-03-1782 Jannetje; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Jakobus Struijke en Annetje Dorland 27-06-1784 Jan; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Jan van Nie en Jannetje van Nie, weduwe van Weigman van Duikeren 03-09-1786 Pieter; o. Kornelis Koelewijn en Neeltje Dorland; g. Jakobus Struijke en Annetje Struijke --- "d'eersame Cornelis Dirkse Koelewijn, schipper van Noordwijk op Amsterdam en d'eerbare Krijntje Korse Zuijthoek egteluijden woonende te Noordwijk, dog jeegenwoordig binnen deeze stad" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 1769, aktenr. 279, d.d. 12-05-1769 | Koelewijn, Cornelis Dirks (I1928)
|
| 3769 | NB: In dezelfde tijd woont er nog een Hendrik Weijland in Leiden. Hij is getrouwd met Barbara Muurbreker en is biersteker van beroep. In 1684 hertrouwt deze Hendrick [Jansz] Weylandt met Grietge van Heusden. --- NH dopen Leiden: 22-09-1682 Isaac; o. Heijndrick Weijlandt en Claesjen Smal-bendt; g. Jacobus Mager, Jan Thijssen en Margriet Mager 19-08-1685 Isaak; o. Henrik Wijland en Claasje Wijland; g. Jacob Magaar, Grietje Gijsbregtsdr en Aagje Pietersdr 12-01-1687 Jan; o. Hendrik Weijland en Claasje Smalbeen; g. Gerrit Wurtz en Cornelia Walschap 11-11-1688 Jannetje; o. Hendrik Weijland en Claesje Smaelbeen; g. Maria Claes 08-11-1690 Heijndrik; o. Heijndrik Weijland en Klaasjen Smalbeen; g. Korsijntjen Kocks 01-01-1692 Margrijt; o. Hendrik Wijland en Klaasje Smalbeen; g. Pieter van Koeson en Aghtje Pietersdr 19-04-1693 Maria; o. Hendrik Weiland en Klaasje Smalbeen; g. Kornelis Maager en Rachel Daniels 20-01-1696 Henric; o. Henric Wijland en Klaasje Smalbeens; g. Isaac Gijsberts Roskam, Cornelis Mager, Roelofje Greels en Stijntje Greels 27-01-1697 Katrina; o. Hendrik Weijland en Klaasje Smalbeen; g. Pieter Jansse en Stijntje Kok 05-08-1698 Catrijntje; o. Hendrick Wijnland en Claasje Smalbeij; g. Neeltje van Leeuwen --- Servaes Paulusz, Pieter Blom, Warnaer Jansz de Graeff, Jan Coppee, Maerten Maertensz, Jan Pietersz Backer en Jakob Lettingh legden een verklaring af ten behoeve van Hendrick Wijlant. Ze waren acht dagen geleden iets aan het drinken in de herberg Rustenburgh onder Oegstgeest en speelden een kegelspel. Toen kwam Hendrick van Alphen, kleermaker, wonend op het Levendael, met o.m. zijn vrouw "die te samen eenigh rumoer onder den andere maeckte als sijnde soo sij compten konde oordeele alle beschoncke". Er ontstond ruzie waarbij uiteindelijk een mes werd getrokken door. Jakob Lettingh dreigde met een kegel in de hand terug te slaan als het mes niet opgeborgen werd. Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 1298, aktenr. 108, d.d. 19-07-1679 | Weiland, Hendrik Isaacs (I3507)
|
| 3770 | NBH14 Cornelis Cornelisz Clip 9m + huis 1586- NBH14 Cornelis Cornelisz Clip x Marrigje Gerrits x 1580? NBH14 Marrigje Gerrits x Cornelis Cornelisz Clip x 1580? NBH14 Annigje Cornelisdr Clip x Jan Dirk Jans x 1607? R827 32 1586 koopt huis + 9m in Benedenheul R827 77v 1590 vrouw erft. Maarten Gerrits genoemd R851 193 1591 schuld aan Cornelis Brants; pand 9m + hofstede, voorwet. tot landsch., oost Claas Jan Wouters west Cornelis Brants NA GDA 10 f68v 2/7/1598 get. verkl. dat Cornelis Clip met kazen te koop op de markt te Gouda heeft gestaan NA GDA 2a index 17/3/06 test. Cornelis Cornelisz Clip x Marrigje Gerrits (STW) [akte verloren gegaan] R828 113 1607 HV. Cornelis x Niesje; zijn kant Cornelis Willems Backer Liefkint, Jan Dirks Treest procureur NA GDA 2a index 25/3/10 test. Marrigje Gerrits (STW), wed. Cornelis Cornelisz Clip [akte verloren gegaan] R839 44 1631 Annigje x Cornelis Bron: Bewoningsgeschiedenis Stolwijk voor 1700 [Hogenda/J. de Jager en H.M. Kuypers] | Clip, Cornelis Cornelis (I3959)
|
| 3771 | NBN12 Aalbert Willems 1595 wed. 9m + huis 1628 NBN12 Aalbert Willems x Machteltje Simons x 1580? NBN12 Machteltje Simons x Aalbert Willems x 1580? Bron: Bewoningsgeschiedenis Stolwijk voor 1700 (Hogenda/J. de Jager en H.M. Kuypers) | Willems, Aalbert (I4051)
|
| 3772 | NBN12 Willem Aalberts Stolwijck x Marrigje Aarts x 1623 NBN12 Willem Aalberts Stolwijck xx Geertje Claas Ockers (NIY) x 1630? -> Waarder Bron: Bewoningsgeschiedenis Stolwijk voor 1700 (Hogenda/J. de Jager en H.M. Kuypers) --- Willem Aelbrechtsz, wonende te Stolwijk, getrouwd met Geertge Claes Ockeren, nomine uxoris, verkoopt aan Ocker Claesz, zijn zwager, de helft van een stuk land in de Essepolder onder Nieuwerkerk, waarvan de koper de andere helft bezit, strekkende in het geheel van de zuidkant van de Hogeweg van 's-Gravenweg zuidwaarts tot de IJssel, belend ten oosten Bastiaen Thonisz en Stijntge Gerrits en ten westen Reijnier Jansz Vos, te verongelden in het morgenboek voor 2 morgen 1,5 hond en in het molengeld voor 3 morgen. Betaald met een obligatie van 800 gulden. Bron: SAMH, ORA Nieuwerkerk a/d IJssel (toegangsnr. 27), inv.nr. 35, d.d. 30-07-1631 (FS scan 28) --- Geertjen Pietersdr, weduwe en boedelhoudster van Cornelis Dircksz vant Hoff, in zijn leven wonende te Waarder, geassisteerd door Pieter Willemsz Ramp, wonende in het Weiland van Bodegraven, haar gekozen voogd, aan de ene, en Adriaen Dircksz vant Hoff als gerechte bloedvoogd van vaderskant van Trijntjen Cornelisdr, nagelaten weeskind van voornoemde Cornelis Dircksz vant Hoff, verwekt bij voornoemde Geertjen Pieters, aan de andere zijde. Vertichting. In de marge: Trijntjen Cornelis, nu mondig, is op 14-06-1664 voldaan van haar vaderlijke erfenis. De weduwe houdt alle goederen in de boedel en zal het weeskind opvoeden en onderhouden. Het weeskind krijgt op haar 18e een bedrag van 60 gulden. Fol. 5 (FS scan 15): Reijer Claesz Timmerman, wonende aan de Nieuwerbrug, als man en voogd van Geertjen Pieters, weduwe van Cornelis Dircksz vant Hoff, heeft ontvangen vanwege Trijntjen Cornelis vant Hoff, de voordochter van zijn vrouw en het nagelaten weeskind van Cornelis Dircksz van t'Hoff 60 gulden met verlopen, die in bewaring was bij Bouwen Florisz van Beeckenesse. Bron: RHCRL, WK Waarder (beh.nr. R077), inv.nr. 1, fol. 1, d.d. 21-11-1642 (FS scan 8) --- Pieter Willemsz Besten, Pieter Diertensz Ramp en Joost Ariensz uit Hol, met procuratie van Leendert Ockertsz van Stolwijck, Willem Albertsz van Stolwijck, Leendert Jansz Claren, Gerrit Sijmonsz Swartendijck, Jan Jacobsz Heijningen en Pieter Gerritsz c.s., allen geburen en ingezetenen van de Zwartendijk en het Hol van Waarder [onder Driebruggen], machtigen Hiob de Vos, procureur voor de Hoge Raad en het provinciale hof van Holland in naam van Jan Pancken, Leendert Ockertsz, Willem Albertsz, Pieter Claesz int Hout, Leendert Jansz, Gerrit Sijmonsz, Roeloff Jansz Stolck, Willem Cornelisz, Thonis Hendricxsz, Panck Dircxsz, Daem Pietersz, Jacob Claesz weduwe, Jacob Claesz, Tonis Jan Francken en Pieter Floren in de zaak tegen Pieter Willemsz Ramp, Gijsbert Willemsz Ramp, Willem Jansz, Cornelis Geerloffsz en Wouter Dircxsz, ingelanden van Kort-Waarder gelegen in de Westeinder polder van Waarder, mitsgaders de dijkgraaf en hoogheemraden van het Waterschap van Woerden. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8532, aktenr. 67, d.d. 14-12-1650 --- Scheiding en deling door de erfgenamen van Lobbrichgen Segeromsdr zaliger van de obligaties en gouden ringen die haar op 03-09-1652 ten deel zijn gevallen bij de scheiding en deling met haar mans vrienden en erfgenamen na het overlijden van haar man Cornelis Dircxsz Oudeknecht. "Noch d'obligatie van tweehondert gulden capitael tot laste van Willem Albertsz Stolwijck 200-0-0" Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8534, aktenr. 78, d.d. 27-12-1652 --- Aelbert Willemsz Stolwijck, jongman, wonende te Waarder, gezond, maakt zijn testament op. Op 10-02-1653 is hem octrooi verleend door de deken van het Kapittel van Sint Pieter te Utrecht over 9 morgen erfpachtland in het Westeinde van Waarder, hem door het testament van zijn overleden vader Willem Albertsz Stolwijck toegekomen. Hij benoemt tot erfgenaam zijn volle broer Claes Willemsz Stolwijck en bij zijn eerdere overlijden zijn volle zus Marichgen Willems van Stolwijck. Het is niet de bedoeling dat de 9 morgen land wordt gesplitst. In een dergelijk geval moet het land worden getaxeerd door de schout en het gerecht. De waarde ervan moet voor de ene helft toekomen aan zijn moeder Geertgen Claesdr en de andere helft aan Claes Willemsz en Marichgen Willemsdr Stolwijck. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8535, aktenr. 18, d.d. 28-06-1653 --- Albert Willemsz van Stolwijck, wonende te Waarder, gezond van lichaam, herroept zijn vorige testamenten en stelt een nieuw testament op. Hij benoemt tot zijn erfgenamen zijn kinderen en de kinderen die nog geboren gaan worden, allen een even grote portie. Hij heeft in het Westeinde van Waarder 9 morgen land in erfpacht, door het testament van zijn overleden vader Willem Albertsz Stolwijck nagelaten en van het Kapittel van Sint Pieters te Utrecht in erfpacht ontvangen. De bedoeling is dat het land overgaat op zijn oudste zoon of zijn oudste dochter, indien hij geen zoon nalaat, met de voorwaarde dat de waarde van het land, getaxeerd door de schout en het gerecht van Waarder, door zijn zoon of dochter wordt ingebracht in de boedelscheiding. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8543, aktenr. 24, d.d. 12-10-1661 | Stolwijk, Willem Aalberts (I3039)
|
| 3773 | NBN15 Cornelis Claasz Clip 1553 wed. Gijsje 1583 kk. 1589 3m150r 1593 NBN15 Cornelis Claasz Clip x Gijsje Claasdr x 1545? NBN15 Cornelis Cornelisz Clip x Marrigje Gerrits x 1580? HvH 3801 3/11/1580 Gijsje Claasdr, wed. Cornelis Claas Ariens (STW), procedeert tegen Dirk Simons, Cornelis Jans Oom en de rentmr van St. Catharina gasthuis te GDA R826 73 1589 Cornelis, Claas en Pauwel Cornelisz genoemd Bron: Bewoningsgeschiedenis Stolwijk voor 1700 [Hogenda/J. de Jager en H.M. Kuypers] --- Compareerden Cornelis ende Pouwels Cornelis zoonen woendende in Stolwijck voor hen zelven ende vervangende ende hen sterckmaeckende voor Claes ende Ellert Cornelis zoonen haere broeders altsamen erffgenaemen van za. Cornelis Claesz haeren vader ende constitueren Anthonis van Slijchtenhorst procureur op ende jegens eenen ijegelijck in omnibus ad lites ich. Compareerden de zelve ende verclaerden op huijden van Stolwijck gescheijden ende alhier inden Haghe gecomen te zijn omme een advocaet ende procureur te constitueren ende instrueren die haere saecke jegens Lucia naegelaten dochter van Hans Adriaensz zoe zij procedeert zouden waernemen ende defenderen ende om anders gheene saecken alhier gecomen te zijn versoeckende hier van acte. Bron: NA, Hof van Holland (toegangsnr. 3.03.01.01), inv.nr. 1704, d.d. 13-10-1601 (Hofoda scan 133) | Clip, Cornelis Claas (I3962)
