Treffers 3,901 t/m 3,950 van 5,326
| # | Aantekeningen | Verbonden met |
|---|---|---|
| 3901 | NH dopen Berkel: 12-10-1707 Johannes; o. Arie Janszen de Kneght en Marijtje Jans van der Meer; g. Heijltje Sanders h.v. Jan Janszen de Kneght NH dopen Overschie: 31-03-1709 Geertje; o. Arie Jansz de Knegt en Maartje Jans van der Meer; g. Treintje Jans de Knegt 31-08-1710 Annetje; o. Arie Jansz de Knegt en Maartje Jans van der Meer; g. Ariaantje Pieters Roggeveen 01-05-1712 Pietertje; o. Arij Jansz de Knegt en Maertje Jans; g. Maert Jansz NH dopen Berkel: 04-06-1713 Pieter; o Arie Janszen de Knecht en Marijtje Jans van der Meer; g. Heijltje Sanders Binnenweg h.v. Jan Janszen de Knecht 22-07-1714 Pieternelle; o. Arie Janszen de Knecht en Marijtje Jans van der Meer; g. Maartje Jans de Knecht h.v. Maarten Jacobszen Hoogevorst 25-12-1716 Cornelis; o. Arie Janszen de Knecht en Marijtje Jans van der Meer; g. Heijltje Sanders Binneweg h.v. Jan Janszen de Knecht 29-05-1718 Leenderd; o. Arie Janszen de Knegt en Marijtje Jans van der Meer; g. Adriaantje Pieters Roggeveen, wede. van Jan Corneliszen de Knegt wier plaats vervult was door Trijntje Jans de Knegt h.v. Simon Corneliszen Schipper 22-12-1720 Adriaantje; o. Arie Janszen de Knegt en Marijtje Jans van der Meer; g. Martijntje Ariens de Knegt 19-04-1722 Arie; o. Arie Janszen de Knecht en Marijtje Jans van der Meer; g. Susannetje Bergero wed. van Arie Janszen van der Meer 01-12-1723 Adriaantje; o. Arie Janszen de Knecht en Marijtje Jans van der Meer; g. Martijntje Ariens de Knecht --- 7 dito [september 1706] 't lijk van Geertje Cornsdr Schipper overlede huisvrou van Arij Jansse de Knegt, in een sware siekte van den voorn. Arij de Knegt aangegeven bij Jan Corns Schipper broeder van de overledene pro deo. Bron: Berkel - Registers van ontvangst van de impost op het begraven --- "aldus gedaen en gepasseert ten huijse van de comparanten ter presentie van Thijs Leendertsz Hogerbael ende Arije Jansze de Knecht als getuijgen" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 7, aktenr. 72, d.d. 12-03-1700 | de Knegt, Arie Jans (I1921)
|
| 3902 | NH dopen Berkel: 15-02-1665 Arij; o. Cornelis Arijensen en Jaepje Leenderts; g. Jan Arijensen en Maertje Arijensen 25-05-1666 Leendert; o. Cornelis Arijensen en Jaepje Leenderts 20-11-1668 Arent; o. Cornelis Arijensen en Jaepje Leendertse; g. Lisebet Claes 16-10-1672 Jan; o. Cornelis Ariense en Japie Leenders; g. Maertie Louwe 07-11-1674 Maritie; o. Cornelis Ariense en Jaepie Leenderts; g. Bettie Leenderts 01-01-1678 Martijtge; o. Cornelis Ariense Schipper en Jaapge Leenders; g. Jannitge Arens 03-12-1679 Maerten; o. Cornelis Ariens Schipper en Jaepje Leenders 12-04-1682 Simon; o. Cornelis Ariens Schipper en Jaepjen Leenders Versijde; g. Trijntje Alders --- "Sijmon Ariensz Schipper ende Lijsbet Claesdr echte man ende vrou wonende binnen desen ambachte van Berckel (...) ende stellende tot voochden eerst aende sijde van den voorsz. Sijmon Ariensz ingevalle hij eerst sterve mochte sijn Cornelis Ariensz Schipper ende Huijch Jansz Mol ende aende sijde vande versz. Lijsbet Claesdr ingevalle sij de eerst stervende mochte sijn Leendert ende Teunis Claesz haer testatrices broeders" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 3, aktenr. 82, d.d. 18-06-1673 --- "aldus gedaen ende gepasseert ten huijse van de comparanten ter presentie van Jacob Joosten van Nierop ende Cornelis Ariensz Schipper als getuijgen hier toe versocht" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 4, aktenr. 91, d.d. 30-08-1680 --- "Cornelis Ariensz Schipper wonende int noorteijnde deses ambachts mij notaris bekent dewelcke bekende bij desen wel ende deuchdelijck schuldich te wesen aen ende ten behoeve van Cornelis Arentsz Gouweleeuwe meester scheepmaecker wonende int gemeltenoorteijnde opte den rechten toonder deses de somme van tweehondert en vijff car. gulden tot twintigh stuijvers het stuck spruijtende uijt saecke over coop ende leverantie van een nieut turff schip bij hem comparant vollevert ontfangen" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 4, aktenr. 112, d.d. 27-02-1681 --- "aldus gedaen ende gepasseert ter presentie van Cornelis Pouwelsz Buijtewegh ende Cornelis Ariensz Schipper als getuijgen hier toe versocht" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 4, aktenr. 126, d.d. 27-06-1681 --- "staedt ende inventaris van den boedel ende goederen van Grietje Ariens Croneveen wede. van Arije Jacobsz van Noort in sijn leven meester timmerman tot Berckel (...) noch deselfte in een pertije lant off water gelegen in het gemelte noorteijnde gemeen als voren, te verongelden voor een mergen vijff hondt streckende van Cornelis Ariensz Schipper tot .. belegen ten noorden Pieter Aelbrechtsz Droge ende ten suijden Adriaen Leendertsz Swemkoop" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 5, aktenr. 41, d.d. 08-04-1684 | Schipper, Cornelis Ariens (I2818)
|
| 3903 | NH dopen Berkel: 19-02-1617 Neeltgen; o. Arien Pouwelsz en Maertgen Cornelis 21-07-1619 Cornelis; o. Arent Pouwels schouwt tot Berckel en Machtelt Cornelisd 21-11-1621 Meijntie; o. Arent Pauwelsz Conijenbergh en Magtelt Cornelis 04-08-1624 Neeltie; o. Arent Pauwelse van Conijnenbergh en Magtelt Cornelis 25-12-1626 Annetie; o. Arent Pauwelse en Magtelt Cornelis 24-02-1630 Pauwels; o. Arent Pauwelse van Conijnenbergh schout en Magtelt Cornelis; g. Arie Jansse Roskam en Cornelis Pauwelse 01-01-1633 Annetie; o. Arent Pouwelsz van Conijnenbergh en Magtelt Cornelis --- Akte van aanstelling voor Arent Pouwelsz Conijnenburch tot schout van Berkel en Rodenrijs Bron: SA Rotterdam, Ambachtsarchief Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1306), inv.nr. 62, d.d. 25-06-1617 --- Vidimus van het Hof van Holland van een akte uit 1612 waarbij Johan van Oldenbarnevelt, heer van Berkel en Rodenrijs, aan Arent Pouwels van Conijnenberch voor vijf jaar de functie van schout verpacht Bron: SA Rotterdam, Ambachtsarchief Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1306), inv.nr. 74, d.d. 01-01-1715 | Konijnenburg, Arend Paulus (I1942)
|
| 3904 | NH dopen Berkel: 19-07-1682 Jan; o. Simon Aelbregtsen Broekhuijsen en Lijsabeth Maertens Levelang; g. Ariaentje Pieters 08-10-1684 Cornelis; o. Simon Aalbregtse Broekhuisen en Lijsabeth Maartens Levenlang; g. Sijtje Cornelis Broekhuisen 15-06-1686 Maria; o. Simon Aalbregtsen Broekhuisen en Lijsabeth Maartens Levelang; g. Ariaantje Fransen 05-09-1688 Cornelis; o. Simon Aalbregtsen Broekhuisen en Lijsabeth Maarten Levelang; g. Sijtje Cornelis 14-05-1690 Maarten; o. Simon Aalbregtsen Broekhuisen en Lijsabeth Maartens Levelang; g. Maartje Paulus 15-05-1692 Ariaantje; o. Simon Aalbregtse Broekhuisen en Lijsabeth Maartens Levelang; g. Ariaantje Pietersdr 02-05-1694 Aaltje; o. Simon Aalbregtsen Broekhuisen en Lijsabeth Levelang; g. Ariaantje Pieters h.v. van Jan Pietersen 20-10-1696 Catrijntje; o. Simon Aalbregtsen Broekhuisen en Lijsabeth Maartens Levelang; g. Ariaantje Fransen aan de Bergschenhoek 09-11-1698 Sijtje; o. Simon Aalbregtsen Broekhuisen en Lijsabeth Maartens Levelang; g. Grietje Floren --- "Maerten Ariensz Leeflangh ende Maertje Pouwels Buijtewegh echte luijden wonende in het noorteijnde deses ambachts mij notaris bekent, sijnde hij comparant kloeck en gesont van lichaem gaende ende staende ende sij comparante sieckelijck te bedde leggende (...) des nochtans dat den langhstlevende gehouden blijft uijt te keren aen Arije Maertensz Leeflangh haer testateuren soon ofte bij vooroverlijden desselfs dessendenten bij representatie de somme van vijf en twintigh car. gulden ende aen dekinderen van Betje Maertensdr Leeflangh haeren testateuren dochter zalr. gelijcke vijf en twintigh gulden" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 7, aktenr. 36, d.d. 10-02-1699 --- "staet ende inventaris van den boedel ende goederen in ende uijt schulden geen uijt geseijt sulcx de selve bij Claes Jansz van Romen gepossideert ende beseten sijn ende metter doot ontruijmt ende naergelaten heeft (...) Sijmon Broeckhuijsen is aenden boedel verschuldigt de somme van vijf gulden tien stuijvers over koop en leverantie van een praem 5-10-" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 8, aktenr. 31, d.d. 16-05-1704 --- "rekeningh bewijs ende reliqua en doende sijn Jan Willemsz Robol ende Arie Willemsz Robol als bij den testamente van za. Claes Jansz van Romen (...) ontfangen van Sijmon Broeckhuijsen per reste van koop van een praem vijf gulden tien stuijvers dus v gl x st" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 8, aktenr. 32, d.d. 14-06-1704 --- "aldus gedaen en gepasseert ten comptoire mijns notarij ter presentie van Cornelis van den Bent en Sijmon Broeckhuijsen als getuijgen" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 8, aktenr. 34, d.d. 20-07-1704 --- "Jan Pietersz van den Ende ende Arie Jansz van den Ende beijde van competenten ouderdom wonende alhier tot Berckel mij notaris bekent, dewelcke attesteerden ende verclaerden bij ware woorden in plaetse van ende ter requisitie ende instantie van Sijmon Aelbreghtsz Broeckhuijsen mede wonende alhier tot Berckel, waeraghtigh te sijn ende haer attestanten seer wel bekent, dat den requirant Sijmon Aelbreghtsz Broeckhuijsen, Arijaentje, Sijtje, Cornelis, Gooltje, Jan, Leendert, Crijn, Marijtje, ende Grietje Aelbreghts Broeckhuijsen alle nogh in levenden lijve, sijn volle broeders en susters van Dirck Aelbreghtsz Broeckhuijsen alle verweckt ende geprocreeert bij enen vader ende moeder, verclaerde wijders mede wel te weten, dat den voorn. Dirck Aelbreghtsz Broeckhuijsen nogh heeft naergelaten twee halve broeders genaemt Jan ende Claes Aelbreghtsz Broeckhuijsen, dewelcke beijde mede nogh in levenden lijve sijn ende wel te weten dat vader ende moeder beijde overleden sijn" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 9, aktenr. 33, d.d. 04-02-1713 --- "Pieter Jansz Post eghte man van Ariaentje Aelbrechts Broeckhuijsen, Jacob Commersz, Cornelis Aelbreghtsz Broeckhuijsen, Abraham Tuijnebreijer als in huijwelijck hebbende Gooltje Aelbreghts, Jan Aelbreghtsz, Leendert Aelbreghtsz, Crijn Aelbreghtsz,Marijtje Aelbreghts, Jacobus Verboom als in huijwelijck hebbende Grietje Aelbreghts, Marijtje Gerrits Starrevelt als in huijwelijck hebbende Jan Aelbreghtsz ende Claes Aelbreghtsz Broeckhuijsen, alle broeders en susters en sulcx erfgenamen van za.Dirck Aelbreghtsz Broeckhuijsen, dewelcke verclaerden bij desen te constitueren ende maghtigh te maken Sijmon Aelbreghtsz Broeckhuijsen haer comparanten broeder, specialijck omme wegens haer comparanten te ontfangen van de Oostindische Compagnie ter Camere tot Delft alle sodanige gage ende pretensie als den voorn. Dirck Aelbreghtsz Broeckhuijsen za. ten laste vande voorsz. Camere tot Delft is competerende van sijnen ontfangh quitantie te passeren ende volcomene quijtscheldinge te doen" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 9, aktenr. 34, d.d. 12-02-1713 --- "Pieter Janse Post houtsager ende Pietertje Jans Starrenburgh, wonende in 't suijdeijnde buijten de Ketelpoort deser stad (...) commiterende ende stellende hij testateur Pieter Jansz Post tot voogden over alle onmondige en toesigt behoevende kind off kinderen, die onder zijne off gema. bevonden zouden mogen werden, Jan Pietersz Post ende Simon Aalbregtsz Broeckhuijsen" Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 2531, fol. 111, d.d. 05-05-1719 --- "Sijmon Aelbreghtsz Broeckhuijsen ende Trijntje Wouters Rewijck eghte man ende vrouw wonende alhier tot Berckel (...) ende stellende tot vooghden over deselve Claes Woutersz Rewijck ende Cornelis Woutersz Rewijck haer comparantes broeders, met maght omme bij overlijden van een derselve bij den langhstlevende een ander booght in desselfs plaets te mogen surrogeren" Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 9, aktenr. 101, d.d. d.d. 09-09-1719 | Broekhuizen, Simon Aalbrechts (I473)
|
| 3905 | NH dopen Berkel: 25-02-1768 Stijntje; o. Pieter de Vries en Jannetje van der Meer; g. Anna de Vries 20-05-1770 Christina; o. Pieter de Vries en Jannetje van der Meer; g. Anna de Vries 24-11-1771 Crijntje; o. Pieter de Vries en Jannetje Crijne van der Meer; g. Maria Dealing 07-08-1774 Jan; o. Pieter de Vries en Jannetje van der Meer; g. Neeltje Berkel 22-12-1776 Jan; o. Pieter de Vries en Jannetje van der Meer; g. Neeltje Berkel 04-10-1778 Krijn; o. Pieter de Vries en Jannetje Krijne van der Meer; g. Neeltje Krijne van der Meer 09-12-1781 Marijtje; o. Pieter de Vries en Jannetje van der Meer; g. Trijntje Paauw | de Vries, Pieter Jans (I3447)