|
| 3774 | NBN16 Claas Ockers 1545*? -1578+ NBN16 Claas Ockers x Marrigje Ockers x 1575? -> NIY Bron: Bewoningsgeschiedenis Stolwijk voor 1700 (Hogenda/J. de Jager en H.M. Kuypers) --- Maritgen Ockersdr, weduwe van Claes Ockersz, geassisteerd door Cornelis Ockersz, haar broer en voogd, aan de ene, en Jan Claesz, Ocker Claesz, Pouwels Willemsz, getrouwd met Weijntgen Claesdr, Adriaen Claesz, Sijmon Adriaensz, getrouwd met Neeltgen, en Gerrit Cornelisz, voogd van Fijtgen, Geertgen en Maritgen Claesdr, allen kinderen van voornoemde Claes Ockersz, verwekt bij voornoemde Maritgen, erfgenamen van de achtergelaten goederen van hun vader, aan de andere zijde. Grondkaveling van alle landen en getimmerten, alles gelegen in de Essepolder. Maritgen Ockers houdt een woning en landen met huis, berg en twee schuren met 12 morgen land, strekkende van de zuidwetering van de Achterweg tot de IJssel, belend ten oosten Cornelis Adriaen Adriaensz en ten westen jan Willemsz met de kinderen van Jan Doensz en Vranck Cornelisz c.s. Dit land wordt belast van 600 gulden, zodat de andere landen vrij van lasten zijn. Jan Claesz, Ocker Claesz en Geertgen Claesdr krijgen 4,5 morgen land van de Hogeweg van 's-Grav Bron: SAMH, ORA Nieuwerkerk a/d IJssel (toegangsnr. 27), inv.nr. 31, d.d. 14-06-1614 (FS scan 302) | Okkers, Claas (I4053)
|
| 3775 | NBN34 Gerrit Jans 7m + huis 1582 NBN34 Gerrit Jans x (Leentje ?) x 1550? NBN34 Marrigje Gerrits x Cornelis Cornelisz Clip x 1580? R851 48 1582 gronddeling wet. tot landscheiding, oost Claas Maarten Ewouts, west Jacob Wouters kk. R826 37 1585 vader genoemd R827 124 1592 kk. genoemd R826 123v 1593 grondloting, Maarten en Jan Gerrits krijgen huis, Pauwel Cornelisz mag er nog 2 jaar wonen, oost Claas Maartens wed., west Wouter Jacobs Bron: Bewoningsgeschiedenis Stolwijk voor 1700 [Hogenda/J. de Jager en H.M. Kuypers] | Jans, Gerrit (I3961)
|
| 3776 | Neeltgen Dircks, weduwe van Maerten Thonisz Kinderen: Anthonis (27), Jasper (25), Marritgen (21) en Maerten (20) Bron: Hoofdgeld 1622 Moordrecht [Hogenda/P.J. den Hoed] --- Gossen Maertsz, onze inwoner, met procuratie van Neeltgen Dirckxdr, weduwe van Maerten Thonisz, zijn moeder, verkoopt aan Jan Claesz Prange een stuk veenland, gelegen in het Middelland onder Moordrecht, strekkende van Meerten Huijbertsz tot Arien Ariensz, belend ten oosten Frans Aelbertsz en ten westen Jan Claesz zelf. Schuldbrief van 300 gulden volgt. Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 37, d.d. 30-11-1622 (FS scan 547) --- Lenert Mathijsz Geltsack, schout van de Wilde Venen, verkoopt aan Neeltgen Dircxdr biersteekster, weduwe van Maerten Anthonisz, wonende te Moordrecht, een bezegelde custingbrief d.d. 07-10-1625 van 200 gulden afgesloten door Corsz Maertensz opt Ende, met termijnen van 32 gulden. Bron: SAMH, ORA Waddinxveen (toegangsnr. 36), inv.nr. 7, d.d. 01-06-1626 (FS scan 464) --- Dirck Dircksz Thoen, onze mede inwoner, is schuldig aan Neeltgen Dirckxdr, weduwe van Maerten Thonisz, biersteker te Moordrecht, een losrente van 6 gld. 5 st. per jaar met een hoofdsom van 100 gulden. Afgelost op 16-08-1627. Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 38, fol. 167, d.d. 21-12-1626 (FS scan 273) --- Neeltgen Dirckxdr, weduwe van Maerten Thonisz, biersteekster te Moordrecht, met Goossen Maertsz, haar zoon en gekozen voogd, verkoopt aan Pieter Gerritsz, wonende te Moordrecht, een akker veenland gelegen in het Middelland onder Moordrecht, strekkende van Frans Cornelisz Los zuidwaarts tot Jan Ariensz, belend ten oosten Thomas Ghijsz en ten westen Huijbert Leendertsz. Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 39, fol. 229v, d.d. 14-08-1629 (FS scan 517) | Teunis, Maarten (I3994)
|
| 3777 | Neeltgen Gerritsdr met haar voogden Jonge Lenert Lenertsz en Willem Wiggertsz, verkoopt aan Ghijsbert Gerritsz een erf met schuur te Noorden, binnenweg, verongeld voor 2 hond, strekkend van de Vorendijk tot Emma Heijnricxdr, belend ten oosten deze Emma en ten westen Reijer Dircxsz. Koopsom 265 gulden. Bron: ELO, ORA Nieuwkoop en Noorden (toegangsnr. 162.1.06), inv.nr. 54, p. 60, d.d. 27-08-1605 (Prins) --- Truijtgen Jansdr, weduwe van Jan Jansz Cramer te Noorden met als voogd haar zoon Jan Jansz, verkoopt aan Willem Wiggertz een kamp weiland te Noorden, binnenweg, verongeld voor 1 morgen 1 1/2 hond, strekkend van de Vorendijk tot de Zevenhovense dijk, belend ten oosten Willem Heijndricxsz en ten westen Willem Wiggertsz. Gestelde garantie: een blokkamp in Noorden, binnenweg, strekkend van de Nieuwkoopse dijk tot de Zevenhovense dijk, belend ten oosten het genoemde land en ten westen Ghijsbert Gerritsz. Koopsom 600 gulden. Bron: ELO, ORA Nieuwkoop en Noorden (toegangsnr. 162.1.06), inv.nr. 55, p. 293v, d.d. 21-11-1612 (Prins) --- Ghijsbert Willemsz te Noorden voor zichzelf, Pieter Dammasz, getrouwd met Marritgen Willemsdr en Cornelis Maertensz Col, getrouwd met Aeltgen Willemsdr, kinderen van Willem Wiggertsz den Ouden en Geertgen Ghijsbertsdr, beiden overleden en gewoond hebbende te Noorden. Deling der nalatenschap. Aan Ghijsbert Willemsz is toebedeeld een perceel land te Noorden binnenweg, verongeld voor 1 morgen 1 1/2 hond, strekkend van de Vorendijk tot de Zevenhovense dijk, belend ten oosten Willem Heijndricksz en ten westen Pieter Dammasz; nog twee kampen land te Achttienhoven, verongeld voor 2 morgen, strekkend van de Kawetering tot in de Boswetering, belend ten oosten Cornelis Anthonisz en ten westen Pieter Harmensz. Pieter Dammasz, nomine uxoris, komttoe drie percelen naast elkaar gelegen te Noorden binnenweg, verongeld voor 2 morgen 1/2 hond, strekkend van de Nieuwkoopse dijk tot de Zevenhovense dijk, belend ten oosten Ghijsbert Willemsz en ten westen Ghijsbert Gerritsz. Cornelis Maertensz Col, nomine uxoris, ontvang Bron: ELO, ORA Nieuwkoop en Noorden (toegangsnr. 162.1.06), inv.nr. 57, p. 208, d.d. 29-11-1619 (Prins) | Wiggerts, Willem (I3981)
|
| 3778 | Neeltgen Leendertsdr weduwe van Antonis Heijnderickxsz met Jan Fransz haar zwager en gekoren voogd verklaart voor haar en haar erven uitgekocht te hebben haar vier kinderen, gekregen bij voorsz. Tonis Heijnderickxsz met namen Leendert ca. 10 jaar, Arien ca. 8 jaar, Bastiaen ca. 6 jaar en Cornelis ca. 3 jaar oud. Ook is aanwezig Jan Heijnderickxsz oom en bloedvoogd van de kinderen. De weduwe behoudt alles wat er aan bezittingen aanwezig was. De weduwe zal de kinderen onderhouden en 100 gulden meegeven bij volwassenheid. Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 34, d.d. na 12-03-1603 | Hendriks, Teunis (I3677)
|
| 3779 | Neeltgin Jansdr, weduwe van Cornelis Pietersz, met Willem IJsbrantsz, haar wettige man, Cornelis Jansz als man en voogd van Aeffgin Cornelisdr, Willem Cornelisz, Dirck Jansz als man en voogd van Aerjaentgin Cornelisdr en Leendert Fransz als man en voogd van Lijsbetgen Cornelisdr, kinderen en erfgenamen van Cornelis Pietersz, hun vader. Ze hebben samen met Margen Cornelis en haar voogd Willem Cornelisz op 27-01-1612 gegrondkaveld de landen die Cornelis Pietersz nagelaten had, waarbij Margen Cornelisdr en Arien Claesz [Ruijchaver], haar wettige man, ten deel is gevallen ca. 4 morgen water of land met een keet erop, gelegen in het Middelland, strekkende van het weeskind van Jan Willemsz Thoen (nu eigendom van Cornelis Dirckxsz Thoen) en de weduwe en Willem IJsbrantsz tot Arien Jansz Schipper en Neelemans weduwe, belend ten oosten Cornelis Dirckxsz Thoen en de voornoemde weduwe met Willem IJsbrantsz en ten westen Krijn Ariensz. Ze hebben tot last genomen een obligatie op naam van Margen Joppen. [ Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 35, d.d. 28-06-1613 [FS scan 74] --- Adriaen Claesz Ruijchaver als man en voogd van Maritgen Cornelis, wonende te Zevenhuizen, heeft met consent van Cornelis Vermeer de jonge, wonende te Rotterdam, met procuratie d.d. 27-04-1617 gepasseerd bij notaris Jan Andriesz van Aller te Oudewater van Willem Cornelisz, wonende aan de Lange Linschoten, het nagenoemde land verkocht aan Pieter Woutersz, onze inwoner. Het betreft 4 morgen land en water met een keet, gelegen in het Middelland onder Moordrecht, strekkende van Cornelis Dircksz Soeteman en Willem IJsbrantsz zuidwaarts tot Adriaen Jansz Schipper c.s., belend ten oosten Cornelis Dircksz Soeteman en ten westen Willem IJsbrantsz en de weduwe van Crijn Adriaensz. Dit volgens de cavelcedul d.d. 28-06-1613 tussen de huisvrouw van de comparant en haar broers en zussen, mitsgaders de huisvrouw van voornoemde Willem IJsbrantsz. Betaald met een custingbrief. [Schuldbrief van 1.362 gulden volgt.] Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 36, d.d. 23-04-1617 [FS scan 328] --- Pieter Cornelisz, Cornelis Willemsz Levelangh de jonge, Jacob Jansz Sevenhuijsen als oom en voogd van Neeltge Willemsdr, Cornelis Willemsz ende Cornelis Jan Corsz, getrouwd met Grijetge Willemsdr, beiden wonende te Linschoten, voor hen zelf en zich sterkmakende als voogden voor de twee nagelaten weeskinderen van Willem Cornelisz van Linschoten, Adrien Claesz Ruijchaver, nomine uxoris, Cornelis Jansz Schouten, getrouwd met Aeffgen Cornelisdr, de weduwe van Brant Hendericxsz, geassisteerd door voornoemde Adrien Claesz Ruijchaver, haar voogd, allen erfgenamen van het nagelaten kind van Diewertge Cornelisdr, verwekt bij Cornelis Willemsz Levelangh de oude. Verdeling van de landen die het kind door overlijden van Neeltge Jansdr, huisvrouw van Willem Isbrantsz, zijn grootmoeder, aanbestorven zijn. Pieter Cornelisz, Cornelis Willemsz Levelangh de jonge en Neeltge Willemsdr met z'n drieën een stuk land, strekkende van de Vaart westwaarts tot de erfgenamen van Jan Cornelisz Kooten, belend ten noorde de erfgen Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 5, fol. 3, d.d. 18-06-1638 | Pieters, Cornelis (I3831)
|
| 3780 | Neeltien Jacobsz Smient, weduwe van Jan Gerritsz Verveen, aan de ene, Jacob Gerritsz Verveen en Arije van Aaken als voogden van Johanna Verveen, 1 jaar oud. Bron: SAMH, WK Gouda (toegangsnr. 3), inv.nr. 19, fol. 232, d.d. 24-01-1727 (FS scan 520) | Verveen, Rebecca Gerrits (I3372)
|
| 3781 | Neeltje Cornelis van der Sman 1692 959/88 Index op de registers van de collaterale successierechten (vererving in de zijlinie) te Zoetermeer en Zegwaart, 1626 / 1660 - 1806 | Sman, Neeltje Cornelis (I2915)
|
| 3782 | Neeltje Gerrits Verleer 6 Apr 1705 Overleden 1767 | Verleer, Neeltje Gerrits (I3317)
|
| 3783 | Neeltje Jans Vasen trouwt op 24-01-1700 te Ottoland met Pieter Theunisz Jonkers. Bron: http://www.den-uijl.nl ontleend aan DTB-boeken Ottoland, H. de Bruin | Gezin: Jan Teunis Verhoef / Neeltje Jans Vasen (F1754313456)
|
| 3784 | Neeltje van der Linde, winkelierster, egv. Grabel van der Drift 22-04-1737 kraamster, verkoop van zout kleine maat, zeep per pond 02/RA57-247v Bron: Zoetermeer - Vergunningen, 1691-1806 --- Neeltje van der Linden, wdv. G(r)abriel van der Drift 15-01-1770 kleine kraamster, verkoop van zout, zeep, droge koffie en thee, hammen, spek en gerookt vlees (vette warierse) 02/RA58-280v/281 Bron: Zoetermeer - Vergunningen, 1691-1806 | van der Linden, Neeltje Ariens (I2186)
|
| 3785 | NH doopboek Alphen: 07-12-1698 Pieter; o. Dirk Janze Blok en Leisbet Pieters van Heiningen; g. Adriaantie Pieters van Dam 26-12-1699 Jan; o. Dirk Janze Blok en Lijsbet Pieters van Heiningen; g. Annigie Pieters van Heiningen (begr. 05-1700 Koudekerk) 10-11-1701 Tijs; o. Jan Cornelisze Kraan en Martha Theunisze van Leeuwen; g. Trijntie Cornelisz Kraan 11-12-1701 Neeltie; o. Dirk Jansze Blok en Lijsbet Pieterze van Heiningen; g. Annitie Pieters van Heiningen; van Koudekerk 18-11-1703 Jan; o. Dirk Jansze Blok en Lijsbet Pieterze van Heiningen; g. Geertje Jans Blok (begr. 28-01-1704 Koudekerk) 28-09-1704 Pieter; o. Jan Cornelisze Kraan en Magteld Theunisze van Leeuwen; g. Lijsbet Theunisze van Leeuwen NH dopen Koudekerk: 10-05-1705 Ariaentie; o. Dirk Janse Block en Elizabeth Pieters; g. Geertie Jans NH dopen Alphen: 25-07-1706 Jan; o. Dirk Jansze Mansvelder en Lijsbeth Pieters van Heiningen; g. Geertie Jans Mansvelder 06-04-1708 Jan; o. Dirk Jansze Blok en Lijsbeth Pieterze van Heiningen; g. Jaapie Jans 01-12-1709 Jan; o. Dirk Janze Blok en Magtel Theunis van Leeuwen; g. Lijsbet Theunis 22-02-1711 Klaas; o. Dirk Janze Blok en Magteld Theunis van Leeuwen; g. Hilletje Theunis van Leeuwen 24-04-1712 Dirk; o. Dirk Janze Blok en Magteld Theunisze van Leeuwen; g. Jan Dirkze Blok en Hilletje Theunis van Leeuwen 08-05-1718 Lijsbet; o. Dirk Janze Blok en Lijsbet Ariens Groenewegen; g. Anna Pieters van Heijningen 09-11-1719 Geertruid; o. Dirk Janze Blok en Lijsbet Ariens Groenewegen; g. Geertje Oudewaard 30-03-1721 Lijsbet; o. Dirk Janze Blok en Lijsbet Ariens Groenewegen; g. Anna Pieters van Heiningen 03-05-1722 Leendert; o. Dirk Janze Blok en Lijsbet Ariens Groenewegen; g. Geertje Jans Blok 18-01-1725 Leendert; o. Dirk Janze Blok en Lijsbet Ariens; g. Geertje Jans Blok NH dopen Koudekerk: 03-11-1726 Leendert; o. Dirk Jansz Block en Lijsbeth Arijse Groenewegen; g. Geertje Jans Block 25-02-1731 Gerrit; o. Dirck Jansz Block en Lijsbeth Ariens Groenewegen; g. Ariaen Dirks Blok --- den 9 april [1708] is begraven de huijsvrou met een kint van Dirck de Mansvelder tot Alphen en hebben haer aengegeven pro deo. Bron: Koudekerk - Registers van ontvangst van de impost op het begraven --- Dirk Janz Blok, weduwnaar van Lijsbeth Pieterdr van Heijningen, welke in de Hoogewaard heeft gewoond, ter ene zijde als vader van Pieter Dirkz, 10 jaar en Ariaentje Dirkz Blok, 3 jaar, kinderen uit het huwelijk met genoemde Lijsbeth Pieterdr van Heijningen en verder Klaes Jasperz den Haen, oom en nomine uxoris bloedvoogd over de kinderen van moederskant, ter andere zijde, komen overeen dat Dirck Janz alle roerende en onroerende goederen, welke hij en zijn voormalige vrouw in gemeenschap hebben bezeten, in volle en vrije eigendom zal blijvende behouden. Verder zal hij de kinderen opvoeden tot zij de leeftijd van 22 jaar hebben bereikt of tot hun huwelijk en aan hen uitkeren de som van 5½ stuivers in plaats van hun legitieme portie. Tevens zullen alle schulden en lasten, vanwege die goederen, voor zijn rekening komen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Koudekerk (toegangsnr. 145.1.09), inv.nr. 11, p. 28, d.d. 08-08-1708 | Blok, Dirk Jans (I325)
|
| 3786 | NH dopen 's Gravenhage: 05-02-1645 Jacob; o. Mathijs Andriesz van Kempen en Jannetgen Pieters Stael; g. Corn. Corn. van Poelwijck, Philippus Corn. Hogeboom, Elisabet Pouwels en Maria Pouwelsdr. 12-02-1647 Anna Maria; o. Mathijs Andriesz van Kempen; g. Steven Lambertsz en Susanna d Pon 09-07-1649 Andries; o. Mathijs van Kempen en Janneken Stael; g. Paulus Rosel, Abraham Grim, Baerthen Rosel en Sara Pieters 21-07-1652 Andries; o. Mathijs van Kempen en Jannetgen Stael; g. Goossen van Langenb., Maertge Claes en Annetgen Henricks 27-07-1657 Anna Marij; o. Mathijs van Kempen en Jannetge Pieters; g. Antonis Everaerts, Catharina Vrijman en Eva Philips Hogenboom --- Neeltgen Staelen, weduwe van Jan Leendertssen Weijman, wonende te Den Haag, geassisteerd door Pieter Staelen, haar oom, wonende te Delft, en Mathijs van Kempen, haar zwager, mede wonende te Den Haag, aan de ene, en Pieter Willemsz van Hoogenhuijsen met procuratie van Arijen Leendertsz Weijman, Willem Leendertsz Weijman, Benedictus Hoffman, zilverbewaarder van hare majesteit van Bohemen [Maria Anna van Oostenrijk?], getrouwd met Jacomijna Weijmans, en Hans Jacobsz Schelcop, getrouwd met Anna Weijmans, voor hen zelf en hen sterkmakende voor Cornelis Leendertsz Weijman, hun innocente broer, mede wonende in Den Haag, broers en zussen en dus erfgenamen van voornoemde Jan Leendertsz Weijman, aan de andere zijde. Akkoord over de nagelaten goederen. De broers en zussen krijgen de nog ongedeelde goederen uit de erfenis van Leendert Ariaensz Weijman en Margareta Weijmans, hun overleden vader en zus. Neeltgen Staelen houdt het huis met inboedel. Ze betaalt 110 gulden aan legaten en neemt alle schulden op haar. H Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 95, fol. 207, d.d. 18-07-1640 --- Inventaris van de boedel en goederen die Neeltgen Leendertsdr, laatst huisvrouw van Joris Crijnsz Hogenvall, in haar leven bezeten heeft en op 18-06-1647 met haar dood heeft nagelaten, nalatende tot erfgenamen Anthonij Pallamedes, getrouwd met Annitgen Joosten, voor een vierde deel, Govert Rota, mede voor een vierde deel, Mathijs van Kempen, getrouwd met Jannitgen Pietersdr Stael, mede voor een vierde deel, mitsgaders Lenert Jansz den Boer en de vier kinderen van Claes Jansz de Boer, verwekt bij Maejken Claes, samen voor een vierde deel. Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1979, fol. 148, d.d. 09-08-1647 [Joris Crijnsz Hoogenval en Neeltgen Lenertsdr, weduwe van Willem Willemsz Besemar, stellen op 12-05-1627 huwelijkse voorwaarden op te Delft. De ondertrouw van Willem Willemsz bezemmaker, wonende te Oosteinde, en Neeltgen Lenaerts, ook daar wonende, is op 19-05-1613. Neeltgen Lenartsdr zal een tante zijn van Jannitgen Pietersdr Stael. Annitgen Joosten is de dochter van Joost Lenertsz Hoorendijck (turfkoper aan de Burgwal, geb. ca. 1574). Op 10-03-1638 verkopen Anthonij Palmedes, getrouwd met Annitgen Joosten, voor zichzelf en samen met Joris Crijnen van Hogenval voogden van de onmondige kinderen van za. Lenert Joosten van Hoorendijck en het onmondige kind van za. Willemtgen Joosten, in haar leven huisvrouw van Maerten van Velsen, erfgenamen van Joost Lenertsz van Hoorendijck een huis en erf aan de noordzijde van de Burgwal of Broerhuislaan (ONA Delft, inv.nr. 1976, fol. 14).] --- Anthonij Pallamedes schilde, getrouwd met Annitgen Joosten, Govert Rota notaris, Mathijs van Kempen kolfmaker in Den Haag, getrouwd met Jannitgen Pietersdr Stael, en Leendert Jansz den Boer, voor zichzelf en met procuratie van Maeijken Claes, weduwe van Claes Jansz den Boer, wonende te Vlissingen in Zeeland, als moeder en voogdes van haar vier onmondige kinderen, verwekt bij Claes Jansz den Boer (d.d. 16-08-1647 voor het gerecht van Delft), erfgenamen van Neeltgen Leendertsdr, laatst huisvrouw van Joris Crijnsz Hogenvall, verkopen de helft van een huis en erf, hen aangekomen uit de erfenis, waarvan de andere helft eigendom is van Joris Crijnsz Hogenvall, staande aan de noordzijde van de Hulck in de stad Delft. Joris Crijnsz heeft de eerste optie op de koop. Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1979, fol. 234, d.d. 19-12-1647 Bovenstaande erfgenamen verkopen het huis aan Leendert Cornelisz van Vogelskan veerschipper van Delft op Amsterdam. Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1979, fol. 236, d.d. 23-12-1647 --- Abraham Jansz Aeckersloot, wonende in het Achterom te Delft, was borg voor Mathijs van Kempen, kolfmaker in Den Haag, die uit hoofde van zijn huisvrouw voor een vierde deel erfgenaam was van Neeltgen Leenderts, laatst huisvrouw van Joris Crijnsz Hogenvall, ten behoeve van Jacob Willemsz van Dijck bezemmaker en Cornelis Thomasz Post, beiden wonende te Delft. Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1980, fol. 109, d.d. 06-07-1648 --- Mourits Gerritsz Bosvliet als verhuurder aan de ene en Mathijs Andriessen van Kempen als huurder aan de andere zijde. Het betreft een huis en erf gelegen aan het water van het Bos, waar de huurder tegenwoordig woont, voor de duur van een jaar. De huurder betaalt hiervoor 60 gulden in vier termijnen. Hij moet ook 25 gulden betalen van 110 gulden openstaande huur en daarna 15 gulden per kwartaal. Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 80, fol. 143, d.d. 29-04-1650 --- Mathijs van Kempen, wonende alhier, tranporteert aan Mouris Gerritsz Bosvliet, mede alhier wonende, een bedrag van 180 gulden dat hem toekomt door een gesloten contract bij notaris Govert Rota te Delft op 06-07-1648 van Abraham Jansz Aeckersloot, wonende te Delft. Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 80, fol. 312, d.d. 09-02-1651 --- Jacob Jacobsz van den Brouck mr. bakker alhier, Adolphus la Maire en Sara van Dgem, zijn huisvrouw, mitsgaders Jannitje Pieters, huisvrouw van Matijs van Cempen, verklaren op het verzoek van Pieter Bijbergen, soldaat onder de comp. van kapitein-majoor Outshoorn. Frederick van der Poel, soldaat in de comp. van kolonel Beautmont heeft zich misdragen. Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 253, fol. 290, d.d. 11-02-1659 | van Kempen, Matthijs Andries (I1865)