|
| 3906 | NH dopen Berschenhoek: 06-06-1660 Sijmen; o. Aelbrecht Sijmense en Arijaentje Pieters; g. Pleuntje Andries 11-09-1662 Sijtje; o. Aelbrecht Sijmonse en Arijaentje Pieters; g. Reijmptje Cornelis 06-05-1664 Cornelis; o. Aelbrecht Sijmonse en Arijaentje Pieters; g. Jaepje Willems 11-12-1667 Gooltje; o. Aelbrecht Sijmonse en Arijaentje Pieters; g. Pieter Crijne en Annitje Joppen 12-05-1669 Jan; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Maartje Aelbrechts 20-07-1670 Dirck; o. Aelbecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Grietje Jans 20-09-1671 Leendert; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Maartje Aelbrechts 12-08-1674 Marijtje; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Ariaentje Pieters; g. Jannitje Leenderts 03-11-1675 Marij; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Jannigje Leenderts 12-09-1677 Grietje; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Ariaentje Pieters; g. Arijaentje Aelbrechts 25-06-1679 Claas; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijsen en Arijaentje Pieters; g. Sijtje Aelbrechts --- Balten Cornelissen Dergant, meester-smith, 42 jaar, en Aelbert Sijmon Aelbertsz, 42 jaar, beiden wonend op Bergsenhoeck onder Hillegontsberch, leggen een verklaring af op verzoek van Cornelis Dammissen, wonend aldaar. Balten zegt dat hij daar 15 jaar woont en Aelbert 25 jaar. Zij hebben altijd goede omgang met Cornelis gehad, die een man van eer is en eerlijk in zijn nering, zij hebben ook nooit geruchten over hem gehoord. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 588, aktenr. 43, d.d. 31-08-1651 --- ORA H’berg, inv. nr. 1824, fol. 140. 15-02-1657. Zijn gekomen Aelbrecht Simon Aelbrechtsz weduwnaar van Ariaantje Ariens, en heeft uitkoop gedaan tegen Arien Corsz Holshoorn en Lenert Ariens Evenblij als omen en voogden over Lenert Aelbrechtsz, oud 18 jaar, Jan Aelbrechtsz, oud 14 jaar, Maritge Aelbrechts, oud 12 jaar, en Claes Aelbrechtsz, oud 10 jaar, zijn kinderen geprocreëerd bij de voornoemde Ariaantje Ariens. Moederlijke grootvader is Arien Lenertsz Evenblij. --- Jeremias Jaspertsz, wonende aan de Rotte buiten het Hofpoortge benoemt Neeltge Eliasdr, weduwe van Barent Gerritsz Kerckenringh, wonend te Berckel, dochter van zijn broer tot erfgename. Legaten zijn er voor Jan Jacobsz en Aelbrecht Sijmonsz te Berckel, Arien Ariensz, backer te Berckel, Claes Ariensz te Pijnacker het kind van Leendert Ariensz, Gille Claesz, Cent de Reu, Pieter de Reu, Charel de Roose, Gerrit Wille en Joris West, zijn huurluiden wonende op de Staeck de Vijvre, Gerrit Wille zijn neef wonende in de polder Someren bij Gent, Pieter Claesz en Keuntge Ariensdr diens vrouw, Arien Cornelisz, Maertge Ariensdr, weduwe van Jan Danielsz, Teuntge Jacobs Duyfhuysen en Lijsbet Jacobs Duyfhuysen. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 220, aktenr. 82, d.d. 25-09-1662 --- "Aelbrecht Sijmonsz Aelbrechtsz wonende aenden Berchsenhoeck onder Hillegersbech mijn notario bekent dewelcke verclaerde op den xx novemb 1656 wel en deuchdel. bekent te hebben schuldich te wesen volgens schriftel. obligatie aen en tot behoeve van Cornelis Jansz Hobbe za. doen mede wonende aen de Berchsenhoeck voorsz. een somme van driehondert guldens capl." (onder de akte: "Sijmon Aelbert Sijmonsz") Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 2, fol. 67, d.d. 09-03-1670 --- Aelbrecht Symonsz Broeckhuisen NB: Insolv. boedel Omvang: 1 omslag en 1 charter Bron: SA Rotterdam, Weeskamer Hillegersberg (toegangsnr. 6-01), inv.nr. 2103, d.d. 1678-1679 --- "Cornelis Pietersz van Leeuwen out ontrent dertien jaaren woonende aenden achter wegh binnen den ambachte van Hillegonsb. de welcke getuijghden ende attesteerde ter requesie ende instantie van mr. Johanis de la Sepelle, curghijn op den Berchsenhoeck hoe waer ende waerachtich is dat hij comparant ontrent drie weecken geleden sonder nogtans inden presisen dagh behaert te willen zijn, is comen gaen neffens de huijsvrouwe van Aelbrecht Sijmonsz Broekhuijsse, ende haere dochter Arjaentge Aelbrechts Broekhuijsse op de Rotte cade naets de stadt Rotterdam ontrent het Swaenen eijlant alwaar ons van achteren mede aen quam gaen den reqt. en sijn huijsvrouw Arjaentge Willemsz Versijde" (Het betreft een ruzie tussen Ariaantje Willems Versijde en Ariaantje Aalbrechts Broekhuizen.) Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 4, fol. 98, d.d. 23-11-1680 | Broekhuizen, Aalbrecht Simons (I474)
|
| 3907 | NH dopen Bleskensgraaf: 22-02-1688 Jacob; o. Pieter Teunisz Huis-man en IJgien Dirksdr; g. Jan Teunisz, Jan Dirkz en Pietertien Jacobsdr 31-07-1689 Teunis; o. Pieter Teunisz Huis-man en IJgien Dirksdr; g. Jan Teunisz, Arien Dirksz en Lijntien Teunisdr 26-08-1691 Arije; o. Pieter Teunisz Huisman en IJgien Dirksdr; g. Hendrik Ariensz Huisman, Jan Dirksz en Teuntie Dirksdr 11-04-1694 Abraham en Jan; o. Pieter Teunisz Huisman en IJgien Dirksdr; g. Jan Teunisz, Jan Dirkz, Lijntien Teunisdr en Teuntie Dirksdr 10-02-1697 Pietertie; o. Pieter Teunisz Huis-man en IJgien Dirken; g. Jan Teunisz en Grietjen Teunis Huisman 30-08-1699 Sijgje; o. Pieter Teunisz Huisman en IJgie Dirken; g. Jan Teunisz en Teuntie Dirken 08-01-1702 Abraham; o. Pieter Teunisz Huijsman en IJgie Dirksdr; g. Arien Dirkz en Teuntien Dirksdr 24-08-1704 Jan; o. Pieter Teunisz Huijsman en IJgien Dirksdr; g. Lijntien Teunisdr 29-11-1705 Sijgjen; o. Pieter Teunisz Huijsman en IJgien Dirken; g. Arien Dirkz en Pietertje Jacobsdr 01-01-1708 Jan; o. Pieter Teunisz Huijsman en IJgien Dirken; g. Jan Teunisz en Lijntien Teunisdr Huijs-man 14-07-1709 Jan; o. Pieter Teunisz Huijsman en IJgien Dirksdr; g. Jan Teunisz en Lijntien Teunisdr Huijsman --- 12-2-1701: Pietertie Jans, weduwe van Teunis Hendricksz Huijsman, wonende in het dorp Bleskensgraaf, geassisteerd door Jan Teunisz Huijsman, wonende in Brandwijk, Pieter Teunisz Huijsman, Grietie Teunis en Lijntie Teunis Huijsman, allen wonende in Bleskensgraaf, kinderen van voornoemde Pietertie Jans en Teunis Hendricksz Huijsman, transporteren aan Heijndrick Heijndricksz Swartebol, wonende te Bleskensgraaf, 2 morgen 562,5 roeden land gelegen op de noordzijde en westeinde van Bleskensgraaf, in Neeltie Janne weren, belend ten oosten Pieter Laurisz en ten westen Leendert Arij Jasz. De koopsom is 625 gulden. Bron: RAD, ora Bleskensgraaf 4, fol. 21 (FS scan 219/653). | Huisman, Pieter Teunis (I1548)
|
| 3908 | NH dopen Bleskensgraaf: 29-09-1680 Rokus; o. Fop Rokussen en Teuntje Cornelissen; g. Wiggerd Rokussen, Claes Cornelissen en Gerritje Rokussen 12-10-1681 Maejke; o. Fop Roken en Teuntje Cornelissen; g. Klaes Cornelissen, Annighjen Cornelissen en Marij Roken 26-11-1684 Claeszien; o. Fop Rokussen en Teuntie Cornelisdr; g. Claes Arijensz, Geerichien Roken en Pleuntien Cornelisdr 25-12-1685 Claeszie; o. Fop Rokusz en Teuntien Cornelisdr; g. Herbert Rokusz, Gerrigien Roken en Annichien Jansdr 23-02-1687 Claeszie; o. Fop Rokisz en Teuntie Cornelisdr; g. Claes Ariensz, Gerrigien Roken en Annichien Cornelisdr 10-09-1690 Cornelia; o. Fop Rokusz en Teuntie Cornelisdr; g. Claes Cornelisz Brand, Annigien Cornelisdr en Kundertien Ariensdr 25-12-1693 Rokus en Wigger; o. Fop Rokusz en Teuntie Cornelisdr; g. Herbert Rokusz, Claes Ariensz Kluit, Gerrigie Roken en Jannigie Dirksdr 26-12-1695 Lijsbeth; o. Fop Rokusz en Teuntie Cornelisdr; g. Herbert Rokusz en Gerrigje Rokusdr | Houweling, Fop Rokus (I1499)
|
| 3909 | NH dopen Blokzijl 13-11-1681 Wouter; o. Jan Dirckx en Jantje Wouters 07-01-1683 Dirck; o. Jan Dirckx en Jantje Wouters 16-09-1685 Grietje; o. Jan Dircksz en Jantje Wouters 23-10-1687 Aeltje; o. Jan Dircksz en Jantje Wouters 27-10-1689 Jan; o. Jan Dircksz en Jantje Wouters 02-11-1692 Gerrit; o. Jan Dirckx Oosten en Jantje Wouters | Oosten, Jan Dirks (I2423)
|
| 3910 | NH dopen Blokzijl: 01-09-1718 Aeltjen; o. Gerrit Jans en Anna J. Ruijl 27-09-1719 Jan; o. Gerrit Jans Oosten en Antjen N. Ruijl 23-11-1721 Jantjen; o. Gerrit Jans Oosten en Antjen Jans Ruijl 06-06-1723 Jan; o. Gerrit Oosten en Anna Jans Ruijl 04-03-1725 Lumpjen; o. Gerrit Jans Oosten en Anne Jans --- 1012 Huisgezin: Gerrit Oosten. Kinderen boven 10 jaar: Lumme. Kinderen beneden 10 jaar: ---. Knechten en meiden: knegt Jacob Teunis. Inwonenden en kostgangers: ---. Bron: Blokzijl - Volkstelling 1748 --- "verschenen in dezen ed. gerigte Gerrit Janszen Oosten, welke verklaarde opregt en deugdelijk schuldig te zijn aan Gerrit Cornelis Bos tot Giethoorn deszelven huisvrouw en erfgen. een capitale somma van twee hondert car. guldens ad xx st. het stuk,wegens verstrekte en bij hem compt. ten genoege ontfangene penningen" Bron: HCO, ORA Vollenhove en Blokzijl (toegangsnr. 78), inv.nr. 24, fol. 162, d.d. 20-01-1750 | Oosten, Gerrit Jans (I2422)
|
| 3911 | NH dopen Blokzijl: 04-01-1728 Egbert; o. Hendr. Jansz en Coopje Jans 27-03-1729 Egbert; o. Hendr. Jans en Coopjen Jansz 08-11-1730 Engbert; o. Hendr. Jansz en Coopje Jansz 10-03-1732 Aaltjen; o. Hendrik Jans en Coopje Jansz 19-07-1733 Lampje; o. Hendr. Jans en Coopje Jans 01-01-1735 Jantje; o. Hendr. d'Boer en Coopje Jans 29-07-1736 Jantje; o. Hendr. Jans en Coopje Jansen 08-06-1738 Geertje; o. Hendr. Quadoelen en Coopje Jansen 04-07-1739 Egbert; o. Hendr. Quadoelen en Coopje Jans 31-07-1740 Hendrikje; o. Hendr. Quadoelen en Coopje Jansz | Quadoelen, Hendrik Jans (I2623)
|
| 3912 | NH dopen Blokzijl: 07-05-1648 Aechjen; o. Dirck Oosten en Griet Jansz | Oosten, Dirk Jans (I2424)
|
| 3913 | NH dopen Blokzijl: 14-10-1764 Jan; o. Hermen Jans Wendel en Aaltje Hendriks 09-04-1769 Hendrik; o. Hermen Jans Wendel en Aaltje Hendriks 18-04-1773 Sijtje; o. Hermen Jans Wendel en Aaltje Duijmelink 22-06-1777 Jan; o. Hermen Jans Wendel en Aaltje Duijmelink | Wendel, Hermen Jans (I3510)
|
| 3914 | NH dopen Blokzijl: 16-04-1656 Jantjen; o. Wouter Gerritsz en Aeltjen Alberts 11-10-1657 Gerrit; o. Wouter Gerritsz en Aeltjen Albertsz 11-01-1663 Herman; o. Wouter Gerritsz Roeper en Aeltjen Albertsz 20-02-1670 Mette; o. Wouter Gerritsz Roeper en Aeltjen Alberts | Roeper, Wouter Gerrits (I2715)
|
| 3915 | NH dopen Blokzijl: 16-12-1798 Roelof; o. Hendrik R. Wilgenkamp en Sijtje H. Wendel; g. Liesabet Valk (overl. 26-06-1866 Blokzijl) 15-06-1800 Hermen; o. Hendrik Wilgenkamp en Sijtje Wendel; g. Aaltje Hendriks (overl. 23-08-1849 Blokzijl) 17-01-1802 Elisabeth; o. Hendrik Wilgenkamp en Sijtje Wendel; g. Elisabet Valk (overl. 28-03-1881 Blokzijl) 02-10-1803 Aaltje; o. Hendrik Willegenkamp en Sijtje Wendel; g. Elisabeth Valke (overl. 05-10-1846 Blokzijl) 18-05-1806 Klaas; o. Hendrik Wilgenkamp en Sijtjen Wendel; g. Elisabeth Valk (overl. 14-05-1826 Blokzijl) 31-07-1808 Liemtje; o. Hendrik Wilgenkamp en Sijtje Wendel; g. Elisabeth Valk (begr. 11-08-1809 Blokzijl) --- "Hendrik Wendel en Frisje Teunis met H. Wilgenkamp en Seijtje Wendel echtelieden de mans als momboirs over de vrouwen welke verklaarden in enen vasten en stedige erfkoop te hebben gekogt aan Hermen Albers de Lange deszelvs ehevrouw en hunlieden erfgenamen een sluis en grond aan de noordzijde met twee en twintig vasten breedte van het sluis van Intjen Endhooren tot aan de plaatslijke wal toe staande en gelegen binnen de Fortresse Blokzijl" Bron: HCO, ORA Vollenhove en Blokzijl (toegangsnr. 78), inv.nr. 36, fol. 1, d.d. 24-07-1804 | Wilgenkamp, Hendrik Roelofs (I3537)
|
| 3916 | NH dopen Blokzijl: 17-07-1720 Jannetjen; o. Jan Jansz en Sijtje Jansz 22-11-1722 Jan; o. Jan Jans en Sijtjen Jansz 10-12-1724 Andries; o. Jan Jans en Sijtjen Jansz 07-12-1727 Grietjen; o. Jan Wendel en Sijtje Jansz 27-06-1738 Herman; o. Jan Jansz en Sijtje Jansz | Wendel, Jan Jans (I3511)
|
| 3917 | NH dopen Blokzijl: 18-02-1657 Juriaen; o. Pieter Jurriaensz en Femme 26-09-1658 Jantjen; o. Pieter Juriaensz en Femme 26-12-1661 Hiltjen; o. Pieter Juriaensz en Femme 10-05-1663 Hiltjen; o. Pieter Juriaensz en Femme 22-02-1665 Lucas; o. Pieter Juriaensz en Femme 23-09-1666 Hendrick; o. Pieter Juriaensz en Femme 23-09-1668 Lubbe; o. Pieter Juriaens en Femme 09-01-1670 Hendrick; o. Pieter Juriaens en Femme 02-04-1671 Lumme; o. Pieter Juriaens en Femme | Jurriaans, Pieter (I1821)
|