|
| 3787 | NH dopen 's Gravenhage: 11-02-1657 Anna Catrijn; o. Pieter van Kempen en Anna Cornelis Soetingh; g. Mathijs van Kempen, sijn zuster Hendrina en Anna van de Graeff 06-02-1658 Barber; o. Pieter van Kempen en Annetgen Cornelis Soetingh; g. Leendert van Kempen, Jannetgen Pieters Stael en Barber Jaspers 24-10-1659 Pieter; o. Pieter van Kempen en Anna Soetens; g. Jacob van der Cnocken en Hendrickge Lammerts 27-03-1661 Emanuel; o. mr. Pieter van Kempen en Annitje Cornelis Soetens; g. Leendert van Kempen, Barbara Jaspers Gammer [= Gommers; vrouw van Leendert Mathijs van Kempen] en Henrickje Lambregts van der Kiste --- Isaaq Wensemius, meerderjarige erfgenaam van Jan Dircsz van Segwaert, voor zichzelf, mitsgaders Joost van Tongeren als voogd, en Pieter Mulder als mede erfgenaam voor zichzelf en medevoogd van de minderjarige erfgename van de voornoemde Jan Dircsz van Segwaert, hebben verkocht aan Anna Soetingh, weduwe van mr. Pieter van Kempen, een huis en erf, met een huis daar achter, gelegen aan de Heerweg in het dorp Valkenburg, met een uitgang in de Sluipsteeg, belend ten westen Justus Valerius van Vosmaer, baljuw en schout van Valkenburg en ten oosten mevrouw Goes. De koopsom is 133 gulden. Bron: ELO, ORA Valkenburg (toegangsnr. 431), inv.nr. 13, fol. 32v, d.d. 13-06-1686 | van Kempen, Pieter Mathijs (I1864)
|
| 3788 | NH dopen 's-Graveland: 07-10-1725 Joanna; o. Marritje Gerrits Vleugel (onegt); g. Trijntje Klaas van Vliet wede. Gerrit Vleugel en Jannetje Geerlofs van Buuren h.v. van Jan Palmer 01-05-1729 Gerrit; o. Hermanes van den Velden en Marritje Gerritz 08-04-1731 Dirk; o. Hermanus v.d. Velde en Marretje Gerritz NH dopen Kortenhoef: 13-03-1740 Jan; o. Harmannus van den Velden en Marritje Vleugel; g. Joosje Jans Vleugel --- Gijsbertje Hendriks Scheepmaker, weduwe van Dirk Abrahamse Kool, verklaard verkocht te hebben aan Harmanus van de Velden een huis, schuur en erf, zijnde een bakkerij, met al het bakkersgereedschap, te Kortenhoef. Strekkende van de gemene weg westwaarts tot Abraham Dirkse Kool, ten zuiden Pieter Betz en ten noorden de erven van Zietse Janze Timmer. De koopsom bedraagt 550 gulden volgens de koopcedul van 06-12-1735. Het bedrag is voldaan met contant geld en een custingbrief van 350 gulden. De schuldbekentenis volgt op fol. 210. Bron: SAGV, ORA Kortenhoef (toegangsnr. 155.5), inv.nr. 3387, fol. 208, d.d. 13-11-1736 --- Hermanus van de Velden heeft verkocht aan Gerrit Teijmense Dorland een vispraam van ca. 14 jaar oud voor een bedrag van 30 gulden, waarbij de verkoper de vispraam huurt voor 6 gulden per jaar. Bron: SAGV, ORA Kortenhoef (toegangsnr. 155.5), inv.nr. 3389, fol. 76, d.d. 22-10-1745 --- Hermanus van de Velden transporteert aan de voogden Hendrik Boelhouwer en Gerrit Teijmense Dorland, en voor rekening van hun pupil, Dirk Abramse Kool, een huis en erf, schuur en boomgaard en alles wat bij de bakkerij hoort, volgens de koopcedul van 22-10-1745, staande onder het gerecht van Kortenhoef, belend ten zuiden Dirk Pieterse Smidt, ten noorden Zietse Janze Timmer. Dit voor 395-0-0. Bron: SAGV, ORA Kortenhoef (toegangsnr. 155.5), inv.nr. 3389, fol. 78, d.d. 19-01-1746 --- Hermanus van de Velde is schuldig aan Frerik Groen als gemachtigde van Krijntie Groen, weduwe en boedelhoudster van Jasper van der Helm volgens de procuratie van 14-02-1756 voor de schepenen van Loenen en Nieuwersluis gepasseerd, en Pieter de Lutde (?), Pieter van Vliedt secretaris te Vlieland en voornoemde Frerik Groen en Jan Fredriksen Groen als voogden van Marten, Grietje en Frerik van den Helm, nagelaten kinderen van Jasper van den Helm, een bedrag van 155 gulden, vanwege de koop van een stuk veenland. Bron: SAGV, ORA Kortenhoef (toegangsnr. 155.5), inv.nr. 3390, fol. 103, d.d. 23-04-1756 | van der Velden, Hermanus Hendriks (I3218)
|
| 3789 | NH dopen 's-Gravenzande: 23-01-1633 Huijbrecht (o. Jacop Claesz de bode; g. Lamb. Heijndricxen en Neeltge Cornelis de schoolvrouw) 14-01-1635 Huijbrecht (o. Jacop Claesz de Jonge; g. hijself, mr. Jueriaen schoolmr. en sijn vrouw) 14-12-1636 Daniel (o. Jacobp Claesz de bode; g. hijself, sijn schoonvader en Eua Swalmiu) huijsvrou van de predicant met de schoolvrou) 02-09-1640 Brechie (o. Jacob Claesz de Jongh; g. hij zelf, zijn schoonvader Lambrecht Heijn., Pieter Huijgensz de Jong sijn br., Jannetge Pietersdr. en Machtelt Jansdr.) 28-06-1643 Lambrecht (o. Jacob Claesz de Jongh; g. hij zelfs en Machtelt Jansdr.) 26-06-1644 Lambrecht (o. Jacob Claesz de Jongh; g. hij zelfs en Leuntje Jansdr.) 10-09-1645 Brechje (o. Jacob Claesz de Jongh; g. hij zelfs en Leuntje Jansdr.) --- f. 62v d.d. 31-3-1621: Comp. Brechgen Huijbrechtsdr. weduwe Claes Jacobsz. de Jonge eertijds gewoond hebbende in het Noorland van Zandambacht en nu wonende binnen ’s Gravenzande met Jasper Jansz. van Alenburch mede aldaar haar gekoren voogd in deze,Claes Adriaensz. opte Geest tot Naaldwijk als oud-oom en bestorven bloedvoogd van het nagelaten weeskind van zaliger Claes Jacobsz. de Jonge voorsz. in de echt geprocreerd bij de voorn. Brechgen Huijbrechtsdr. genaamd Jacob Claesz. oud 21 jaar op deze mede present en mede comparerende, dewelke te samen bekenden al op 24-2-1619 verkocht te hebben en verkopen bij deze aan Wigger Jacobsz. van Monster een zekere nieuw gebouwde woning als huis, schuur, barg, geboomte met verscheidene partijen van erfpacht en eigen landen in het voorsz. Noorland gelegen, beneffens de toegift van de actie van het gebruik van diverse bruikwaren van landen mitsgaders van andere roerende goederen in zekere getekende koopcedulle van datum als boven breder genoemd Bron: Protocol van transporten en schuldbrieven van Zandambacht 1618 - 1633 door Teun van der Vorm --- f. 2 d.d. 16-12-1653: Comp. Ceeltgen Lambrechtsdr. weduwe van Jacob Claesz. de Jong in zijn leven bode van ’s Gravenzande en Zandambacht en bekende op 12-5-1651 verkocht en op heden opgedragen te hebben aan Hendrick Jacobsz. de Jongh haar zoon zekerhuis en erve staande en gelegen aan de westzijde van de Langstraat. Nog 1,5 morgen weiland leggende in Zandambacht in het Noorland buiten ’s Gravenzande. Nog 5 morgen 1 hond 50 roeden land gelegen zowel binnen ‘s Gravenzande als Zandambacht. Bron: Protocol van transporten en schuldbrieven van 's Gravenzande 1653 - 1654 door Teun van der Vorm --- f. 50v d.d. 26-4-1643: Comp. Beatris Adraiensdr. gewezen weduwe van Jan Gillisz. in de Poort in zijn leven poorter alhier geassisteerd met Johan van der Maerl substituut schout in deze stad als haar gekoren voogd in deze zaak, Coenraet Jansz. backerals man en voogd van Stijtge Jansdr., Tijman Jansz. als man en voogd van Neeltge Jansdr., Machtelt Jansdr. geassisteerd met de secretaris van de voorsz. stad, in die kwaliteit kinderen van de voorn. Jan Gillisz., verklarende hoe dat de boedel van haarluiden overleden man en vader respectievelijk, ten tijde van zijn overlijden zeer was bezwaard en geinvolveerd met zware schulden dewelke niet met dezelve boedel konden worden voldaan. Zo is het dat de voorn. Beatris, nadat bij haar de schuldenvan de voorn. haar overleden man tegen de voorsz. boedel waren verrekend, geassisteerd zijnde met de eerzame Crijn Willemsz. duinmeijer wonende in Zandambacht dezelve boedel heeft geabandonneerd en geheel verlaten ten behoeve van Lambrecht Hendricxsz. Crommendijck broeder | de Jong, Jacob Claas (I1792)
|
| 3790 | NH dopen Aarlanderveen: 05-02-1696 Annetje; o. Jacobus van der Paauw en Lijsbet Loendersloot 30-03-1698 Ariaantje; o. Jacobus van der Pauw en Lijsbet Loendersloot 06-09-1699 Trijntje; o. Jacobus van der Paauw en Lijsbet Loendersloot; g. Willem Gerrits Corting en Trijntje Gerrits Corting 17-10-1700 Rhijk; o. Jacobus van der Pauw en Elisabet Loendersloot; g. Gerrit Willemse Corting en Petronella Verijserenburgh 28-05-1702 Rijk; o. mr. Jacobus van der Paauw en Elizabet Jacobs Loendersloot 21-12-1704 Marritje; o. Jacobus van der Pauw en Elisabet Loendersloot 19-12-1706 Rijk; o. mr. Jacobus Pauw en Lijsbet Loendersloot; g. juffr. Margarita Pool huijsvrouw van de borgemr. Jan Bonk [14-02-1712 Rijk;] o. mr. Jacobus Paauw en Mar[ijgje van Kats] --- Jan Ariensz van Es verkoopt aan Jacobus Paeuw een huis en erf in Aarlanderveen dorp, strekkend van de Aarlanderveensedijk tot aan Cors Jansz, belend ten zuiden deze Cors Jansz en ten noorden Isaack Abrahamsz van Wieringen, onder voorwaarde dat Van Es tot 01-05-1700 er mag blijven wonen. Koopsom 375 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 4, p. 37, d.d. 07-01-1700 --- Pieternella Verijserenburg, eerder weduwe van Rijck Paeuw, nu getrouwd met Gerrit Willemsz Cortens, ten eenre en Jacobus Paeuw en Willem Gerritsz Cortens, getrouwd met Maria Rijcken Paeuw, kinderen van Pieternella Veresereburg en Rijck Paeuw, ter andere zijde, allen wonende te Aarlanderveen. Deling van de boedel van Rijck Paeuw. Aan Petronella Verijserenburg komt toe de gehele boedel, huisraad, actien en credieten; mede de schulden, zoals 100 gulden aan doodschulden, 70 gulden voor geleverdewinkelwaar aan de weduwe van Claes Stouthandel, aan Dirck Jansz Heemskerk voor 25 gulden aan winkelwaar, aan Pieter Cornelisz Beurtman 12 gulden, nog 50 gulden aan verdere schulden. Jacobus Paeuw en Willem Gerritsz Cortens, getrouwd met Maria Rijcken Paeuw, ontvangen de kleren van Rijck Paeuw; nog een huis en erf in het Zuideinde van Nieuwkoop Binnenweg, strekkend van de Vorendijk tot het land van de weduwe van Cornelis Arijensz Hoogeveen; nog een huis en erf in Nieuwkoop Dorp, strekkend van de straat tot de schuur Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 4, p. 73v, d.d. 13-05-1701 --- Kopie. Op 24-06-1724 compareerde voor Jan Boom, notaris te Wormerveer, Annetje Jacobsdr Pauw, getrouwd met Cornelis Droog, koopman te Wormerveer, met haar zuster Adriaantje Pauw, enige kinderen van Jacob Pauw, overleden te Aarlanderveen. Zij machtigt Gerard Bakker, medisch doctor te Alphen, om over te dragen aan Huijbert Klaasz Oudhuijsen, chirurgijn, een huis en erf te Aarlanderveen. Jacob Pauw was in leven chirurgijn te Aarlanderveen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 7, p. 172v, d.d. 05-07-1724 | Pauw, Jacobus Rijken (I2479)
|
| 3791 | NH dopen Aarlanderveen: 07-09-1727 Lijsbet; o. Jan Cornelisse van Velse en Ariaantje Jacobs Paauw; g. Annetje Jacobs Paauw NH dopen Bodegraven: 23-04-1730 Lijsbeth; o. Jan Kornelisse van Velsen en Ariaentje Jacobs Poou 16-11-1732 Kornelis; o. Cornelissen van Velsen en Arijaentje Kobis Pouw --- Kopie. Op 24-06-1724 compareerde voor Jan Boom, notaris te Wormerveer, Annetje Jacobsdr Pauw, getrouwd met Cornelis Droog, koopman te Wormerveer, met haar zuster Adriaantje Pauw, enige kinderen van Jacob Pauw, overleden te Aarlanderveen. Zij machtigt Gerard Bakker, medisch doctor te Alphen, om over te dragen aan Huijbert Klaasz Oudhuijsen, chirurgijn, een huis en erf te Aarlanderveen. Jacob Pauw was in leven chirurgijn te Aarlanderveen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 7, p. 172v, d.d. 05-07-1724 --- Dirk Pietersz van Kints te Rijnsaterwoude verkoopt aan Jan van Velsen te Nieuwveen een huis, erf en schuur te Aarlanderveen, strekkend van de Herenstraat tot aan de pastorie in het Dorp, belend ten zuiden Bouwen Pietersz Hogenboom en ten noorden deverkoper. Koopsom 550 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 8, p. 3v, d.d. 25-04-1727 --- Jan van Velsen te Nieuwveen is schuldig aan Jannetje Jansdr van Leeuwen te Aarlanderveen een bedrag van 250 gulden. Gesteld onderpand: bovengenoemd huis, erf en schuur te Aarlanderveen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 8, p. 4v, d.d. 25-04-1727 --- Cornelis Droogh, getrouwd met Annetje Pauw te Wormerveer en Jan van Velsen, getrouwd met Ariaantje Pauw te Aarlanderveen, verkopen aan Cornelis Samsom een boomgaard aan de Kerkvaart van Aarlanderveen, verongeld voor 50 roeden, strekkend van juffrouw Hogeveen tot de weduwe van Bouwen Jacobsz Prins, belend ten zuiden de Kerkvaart en ten noorden de erfgenamen van Jan Swaneken. Koopsom 50 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 8, p. 146, d.d. 30-04-1728 --- Naam: Ariaentje Jacobs Paauw Kerkgenootschap: Nederlands-hervormd Kerkelijke attestatie van Aarlanderveen ingebracht. Bron: RHC RL, NHG Bodegraven (beheersnr. B058), inv.nr. 2, fol. 13, d.d. 03-07-1729 --- Kopie. Op 12-05-1733 compareert voor notaris Gerrit Bilderbeek te Wormer, Jan van Velsen, getrouwd met Adriaantje Paauw te Aarlanderveen en geeft volmacht aan Jan Gerritsz van Swieten te Aarlanderveen tot verkoop van een huis en erf te Aarlanderveen, strekkend van de Herenstraat tot in de Pastoriesloot, belend ten zuiden de weduwe van Bouwen Pietersz Hogenboom en ten noorden Dirk Pietersz van Kints. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 9, p. 190v, d.d. 21-05-1733 | van Velzen, Jan Cornelis (I3231)
|
| 3792 | NH dopen Abcoude: 05-10-1721 Cijtje; o. Jacob Janze en Trijntje 27-11-1729 Jacob; o. Jacob Janze Timmer en Aaltje 28-01-1731 Gijsbert; o. Jacob Janze Timmer en Aaltje; g. Johanna Eek 29-03-1733 Willem; o. Jacob Janze Timmer en Aaltje Jacobs; g. Johanna Eek 26-06-1735 Aaltje; o. Jacob Janze Timmer en Aaltje Jacobs; g. Nelletje Jans --- "verhuurd aen ende ten behoeve van Jacob Janse Timmer wonende in de Bijlemer, dog altans binnen de stad Utrecht, die ook bekende in huure aen te nemen vier en een halff mergen weijland gelegen in west Bijlemer alsmede het huijs te Bijlemerhorst" Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 1053, aktenr. 140, d.d. 12-12-1723 --- Den 9 september ao. 1726 heeft Jacob Janszen Timmer in het stuk van 't begraafregt aangegeven het lijk van sijn huijsvrouw Trijntje Franszen als onvermogende om deswegen aan t gemene land iets te komen betalen. En sal tot Abkoude werden begraven. Dit getekend door Jacob Janszen Timmer Den 26 decemb. ao. 1729 heeft Jacob Janszen Timmer wonende over de Zoodeweg ten opsigte van t begraafregt aangegeven het lijk van sijn soon Jacob Jacobsz Timmer als onvermogende. Den 26 maij 1733 heeft Jacob Janszen Timmer wonende over de Zoodweg in het begraafregt het lijk van sijn soon Willem als onvermogende. Den selven 25 april ao. 1740 heeft Jacob Jansze Timmer wonagtig over de Soodweg in t begraafregt aangegeven het lijk van sijn knegt Mijns Gerretsze Timmer als onvermogende. Den 20 julij 1745 heeft Jacob Jansze Timmer aangegeven het lijk van sijn dienstmaagd Gijsjen Hendriks als onvermogende. Den eersten maij ao. 1752 heeft Jacob Jansz Timmer, wonende over de Soodweg in het begraafregt aangegeven het lijk van sijn soon Jan Jacobsz Timmer in de classis van drie guldens. Bron: Bijlmermeer - Registers van ontvangst van de impost op het begraven --- "aen en ten behoeve van Jacob Janse Timmer wonende in de Bijlemer dewelke alhier mede compareerde bekende in huere aen te nemen, seeckere vier en een half mergen weijlant gelegen in west Bijlemermeer, alsmede alleen het nieuwe boere huijs met sijn werff item beijde de twee opcamerties en de solderties .. ende kelder daer onder van het heeren huijs welken haeren ingang hebben door de keuken, dog welken ingang veranderd sal worden" Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 934, aktenr. 174, d.d. 07-06-1734 --- "Aaltje Jacobs weduwe van Jacob Jansz Timmer, met wien zij in gemeenschap van goederen getrouwt is geweest, en dus uit eige hoofde, en nogh als bij testament hier nagenoemt gestelde meede erfgenaame voor een kinds gedeelte, ter eerster, Cornelis Jansz van Lokhorst als in huwelijk hebbende Zijtje Jacobs Timmer en zij Zijtje Jacobs Timmer ten deesen met de voornoemde haaren man geadsisteert en daar denselven specialijk geauthoriseert, ter tweeder, ende nogh de voornoemde Aaltje Jacobs en mess.Mattheus Groenewout en Eldert Loenen in qualiteit als (bij acte in dato 30 junij des jaars 1752 naar den notaris mr. Gerard Burghout en getuijgen alhier gepasseert) aangestelde voogdesse en voogden over Gerrit Jacobs Timmer en Trijntje Jacobs Timmer, de twee minderjarige nagelatene kinderen van wijlen de voornoemde Jacob Jansz Timmer in huwelijk verwekt bij de eerste comparante Aaltje Jacobs (...) woonende de eerste comparante in de Bijlmermeer, de tweede en derde comparanten in Duijvendregt, de vierde comparant bi Bron: SA Amsterdam, ONA Amsterdam (toegangsnr. 5075), inv.nr. 11523A, aktenr. 201235, d.d. 20-11-1753 | Timmer, Jacob Jans (I3148)
|
| 3793 | NH dopen Alphen 09-10-1633 Merritgen; o. Michiel Sijmonsz; g. Annetgen Sijmons 25-03-1635 Meijnsien; o. Michiel Sijmonsen; g. Dirck Cornelisz, Neeltien Gerrits en Meijnsien Gerrits 28-12-1636 Sijmon; o. Michiel Sijmonzen; g. Merritien Claes 27-02-1639 Cornelis; o. Michiel Simonsz; g. Trintgien Jansdr 20-02-1641 Willem; o. Michiel Simonsz; g. Trijntgien Jansdr 09-04-1642 Dirck; o. Michiel Simonsz; g. Neeltgien Willemsdr 06-01-1644 Cornelis; o. Michiel Simonsz; g. Neeltgien Willemsdr 19-01-1648 Jan; o. Michiel Simonsz; g. Grietgen Jacobsdr 29-12-1649 Annetgien; o. Michiel Simonsz; g. Dirck Cornelisz, Jannetgien Gerritsdr en Lijsbet Cornelisdr 01-03-1651 Grietjen; o. Michiel Simonsz 22-12-1652 Marritien; o. Michiel Simonsz; g. Maertien Gerritsdr 09-08-1654 Maertgen; o. Michiel Simonsz; g. Maertgen Gerritsdr 22-10-1656 Trijntjen; o. Michiel Simonsz; g. Neeltjen Willemsdr --- Dirck Cornelis van Swieten, toekomende bruidegom, ter eenre en Annitgen Sijmonsdr, wonende te Oudshoorn, toekomende bruid met haar broer Michiel Sijmonsz en haar oom Jacob Claesz Capijteijn als voogden, ter andere zijde, besluiten een huwelijk aan te gaan op de volgende condities. De bruidegom brengt in een deel van het land dat hij met zijn broers en zusters in het gemeen bezit, ook brieven en obligaties, geschat op 2.000 gulden. De bruid brengt in 5 morgen 4 hond land, nog 2 morgen 1½ hondland en nog 4 morgen land, alles in Oudshoorn. Nog aan brieven en obligaties e.a. in waarde 2.450 gulden. Bij overlijden van één van beiden worden de gebruikelijke successieregels gevolgd. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 134, d.d. 03-01-1635 --- "d'eersame Michiel Sijmonsz ende d'eerbare Elijsabeth Gerritsdr echte man ende vrou beijde woonachtich inden ambachte van Outshoorn clouck ende gesont van lichamen gaende ende staende" Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 752, aktenr. 16, d.d. 11-03-1645 --- Ghijsbert Pietersz van der Sluijs, wonend aan de Aardijk in Aarlanderveen, voor de ene helft en Jan Jansz Vermij en Sijmon Jansz Vermij, wonend in Oudshoorn, als ooms en voogden over de drie kinderen van Maritgen Jansdr Vermij en Ghijsbert Pieterszvan der Sluijs, voor de andere helft, verkopen aan Michiel Sijmonsz, wonende te Oudshoorn, 5 hond hooiland onder Oudshoorn in de Grote polder, strekkende uit de dwarssloot van het land dat Jan Gerritsz Vermij kocht van Van der Sluijs voornoemd noordwaarts tot de scheisloot van Ter Aar, belend ten westen Michiel Sijmonsz en ten oosten Huijbert Ghijsbertsz. Betaals met een schuldbrief van 900 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 5, p. 90v, d.d. 19-12-1651 --- Jacob Dircksz Outshoorn, wonende in de Oostbuurt van Hazerswoude, zoon en enig erfgenaam van Dirck Cornelisz Outshoorn en Grietgen Jacobsdr, beiden overleden, verkoopt aan Michiel Sijmonsz 497 roeden slagturfland, strekkende van de partij gekochtt bij Jan Jacobsz Capiteijn en Claes Jansz Outshoorn tot de weduwe van Willem Claesz, belend ten oosten de weduwe voornoemd en ten westen de verkoper. Betaald met een schuldbrief van 800 gulden. Geroijeerd 02-03-1664. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 6, p. 2v, d.d. 02-03-1657 --- Michiel Sijmonsz, weduwnaar van Elisabet Gerritsdr Vaendraeger, voor een helft en Willem Gerritsz Vaendraeger voor zichzelf en opkomende voor zijn broer Dirck Gerritsz Vaendraeger, ooms en voogden over de tien nagelaten kinderen van Michiel Sijmonsz voornoemde, voor de andere helft, verkopen aan Simon Jansz Capiteijn, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, 5 hond slagturfland in de Grote polder, strekkende van het land gekocht door Jan Jacobsz Capiteijn en van Claes Jansz Outshooren tot Dirck Willemsz Bijlevelt, belend ten oosten Dirck Dircxsz van den Bos en ten westen Jan Jacobsz Capiteijn. Koopsom 900 gulden. Schuldbrief hierop geroijeerd 02-12-1663. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 6, p. 130, d.d. 11-03-1660 --- Sijmen, Willem, Dirck, Cornelis en Jan Michielsen, Claes Jansz Outshoorn, getrouwd met Meijnsje Michielsz, Cornelis Jansz van der Graft, getrouwd met Annetge Michielsdr, allen voor zichzelf en Jan Gerritsz Vermij, Pieter Gerritsz Vaendrager en Claes Jansz Outshoorn als voogden over Marritje Michielsdr, oud 20 jaar en Trijntje Michielsdr, oud 18 jaar, allen kinderen van Michiel Sijmonsz. Regeling der boedelscheiding. Sijmen en Willem vallen toe een huis, erf, berg, schuur en beplanting met 6 morgen 2 hond 50 roeden land in de Ridderbuurt van Oudshoorn, strekkende uit de Oudshoornse wetering tot Cornelis Jansz van der Graft en Trijntje Michielsz, belend ten oosten de weeskinderen van Gijs Huijberden en ten westen Jan Dircxsz Hoochlant, welk gedeelte toekomt aan Sijmon en Willem Gielen (= Michielsz), waarvoor Sijmen Gielen nog te betalen heeft een obligatie van 1.000 gulden aankomende Willem Jansz in den Groenendijk en nog een obligatie van 1.400 gulden van Mr. Adriaen IJsbrantsz te Mijdrecht. Willem Mic Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 8, p. 73, d.d. 15-02-1674 --- Kohieren van de penningen van Rijnland, van 1675 tot 1682: 1675A 154 De erven van Michiel Symonsz zijn Jan Michielsz; Cornelis Michielsz; Dirck Michielsz; Willem Michielsz; Symon Michielsz te Leiderdorp; Tryntje Michiels; Cornelis Jansz van der Graft; Claes Jansz Outshoorn en Gerart Jansz van der Helm te Alphen. | Simons, Michiel (I2873)