| 3918 | NH dopen Blokzijl: 30-05-1697 Antje; o. Jan Zijmonsz Ruijl en Lumtje Pieters 11-07-1699 Pieter; o. Jan Zijmonsz Ruil en Lumtje Pieters 12-10-1701 Hendrik; o. Jan Zijmensz Ruijl en Lumtje Pieters 09-03-1704 Hendrik; o. Jan Zijmonsz Ruijl en Lumtje Pieters 22-09-1706 Jacob; o. Jan Zijmonsz Ruijl en Lumtje Pieters 02-06-1709 Femtje; o. Jan Zijmonsz Ruijl en Lumtje Pieters 03-04-1711 Jantje; o. Jan Zijmonsz Ruijl en Lumtje Pieters --- [3 april 1711] Een mans persoon op de belijdenis des gelooffs gedoopt en genaamt ... Jan Zijmonsz Ruijl --- 1013 Huisgezin: Peter de Liefde en Jantjen Roomen. Kinderen boven 10 jaar: Klaas. Kinderen beneden 10 jaar: Lutjen, Peter, Jacob. Knechten en meiden: ---. Inwonenden en kostgangers: Bartjen [Klaassens Valk], wedu van Jan S[imons] Reuy Bron: Blokzijl - Volkstelling 1748 | Ruil, Jan Simons (I2755)
|
| 3919 | NH dopen Bodegraven: 02-10-1652 Pieter; o. Jan Pancken in Willeschup NH dopen Waarder: 09-12-1657 ...; o. Jan Pancke 27-02-1661 Aart; o. Jan Pancke 04-06-1662 Evert; o. Jan Pancken van Dijck 26-08-1663 Niesje; o. Jan Pancke 18-08-1665 Niesje; o. Jan Pancken van Dijk NH dopen Woerden: 15-05-1667 Lijsbeth; o. Jan Pancken tot Linschoten en Geertjen Jans; g. Marritjen Aarts te Kersmis [1663] 120 Jan Pancke van Dijck int oosteijn[de] Bron: Waarder - Lidmatenboek --- 1-8-1656: Jan Pancken van Dijck is getuige. Bron: RHCRL, ona Woerden 8538, aktenr. 79 (scan 146/199). 13-3-1662: Staat en inventaris gemaakt door Jan Pancken van Dijck, weduwnaar en boedelhouder van Niesgen Joosten, zijn overleden huisvrouw, van de gehele boedel in maart 1661 door haar dood nagelaten. Onroerende goederen: ca. 5 morgen land gelegen in het Oosteinde van Waarder, belend ten oosten Dirck Ariensz Schuijff en ten westen de landen door de boedelhouder in huur gebruikt, strekkende van de Wetering tot de Broekerlandscheiding toe; een nieuw getimmerd voorhuis met berg staande op land van heer Nicolaes Dierout, welk land de boedelhouder in huur gebruikt. Panck Evertsz des boedelhouders vader compt tot laste van desen boedel ses hondert gulden capitael daer van mede intrest tegens vier ten hondert int jaer betaelt moet worden 600-0-0. Daer van meij deses jaers 1662 toecomende twee jaer intrest verschenen sal sijn bedragende 48-0-0. [Schulden en lasten in de boedel: Sijmon Cool een obligatie van 1500-0-0 met 120-0-0 rente. Hendrick Evertsz te Diemerbroek een bedrag van 900-0-0 met 72-0-0 rente. Pieter Huijgen aan de Nieuwerbrug een bedrag van 400-0-0 met 32-0-0 rente. De weduwe van Gerrit Pietersz Groenendijck een bedrag van 500-0-0 met 20-0-0 rente. Panck Evertsz, vader van de boedelhouder, een bedrag van 600-0-0 met 48-0-0 rente. Te betalen aan het boelhuis van Dirck IJsbrantsz te Waarder 80-0-0 i.v.m. de aankoop van een koe. Te betalen aan het boelhuis van de weduwe en erfgenamen van Aert Pietersz op de Lange Weide vanwege de koop van een vaars? 48-0-0. De weduwe van Cornelis Coningen brouwster te Oudewater krijgt nog 12-0-0 vanwege geleverde bieren. 60-0-0 aan verpondingen en morgengeld over 1661 en 6-0-0 aan impost van het gemaal, slagerij- en bierenaccijns. Nicolaes Dierout heeft recht op 160-0-0 aan pachtgeld i.v.m. 13 morgen land. Gerrit Claesz op de Ruige Weide krijgt 80-0-0 voor het onderhoud van het jongste kind, bij w Bron: RHCRL, ona Woerden 8544, aktenr. 81 (scan 155/224). 25-3-1662: "Panck Evertsen ende Merrichen Aerts echteluijden woonende in Willeskop, in den lande van Montfoort, mij notaris wel bekent, met ons gaende ende staende (...) verclaerden voorts tot haere eenige ende universele erfgenamen gestelt ende genoempt te hebben Jan, Cornelis, Henrick, Aert ende Cornelis haere soonen, met Willempken, Aeltgien ende Merriken haere dochteren (...) verclaerden de comparanten mede dat alsoo sij met Jan ende Cornelis Pancken haer soonen ende Willemken Pancken haer dochter die haer begeven hebben in den echten staet, gegeven hebben tot een mede gave seeckere somme van penn. aen elck den selven, waeromme sij bij expres bij desen mede beheerden dat de langstlevende van hen beijden als d'een of d'ander van haer voors. nu noch ongehouwelijckte kinderen komen te treden in den echten staet, dat de selve tot een mede gave gegeven sal worden gelijcke somme als elcx den uijtgehouwelijckte kinderen genooten hebben" Bron: RHCRL, ona Montfoort 1447, fol. 209. 4-1-1663: Op 4 januari 1663 compareerde voor de schout en weesmeesters van Waarder Jan Pancken van Dijck, wonende in het Oosteinde van Waarder, weduwnaar en boedelhouder van za. Crijntjen Cornelis, zijn laatst overleden huisvrouw, ter eenre, en Cornelis Gijsbertsz in 't Holl vader van de voornoemde Crijntjen Cornelis za. en grootvader en oppervoogd van het nagelaten weeskind van Crijntjen Cornelis voornoemd, ter andere zijde. In overweging van de staat van de boedel en ten overstaan en met goedkeuring van de schout Cornelis Willemsz Loij en de weesmeesters Jan Gerritsz den Oudsten en Cornelis Geerlofsz Berchshoeff is men gekomen tot een finale schifting en scheiding van de boedel. Jan Pancken weduwenaar en boedelhouder blijft in het bezit van alles wat door Crijntjen Cornelis is nagelaten, dus het huis, land, have, bouwgereedschap en verdere zaken. Hij neemt ook alle schaden en baten van de boedel op zich. Daartegenover zal Jan Pancken het weeskind genaamd Evert Jansz alimenteren en onderhouden in ete 20-2-1692: Het bedrag van 500 gulden staat op de 5 morgen land dat nu aan Gerrit Jansen Hoogendoorn behoort. "aan Evert Jans voldaan sulx het voors. land". Bron: RHCRL, wk Waarder 1, fol. 56v (FS scan 51/125). 20-4-1665: Compareerden Marrichjen Aerts weduwe ende boedelhoudster van Panck Evertsz woonende in Willeschop, en Ghijsbert Jansz Hogenes woonende inde Langeweyde mitsgaders Willem Willemsz mede aldaer, ende Cornelis Pancken woonende inde Ruygeweyde, te kennen gevende dat vern. Panck Evertsz sich voor Jan Pancken sijnen soone woonende int Oosteynde van Waerder, borge als principael had geconstitueert ten behoeve van Sijmon Leendertsz Cool mede zaliger gewoont hebbende in Heeckendorp, voor een capitael van eenduysent ende vijffhondert gulden volgens obligatie dd 13 mey 1653 gepaseert voor notaris Johannes Bredius. Zij allen stellen zich nu borg. Getuigen: Jan Coenen de Weldige ende Cornelis Spriering. Bron: RHCRL, ona Oudewater 1887, aktenr. 22 (Coen van Wijngaarden). 1-3-1667: Compareerden Claes Jansz Spruijt woonende aende Suytsijde vande Langelinschoten, ter eenre, ende Jan Pancken voor desen gewoont hebbende tot Weerder [Waarder] en jegenwoordich woonachtich opde naergenoemde hoffstede ende landen gelegen op de Linschoter Haer, ter andere sijde, verclaerde de eerste comparant verhuert te hebben aan de tweede eerstelijck twee weeren lants groot ontrent achtien mergen, met huys, berch, schuer ende boomgaert daerbij, staende ende gelegen aende Linschoterhaer, streckende ten oosten vande Hogepolder aff tot den halver sloot over den Haerdijck toe, ende voorts ten westen ter halver slooth toe inde lantscheydinge vande Noortsijde vande Langelinschoten, belent ten suyden het Capittel van Oudemunster tot Utrecht, en ten noorden Thijs Tonisz Hol bruycker, ende noch ontrent twaelff mergen soo hooch, wey als joylant mede aldaer gelegen, streckende ten oosten uyt de halve slooth over den Haerdijck vande Hooge Polder aff, totter halver slooth vant lant van de Heeren fiscael Bron: RHCRL, ona Oudewater 1889, aktenr. 15 (Coen van Wijngaarden). 9-2-1675: Jan Pancken van Dijck, tegenwoordig weduwnaar en boedelhouder van de overleden Geertjen Jansdr van der Mij, wonende in Tappersheul, verkoopt aan Jacob Jansz van der Mij, zijn zwager, de helft van een huis en erf, met beplanting, gelegen aan de Meije onder Bodegraven, strekkende in het geheel uit de halfsloot van Jan Cornelis Roeloffsz tot in de Oude diepe Meije, belend ten oosten Roeloff Claesz Verhaer en ten westen voornoemde Jan Cornelis Roeloffsz. De andere helft is eigendom van Isaack Jansz van der Mij. Als onderpand van vrijwaring stelt de comparant zijn roerende en onroerende goederen. De koopsom is 140 gulden. Bron: RHCRL, ora Bodegraven 1, fol. 109. 25-7-1691: Elbert Jacobsz van der Meij, voogd over de drie minderjarige kinderen van Jan Pancken van Dijck en Geertje Jans Vermeij, naast de koper en Dirck Ariensz getrouwd met Niesje Jans van Dijck samen erfgenamen voor de ene helft van Jacob Jansz Vermeij, verkopen aan Isack Janse Vermeij een vierde deel van een huis en erf, waarvan de overige drie delen al eigendom zijn van de koper, gelegen in de Meijpolder, belend ten oosten mr. Gerrit Verwoert c.s., ten noorden de Meijevaart, ten zuiden en westen de kinderen en erven van Adriaen Rottevil. Als onderpand voor vrijwaring gelden de roerende en onroerende goederen van de comparanten. Bron: RHCRL, ora Bodegraven 3, fol. 73. 29-5-1712: Marrigjen Panken, huisvrouw van Pieter Hogenboom, wonende in het Laageinde, wil dat na het eindigen van haar gemaakte lijftocht met haar man Pieter Hogenboom de volgende bedragen worden gelegateerd. Panck Cornelisz de Jonge, enige zoon van haar jongste broer Cornelis Panken de Jonge, tegenwoordig wonende te Willeskop, krijgt 500 gulden. Marrigjen Jans van Dijk, weduwe van Cornelis ..., nu wonende onder Oumade, dochter van haar oudste broer Jan Panken, krijgt 200 gulden. Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 2, aktenr. 121 (FS scan 183/540). | van Dijk, Jan Panken (I840)
|
| 3920 | NH dopen Bodegraven: 04-06-1732 Pieter; o. Klaes Pieterz van der Sawen en Annegje Gijsberts de Jong 01-01-1735 Gijsbert; o. Klaes Pietersz van der Swaen en Annigje Gijsberts de Jongh 15-11-1739 Lena; o. Goris Hermense van der Velden en Annegje de Jongh 20-05-1742 Lena; o. Goris Hermense van Velzen en Annigjie Gijsbert de Jong 15-09-1743 Cnelis; o. Goris Hermsen van Velzen en Annigje Gijze de Jong (begr. 20-11-1743) 02-06-1748 Neeltje; o. Choris Hermse van Velzen en Annijgje Gijse de Jong --- Weesdag gehouden dinsdag 17-01-1736 Ter weeskamer vertoond het testament van Claes Pieterse van der Swaen en Annetie Gijsbertse de Jong, echtelieden, wonende op de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, gepaseerd voor notaris Leendert Boer en getuigen d.d. 02-07-1735 te Bodegraven, waarbij de weeskamer wordt uitgesloten. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 3, fol. 58v, d.d. 17-01-1736 --- Aagje Dirks Steehouwer, weduwe van Pieter Cornelisz van der Zwaan, inwonende bij haar zoon Cornelis Pietersz van der Zwaan die woonachtig is in het Oosteinde van Waarder, gezond maar zwak van lichaam, herroept al haar oude testamenten en stelt een nieuwe op. Ze benoemt tot erfgenamen haar zoon Cornelis Pietersz van der Zwaan, voor een vierde deel, haar zoon Dirk Pietersz van der Zwaan, voor een vierde deel, haar zoon Willem Pietersz van der Zwaan, voor een vierde deel, en de twee nagelaten zonen van haar overleden zoon Claas Pietersz van der Zwaan verwekt bij Annetje Gijsberts de Jong, met namen Pieter en Gijsbert Claasz van der Zwaan, samen voor het resterende vierde deel. Ze benoemt tot voogden over deze minderjarige kinderen Jan Gijsbertsz de Jong, oom van moederszijde, en Willem den Baars, wonende te Bodegraven, uitsluitende bemoeienis van het gerecht of de weeskamer. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8612, aktenr. 16, d.d. 04-04-1739 | van der Swaan, Claas Pieters (I3073)
|
| 3921 | NH dopen Bodegraven: 04-06-1800 Crijntje; o. Cornelis van der Werf en Maria 't Lam; g. Teuntje 't Lam BS geboorten Aarlanderveen: 22-04-1812 Arie; o. Cornelis van der Werf en Maria 't Lam; g. Frans van Schaijk en Gerrit van Buren (overl. 11-04-1876 Aarlanderveen) | van der Werf, Cornelis Ariens (I3514)
|
| 3922 | NH dopen Bodegraven: 04-12-1740 Maria; o. Jan Beltense Swijnenburgh en Neeltje Leenderts van der Graef 07-02-1743 Maartie; o. Jan Swijnenburg en Neeltie van der Graaf 01-11-1744 Lena; o. Baltese Swijnenburg en Neeltie Leenders van der Graaf (begr. 01-04-1745) 10-04-1746 Lena; o. Jan Baltense Swijnenburg en Neeltje Leenders van der Graaf 01-01-1751 Inggiegie; o. Jan Baltense Swijnenburg en Neeltje van der Graaf 17-09-1752 Leendert; o. Jan Baltense Swijnenburg en Neeltie Leendertze van der Graaf 13-07-1755 Jannetje; o. Jan Swijnenburg en Neeltje Leendertsdr van der Graaf; g. Grietje Leendertsdr van der Graaf --- Marritje Aartse Nagtegaal is getrouwd met Balten Jansz Swijnenburg en samen hebben ze een getrouwde zoon, Jan Baltensz Swijnenburg. Helaas scheldt en dreigt Balten regelmatig naar zijn familie en buren en is ook gewelddadig, vooral als hij gedronken heeft. De buurtgenoten Pieter Cornelisz Cromwijk, Gijsbert Reijersz Bloklander en Willem Pietersen Verburg hebben voor schepenen getuigenverklaringen afgelegd over het gedrag van Balten (folio 139). Marritje verzoekt de Vierschaar om haar man in een Beterhuis te laten opsluiten. De Vierschaar stemt in met dit verzoek (folio 138v). Bron: RHCRL, Vierschaar Woerden (beh.nr. W053), inv.nr. 6, fol. 137, d.d. 18-09-1739 --- Marritje Nagtegaal, huisvrouw van Balte Jansz Swijnenburg, sinds enige jaren gedetineerd, en Jan Baltensz Swijenburg, enige en meerderjarige zoon van de eerste comparant en haar voornoemde man, is schuldig aan Fredrik Bruijnsz, wonende te Leiden, 500 gulden geleend geld. Als onderpand geldt een huismanswoning met schuur, berg en boomgaard met ca. 8 morgen 4 hond land, gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven; nog een partij van 11 morgen 3 hond land, gelegen in de Weipoortspolder onder Bodegraven; beschreven in de transportbrieven d.d. 09-05-1738 zoals het Balte Jansz Swijnenburg is overgedragen. Bron: RHCRL, ORA Bodegraven (beh.nr. B065), inv.nr. 7, fol. 128v, d.d. 15-08-1747 --- Balten Jansz Swijnenburg is wegens drankmisbruik en mishandeling van zijn vrouw Marijtje Nagtegaal met instemming van de Vierschaar van Woerden sinds 1739 opgesloten in een verbeterhuis in Gouda. Marijtje en haar meerderjarige zoon Jan houden een boerderij gaande, maar hebben financiele tegenslag gehad en willen nu 11,5 morgen land verkopen, dat ligt ingesloten tussen land van Mr. Thimon van Schoonhoven en de heer Haack. In een brief aan de Hove van Holland verzoekt Marijtje om geautoriseerd en gekwalificeerd te worden om uit de gemeenschappelijke boedel een deel van hun land te verkopen. Bron: RHCRL, Vierschaar Woerden (beh.nr. W053), inv.nr. 7, fol. 78v, d.d. 03-03-1751 --- Brief van de Vierschaar van Woerden aan de Hove van Holland om hun steun te betuigen voor het verzoek van Marijtje Nagtegaal en haar zoon Jan Baltensz Swijnenburg. De Vierschaar heeft getracht contact te leggen met Jannitje en Neeltje Swijnenburg, de twee zussen van Balten, maar dat is niet gelukt. [Neeltje Swijnenberg te Hillgersberg; Jannitje Swijnenburg te Streefkerk; Jan heeft een gezin met vijf kinderen.] Bron: RHCRL, Vierschaar Woerden (beh.nr. W053), inv.nr. 7, fol. 80, d.d. 09-04-1751 --- Vertoont t testament van wijlen Jan Baltense Swijnenburg en Neeltje Leendertse van der Graaf echtelieden gepast. voor den secretaris Pieter Leonardus secretaris van Bodegraven en scheepenen van den zelve ambagte in d. 20 october 1749 waarbij de weeskamer is gesecludeert. Bron: RHCRL, WK Bodegraven (beh.nr. B068), inv.nr. 3, fol. 239, d.d. 21-12-1779 --- Jan van der Leede, getrouwd met Maartje Swijnenburg, wonend te Bodegraven, Leendert Swijnenburg, mede wonend te Bodegraven, Cornelis Voordouw, getrouwd met Jannigje Swijnenburg, wonend in Cromwijk onder Woerden, Jacob van Wijk, getrouwd metImmigje Swijnenburg, wonend te Oudshoorn, Jacob Droog, als enig voogd over Maartje Ruijtenburg, enige dochter van Jacob Ruijtenburg en Lena Swijnenburg, nog allen handelend voor Neeltje Swijnenburg en Balte Swijnenburg, mede voor Margtje Swijnenburg, huisvrouw van Cornelis Okkerspeer, wonend in de Nieuwpoort, samen kinderen en kleinkinderen van Neeltje de Graaf, overleden weduwe van Jan Baltens Swijnenburg, die enige erfgenaam was van Balte Swijnenburg, verkochten bij veiling te Bodegraven op 18-11-1793 aan Cornelis Voordouw, wonend te Bodegraven, 4 morgen 450 roeden hooiland in het Broekveld, strekkend van de Zuidzijderkade tot het land van Cornelis Voordouw, belend ten oosten de weduwe van Teunis Schijff en ten westen Cornelis Verwoerdt. Koopsom 500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 31, fol. 126, d.d. 07-05-1794 | Swijnenburg, Jan Baltens (I3100)
|
| 3923 | NH dopen Bodegraven: 05-01-1687 Maarten; o. Willem Heijndricksz Ramp en Trijntie Meertens Butter 05-10-1692 Willem; o. Willem Hendrickse Ramp en Trijntje Meertense Butter 26-12-1694 Marrighje; o. Jan Maartense Bos en Trijntje Meertense Butter 29-11-1722 Pieter; o. Jan Maartense van den Bos en Wijntje Pietersdr Verseijl --- "d'eerbaere Annitgen Martensdr weduwe van sa. Jan Pietersz Butterboer woonende inde Zuijtsijde van Bodegraven (...) eenichsints sieckelijck van lichaeme (...) tot haere eenige ende universele erffgenamen genoemt, gestelt, ende geinstitueert te hebben Jannichgen Roelen Ramp, ende Gerrichgen Roelen Ramp kinderen van sa. Jannichgen Jansdr Butter haer testatrices overleden dochter, midtsgaders Trijntgen Martensdr Butter naergelaten dochter van sa. Maerten Jansz Butter haer testatrices overleden soon" Naam: Marten Jansz Butterboer Woonplaats: Woerden Hoedanigheid: erfgenaam, erflater, bloedverwant Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8543, aktenr. 36, d.d. 23-12-1661 --- Compareerde Willem Hendericxsz Ramp, getrouwd met Trijntje Maertense Butter, die heeft uit de weeskist gelicht een vertichtingsbrief met het bedrag van 2.700 gulden, staande bevesticht op haar moeders woning en landen, d.d. 28-12-1662. Daarnaast is haar, door haar voogd Gijsbert Pietersz Butter, nog een obligatie overhandigd op naam van Jan Teuwisz Vermij te Aarlanderveen d.d. 20-01-1670 met een bedrag van 340 gulden, waarvan nog 30 gulden openstaat, en oude rekeningen, kwitanties en papieren. Haar voogden Gijsbert Pietersz Butter en Maerten Verhoeff worden bedankt, evenals de schout en weesmeesters, voor hun goede voorzorgen en administratie. Akte Bodegraven door ons getekend heden 23-02-1685. Willem Heindricksen Ramp, Trijntie Maertens Butter Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 204v, d.d. 23-02-1685 --- Trijntgien Hend. weduwe van Marten Jansz Butterboer, heeft van harentwege een schuldbrief in de weeskist gelegd, d.d. 09-05-1663. Op 23-02-1685 is deze vertichtingsbrief gelicht uit de weeskist door Willem Hendericxsz Ramp, getrouwd met Trijntje Maertens. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 148, d.d. 23-03-1685 --- Compareerde voor schout en weesmeesters van Bodegraven Hendrick Cornelisz Plooij, die op verzoek van Jan Maartensz Bos de voogdij aanneemt van diens minderjarige kind, genaamt Marigje Jans Bos, aanstaande kerstmis 1696 ca. 2 jaar oud, verwekt bij Trijntje Maarten Butter, zonder testament of uitsluiting van de weeskamer alhier overleden. De voornoemde Henderick Cornelisz belooft goede voorzorgen en toezicht te nemen over het weeskind, en zal doen rekening, bewijs en reliqua, zoals door de schout en weesmeesters is voorgesteld. Akte d.d. 05-11-1696. Compareerde nog Jan Maartense Bos, die heeft aangeeft te hebben ontvangen 140-9-6, zijn een aanbedeeld portie van zijn voornoemde kind, volgens een akte van akkoord. Hij neemt dit bedrag aan met de belofte dit uit te keren, zonder rente, aan zijn kind als het meerderjarig wordt of trouwt. Hij belooft, zoals het een trouwe vader betaamt, dit bedrag uit te keren bij een huwelijk of meerderjarigheid, met 3 gld. 3 st. extra. Akte dato uts. Compareerde voor de weeskamer van Bodegraven Marigje Jans Bos, weduwe van Cornelis Willems van Dam, die aangeeft bij haar huwelijk met haar voornoemde overleden man te hebben gekregen van haar vader het bedrag van 146-9-6, zoals het haar toekwam uit de boedel van haar moeder, hierboven gemeld, evenals van de 3 gld. 3 st. voldaan te zijn. Ze vraagt verder niks meer van haar vader en bedankt de schout en weesmeesters voor hun goede zorgen en bevrijdt ze van hun taak. Akte 05-04-1725. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 210v, d.d. 05-11-1696 --- "Cornelis Willemsz van Eijk woonende onder Boxhol dewelke verklaerde bij desen te cedeeren, transporteeren ende in volkomen eijgendom op te dragen aen ende ten behoeve van Jan Maertensz Bosch woonende aen den Rijn onder Boodegraven den huijsinge ende erve met alle t geene daar in aert ende nagelvast is, met de bepootinge ende beplantinge daer op staende ende geleegen aende Segvelder Mije" Naam: Jan Meertensz Bosch Woonplaats: Bodegraven Hoedanigheid: koper, belending Bron: RHC RL, ORA Zegveld en Zegvelderbroek (beheersnr. W180), inv.nr. 2378, aktenr. 209, d.d. 09-06-1710 --- Weijntje Pietersdr Versijl, weduwe van Pieter Cornelisz Loendersloot en Jacob Cornelisz Loendersloot, wonend te Bodegraven, verkopen aan Jan en Thijsch Maartensz Bos, mede te Bodegraven, 9 morgen 450 roeden hooiland, belend ten oosten de Armen van Bodegraven, ten westen de heer van Zuidwijk, ten zuiden de Sloen en ten noorden de Oud Bodegraafsedijk. Laatste koopbrief van 03-03-1718. Koopsom 100 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 26, p. 139v, d.d. 08-09-1719 --- "Mathijs Maertensz Bosch ende Jacobje Hendricx de Jongh echtel. wonende onder den gereghte van Bodegraven beijde mijn notaris bekent, de welke tot vooghden over haer naer te laeten minderjarige kinderen verclaerden gestelt te hebben gelijck sij stellen bij desen Jan Maertensz Bosch sijn eerste compts. broeder en Reijer Jansz Zuijtdam haer tweede compts. halve broeder" Naam: Jan Maertensz Bosch Woonplaats: Bodegraven Hoedanigheid: voogd, bloedverwant Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8558, aktenr. 12, d.d. 10-02-1720 --- "Leendert Sijmonsz van Eijk woonende in Segveld midsgrs. Gerrit Peters Bendervoet in huwelijk hebbende Niesje Sijmonsz van Eijk, woonende tot Hermelen, ende verklaarden de comparanten (...) te transporteren ende met vollen regt van eijgendom over te geven aan Jan Meertensz Bosch wonende onder Boodegraven, dewelke deselve vessie accepteerende, eerstelijk seekere helfte van een huijsinge erve berg en schuur met alle t geene in deselve aard en nagelvast is, midsgaders de helfte van drie mergen weijland staande ende gelegen aan de Segvelder Mije" Naam: Jan Meertensz Bosch Woonplaats: Bodegraven Hoedanigheid: koper Bron: RHC RL, ORA Zegveld en Zegvelderbroek (beheersnr. W180), inv.nr. 2379, aktenr. 76, d.d. 26-01-1722 --- "Jan Maartensz Bosche woonende onder Bodegraven heeft verkogt aen Hannes de Jong woonende in Bodegraver Mije, seekere huijs erve bepotinge met ses mergen weij en hooij land alle op Segvelderbroek aende Mije waar van de huijsze met drie mergen" Bron: RHC RL, ORA Zegveld en Zegvelderbroek (beheersnr. W180), inv.nr. 2395, aktenr. 72, d.d. 09-03-1722 --- Gecompareerd zijn Annigje Louwe Paauw, weduwe van Maarten Tijsse Bos, mitsgaders Tijs Maartens en Jan Maartens Bos, voor hun zelf als voor hun andere broers en zussen, die hebben verkocht aan Abraham Jansen Mik een huis en erf, gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, strekkend uit de dijk tot de Rijn, belend ten oosten de uiterdijk van Jan Cornelisse Verhoeff en ten westen de Molenvliet van de Zuidzijderpolder. Compareerde mede Tijs Maartenz en Jan Maartensz Bos, haar zonen, voor hen zelf en de rato caverende voor haar andere broers en zussen, die aangeven hun vaderlijke erfenis volledig te hebben ontvangen, en dus geen actie en pretentie meer hebben op hun moeder of het verkochte huis. De koopsom bedraag 525 gulden contant geld. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 4, aktenr. 183, fol. 260, d.d. 17-01-1725 --- Compareerde voor de weeskamer Jan Maartense Bos, weduwnaar van Weijntie Pieters Versijl, met de akte van voogdij over de na te laten kinderen. De langstlevende heeft van iedere kant nog een mede-voogd met uitsluiting van de weeskamer alhier. Gepasseerd voor notaris D. van Beke en getuigen alhier d.d. 25-04-1723, waarmee de schout en weesmeesters genoegen nemen. Akte 04-03-1727. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 3, fol. 20, d.d. 04-03-1727 --- Hendrik Cornelisz Plooij en Cornelis Jacobsz van Eijk, beiden wonende te Barwoutswaarder, maken hun testament op. Als eerste benoemen de halfbroers elkaar als erfgenamen. Cornelis Jacobsz van Eijk benoemt tot verdere erfgenamen zijn zus Weijntje Jacobs van Eijk voor de helft, de kinderen van Marritje Cornelis Ploij voor een vierde en de kinderen van Trijntje Maartens Butter voor het laatste vierde gedeelte. Als voogden benoemde hij Maarten Willemsz Ramp en Gijsbert Cornelisz den Haan. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8601, aktenr. 21, d.d. 29-02-1728 --- Jacob Loendersloot verkoopt aan Jan Maartensz Bos de helft van 9 morgen 1 hond 50 roeden wei- als hooiland in de Bodegraverkampen, strekkend uit de Achterwetering tot de Oud Bodegraafsedijk, belend ten oosten de weduwe De Zitter en, ten westen de heer Lambregts; nog de helft van 2 morgen 2 hond land, strekkend als het vorige, belend ten oosten de weduwe van dominee Van Breemen en ten westen de weduwe De Zitter; nog de helft van 6 morgen 3 1/2 hond hooiland in het Broekveld, strekkend van de Oud Bodegraafsedijk tot aan de Sloen, belend ten oosten Dirk van Roijen en ten westen Klaas Vreem en Klaas Landsgeloof, waarvan de wederhelft toekomt aan de koper vanwege diens vrouw. Laatste eigendomsbrief van 03-03-1718. Koopsom 1400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 27, p. 149v, d.d. 12-01-1730 --- Gecompareerd is Jacob Loendersloot, die heeft verkocht aan Jan Maertense Bos de helft van een hofstede "Vrijburg" met een huis, berg en schuur met ca. 14m 178r wei- en teelland, gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, strekkend van de Rijn tot over de Zuidzijderkade, belend ten oosten juffr. Margaretha Both weduwe van Thomas de Zitter en ten westen de heer Jacob Lambregts (die de andere helft van deze hofstede in bezit heeft). De koopsom bedraagt 1.000 gulden contant geld. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 5, aktenr. 123, fol. 168, d.d. 29-04-1730 --- Gecompareerd is Jan Maertense Bos, die schuldig is aan Pieter Aelberts Groeneveld, Hendrik Hendriks Wiltenburg en Maria Hendriks Wiltenburg een bedrag van 1.500 gulden contant geld met 3,25% rente. Als onderpand geldt de hofstede "Vrijburg" met bijbehorende landen. Afgelost op 01-05-1771 en geroijeerd 11-05-1771. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 5, aktenr. 124, fol. 169, d.d. 29-04-1730 --- Jacob Cornelisz Loendersloot verkoopt aan Jan Maartensz Bos de eeuwige erfhuur van de helft van een perceel erfpachtland, ca. 1 morgen 3 hond groot, waarvan de andere helft eigendom is van Jan Maartensz Bos, gelegen te Vromade onder Sluipwijk, strekkende van de Zuidzijderkade tot de Aafwetering, belend ten oosten de erfgenamen van de weduwe van Thomas de Zitter en ten westen Jacob Lambrechts. Jaarlijks moet aan de heer van Vromade of zijn rentmeester te Bodegraven de helft van de erfhuur van 4 gld. 14 st. 8 pen. worden betaald. De koopsom is 15 gld. 15 st. Bron: RHCRL, ORA Sluipwijk (beh.nr. R068), inv.nr. 8, fol. 52v, d.d. 01-06-1730 --- Jaapje Hendriksdr de Jongh, weduwe van Tijs Maartensz Bos en Jan Maartensz Bos en Reijer Jansz Suijdam, als voogden over Maarten Tijsz Bos, Catrijntje Tijsdr Bos en Annigje Tijsdr Bos, minderjarige kinderen van voorn. echtpaar, zijn schuldigaan Goris van der Kust, wonend te Bodegraven, een bedrag van 700 gulden. Gesteld onderpand: 3 1/2 morgen land in het Broekveld, strekkend van de Oud Bodegraafsedijk tot de Oudeweg, belend ten oosten Leendert Snel en ten westen Pieter Brunt; nog 2 morgen 1hond land in de Bodegraverkampen, strekkend van de Wetering tot de Oud Bodegraafsedijk, belend ten oosten en westen de weduwe van Abraham van Lier; nog 2 morgen 1 hond land, gelegen, strekkend en belend ten westen als het vorige en ten oosten Jacob Loendersloot. Geroijeerd 27-05-1740. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 27, p. 168v, d.d. 30-03-1731 --- Jan Vermij verkoopt aan Jan Maartensz Bos 4 morgen 4 hond land, waarin een vogelkooi, in het Broekveld, strekkend van de Oud Bodegraafsedijk tot Pieter Dirksz Landsgelooft, belend ten oosten en westen de koper. Koopsom 465 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 28, p. 8v, d.d. 26-09-1738 --- Jan Maartensz Bos verkoopt aan Jan Vermij de helft van 9 morgen 4 1/2 hond land in het Broekveld, belend ten oosten de armen van Bodegraven. De jongste koopbrief is van 08-09-1719. Koopsom 200 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 28, p. 9v, d.d. 26-09-1738 --- Compareerde Pieter Jansz Bosch, jongman wonende in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, zeer bekend bij de getuigen, goed bij zijn verstand. Hij maakt zijn testament op. Zijn enige en universele erfgenaam is zijn vader Jan Maartensz Bosch. Getuigen zijn Willem Teunisz de Graaf en Johannes Soeter. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8634, aktenr. 21, d.d. 19-06-1740 --- Compareerden de eerzame Jan Maartensz Bosch en de eerbare Folkje Cornelis Boer, echtlieden wonende in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, mij notaris bekend, gezond van lichaam en hun verstand in orde. Ze maken een nieuw testament op. De testateur laat ieder kind, zowel uit zijn vorige huwelijken als dit huwelijk, een even grote legitieme portie na. Hij laat zijn vrouw een even grote portie na als zijn kinderen. Als zijn voordochter de laatste wijziging aan het testament niet wil opvolgen, stelt de testateur in als enige en universele erfgenamen de kinderen uit zijn huidige huwelijk. De testateur verklaarde dat hij zijn dochter, Marritje Jans Bosch uit een eerder huwelijk, in plaats van de normale erfportie een bedrag wil nalaten van 800 gulden, wat veel meer is dan een normale erfportie. De testateurs beschikt ook dat zijn voornoemde huisvrouw gedurende haar leven de goederen zal blijven bezitten en beheren, met de voorwaarden dat het voornoemde bedrag wordt uitgekeerd aan zijn voordochter en dat a Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8635, aktenr. 10, d.d. 27-04-1742 --- Jan Maartensz van den Bos, wonend te Bodegraven, verkoopt aan Lena Gerritsz Verzee, eerder getrouwd met Warbout Jansz van Leeuwen, nu met Jan Claare, wonend in Zwammerdam, 3 1/2 morgen hooiland in het Broekveld, belend ten oosten de koper, ten westen Floris Dirksz Blom, ten zuiden de Sluipwijkse Sloene en ten noorden Jan van den Bos. Koopsom 5 gulden 5 stuivers (?) N.B. 40e penning is 2 gulden 10 stuivers.(!) Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 28, p. 265v, d.d. 19-02-1759 | Bos, Jan Maartens (I413)
|
| 3924 | NH dopen Bodegraven: 05-02-1676 Niesje; o. Cornelis Willemsz Steehouwer en Marrigje Willems Verhaaren 06-08-1678 Willem; o. Cornelis Willemsz Kameriken en Marrigje Willems Verhaar; g. Gillis Willemsz Verhaar --- Jan Huijgen Blonck heeft verhuurt aan Cornelis Tijsz Groenevelt, geassisteerd door Jan Tijsz Groenevelt, zijn broer en voogd, 19 morgen wei-, hooi- en hennepland met huis, berg en schuur, gelegen te Kamerik Mijzijde, voor de duur van vier jaar voor 390 gulden per jaar. Mathijs Jansz Groenevelt en Jan Hendricxse Groenendijck zijn borgen. [Getekend door Maerten Maetijsz Groenevelt!] Bron: RHC RL, ONA Kamerik (beh.nr. W178), inv.nr. 931, d.d. 29-03-1671 --- Merrighie Willems, weduwe van Jan Mathijsz, geassisteerd door Willem Jelisz Verhaer, haar vader en gecoren voogd, aan de ene, en Mathijs Jansz Groenevelt als grootvader en voogd van Jan en Maerten Jansz Groeneveldt, nagelaten weeskinderen van voornoemde Jan Mathijsz verwekt bij Merrighje Willems Verhaer, aan de andere zijde. Uitkoop. Jan en Maerten hebben ieder recht op 100 gulden en bij overlijden van hun grootouders van moederskant nog eens 75 gulden. De weduwe onderhoudt de kinderen en laat ze naar school gaan. Bron: RHC RL, ONA Kamerik (beheersnr. W178), inv.nr. 931, aktenr. 43, d.d. 18-04-1671 --- Gillis Willemsz Verhaer, voor zichzelf en met procuratie van zijn broer Gerrit Willemsz Verhaer, procuratie voor Adriaen Schoonhoven, notaris te Gouda d.d. 02-05-1675, mede optredend voor Dirck Willemsz Verhaer, Floris Eversz van Leeuwen, weduwnaar van Dirckjen Willemsdr, mede Pieter Pietersz van Leeuwen, getrouwd met Marritje Willemsdr Verhaer en voor Philippus Verhoeve, chirurgijn, getrouwd met Grietje Willemsdr Verhaer, allen als kinderen van Willem Gillisz Verhaer, mede Jan Jansz van der Neut voor zichzelf en handelend voor het weeskind van Meijnsgen Jansdr van der Neut en Stijntje Jansdr van der Neut, nog Jan Boslant, getrouwd met Machteltje Albersdr Vermij, eerder weduwe van Gillis Jansz van der Neut, als kinderen van Ariaentje Gillisdr Verhaer en Roeloff de Zeeuw, getrouwd met Marritje Jansdr van Raemsbergh, die eerder weduwe was van Gijsbert Bloncq, als voogd van het weeskind van Gijsbert, mede Cors Jansz van der Neut, getrouwd met Aeltje Jansdr Bloncq voor zichzelfen Jan Maertensz Hofflant, g Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 23, p. 110, d.d. 14-05-1675 --- Cornelis Matijssen Groenevelt, Jan Hendriksz Groenendijk getrouwd met Lijsbet Tijssen Groeneveld, Hendrik Claesz den Dubbelden getrouwd geweest met Merrigje Tijssen Groenevelt, Pieter Hendriksz Noortlander in naam van zijn moeder Merrighje Tijssen Groenevelt, Jan Jansz Groeneveld, Meerten Jansz Groenevelt en Hendrik Jaspers Groenendijk, allen kinderen en erfgenamen van Tijs Jansz Groenevelt, in zijn leven gewoond hebbende te Kamerik, dragen over op Jan Claesz Plomp, bode van dit gerecht, een huis en erf op het dorp van Kamerik Staten Gerecht, strekkende van de straat "geut ofte paell" tot de heining van het kerkhof, belend ten zuiden de Kerkstraat en ten noorden het huis van de weduwe van Johan Freser, in zijn leven schout van dit gerecht. De koopsom is 500 gulden. Bron: RHC RL, ORA Kamerik-en-de-Houtdijken (beheersnr. W179a), inv.nr. 981, aktenr. 76, d.d. 09-05-1690 O.S. | Groeneveld, Jan Matthijs (I1224)
|
| 3925 | NH dopen Bodegraven: 07-09-1667 Marrigje; o. Maerten Tijssen Bos en Annigje Louwen; g. Tijs Jansen Bos 04-11-1668 Jan; o. Maarten Thijssen Bos en Annigje Louwen; g. Tijs Jansz Bos 23-02-1670 Jannigje; o. Maarten Tijssen Bos en Annigje Louwen 29-11-1671 Neeltie; o. Maarten Tijssen Bos en Neeltje Louwen 13-10-1675 Louris; o. Maarten Tijssen Bos en Annigje Louwen; g. Trijntje Heijndricks 06-08-1678 Teuntje; o. Maarten Tijssen en Annigje Louwris 26-02-1681 Heijltje; o. Maarten Tijssen Bos en Annigje Louwen 15-08-1683 Neeltie; o. Meerten Tijssen en Annigie Louwen 18-08-1686 Willem; o. Maarten Tijsen Bos en Annigie Louwen --- Maerten Tijsen Bos, Neeltje Tijsen Bos en Arij Tijsen Bos, meerderjarig, mitsgaders Huijbert Janse Bos als oom en bloedvoogd van Hendrick Tijsen Bos, Trintje Tijsen Bos en Leendert Tijsen Bos, minderjarige kinderen van de overleden Tijs Janse Bos en Marrighje Maertensdr, willen overgaan tot de scheiding van de boedel. De kinderen behouden gemeenschappelijk de hofstede en bijbehorende landen in de Zuidzijderpolder, die nu door Maerten Tijsen Bos in huur wordt gebruikt volgens de huurcedul. Het bedrag van 1011 gld. 16 st. volgens de erfhuiscedul d.d. 22-03-1672 samen met de meubele goederen, de huisraad, het linnen en wol, minus de eiken kast in het huis, zijn over zes loten verdeeld. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 1, aktenr. 98, fol. 75, d.d. 23-03-1672 --- Gecompareerd zijn Maerten Mathijsz Bos voor hem zelf en zich sterkmakende en de rato caverende voor Trijntjen Mathijsdr Bos, Arien Mathijsz en Heijndrick Mathijsz Bos, meerderjarig, en Leendert Mathijsz Bos, nog minderjarige zoon, geholpen en geassisteerd door Maerten Thijsz Bos, zijn voornoemde meerderjarige broer en voogd in dezen, met daarnaast ook Dirck Aertsz Vijffwinckel getrouwd met Neeltjen Mathijsdr Bos, allen kinderen van de overleden Mathijs Jansz Bos en daarom erfgenamen van de overleden Jan Heijndricxsz Bos en Heijndrick Jansz Bos, hun respectievelijke grootvader en oom. Met consent van de schout en weesmeesters, vanwege een onmondige, hebbend de comparanten verkocht aan Huijbert Jansz Bos, onze inwonende buurman, een gerecht 1/5e deel van een hofstede, huis, berg en schuur met 10m 5h land, gelegen in de Noordzijderpolder onder Bodegraven Buitenkerk, strekkend uit de Rijn van het jaagpad tot achterin de Oude Meije, belend ten oosten Michiell Pietersz Bruijn en Jan Ghijsbertsz Hoogenes en Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 1, aktenr. 241, fol. 165v, d.d. 29-04-1676 --- Compareerde Maerten Thijsz Bos, Arien Thijsz Bos, Heijndrick Thijsz Bos en Trijntjen Thijsdr Bos, meerderjarige kinderen, Trijntjen Thijsdr geassisteerd door haar oom en gecoren voogd Huijbert Jansz Bos. Ook Leendert Thijsz Bos, nog minderjarig, geassisteerd door dezelfde Huijbert Jansz Bos, zijn oom en voogd, met procuratie van Dirck Aertsz Vijffwinckell getrouwd met Neeltjen Thijsdr Bos, gepasseerd voor notaris Laurens Balbian te Gouda d.d. 18-10-1676, ons schout en schepenen getoond, alle kinderen en erfgenamen van Mathijs Jansz Bos en Marrijtjen Maertensdr, hun overleden vader en moeder. Ze hebben verkocht aan de heer Adriaen Loeff, schepen, raad en vroedschap te Gouda, een stuk land van 7m 2h 25r gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, met de voorwaarde dat de koper het land moet aannemen, ook al zou de schans later gesloopt worden, strekkend uit de Rijn tot in de Houenswetering (?), belend ten oosten de erfgenamen van de heer Duijckenburg en ten westen de koper zelf. De koopsom bedraagt Compareerde voor de secretaris van Bodegraven Huijbert Jansz Bos, als voogd in deze brief gemeld, die namens alle genoemde personen laat weten dat de koopsom volledig is betaald. Compareerde mede de heer Paulus Loeff die het geld nog schuldig was en die vandaag het laatste geld en rente heeft betaald. D.d. 03-06-1685. Op 10-05-1715 is aan mij, de secretaris van Bodegraven, uitgelegd dat dit stuk land door de heer Paulus Loeff en zijn vrouw juffr. Anna van Groendijk volgens hun testament d.d. 10-10-1710 en de akte van bewijs d.d. 04-02-1715 voor notaris A. Timmer te Gouda is overgegaan naar juffr. Maria Loeff en Adriana Paulis Loeff als een deel van hun moederlijk bewijs. Daarom zijn het huis en de landen op hun naam overgezet in de verpondingen en andere registers. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 1, aktenr. 286, fol. 191v, d.d. 09-02-1677 --- Maerten Tijsz Bos, Arien Tijsz, Heijndrick Tijsz en Trijntje Tijsz Bos, en Huijbert Jansz Bos, als voogd van Leendert Tijsz Bos, mede Maerten Tijsz Bos met procuratie van Dirck Aertsz Vijffwinckel, wonend te Barendrecht, getrouwd met Neeltje Tijsz Bos, allen kinderen en erfgenamen van Thijs Jansz Bosch, verkopen aan Adrijaen Loeff, raad en vroedschap van Gouda, 4 morgen 5 hond land in het Broekveld, strekkend van het land van de heer van Berckenrode, tot aan de Wellewetering, belend ten oosten Jacob Jansz van Swieten en ten westen Huijbert Jansz Vermij; nog 4 morgen 250 roeden land in het Broekveld, strekkend van de heer Visch tot de Wellewetering, belend ten oosten de heer van Ornia en ten westen de koper. Koopsom 400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 23, p. 158, d.d. 09-02-1677 --- Maerten Thijssen Bos, Arij Thijssen Bos, Hendrick Thijssen Bos, Leendert Thijssen Bos, Dirck Aerssen Vijfwinckel, getrouwd met Neeltje Thijssen Bos, Jan Fredricksen Boer, getrouwd met Trijntje Thijssen Bos, Jan Meertensse van Linschoten, Gerrit Sijmensse, schoenmaker, getrouwd met Neeltje Meertensdr van Linschoten, Arrijs Ghijsen Stehouder, getrouwd met Grite Meertensdr van Linschoten, vervangend Cornelis, Geertje en Marretje Meertens van Linschoten, Gerrit Janssen Blonck, vader en voogd over Jan Gerritsz, Marregje Gerritsdr, Gritje Gerritszdr van wie moeder was Neeltje Jansdr Gravesteijn, allen erfgenamen van Hubert Janssen Bos, verkopen aan Gerret en Jan Janssen Blonck, broers, 4 1/2 morgen land in het Broekveld, strekkend vande Oud Bodegraafsedijk tot het land van Jacob Gerretsz Craan, belend ten oosten de heer Hulshout en ten westen burgemeester Samson. Koopsom 150 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 23, p. 303, d.d. 09-05-1692 --- Compareerden Jan Dircxsz Roos, voor hem zelf en als testamentaire voogd over Dirck Pietersz Roos, zoon van Pieter Dircxsz Roos, Arij Jacobsz van der Aar getrouwd met Willemptje Dircx Roos, kinderen en erfgenamen van Dirck Jansz Roos en Beeligje van den Velden, beiden overleden, die hebben verkocht aan Maarten Thijsz Bos een huis, erf en boomgaard, gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, bij de grote schans, strekkend van de Hogedijk tot achteraan het Jaagpad of de Rijn, belend ten oosten de eigen uiterdijk van de heer Zanison en ten westen de Zuidzijder Molenvliet. De koopsom bedraagt 370 gulden. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 3, aktenr. 441, fol. 221v, d.d. 09-06-1702 --- Op heden 07-02-1707 compareerde voor de weeskamer Maarten Thijsse Bos, Arij Thijsz, Henderik Tijsse, Trijntje Thijsse Bos, alle kinderen en erfgenamen van de overleden Mathijs Jansz Bos, de rato caverende voor hun broer Leendert Thijsse Bos. Zij hebben uit de weeskist gelicht een doosje met daarin de rekening, gedaan door Huijbert Janse Bos en Maarten Thijsse Bos voornoemd, met bijbehorende documenten en kwitanties, door hen hier ter weeskamer gedaan, van hun vaders boedel, d.d. 10-12-1676. Ze ontslaan de weeskamer van alle waarneming. Akte dato uts. Getekend: Meerte Thijsz Bos, merk van Arij Thijsse Bos, merk van Trijntje Tijsse Bos Op dato dezes op verzoek van bovengemelde personen zijn de bovengenoemde rekeningen en papier in het bijzijn van de schout en weesmeesters verbrand. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 228v, d.d. 07-02-1707 --- Gecompareerd zijn Annigje Louwe Paauw, weduwe van Maarten Tijsse Bos, mitsgaders Tijs Maartens en Jan Maartens Bos, voor hun zelf als voor hun andere broers en zussen, die hebben verkocht aan Abraham Jansen Mik een huis en erf, gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, strekkend uit de dijk tot de Rijn, belend ten oosten de uiterdijk van Jan Cornelisse Verhoeff en ten westen de Molenvliet van de Zuidzijderpolder. Compareerde mede Tijs Maartenz en Jan Maartensz Bos, haar zonen, voor hen zelf en de rato caverende voor haar andere broers en zussen, die aangeven hun vaderlijke erfenis volledig te hebben ontvangen, en dus geen actie en pretentie meer hebben op hun moeder of het verkochte huis. De koopsom bedraag 525 gulden contant geld. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 4, aktenr. 183, fol. 260, d.d. 17-01-1725 | Bos, Maarten Tijs (I410)
|
| 3926 | NH dopen Bodegraven: 07-12-1721 Pieter; o. Cornelis Willemze van Dam en Marrichje Jansdr van den Bos NH dopen Polsbroek: 20-06-1723 Meerten; o. Cornelis Willemse van Dam en Merghje Jans van den Bosch; g. Weijntje Pieters Verseijl [h.v. Jan Maartens van den Bos] NH dopen Zwammerdam: 13-10-1726 Hendrik; o. Dirk van Leeuwen en Margje van den Bosch; g. Margje van Leeuwen --- Compareerde voor schout en weesmeesters van Bodegraven Hendrick Cornelisz Plooij, die op verzoek van Jan Maartensz Bos de voogdij aanneemt van diens minderjarige kind, genaamt Marigje Jans Bos, aanstaande kerstmis 1696 ca. 2 jaar oud, verwekt bij Trijntje Maarten Butter, zonder testament of uitsluiting van de weeskamer alhier overleden. De voornoemde Henderick Cornelisz belooft goede voorzorgen en toezicht te nemen over het weeskind, en zal doen rekening, bewijs en reliqua, zoals door de schout en weesmeesters is voorgesteld. Akte d.d. 05-11-1696. Compareerde nog Jan Maartense Bos, die heeft aangeeft te hebben ontvangen 140-9-6, zijn een aanbedeeld portie van zijn voornoemde kind, volgens een akte van akkoord. Hij neemt dit bedrag aan met de belofte dit uit te keren, zonder rente, aan zijn kind als het meerderjarig wordt of trouwt. Hij belooft, zoals het een trouwe vader betaamt, dit bedrag uit te keren bij een huwelijk of meerderjarigheid, met 3 gld. 3 st. extra. Akte dato uts. Compareerde voor de weeskamer van Bodegraven Marigje Jans Bos, weduwe van Cornelis Willems van Dam, die aangeeft bij haar huwelijk met haar voornoemde overleden man te hebben gekregen van haar vader het bedrag van 146-9-6, zoals het haar toekwam uit de boedel van haar moeder, hierboven gemeld, evenals van de 3 gld. 3 st. voldaan te zijn. Ze vraagt verder niks meer van haar vader en bedankt de schout en weesmeesters voor hun goede zorgen en bevrijdt ze van hun taak. Akte 05-04-1725. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 210v, d.d. 05-11-1696 | van Dam, Cornelis Willems (I806)
|
| 3927 | NH dopen Bodegraven: 11-02-1725 Geertruijd; o. Pieter Dirckze Struijs en Lijsbeth Brands van der Klein 09-03-1727 Christijntje; o. Pieter Dircksz Struijs en Lijsbeth Brands van der Kleijn; g. Jannetje Gerrids Struijs 07-08-1729 Trijntje; o. Pieter Dirksz Struijs en Lijsbet Brande van der Kleijn 06-07-1732 Dirk; o. Pieter Dirkz Struijs en Lijsbeth Branden van der Kleijn 24-01-1734 Gijsje; o. Pieter Struijs en Lijsje van der Kleijn 30-05-1735 Geetruijd; o. Pieter Dirksz Struijs en Lijsbeth Branden van der Kleijn 24-03-1737 Isbrand; o. Pieter Struijs en Lijsje van der Klein 07-06-1739 Gijsbertje; o. Pieter Struijs en Lijsje van der Klein 20-08-1741 Geertruij; o. Pieter Dirkz Struijs en Lijsje Brande van der Klein 28-04-1743 Geertruij; o. Pieter Dirkse Streus en Lijsje Brande van der Klein 06-06-1745 Lijsje; o. Pieter Struis en Lijsje Brande van der Kleijn --- Pieter Dirks Struis (Stolwijk 1697-Bodegraven voor 1762); zoon van Dirk Gerrits Struijs, huw. Stolwijk 1693; zoon van Gerrit Dircks Struijs, begr. Stolwijk 1691 [Slootweg-1997, p 24]. Bron: CBG Familienamen --- Naam: Pieter Dirksz Struijs Hoedanigheid: acceptant Type akte: transport Inhoud: Huis en erf in het dorp Bodegraven. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 5, aktenr. 128, fol. 174, d.d. 16-05-1730 --- Naam: Pieter Dirksz Struijs Hoedanigheid: hypotheekgever Type akte: hypotheek Inhoud: Huis en erf in het dorp Bodegraven. Opmerkingen: Afgelost op 26 november 1736. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 5, aktenr. 129, fol. 174, d.d. 16-05-1730 --- Naam: Pieter Struijs Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 3, fol. 94v, d.d. 17-03-1745 --- Naam: Pieter Struijs Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 3, fol. 149, d.d. 21-01-1755 --- Naam: Pieter Struijs (weduwe van) Hoedanigheid: geldnemer Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8655, aktenr. 11, d.d. 17-04-1758 --- "Lijsje Branden van der Kleijn wede. van Pieter Dirksz. Struijs, woonende op den dorpe van Bodegraven" Naam: Pieter Dirksz Struijs Woonplaats: Bodegraven Hoedanigheid: huwelijkspartner, bloedverwant Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8659, aktenr. 63, d.d. 07-10-1762 --- Testament van Lijsje Branden van der Kleijn, weduwe van Pieter Dirksz Struijs, te Bodegraven. Ze legateert aan haar kleindochter Caatje Linschooten, dochter van Teunis Linschooten en Trijntje Struijs. Ze benoemt haar dochters Stijntje, Geertruij enLijsje Struijs tot erfgenamen en Arij Hoogendoorn te Gouda en Bart Waarseger te Warmond tot voogden. Bron: RHC RL, ONA Bodegraven (beheersnr. B066), inv.nr. 884a, aktenr. 122, d.d. 23-06-1769 --- Naam: Pieter Struijs (weduwe van) Beroep: bierleverancier Hoedanigheid: geldgever Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8673, aktenr. 22, d.d. 30-07-1776 --- Testament van Lijsje Branden van der Kleijn, weduwe van Pieter Dirksz Struijs, wonende te Bodegraven. Ze benoemt haar drie dochters Stijntje, Geertruy en Lijsje Struijs tot erfgenamen. Ze legateert hen haar lijfgoed en haar dochter Stijntje het recht om de herberg Het Bonte Varken, waarin de testatrice woont, te kopen en te exploiteren. Haar kleindochter Kaatje Linschooten, een dochter van haar overleden dochter Trijntje en Teunis Linschooten, krijgt een ketting. Tot voogden over de minderjarige erfgenamen benoemt ze Pieter van der Lee te Bodegraven en Bart Waarseger te Warmond. Bron: RHC RL, ONA Bodegraven (beheersnr. B066), inv.nr. 880, aktenr. 70, d.d. 19-06-1778 | Struis, Pieter Dirks (I3062)
|
| 3928 | NH dopen Bodegraven: 12-12-1654 Jannichgen; o. Pieter Ariensz Verrijn (aen de Mije) NH dopen Woerden: 26-01-1659 Willem; Pieter Adriaans Verrijn en Machtelt Jans van der Pauw --- "soo bekende Grietgen Jansdr weduwe wijlen Bouwen Pietersz Stam geassisteert ende versterckt met Jan en Corns Bouwensz Stam, Leendert Jans Groenevelt ende Jan Jansz Stellingh, haren soonen ende swagers respective verhuijrt te hebben, aen Pieter Ariensz Verrijn, den welcken bekende van voorn. Grietgen Jans ingehuijrt te hebben seeckere huijsinge ende erve, 2 bergen, ende schuijr, staende ende gelegen binnen Woerden inde Haverstraet, dicht bij de Cromwijcker poort" Naam: Pieter Ariensz Verrijn Woonplaats: Woerden Hoedanigheid: huurder Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8518, aktenr. 64, d.d. 28-12-1656 --- Naam: Pieter Ariensz Verrijn Beroep: kroosheemraad Woonplaats: Woerden Hoedanigheid: machtiger Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8541, aktenr. 86, d.d. 05-11-1659 | Verrijn, Pieter Ariens (I3349)
|
| 3929 | NH dopen Bodegraven: 17-01-1657 Pieter; o. Cornelis Willemsz aan de Zuidzijde 03-11-1658 Marrichgen; o. Cornelis Willemsz aan de Zuidzijde 30-11-1659 Aelbert; o. Cornelis Willemsz (Willem Pieter Gijsse zoon) aan de Zuidzijde 17-08-1664 Dirckje; o. Cornelis Willemsz van der Swaan en Marrigje Pieters van der Kats; g. Trijntje Heijndricks --- 4-6-1664: Gerrit Roelen Ramp, uit kracht van een scheiding, gepasseerd op 30-1-1661 voor notaris Robbrecht Vos en getuigen te Bodegraven, verkoopt aan Cornelis Willemsz van der Swaen een stuk hooiland van 3 morgen 3 hond groot, gelegen in de Boezem onder Sluipwijk, strekkende van de Zuidzijderkade zuidwaarts tot Willem Jansz in Gravekoop, belend ten oosten voor Claes Gijsbertsz van der Swaen en achter voornoemde Willem Jansz en ten westen Gijsbert Cornelisz van der Swaen. Er is sprake van recht van overpad volgens een brief d.d. 30-5-1646. Betaald met 500 gulden contant en een custingbrief van 1.000 gulden. Bron: RHCRL, ora Sluipwijk 5, fol. 26 (FS scan 435/582) 4-9-1683: Cornelis Willemsz van der Swaen, wonende te Bodegraven, verkoopt aan Cornelis Pietersz van der Swaen, ook wonende te Bodegraven, een partij land te verongelden voor 3 morgen 3 hond gelegen in de Boezem onder Sluipwijk, strekkende van de Hovense Kade zuidwaarts tot de Achterwetering, belend ten oosten Hendrick Ghijsbertsz van der Swaen en Jan Woutersz Hofflandt en ten westen de weduwe van Pieter Cornelisz van der Swaen. De koopsom is 300 gulden. Bron: RHCRL, ora Sluipwijk 6, fol. 106 (FS scan 111/571) | van der Swaan, Cornelis Willems (I4182)