|
| 3794 | NH dopen Alphen o.a.: 03-07-1644 Jacob; o. Dirck Jansz; g. Jan Jansz en Aeltgien Jacobsdr 12-05-1647 Geertgien; o. Dirck Jansz; g. Jan Dircksz en Lijsbeth Jansdr 14-09-1650 Joannes; o. Dirck Jansz woonende tot Langer Aar; g. Petrus Spruijtenburg en Neeltgien Dircksdr --- Jan Dirck Jan Pietersz, weduwnaar van Geertgen Govertsdr, ter eenre en Thijs Jansz, Lenart, Govert, Jan en Dirck Jansz Scheijnckevelt, mede Sijmon Huijgen, getrouwd met Lijsbeth Jansdr, samen kinderen van Geertgen Govertsdr, hun overleden moeder, ter andere zijde. Regeling der moederlijke nalatenschap. Jan Dircxsz, als weduwnaar en vader, behoudt een huis en erf in de Hoorn tussen Rijndijk, belend ten oosten Pieter Cornelisz van der Nath, heer van 's-Gravenambacht, ten westen Jan Jansz voorn., met zijn deel. Thijs Jansz ontvangt 8 hond land in Oudshoorn, belend ten oosten Jan Jacobsz Capiteijn, ten zuiden en westen de weduwe van Willem Pietersz, ten noorden Claes Huijgensz. Jan Jansz valt toe een huis met 8 morgen 4 hond land in Alpherhoorn, strekkend uit de Rijn tot in de Molenwetering, belend ten oosten van der Nath voorn., ten westen Jan Henricxsz Cop, Aert Gijsbertsz Turkenburch en Ariën Dircxsz van der Tocht. Sijmen Huijgensz, nomine uxoris, is toebedeeld 2 morgen land in Oudshoorn, belend ten o Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 15, p. 14, d.d. 23-05-1647 --- Dirck Jansz Schenckevelt, nu wonende te Langeraar, verkoopt aan Klaes Huijgen, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, 750 roeden veenland in de Grote polder van Oudshoorn, belend ten oosten Jan Jacobsz Capeteijn, ten zuiden Cornelis Huijgen en ten westen en noorden de koper. Koopsom 125 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 7, p. 77, d.d. 26-08-1665 --- Dirck Jansz Calshoven met procuratie van Cornelis Dircksz Schenckevelt en Dirck Jorisz Batelaen, getrouwd met Aeltgen Dircksdr Schenkevelt, beiden voor zichzelf en opkomend voor hun broer Jacob Dircksdr Schenckevelt en hun zwager Dirck Pietersz vanDam, getrouwd met Geertgen Dircksdr Schenckevelt, samen kinderen van Dirck Jansz Scheckevelt, procuratie gepasseerd voor notaris Joan Hendrick Rosenboom d.d. 10-02-1681, verkopen Cornelis Maertensz Blom een huis en erf in Alpherhoorn tussen de Hoge Rijndijk en de Rijn, belend ten oosten de erfgenamen van wijlen Joan Le Plae, ten westen Francoijs van Bercken. Koopsom 150 gulden. Schuldbrief geroijeerd 30-05-1700. Borgen: Dirck Matheusz Teijlingerbroek en Jan Maertensz Blom. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 23, p. 65, d.d. 12-02-1681 | Schenkeveld, Dirk Jans (I2804)
|
| 3795 | NH dopen Alphen o.a.: 17-09-1651 Pieter; o. Dirck Cornelisz; g. Maerten Krijnen en Beatrix Dircksdr 16-09-1657 Trijntje; o. Dirck Cornelisz; g. Willem Corsen en Annetgen Floresdr 03-02-1664 Pieter; o. Dirck Cornelissen; g. Boon Florissen en Margje Cornelissen --- Annetje Cornelis Victorij, weduwe van Jan Sijmensz van Rijn, geassisteerd met Dirck Cornelisz Victorij en Bruijn Gijsbertsz Eeuverendam, Arij Dircxsz Buijtendijck, getrouwd met Aeltje Joris van Rijn voor zichzelf en mede opkomende voor Cornelis Jorisz van Rijn, Jacob Dircxsz mede opkomende voor Gerrit Dircksen Ket, getrouwd met Geertje Joris van Rijn, kinderen van Joris Sijmensz van Rijn, verkopen aan Cornelis Claesz van Tol den Ouden twee huizen en erven met berg, schuren en beplanting met 8 morgen land in de Vrouwgeestpolder in de Gnephoek, belend ten oosten Floris Bruijnen Stam en juffrouw de Veth c.s., ten zuiden de Uiterwetering, ten westen de watermolen en de huiszittendemeesteren van Leiden en Jan Willemsz Boodt en ten noorden de grens met Woubrugge. Koopsom 2.500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 9, p. 143v, d.d. 06-05-1683 --- Annetje Cornelis Victorij, weduwe van Jan Sijmensz van Rijn, geassisteerd met Dirck Cornelisz Victorij en Bruijn Gijsbertsz Eeuverendam, Arij Dircxsz Buijtendijck, getrouwd met Aeltje Joris van Rijn voor zichzelf en mede opkomende voor Cornelis Jorisz van Rijn, Jacob Dircxsz mede opkomende voor Gerrit Dircksen Ket, getrouwd met Geertje Joris van Rijn, kinderen van Joris Sijmensz van Rijn, verkopen aan Floris Bruijen Stam de helft van 3 morgen 225 roeden veenland liggende in de Heuvelpolder van Oudshoorn, belend in het geheel ten oosten de kinderen van Gijsbert Dircxsz Cop, ten westen Cornelis Claesz Huijgen en Jan Roelen, ten zuiden de Heuvelwetering en ten noorden de Duikerwetering. Koopsom 555 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 9, p. 145, d.d. 06-05-1683 --- Dirck Cornelisz Victorij, wonend in de Gnephoek, verkoopt aan Willem Claesz Reijnsburger, wonende te Alphen, 3 morgen land in de Gnephoeksepolder, strekkend van het Jaagpad tot de ontvanger Hendrick Poock, belend ten oosten de weduwe van Sijmon Vliethoorn en ten westen Poock voornoemd; nog 2 morgen land, liggende als voren, strekkende van de heer Poock "tot deselve toe", belend ten oosten de weduwe van Sijmon Vliethoorn en ten westen Bruijn Gijsbertsz Euverendam; nog 3 hond in de Vrouwgeestpolder in de Gnephoek, strekkende van Poock voornoemd tot aan het Woudambacht, belend ten oosten de weduwe van Vliethoorn voornoemd en ten westen Bruijn Gijsbertsz Euverendam. Koopsom 2.200 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 11, p. 117v, d.d. 22-01-1700 | Victorie, Dirk Cornelis (I3378)
|
| 3796 | NH dopen Alphen: 01-07-1703 Arie; o. Pieter Ariensze van dr. Does en Cornelia Stoffels IJsserman; g. Lijsbeth Ariens 06-09-1705 Gerrit; o. Pieter Ariensze van der Does en Cornelia Stoffels IJsserman; g. Marrijtie Theunis 10-04-1707 Jannitje; o. Pieter Arienze van d. Does en Cornelia Stoffels IJsserman; g. Annetje Stoffels IJsserman 21-04-1709 Hillegond; o. Pieter Ariensze van dr. Does en Cornelia Stoffels IJsserman; g. Lijsbet Ariens van dr. Does 15-03-1711 Stijntje; o. Pieter Arienze van der Does en Cornelia Stoffels IJsserman; g. Marritje Theunis 10-09-1713 Gerrit; o. Pieter Adriaanze van der Does en Cornelia Stoffels IJsserman; g. Marritje Sijmens van Leeuwen NH dopen Leiden: 16-08-1716 Stijntie; o. Pieter Arendtz van der Does en Cornelia Stoffels IJserman; g. Aasje Stoffels IJserman | van der Does, Pieter Ariens (I903)
|
| 3797 | NH dopen Alphen: 02-04-1684 Lijsbet; o. Cornelis Sijmonz van Heijningen en Maritje Jacobs Verhagen; g. Maritje Ariens van der Mark en Arien Sijmonz van Heijningen 13-05-1685 Grietje; o. Cornelis Sijmonz van Heijningen en Marijtje Jacobs Verhaegen; g. Engeltje Jacobs Verhaegen en Sijtje 08-10-1688 Sijmon; o. Cornelis Sijmonz van Heijningen en Marritje Jacobs Verhagen; g. Hendrick Sijmonz van Heijningen en Maritjen Ariens van der Marck 07-01-1691 Lijsbeth; o. Cornelis Sijmonz van Heijningen en Maritje Jacobs Verhagen; g. Jan Sijmonz van Heijningen en Trijntje Cornelis Tromp 24-05-1693 Jacob; o. Cornelis Zijmonz van Heijningen en Marritje Jacobs Verhagen; g. Arent Verhagen en Dirckje Jacobs NH dopen Leiderdorp: 01-01-1696 Maarten; o. Cornelis Simons van Heijningen en Maartie Jacobs Verhagen; g. Maarten Ariens van der Mark 18-01-1699 Fijtie; o. Cornelis Sijmons van Heijninge en Maertie Jacobs Verhage; g. Jacob Arisse van der Mark en Lijsbeth Cornelisse Croon --- 16-5-1692: Cornelis Sijmonsz van Heijningen, Niesje Cornelis int Hout, Arent Jacobsz Verhagen, Willem Cornelisz int Hout, Pieter Jansz van Leeuwen, Jannitje Jacobs Verhoeff, allen voor henzelf en vervangende Maerten Jacobsz Verhoeff, Jacob Jaspersz Verhoeff en Jaepje Verhagen, nog Pieter Jansz van Leeuwen, mede voogd van Grietje, Jan en Cornelis Pietersz van Leeuwen, en Maerten Dircxsz Lelijvelt als voogd van Pieter en Annetje Jaspers Verhoeff, samen erfgenamen van Grietje Engels Verhagen, machtigen Cornelis Pietersz van Muijen om voor het gerecht van Waarder te transporteren aan Jan Cornelisz int Hout een vierde deel, gemeen gelegen in 1 morgen 5 hond land, in het Westeinde van Waarder, belend in het geheel ten oosten Arij Jansz Snoeck, ten zuiden de Ruigeweidse landscheiding, ten westen Dirck Willemsz Pols en ten noorden de Westeinder wetering, door Jan Cornelisz int Hout op 4-1-1692 gekocht van de erfgenamen voor 51 gulden. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 57, fol. 188 (FS scan 176/416). Cornelis Sijmonsz van Heijningen, Jan Cornelisz in 't Hout, Niesje Cornelis in 't Hout, Cornelis Pietersz van Muijen, Arent Jacobsz Verhagen, Willem Cornelisz in 't Hout, Pieter Jansz van Leeuwen, Jannitje Jacobsz Verhoeff, allen voor zichzelf en optredende voor Maerten Jacobsz Verhoeff, Jacob Jaspersz Verhoeff, Annetje Cornelisz in 't Hout en Pieter Jansz van Leeuwen als voogden over Grietje, Jan en Cornelis Pietersz van Leeuwen, Cornelis Pietersz van Muijen als voogd over Claes en Cornelia Cornelisdr in 't Hout en Maerten Dircxsz Lelijvelt als voogd over Pieter en Annetje Jaspersdr Verhoeff, allen erfgenamen van Grietje Engelsdr Verhagen, verkopen aan Matteuwis Dircxsz Spruijtenburch een huis en erf aan 's-Molenaarsbrug in de Gnephoek, belend ten oosten de Heimanswetering, ten zuiden het Gemeenlandshuis van Rijnland, ten westen Willem Jansz Versloot en Matijs Sijmonsz Bosman en ten noorden de weduwe van Klaes Jansz Onnosel. Koopsom 860 gulden. [Grietje Engels Verhagen was de dochter van Engel Jacobs Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 10, p. 127v, d.d. 16-05-1692 *** NB. Bovenstaande akte geeft veel familiebanden weer. De erflater is Grietje Engels Verhagen. Zij is de kleindochter van Jacob Wollebrandsz Verhagen de jonge en de dochter van Engel Jacobsz Verhagen en Fijgje Cornelis in 't Hout. Jacob Wollebrandsz Verhagen is hertrouwt met Grietje Jans van Langevelt. Maerten Jacobsz en Jannitje Jacobs Verhoeff zijn haar kinderen die ze samen met Jacob Jaspersz Verhoeff heeft gekregen. Jacob, Pieter en Annetje zijn de kinderen van Jasper Jacobsz Verhoeff, dus de kleinkinderen van Grietje Jans van Langevelt. Arent Jacobsz Verhagen is een zoon en Cornelis Sijmonsz van Heijningen een schoonzoon van Jacob Wollebrandsz Verhagen. Blijft over de familie In 't Hout, waarbij het iets ingewikkelder ligt. Jan, Annetje, Marrigje, Fijgje, Niesje en Cornelis zijn allemaal kinderen van Cornelis (Claesz?) in 't Hout, maar niet allemaal bij dezelfde vrouw. Niesje en Cornelis zijn hele broer en zus van elkaar, net als Jan, Annetje, Marrigje en Fijgje. Pieter Jansz van Leeuwen is de man [Op 5-3-1681 testeren Jan Cornelisz int Hout en Annitjen Cornelis int Hout, broer en zus wonende in het Westeinde van Waarder. Merrighjen en Fijghjen Cornelis int Hout zijn hun hele zussen, Niesgen Cornelis int Hout is hun halfzus. Cornelis Cornelisz int Hout is hun halfbroer. RHCRL, ona Woerden 8559, aktenr. 9] *** Jacob van Dorp, schout van Alphen, als curator over het huis en erf in Alpherhoorn van Cornelis Maartensz Blom, overleden te Alphen, en zijn weduwe Geertje Dirx van der Keijser, verkoopt dit huis en erf bij publieke veiling aan Cornelis Sijmonsz van Heijningen, strekkend van de Hoge Rijndijk tot in de Rijn, belend ten oosten de erfgenamen van Johanna van Hoogmade, ten westen Francoijs van Bercken. Koopsom 330 gulden. (zie ook RA Alphen invnr. 27 folio 23 d.d. 30-05-1700) Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 25, p. 102, d.d. 07-04-1693 --- Onderwerp: Huis en erf Omschrijving locatie: in de Kerkbuurt tussen de 2 steenplaatsen, ten N. Gerrit Starrevelt, ten Z. Wouter Buytendijck Koopsom: fl.66,- Waarbrief: 13-11-1694 Kaart: 1715 Bron: ELO, Transportregister (toegangsnr. 800), inv.nr. 1604, fol. 52A, d.d. 09-05-1699 --- Cornelis Sijmonsz van Heijningen, wonend te Leiderdorp, werd op 07-04-1693 (RA Alphen invnr. 25 folio 102) eigenaar van een huis en erf in Alpherhoorn, strekkend van de Hoge Rijndijk tot in de Rijn, nu belend ten oosten de weduwe en erfgenamen van Adriaan Gijs, ten westen Francois van Berken. Hij verkoopt dit aan Hendrik Sijmonsz van Heijningen, wonend te Alphen. Koopsom 500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 27, p. 23, d.d. 30-05-1700 | van Heijningen, Cornelis Simons (I1323)
|
| 3798 | NH dopen Alphen: 04-02-1720 Trijntje; o. Klaas Willemze Rijnsburger en Crijntje Andries Groeneveld; g. Marrigje Willems Rijnsburger 25-11-1721 Willem; o. Klaas Willemze Rijnsburger en Krijntje Andries Groeneveld; g. Lijsje Willems Rijnsburger 23-07-1724 Andries; o. Klaas Willemze Rijnsburger en Krijntje Andries Groeneveld; g. Jannigje Groeneveld 19-04-1726 Klaas; o. Klaas Willemze Rijnsburger en Krijntje Andries Groeneveld; g. Marrigje Willems Rijnsburger 28-09-1727 Marrigje; o. Klaas Willemze Rijnsburger en Krijntje Andries Groeneveld; g. Marrigje Ariens Plemper 17-02-1729 Maartje; o. Klaas Willemze Rijnsburger en Krijntje Andries Groeneveld; g. Marrigje Ariens Plemper 30-01-1732 Klaesje; o. Klaes Willemsz Rijnsburger en Burgje Japiks v. der Sijden; g. Marrigje Klaes Suidervliet --- "Klaas Willemsz Rijnsburger die in 1764 in de Oudshoornse Gnephoek woonde was boer. Hij bezat een huis en erf met hooiberg, schuur en zomerhuis met ruim drie morgen wei- en bouwlan en verhandelde boter. Hij had ook een perceeltje veenland van 490 roeden, waaruit hij in 1763 slechts twintig roeden veende. Hij deed dat dus alleen voor eigen gebruik, want de boedel geeft geen enkele aanwijzing dat hij ook turf verhandelde." Bron: Riet, A.J.J. (2005). Meeten, boren en besien: Turfwinning in de buitenrijnse ambachten van het Hoogheemraadschap van Rijnland 1680-1800 [Proefschrift]. Hilversum: Uitgeverij Verloren. --- Claas Reijnsburger, weduwnaar van Crijntje Andriesdr Groeneveld, wonende te Alphen, ter eenre en Cornelis Reijnsburger, wonende te Zwammerdam, voogd over de minderjarige kinderen Trijntje, oud 11 jaar, Willem, oud 10 jaar, ter andere zijde. Deling der moederlijke nalatenschap. Claas Reijnsburger zal zijn kinderen onderhouden en opvoeden tot de leeftijd van 25 jaar en betaald dan uit ieder 3 gulden 3 stuivers. Zelf blijft hij in het bezit der gehele boedel. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 31, p. 145, d.d. 06-04-1731 --- EXTRACT. Scheiding voor notaris Adriaan Roosenboom te Alphen van de boedel van Willem Klaasz Rijnsburger door Klaas Willemsz Rijnsburger, wonende te Hazerswoude, Cornelis Willemsz Rijnsburger te Aarlanderveen, Dirk Willemsz Rijnsburger te Amstelveen, Cors Cornelisz Alblas, gehuwd met Marritje Willems Rijnsburger, wonend te Alphen, Gerrit Willemsz Nederstigt, gehuwd met Annetje Willems Rijnsburger, wonend te Korteraar, Cornelis Klaasz Bosman, gehuwd met Lijsbet Willems Rijnsburger, wonend te Aarlanderveen en Jan Geerlofsz Soet, weduwnaar van Cornelia Willems Rijnsburger te Alphen, samen kinderen en erfgenamen van Willem Klaasz Rijnsburger. Klaas Willemsz Rijnsburger ontvangt een huis en erf in de Gnephoek, strekkend van de Rijndijk totde volgende partij, belend aan de ene zijde de weduwe van Simon Vliethoorn en aan de andere zijde de volgende partij; nog 3 morgen land aldaar, strekkend van het jaagpad tot heer Pook, belend ten oosten weduwe Vliethoorn en ten westen voornoemde Pook; nog 2 morgen land al Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 21, p. 155v, d.d. 25-04-1737 --- Compareerde voor Adriaen Rosenboom, notaris te Alphen, Claes Willemsz Rijnsburger te Hazerswoude, Cornelis Willemsz Rijnsburger te Aarlanderveen, maar onder de parochie van Alphen, Dirk Willemsz Rijnsburger te Amstelveen, Kors Cornelisse Alblas, getrouwd met Marritje Willemsdr Rijnsburger, mede onder de parochie van Alphen, Gerrit Willemse Nederstigt, getrouwd met Annetje Willemsdr Reijnsburger te Korteraar, Cornelis Claese Bosman, getrouwd met Lijbet Willemsdr Reijnsburger te Alphen, samen kinderen van Willem Claesz Rijnsburger, die de nalatenschap van hun vader hebben verdeeld. Klaas Rijnsburger behoudt een huis en erf in de Gnephoek onder Oudshoorn, strekkend van de Rijndijk tot nagenoemd perceel, belend enerzijds de weduwe van Sijmon Vliethoorn, anderzijds volgend perceel. Nog 3 morgen land, gelegen als het vorige, strekkend van het Jaagpad tot de heer Pook, belend ten oosten de weduwe van Sijmon Vliethoorn en ten westen de heer Pook. Cornelis Clase Bosman is toebedeeldeen huis, erf, berg en schuu Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 10, p. 159, d.d. 25-04-1737 --- Rentebrief van Klaas Willemsz Reijnsburger ten behoeve van Jacob van Honselaarsdijk te Koudekerk, groot 1.000 gulden als lening. Gesteld onderpand: een huis, erf, berg, schuur met het land daarachter in de Gnephoekse polder, te verongelden voor eenhuis en 2 morgen 450 roeden, strekkende uit de Lage Rijndijk tot in de Molenwetering, belend ten oosten schepen Groeneveldt en ten westen de erfgenamen van mevrouw Pook. Geroijeerd 03-01-1749. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 17, p. 234, d.d. 29-12-1738 --- Rentebrief. Klaas Willemsz Rijnsburger is schuldig aan Jan Aalbertsz Blom 1.000 gulden. Gesteld onderpand: een huis, erf, berg en schuur met het bijbehorende land daarachter in de Gnephoekse polder in de Gnephoek, te verongelden voor een bouwhuis en 2 morgen 450 roeden, strekkende van de Lage Rijndijk tot in de Molenwetering, belend ten oosten de heer Groeneveld en ten westen de erfgenamen van mevrouw Pook. Geroijeerd 12-05-1766. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 20, p. 5, d.d. 03-01-1749 --- akte van voogdij van Klaas Willemsz Rijnsburger, te Oudshoorn. Volgens testament van Rijnsburger en zijn vrouw, 21-08-1750 voor notaris Grrit van der Hoep te Woubrugge, warens executeurs en voogden Cornelis Willemsz Rijnsburger (broer) te Aarlanderveen en Michiel Abshoven te Oudshoorn. Getuigen Anthonij van der Hoep en Willem Hendriksz Schuddeboom. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Oudshoorn (toegangsnr. 113.2.01), inv.nr. 16, d.d. 11-08-1762 --- Staat en inventaris van de boedel en goederen van Klaas Willemse Rijnsburger en zijn huisvrouw Sijburg van der Zijden in gemeenschappelijk bezit; Rijnsburger was overleden op 05-02-1764; dit op aangeven van Sijburg van der Zijden ten overstaan van Cornelis Willemse Rijnsburger en Michiel van Abshoven als executeurs. Hun testament was van 21-08-1750 voor notaris Gerrit van der Hoep te Woubrugge; er was geprelegateerd aan: dochter Trijntje Klaase Rijnsburger 200 gulden; tot enige en algehele erfgenamen waren benoemd zijn 2 voorkinderen Willem en Trijntje uit het huwelijk met Krijntje Dirkse Groeneveldt) en de eventuele kinderen uit zijn tweede huwelijk (die er niet kwamen), alsmede zijn laatste echtgenote. Tot de onroerende goederen behoorden o.a.: een huis en erf met hooiberg, zomerhuis, schuur etc. gelegen aan de lagen Rijndijk in de Gnephoekse polder, een partijen weiland, hooiland en veenland, door Klaas zelf bewoond en gebruikt; een hypotheek van 1.000 gulden, obligaties. Voorts goud en sieraden, h Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Oudshoorn (toegangsnr. 113.2.01), inv.nr. 40, d.d. 29-09-1764 --- Rekening, bewijs en reliqua met staat, schifting en deling van de boedel en goederen in gemeenschap bezeten door Klaas Willemse Rijnsburger en Sijburg van der Zijden, door Klaas op 05-02-1764 voor zijn helft met de dood ontruimd en volgens het testament van 21-08-1750 ten behoeve van zijn kinderen Willem en Trijntje alsmede zijn huisvrouw, ieder voor een derde deel nagelaten. De ontvang bedroeg in totaal 6.415 gulden 12 stuivers 8 penningen; de uitgaven en lasten bedroegen 891 gulden 17 stuivers 5 penningen. Te verdelen viel 5.523 gulden 15 stuivers 3 penningen. Weduwe Sijburg ontving de helft en nog een derde deel van de andere helft, totaal 3.682 gulden 10 stuivers 2 penningen; daarvoor werd toebedeeld o.a. het huis en erf etc in deLagewaart (waarde 790 gulden), hypotheek en obligaties met rente, alles samen 2.389 gulden en het restant in geld. De kinderen ontvingen ieder 920 gulden 12 stuivers 8 1/2 penningen. Getuigen: Willem van de Werken en Dirk Zeelenberg. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Oudshoorn (toegangsnr. 113.2.01), inv.nr. 40, d.d. 29-09-1764 | Rijnsburger, Claas Willems (I2697)
|
| 3799 | NH dopen Alphen: 04-12-1748 Klaes; o. Jacob v. der Hoeven en Geetruij Boot 29-08-1751 Pieter; o. Jacob v. der Hoeven en Geetruij Boet; g. Magelina v. der Hoeven 15-10-1752 Magtalina; o. Jacob v. der Hoeven en Geetruij Boot 06-10-1754 Abraham; o. Jacob van der Hoeve en Geetruij Boot; g. Geertruij Boot 02-11-1755 Grietje; o. Jacob van der Hoeve en Geetruij Boot; g. ouders 23-01-1757 Jacob; o. Jacob v. d. Hoeven en Geetruij Boot; g. Marija Rijsevelt 10-09-1758 Jacob; o. Jacob van der Hoeven en Geetruij Boot; g. Maria Rijzevelt 20-01-1760 Marrigje; o. Jacob van der Hoeven en Geetruij Boot; g. Geertruij Boot 21-02-1762 Isaac; o. Jacob van der Hoeven en Geetruij Boot; g. Geertruij Boot 10-04-1763 Isaac; o. Jacob van der Hoeven en Geetruij Boot; g. Geertruij Boot 13-08-1769 Geertruij; o. Jacob van der Hoeven en Geetruij Boot; g. Geertruij Boot 01-01-1771 Geertruij; o. Jacob van der Hoeven en Geetruij Boot | van der Hoeven, Jacob Claas (I1416)
|
| 3800 | NH dopen Alphen: 05-05-1637 Hugo; o. Claes Reijersen; g. Machtelt Cornelis de moeder 30-05-1638 Trijntgien; o. Claes Reijersz; g. Dirck Teunisz en Hilligont Cornelisd --- ...... Louris en Govert Cornelisz als voogden over Claes Cornelisz en Annetje Cornelisdr, kinderen en erfgenamen van Cornelis Huijgenz en Aechje Thonisdr, gewoond hebbende in het Rietveld en aldaar overleden, verkopen aan de broers Lucas Reijersz en Claes Reijersz 7 morgen land in het Rietveld waaronder de helft van een vogelkooi met al het tamme gevogelte, waarvan 6 morgen gemeen liggen met de weduwe van Reijer Huijgenz, belend ten zuiden Cornelis Cornelisz en Maritje Cornelisdr, de ambachtsheer van Hazerswoude en Fabiaen van Vliet, ten westen de verkopers en ten noorden dezelfde en de weduwe en kinderen van Reijer Huijgenz, ten oosten Johan van der Meer. Koopsom 1.400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 24, p. 393, d.d. 14-06-1638 --- Lucas Reijersz, Cornelis Reijersz, Cors Reijersz en Claes Reijersz, Huijch Jansz Speijert, gehuwd met Aechje Reijersdr, Neeltje Reijersdr, ongehuwd persoon met Cornelis Jacobsz Craen als haar voogd en nog Cornelis Reijersz als oom en voogd over de twee minderjarige weeskinderen van Maritje Reijersdr bij Thonis Jansz Speijert, kinderen en kleinkinderen van Reijer Huijgenz, delen de boedel. Lucas en Claes ontvangen 17 hond 25 roeden land met de helft van een vogelkooi en het tamme gevogelte gelegen Buitenweg in het Rietveld met 20 hond land mede aldaar gelegen, belend ten oosten Jan Sijmonsz van Vliet, Dirck Jan Thonisz en Sijmon Cornelisz Langendam, ten zuiden de ambachtsheer van Hazerswoude en Cornelis Jansz van der Heij ..... een somma van 1.200 gulden, waarmee de boedel is belast. Lucas alleen ontvangt de helft van 30 hond 25 roeden met de vogelkooi en het tamme gevogelte alsmede nog 14 hond land mede gelegen in het Rietveld, belend tezamen ten oosten Sijmon Cornelisz Langendam, Dirck Jan Thonisz en Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 25, p. 67v, d.d. 08-11-1639 --- Adriaen Adriaensz te Boskoop verkoopt aan Claes Reijersz aan de Hoge Rijndijk 1 morgen 17 roeden land gelegen in het Rietveld, belend ten oosten Cors Reijersz, ten zuiden Lucas Reijersz, ten westen Neeltje Reijersdr en ten noorden dezelfde en Huijch Jansz Speijert, belast met 10 stuivers pacht per jaar alsmede 1/6e gedeelte van 3 gulden per jaar op 6 morgen land. Koopsom 400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 28, p. 88v, d.d. 25-03-1652 --- Neeltje Reijersdr en Huijch Jansz Speijert verkopen aan Claes Reijersz, hun broer en zwager, 12 hond 34 roeden weiland gelegen in het Rietveld, belend ten oosten Cornelis Reijersz en Cors Reijersz, ten zuiden de koper, ten westen Thijs Luijtenz en Nicolaes van Gerwen en ten noorden voornoemde Van Gerwen. Koopsom 776 gulden 6 stuivers. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 30, p. 231v, d.d. 16-09-1658 --- Maritje Cornelisdr in ’t Hout, weduwe van Huijch Cornelisz met haar tegenwoordige man Willem Adriaensz,wonende in het Rietveld, ter ene en Claes Reijersz en Govert Corsz van Bijstervelt als voogd over Aechte, oud 15 jaar, nagelaten weeskind, ter andere zijde verwijzen naar het testament voor Johannes Ooms van 13-04-1654. Moeder behoudt alles en zal dochter opvoeden tot 20 jaar en dan 3.000 gulden uitkeren. Gestelde waarborg: een huis en erf met boomgaard alsmede 8 1/2 morgen land in deRietveldse polder, belend ten oosten de weduwe of kinderen van Lucas Reijersz en Claes Reijersz, ten zuiden dezelfde Claes Reijersz en Maerten Tonisz, ten westen de weduwe van Cornelis Jansz Vromesteijn en ten noorden de Nieuwe Vaart. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 31, p. 176v, d.d. 15-01-1660 --- Machtelt Cornelisdr, weduwe van Claes Reijersz van Leeuwen, Reijer Claesz van Leeuwen en Teunis Claesz van Leeuwen en Jan Simonsz Cop als testamentaire voogd en Gijsbert Gerritsz Outshoorn als geassumeerde voogd over de na te laten minderjarige kinderen voor de helft, Weijntje Thijsdr weduwe Lucas Reijersz van Leeuwen voor 1/4e, Pieter Arijaensz Clevesteijn, gehuwd geweest met Aechje Lucasdr van Leeuwen voor 1/8, verkopen aan Matthijs Lucasz van Leeuwen, wonende in het Rietveld, 7/8 van 13 morgen land in het Rietveld met daarin een vogelkooi met het tamme gevogelte en gereedschap, waarvan de koper al 1/8 deel bezit, belend in zijn geheel ten oosten Pieter Berckel en Teunis Maertensz, ten zuiden de schout van Boskoop, Willem Cornelisz Oosterling, Bouwen Maertensz, Cornelis Maertensz, Jan Cornelisz kuiper, de ambachtsheer van Hazerswoude en Cornelis Jansz Verheij, ten westen Teunis Maertensz en Willem Ariensz, ten noorden dezelfde Willem Ariensz en Weijntje Thijsdr en haar kinderen. Koosom 975 gulden te Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 33, p. 4, d.d. 16-04-1664 --- Willem Claesz van Leeuwen, wonend in Alpherhoorn, voor zichzelf en met procuratie van Reijer, Thonis en Cornelis Claeszn van Leeuwen, Arien Jacobsz Kopper, getrouwd met Marija Claesdr van Leeuwen, zijn broers en zwager, kinderen van Claes Reijersz van Leeuwen, procuratie gepasseerd voor notaris Gerardt van Kerkhem te Leiden d.d. 10-04-1674, verkoopt en is schuldig Cornelis Claesz Oudewater, wonend te Zoeterwoude, een losrente van 75 gulden per jaar, hoofdsom 1.500 gulden. Gesteld onderpand: een huis, berg en schuur met 11 morgen land in de polder achter de kerk, belend ten oosten Silvester Heerman, heer van Zuidwijk, ten zuiden de Dwarskade, ten westen de Compierekade, ten noorden de Rijn. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 22, p. 91v, d.d. 03-05-1674 --- Reijer Claesz van Leeuwen, Tonis Claesz van Leeuwen, Willem Claesz van Leeuwen, Cornelis Claesz van Leeuwen en nog Arie Jacobsz Coppen, gehuwd met Maritje Claesdr van Leeuwen, allen kinderen van Claes Reijersz van Leeuwen en Machtelt Cornelisdr, beiden overleden, verkopen aan Cornelis Cornelisz Wittemoer een partij weiland in de Rietveldse polder, groot 4 morgen 68 roeden, belend ten oosten Boudewijn van Hijselendoorn, schout van Boskoop, ten westen Matthijs Lucasz van Leeuwen c.s., ten zuiden de Kerkvaart en ten noorden de weduwe van de advocaat van Gerwen, belast met een erfpacht van 2 pond per jaar, een gedeelte van 3 pond, waarvan 1 pond wordt betaald door de schout van Boskoop ten behoeve van Elisabeth van Onderwater, te betalen aan de weeskinderen te Leiden. Koopsom 1.400 gulden, waarvan 450 gulden contant en 950 gulden met een schuldbrief. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 35, p. 61v, d.d. 07-05-1676 --- Thonis Claesz van Leeuwen, wonende te Alphen, is 1.000 gulden schuldig aan Philippus van der Velde, wonende te Leiden, met hypotheek op een partij wei- of hooiland in de Rijnenburger polder, groot 3 morgen 1 hond, belend ten oosten en noorden Reijnout Michielsz c.s., ten zuiden de afkomelingen van Olof Cornelisz en ten westen juffrouw Hoogeveen; nog een tuin of boomgaard in het Rietveld, groot 4 hond, belend ten oosten en zuiden Thijs Luijtten, ten westen Arnoldus van Leeuwen en ten noorden de weduwe van Cornelis Reijersz, welke partijen hem aanbedeeld zijn uit de boedel van zijn moeder Machtelt Cornelisdr, weduwe van Claes Reijersz van Leeuwen volgens de scheiding met zijn mede-erfgenamen voor notaris Arent van Os te Hazerswoudeop 24-04-1676; nog een partij hooiland in het Rietveld, groot 6 1/2 hond, belend ten oosten juffrouw van Gerwen, ten zuiden voornoemde boomgaard en ten westen en noorden voornoemde Arnoldus van Leeuwen, door hem aangekocht van de weduwe van Cornelis Reijersz van Leeuwen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Hazerswoude (toegangsnr. 143.1.01), inv.nr. 35, p. 144v, d.d. 19-10-1677 --- Willem Claesz van Leeuwen, wonend in Alpherhoorn, en Cornelis Claesz van Leeuwen mede aldaar, als borg, zijn schuldig aan de Diaconiearmen van Alphen een bedrag van 600 gulden over cassatie van een akte van borgtocht door Magtelt Cornelisdr,wijlen hun moeder, die weduwe was van Claes Reijersz, en borg voor Willem Dircksz Keth d.d. 20-05-1665, voor een bedrag van 500 gulden. Gesteld onderpand: een huis, berg en schuur met 11 morgen land onder Alpherhoorn in de polder achter de Kerk, belend ten oosten Silvester Heerman, heer van Zuidwijk, ten zuiden de Dwarskade, ten westen de Compierekade, ten noorden de Rijn. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 22, p. 315, d.d. 12-04-1679 --- Willem Martensz Peet en Willem van Leeuwen, als testamentaire voogden van Annitgen Claesdr van Oudewater, volgens het testament gepasseerd voor notaris Justus Gerstecorn te Leiden d.d. 09-12-1681, dragen over op Nicolaas Verdoes, wonend te Crooswijk, een losrentebrief d.d. 03-05-1674, ten laste van de kinderen van Claes Reijersz van Leeuwen van 75 gulden per jaar, hoofdsom 1.500 gulden, met als onderpand een huis, berg en schuur met 11 morgen land in Alpherhoorn in de polder achter de Kerk, belend ten oosten de erfgenamen van Diderick Heerman, heer van Zuidwijk, ten zuiden de Dwarskade, ten westen de Compierekade, ten noorden de Rijn. Koopsom 1.500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 23, p. 113, d.d. 20-05-1682 | van Leeuwen, Claas Reijers (I2128)
|