|
| 3930 | NH dopen Bodegraven: 21-08-1739 Marij; o. Hendrik van der Greft en Dirkje van der Poel 15-04-1742 Gerrit; o. Heinderik van de Gregt en Dirkje van der Poel 29-03-1743 Zeeltje [Celigje]; o. Heinderik van der Greft en Dirkje van der Poel 13-02-1746 Willem; o. Heinderik van der Greft en Dirkje van der Poel 13-07-1749 Annigje; o. Heinderik van der Gregt en Dirkje van der Poel --- "Pieter Jacobsz de Jong weduwenaer ende boedelharder van zaelr. Maria Gerrits Moij, woonende in Segvelderbroek ter eenre, ende Dirk Tijssen Fockert ende Neeltje Gerrits van de Greft egtelieden sijnde de voorsz. Neeltje Gerrits van de Greft een dogter van Gerrit Meertens van de Greft ende de voorsz. Maria Gerrits Moij haer overleeden vader ende moeder zaelr. voor haar zelven, Jan Hagesteijnse Baeck, ende Cornelis Gerritsz Moij woonende tot Nieukoop, ende Bastiaen Verwoerd in huwelijk hebbendeZeeligje Gerrits Moij, woonende op Bosweerder onder Woerden, in qte. als voogden over Hendrik Gerritsz van de Greft, out ontrent agtien jaar, Gijsbert Gerritsz van de Greft out ontrent veertien jaar, ende Willem Gerritsz van de Greft out ontrent twaelf jaar onmondige weeskinderen van de voornoemde Gerrit Meertensz van de Greft ende Maria Gerrits Moij in haer leven egtelieden mede haarlieden vader ende moeder zaelr. respe. in eerste huwelijk verwekt ter andere zijden" Naam: Hendrik Gerritz van de Greft Hoedanigheid: bloedverwant, erfgenaam Bron: RHC RL, ORA Zegveld en Zegvelderbroek (beheersnr. W180), inv.nr. 2378, aktenr. 294, d.d. 22-06-1716 --- "ende Hendrik Gerritsz. van der Greft oud omtrent twintig jaaren, dienstknegt van Gijsbert Snater" Naam: Hendrik Gerrritsz van der Greft Beroep: dienstknecht Woonplaats: Barwoutswaarder Hoedanigheid: attestant Bron: RHC RL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1453, aktenr. 138, d.d. 07-04-1720 --- Naam: Hendrik Gerritsz van der Greft Hoedanigheid: getuige Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8617, aktenr. 4, d.d. 27-02-1722 --- "de heer en mr. Dirk de Raad, raad en vroedschap der stad Leijden, bewindhebber van de Oostindische Compagnie ter caamere van Amsterdam & dewelke bekende te hebben verhuurt aan Hendrik van der Greft die van gelijke compareerende in huure bekende aangestaan te hebben, seekere huijsmans wooninge met berg en schuur, bepootinge en beplantinge daar op staande, met de volgende perceelen soo weij hooij als teellanden naamentlijk sestien mergen drie hond geleegen in de Meij Hornpolder onder Bodegraven, item agt mergen strekkende voor uijt de Buijtesloot tot aan de landscheijdinge, en een perceel met een hennipakkertie groot drie mergen drie hond en vijftig roeden leggende voor de voorsz. wooning onder de jurisdictie van Nieuwkoop ende sulks te saamen groot omtrent agt en twintig mergen" Naam: Hendrik van der Greft Hoedanigheid: huurder Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8604, aktenr. 22, d.d. 13-04-1731 --- Naam: Hendrik van der Greft Hoedanigheid: huurder Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8646, aktenr. 23, d.d. 19-05-1749 --- Naam: Hendrik van der Greft Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 3, fol. 114v, d.d. 17-03-1750 --- Naam: Hendrik van der Greft Hoedanigheid: huurder Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8647, aktenr. 23, d.d. 08-05-1750 --- Naam: Hendrik van der Greft Hoedanigheid: huurder Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8649, aktenr. 22, d.d. 05-06-1752 --- "Maggeltie Willemsdr. van Staveren, wonende in de Meije polder onder Bodegraven, dog jegenwoordig alhier tot Reeuwijk mijn notaris bekend (...) soo verklaard, zij testatrice, haar dogter Dirkje weduwe, van Hendrik van der Greft, te insitueeren, in haare simpele legitime portie" Naam: Hendrik van der Greft Hoedanigheid: bloedverwant, huwelijkspartner Bron: RHC RL, ONA Reeuwijk (beheersnr. R066), inv.nr. 6959, aktenr. 174, d.d. 02-12-1755 --- Mutueel testament van het echtpaar Aart Schinkel en Dirkje van der Poel, weduwe van Hendrik van der Greft, in de Meije. Zij legateert aan haar kinderen uit het eerste huwelijk en stelt Jan Fokker te Oudshoorn en Maurits Cornelisz van Wieringen tot voogden. Bron: RHC RL, ONA Bodegraven (beheersnr. B066), inv.nr. 883, aktenr. 134, d.d. 24-11-1762 --- Gerrit van der Greft voor de helft, Arij van Leeuwen, gehuwd met Beeligje van der Greft voor een vierde, Jan Ariensz Boon, timmerman te Bodegraven en Jacob van Staveren als testamentaire voogden van Annigje van der Greft voor het resterende vierde deel (kopie testament op folio 52, van Maggeltje Willemsdr van Staveren in de Meijepolder onder Bodegraven, voor notaris Daniel van Beke te Reeuwijk d.d. 02-12-1755, testeerde haar dochter Dirkje, weduwe van Hendrik van der Greft, of haar kinderen), allen erfgenamen van hun grootmoeder Maggeltje Willemsdr van Staveren, verkopen aan Thomas Burchardus de Bock land in de drooggemaakte Vierambachtspolder in kavel nr. 4, groot 1 morgen 541 roeden, te verongelden voor 1 morgen 550 1/2 roeden,getekend met letter A, op het zuideinde toebehorende aan de koper, strekkende in zijn geheel van de Dwarsdijk tot in de Togt, belend ten oosten de koper en ten westen de Gemeeneweg. Koopsom 1.050 gulden en 4 ducaten speldegeld. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 24, p. 53v, d.d. 25-01-1771 | van der Greft, Hendrik Gerrits (I1209)
|
| 3931 | NH dopen Bodegraven: 21-11-1759 Dirkje; o. Mouris van Wieringen en Marijgje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 04-12-1760 Hendrik; o. Mourits van Wieringen en Maria van der Greft; g. Dirkje van der Poel 21-02-1762 Hendrik; o. Mourits van Wieringen en Marijtje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 19-06-1763 Dirkje; o. Mourits van Wieringen en Marijtje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 26-08-1764 Willem; o. Maurits van Wieringen en Marijtje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 29-09-1765 Japik; o. Maurits van Wieringen en Marijtje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 19-07-1767 Gerrit; o. Maurits van Wieringen en Marijtje van der Greft; g. Celigje van der Greft 08-01-1769 Marrigje; o. Maurits van Wieringen en Marijtje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 05-05-1771 Maarten; o. Arij van der Werf en Marijtje van der Greft; g. Maartje Rosenberg 20-11-1772 Antje; o. Arie van der Werf en Marijtje van der Greft; g. Neeltje van Houten 05-12-1773 Aard; o. Arij van der Werf en Marijtje van der Greft; g. Dirkje van der Poel 20-11-1774 Zijgje; o. Arie van der Werf en Marijtje van der Greft; g. Annigje van der Greft --- Naam: Mouris van Wieringen Type akte: testament Inhoud: Mutueel testament van het echtpaar Mouris van Wieringen en Marijgte van der Greft in de Meije. Hij benoemt daarnaast zijn twee kinderen uit een huwelijk met Aaltje Dirksz van Bodegraven tot erfgenamen. Ze benoemen elkaar en Jan van Wieringen te Zegveld en Zegert van Bodegraven aan de Kromme Mijdrecht tot voogden. Bron: RHC RL, ONA Bodegraven (beheersnr. B066), inv.nr. 884a, aktenr. 115, d.d. 04-04-1769 --- Naam: Arij van der Werf Beroep: schoenmakersbaas Bedrag: 1 gulden, 10 stuivers, 8 penningen Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B001), inv.nr. 180, fol. 10, d.d. 1808 | van der Werf, Arie Maartens (I3515)
|
| 3932 | NH dopen Bodegraven: 26-05-1658 Jan; o. Hagen Jansz Hagendoorn; Buijttekerck 14-01-1660 Machteltjen; o. Hagen Jansz Hagendoorn NH dopen Woerden: 04-03-1663 Gerrit; o. Haghen Jansen en Marritjen Jans; g. Pieter Jansen 05-10-1664 Cornelis; o. Haghen Jansen en Marritjen Jans; g. Jan Cornelissen en IJda Pieters 23-02-1670 Neeltje; o. Hagen Jansz Hogendoorn (oosteijnde van Waarder) 13-12-1671 Marige; o. Hagen Janse Hogendooren en Lijsbeth Cornelis (oosteijnde van Waerder) --- [Aengecomen ten tijde van D. Wijkentoren beginnen met de 1 meert 1654] [24 decemb] 33. Hagen Jansse j.m. int oosteijn [Gevonde dese navolgende ledematen Bij Th. Dol. Rolant 1670 den 4 maij] [In 't oosteijnde van Waerder] 77 x Hagen Janse Hogendooren, doot 78 x Lijsbet Cornelis, sijn huijsvrou. Bron: Waarder - Lidmatenboek --- Jan Gerritsz Hagens en Grietgen Jansdr, echtelieden, wonende in het Oosteinde van Waarder, Jan Gerritsz ziek bij de haard zittende en Grietgen Jansdr gezond, maken hun testament op. De langstlevende krijgt lijftocht en vruchtgebruik van de gezamenlijke goederen. Eventuele ongetrouwde kinderen krijgen bij hun huwelijk of 24 jaar een uitzet mee. De kinderen krijgen samen 2.000 gulden uitgekeerd. Mocht de langstlevende opnieuw trouwen, dan moet de boedel worden gedeeld. Tot erfgenamen worden gesteld de kinderen Pieter, Aeltgen, Hagen, Jan en Gerrit Jansz. Gepasseerd in het Oosteinde van Waarder op de hofstede van de testateurs in het bijzijn van Pieter Cornelisz Noorlander en Arien Cornelisz Noorlander, buurluiden. Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8536, aktenr. 6, d.d. 08-03-1655 --- Op 16 maart compareerden voor ons, Cornelis Willemsz Looij, schout, en Gijsbert Pietersz Ramp en Balthen Willemsz Velthuijsen, schepenen en weesmannen te Waarder, Haghen Jansz Hoogendoorn, weduwnaar van Merrichie Jans Berchshoef, aan de ene, Jan Cornelisz als grootvader en Pieter Jansz Berchshoef als wettige bloedvoogden over Jan Haghens, Machteltie Haghens, Gerrit Haghens en Cornelis Haghens, nagelaten weeskinderen van Haghen Jansz Hoogendoorn, verwekt bij zijn overleden vrouw Merrichie Jans Berchshoef, aan de andere zijde. Begroting en bewijs van de moederlijke erfportie. De vader, als boedelhouder, behoudt alle goederen die hij en zijn vrouw gemeenschappelijk hebben bezeten. De vader zal zijn kinderen onderhouden tot hun 20e jaar. Bron: RHC RL, WK Waarder (beh.nr. R077), inv.nr. 1, d.d. 16-03-1668 --- Inde weeskiste geleijt vant voorn. kint van Jan Jansz Craen ende Annitje Pietersdr [van den Berch] zal. een copie van de aenbrengh ende coop ter secretarie van Waerder gedaen, van een halve huijsinge, erve ende boomgaert enz. gelegen int Oosteijnde van Waerder, bij Hagen Jansz Hoogendoorn gecoft, in date den 18e octob. 1668, ende noch copie vuijtte acte van approbatie ende ratificatie van schout ende weesmrn. alhier huijden den 13e meije 1669. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 166, d.d. 13-04-1669 --- Rekeningen en bewijs door JAN WOUTERSZ HOLLANDER ende JAN VAN RAAVENBURGHE in kwaliteit als erfgenamen van de Hr. Burgemeester DE LANGE tot Oudewater ende bloetvoocht van CORNELIS PIETERS NOORTLANDER, onmondige zoon, aan de E.H. Nicolaas van der Hofstede, schoudt, Hagen Jansz Hoogendoorn ende Gerrit Roelofsz Ramp, weesmannen van Waarder. Hierna volgt een deel van een overzicht van ontvangsten en uitgaven lopend van 1662 tot 1676. Bron: Reeuwijkse bronnen deel 7, Waarder Weeskamer 1642-1800 --- Halve akte. Verschenen is Hagen Jansz H[ogendoorn], weduwnaar van Merrichie Jans [Bergshoef]. Verwijzing naar de overeenkomst uit 1668 met consent van Jan Cornelisz en [Pieter Jansz Bergshoef], wettige [bloedvoogden] van Hagen Jans' minderjarige [kinderen] verwekt bij voornoemde [Merrichie Jans]. Vanwege de uitkoop van de moederlijke erfenis is Hagen Jansz zijn kinderen nog 1.000 gulden schuldig. De kinderen krijgen een obligatie met als onderpand een stuk land van 3 morgen in het Oosteinde van Waarder; nog een kampje land van onbekende grootte; nog een kampje land van 1,5 morgen te Waarder. Op 16-02-1691 compareerde voor schout en weesmannen Gerrit Hagens Hoogendoorn, Cornelis Hagens Hoogendoorn en Ruijsch Looij, man van Magtelt Hagens Hoogendoorn, allen kinderen van Hagen Jansen Hoogendoorn, die aangeven de 1.000 gulden ontvangen te hebben. Bron: RHC RL, WK Waarder (beh.nr. R077), inv.nr. 1, fol. 74, d.d. 1682/1684 --- Kopie. Compareerden voor Johan Crabeth, notaris te Gouda, Lijsbeth Cornelis Metselaar, weduwe van Hagen Jansz Hogendoorn, tegenwoordig wonende in Kattendijksblok onder Gouderak, aan de ene, en Gerrit Hagen Hoogendoorn, wonende aan de Langeweide, Kornelis Hagen Hoogendoorn en Ruijsch Cornelisz Looij, getrouwd met Magteltjen Hagen Hoogendoorn, beiden wonende te Waarder, kinderen en erfgenamen van voornoemde Hagen Jansz Hoogendoorn, aan de andere zijde. Boedelscheiding. Lijsbeth Cornelis Metselaar krijgt 2,5 morgen in het Kattendijksblok onder Gouderak, 2 morgen en 1,5 morgen hooiland in het Kattendijksblok onder Gouderak en 6 morgen land in het Oosteinde van Waarder. De kinderen krijgen een kamp land van 3 morgen in het Oosteinde van Waarder, een kampje van 3,5 morgen in het Kerfland van Waarder en 200 gulden. Bron: RHC RL, ORA Waarder (beh.nr. R078), inv.nr. 15, fol. 10, d.d. 10-04-1692 --- Coram Nikolaas van der Hofstede schout, Klaas Jansen int Hout en Gerrit Rooseboom schepenen van Waarder. Compareerde Lijsbet Kornelisz Metselaar, weduwe van Hagen Jansz Hoogendoorn, wonende in het Kattendijksblok onder Gouderak, die overdraagt aan Kornelis Hagensz Hoogendoorn, wonende in het Oosteinde van Waarder, 6 morgen land, afkomstig uit de boedel van Hagen Jansz Hoogendoorn, die in de boedelscheiding haar was toegevallen. Het land is strekkende uit de halve wetering tot de Papekoper landscheiding, belend ten oosten Kornelis Pietersz Bergshoef en ten westen de grafelijke landerijen. De koopsom is 1.000 gulden. Bron: RHC RL, ORA Waarder (beh.nr. R078), inv.nr. 15, fol. 32, d.d. 26-11-1694 | Hogendoorn, Hagen Jans (I1430)
|
| 3933 | NH dopen Bodegraven: 29-11-1648 Arien; o. Thijs Jansz Boss 16-10-1650 Heijndrick; o. Thijs Jansz Bosch 02-06-1653 Trijnjen; o. Thijs Jansz Bosch 16-02-1656 Leendert; o. Thijs Jansz Bos --- Thijs Jansz Bos, Huijbert Jansz Bos, Hendrick Jansz Bosch, Willem Cornelisz, getrouwd met Marritjen Jansz Bosch, Jan Dircksz Gravesteijn, getrouwd met Grietgen Jansdr Bos, Maerten Jansz, getrouwd met Kniertjen Jansdr Bos, mede Jan Hendricksz Bos en Claes Leendertsz van der Wolf als voogden over Hillitgen Jansdr Bos, allen als kinderen van wijlen Neeltjen Leendersdr en Jan Hendricksz Bosch, verkopen aan mr. Gijsbert Honcoop, advocaat te Gouda, 2 morgen 2 hond land in de Boriffkampen [Bodegravense kampen], strekkend van de Aeffwetering tot de Oud Bodegraafsedijk, belend ten oosten Justus Nobelaer en ten westen de koper. Koopsom 1400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 20, p. 210v, d.d. 04-05-1654 --- Naam: Mathijs Jansz Bos (weduwe van) Woonplaats: Linschoten Hoedanigheid: belending, geldnemer Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8546, aktenr. 44-45, d.d. 05-03-1664 --- Maerten Tijsen Bos, Neeltje Tijsen Bos en Arij Tijsen Bos, meerderjarig, mitsgaders Huijbert Janse Bos als oom en bloedvoogd van Hendrick Tijsen Bos, Trintje Tijsen Bos en Leendert Tijsen Bos, minderjarige kinderen van de overleden Tijs Janse Bos en Marrighje Maertensdr, willen overgaan tot de scheiding van de boedel. De kinderen behouden gemeenschappelijk de hofstede en bijbehorende landen in de Zuidzijderpolder, die nu door Maerten Tijsen Bos in huur wordt gebruikt volgens de huurcedul. Het bedrag van 1011 gld. 16 st. volgens de erfhuiscedul d.d. 22-03-1672 samen met de meubele goederen, de huisraad, het linnen en wol, minus de eiken kast in het huis, zijn over zes loten verdeeld. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 1, aktenr. 98, fol. 75, d.d. 23-03-1672 --- Op heden 03-05-1672 compareerde voor de weeskamer van Bodegraven Huijbert Janse Bos als voogd over de minderjarige kinderen van Tijs Jans Bos en Marrighje Maertensdr, beiden overleden, die bekende door handen van schout en weesmeesters van Bodegraven ontvangen te hebben de erfhuiscedul van de verkochte havelijke en verdere goederen, bij Tijs Jans Bos nagelaten, in totaal het bedrag van 1059 gld. 16 st., d.d. 22-03-1672. Met de belofte dat hij het geld behoorlijk voor de weeskamer zal verantwoorden, wat gebruikelijk is bij de weeskamer. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 181, d.d. 03-05-1672 --- Gecompareerd zijn Maerten Mathijsz Bos voor hem zelf en zich sterkmakende en de rato caverende voor Trijntjen Mathijsdr Bos, Arien Mathijsz en Heijndrick Mathijsz Bos, meerderjarig, en Leendert Mathijsz Bos, nog minderjarige zoon, geholpen en geassisteerd door Maerten Thijsz Bos, zijn voornoemde meerderjarige broer en voogd in dezen, met daarnaast ook Dirck Aertsz Vijffwinckel getrouwd met Neeltjen Mathijsdr Bos, allen kinderen van de overleden Mathijs Jansz Bos en daarom erfgenamen van de overleden Jan Heijndricxsz Bos en Heijndrick Jansz Bos, hun respectievelijke grootvader en oom. Met consent van de schout en weesmeesters, vanwege een onmondige, hebbend de comparanten verkocht aan Huijbert Jansz Bos, onze inwonende buurman, een gerecht 1/5e deel van een hofstede, huis, berg en schuur met 10m 5h land, gelegen in de Noordzijderpolder onder Bodegraven Buitenkerk, strekkend uit de Rijn van het jaagpad tot achterin de Oude Meije, belend ten oosten Michiell Pietersz Bruijn en Jan Ghijsbertsz Hoogenes en Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 1, aktenr. 241, fol. 165v, d.d. 29-04-1676 --- Compareerde Maerten Thijsz Bos, Arien Thijsz Bos, Heijndrick Thijsz Bos en Trijntjen Thijsdr Bos, meerderjarige kinderen, Trijntjen Thijsdr geassisteerd door haar oom en gecoren voogd Huijbert Jansz Bos. Ook Leendert Thijsz Bos, nog minderjarig, geassisteerd door dezelfde Huijbert Jansz Bos, zijn oom en voogd, met procuratie van Dirck Aertsz Vijffwinckell getrouwd met Neeltjen Thijsdr Bos, gepasseerd voor notaris Laurens Balbian te Gouda d.d. 18-10-1676, ons schout en schepenen getoond, alle kinderen en erfgenamen van Mathijs Jansz Bos en Marrijtjen Maertensdr, hun overleden vader en moeder. Ze hebben verkocht aan de heer Adriaen Loeff, schepen, raad en vroedschap te Gouda, een stuk land van 7m 2h 25r gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven, met de voorwaarde dat de koper het land moet aannemen, ook al zou de schans later gesloopt worden, strekkend uit de Rijn tot in de Houenswetering (?), belend ten oosten de erfgenamen van de heer Duijckenburg en ten westen de koper zelf. De koopsom bedraagt Compareerde voor de secretaris van Bodegraven Huijbert Jansz Bos, als voogd in deze brief gemeld, die namens alle genoemde personen laat weten dat de koopsom volledig is betaald. Compareerde mede de heer Paulus Loeff die het geld nog schuldig was en die vandaag het laatste geld en rente heeft betaald. D.d. 03-06-1685. Op 10-05-1715 is aan mij, de secretaris van Bodegraven, uitgelegd dat dit stuk land door de heer Paulus Loeff en zijn vrouw juffr. Anna van Groendijk volgens hun testament d.d. 10-10-1710 en de akte van bewijs d.d. 04-02-1715 voor notaris A. Timmer te Gouda is overgegaan naar juffr. Maria Loeff en Adriana Paulis Loeff als een deel van hun moederlijk bewijs. Daarom zijn het huis en de landen op hun naam overgezet in de verpondingen en andere registers. Bron: RHC RL, ORA Bodegraven (beheersnr. B065), inv.nr. 1, aktenr. 286, fol. 191v, d.d. 09-02-1677 --- Maerten Tijsz Bos, Arien Tijsz, Heijndrick Tijsz en Trijntje Tijsz Bos, en Huijbert Jansz Bos, als voogd van Leendert Tijsz Bos, mede Maerten Tijsz Bos met procuratie van Dirck Aertsz Vijffwinckel, wonend te Barendrecht, getrouwd met Neeltje Tijsz Bos, allen kinderen en erfgenamen van Thijs Jansz Bosch, verkopen aan Adrijaen Loeff, raad en vroedschap van Gouda, 4 morgen 5 hond land in het Broekveld, strekkend van het land van de heer van Berckenrode, tot aan de Wellewetering, belend ten oosten Jacob Jansz van Swieten en ten westen Huijbert Jansz Vermij; nog 4 morgen 250 roeden land in het Broekveld, strekkend van de heer Visch tot de Wellewetering, belend ten oosten de heer van Ornia en ten westen de koper. Koopsom 400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 23, p. 158, d.d. 09-02-1677 --- Maerten Thijsz Bos, Arij Thijsz Bos, Hendrick Thijsz Bos en Trijntgen Thijsdr Bos, elk voor hen zelf, nog Maerten Thijsz Bosch met het recht verkregen van Dirck Aertsz Vijffwinckel, getrouwd met Neeltgen Thijsdr Bosch, door erfgenis van Thijs Jansz Bosch, zijn schoonvader, volgens een akte d.d. 18-10-1676 gepasseerd voor Laurens Baiwiaen, notaris te Gouda, hier vertoond; nog Huijbert Jansz Bosch, naast voornoemde Maerten, Arien en Hendrick Thijsz Bosch voogd over Leendert Thijsz Bosch, samen erfgenamen van hun overleden vader Thijs Jansz Bosch, dragen over aan de heer Adriaen Loeve, raad en vroedschap te Gouda, een partij land te verongelden voor 2 morgen, gelegen op de Bosem onder Sluipwijk, belend ten oosten Thijs Aertsz van Woerden, ten westen de koper zelf, ten zuiden de Achterbosemwetering en ten noorden de Heer van Berckelroode. Koopsom is 300 gulden. Bron: RHC RL, ORA Sluipwijk (beheersnr. R068), inv.nr. 6, fol. 45v, d.d. 10-02-1677 --- Op heden 07-02-1707 compareerde voor de weeskamer Maarten Thijsse Bos, Arij Thijsz, Henderik Tijsse, Trijntje Thijsse Bos, alle kinderen en erfgenamen van de overleden Mathijs Jansz Bos, de rato caverende voor hun broer Leendert Thijsse Bos. Zij hebben uit de weeskist gelicht een doosje met daarin de rekening, gedaan door Huijbert Janse Bos en Maarten Thijsse Bos voornoemd, met bijbehorende documenten en kwitanties, door hen hier ter weeskamer gedaan, van hun vaders boedel, d.d. 10-12-1676. Ze ontslaan de weeskamer van alle waarneming. Akte dato uts. Getekend: Meerte Thijsz Bos, merk van Arij Thijsse Bos, merk van Trijntje Tijsse Bos Op dato dezes op verzoek van bovengemelde personen zijn de bovengenoemde rekeningen en papier in het bijzijn van de schout en weesmeesters verbrand. Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 228v, d.d. 07-02-1707 | Bos, Tijs Jans (I414)
|
| 3934 | NH dopen Bodegraven: 30-09-1770 Cornelis; o. Pieter van Dam en Anna Regter; g. Marrigje Jansd. van den Bos 08-12-1771 Marrigje; o. Pieter van Dam en Anna Regter; g. Marrigje Jansd. v. den Bos 24-01-1773 Cornelia; o. Pieter van Dam en Anna Regter; g. Margje van Nieuwerkerk 08-02-1775 Jannigje; o. Pieter van Dam en Anna Regter; g. Marrigje van Swieten 12-05-1776 Gerrigje; o. Pieter van Dam en Anna Regter; g. Marrigje Jansd. Nieuwekerk huisvr. van Maarten van Dam 13-05-1781 Lijsje; o. Pieter van Dam en Geertruij Struis; g. Lijsje Struis huijsv. van P. van der Lee 18-08-1782 Trijntje; o. Pieter van Dam en Geertruij Struis; g. Lijsje Struis 07-11-1784 Trijntje; o. Pieter van Dam en Geertruid Struis; g. Lijsje Struis huisvrouw van Pieter v. der Lee 23-04-1786 Willem; o. Pieter van Dam en Geertruid Struis; g. Marrigje de Jongh 02-12-1787 Pieter; o. Pieter van Dam en Geertruid Struis; g. Lijsje Struis --- Adriana Rogge, geassisteerd met haar tegenwoordige man Pieter van Dam, verkoopt aan Barnardus Weselenburgh en Adrianus Croon, allen wonend onder Bodegraven, 4 morgen 50 roeden land, strekkend van de Oud Bodegraafsedijk tot de Wonnewetering, belend ten zuiden Arij Gerritsz Boer en ten noorden Maria Magdalena Ornia. Hiervan is 1 morgen 400 roeden veenland. Koopsom 450 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 28, p. 174v, d.d. 20-07-1753 --- Pieter van Dam, wonend onder Bodegraven, verkoopt aan Cornelis Rijnburger, wonend onder Reeuwijk en Jan Boon, wonend te Zwammerdam, 1 morgen 377 roeden veenland, strekkend van de Wonnewetering tot de Ringsloot, belend ten noorden Hermanus Bosman enten zuiden Pieter Ouweneel. Koopsom 1350 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 30, p. 68v, d.d. 29-06-1784 --- Dirk Roest, wonend te Zwammerdam, is schuldig aan Pieter van Dam, wonend in de Noordzijderpolder van Bodegraven, een bedrag van 600 gulden. Gesteld onderpand: een huis en erf, zijnde een grutterij met stalling, mede een pak- en wagenhuis metalle gereedschap, staande te Zwammerdam, het huis, erf en stalling, belend ten zuiden de gang van de Remonstrantse kerk, ten noorden de Kerkwijk en straat, ten oosten het erf van voornoemde kerk en ten westen de Hereweg of Rijndijk, het pak- en wagenhuis,staande tegenover de grutterij, belend ten oosten de Hereweg of Rijndijk, ten westen en noorden Nicolaas Teijsen en ten zuiden Dirk Swart. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 30, p. 93v, d.d. 17-04-1786 --- Geertrui Struis, weduwe van Pieter van Dam, wonend te Zwammerdam, verkoopt aan Jan Hopkoper, mede wonend te Zwammerdam, een huis en erf nr. 57, strekkend van Hereweg tot het eigen van Gerrit Lugtenburg, ten westen de Buurwijk. Laatste eigendomsbrief van 15-11-1806. Koopsom 1050 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 34, p. 169v, d.d. 20-04-1806 --- Extract. Staat van de nagelaten boedel van Pieter van Dam, die woonde aan de Noordzijderpolder te Bodegraven, aldaar overleden op 21-04-1794, die hij in gemeenschap bezat met Geertrui Struis, nu zijn weduwe. Hun huwelijkse voorwaarden gesteld op 28-06-1780 voor Allard Pierson, notaris te Gouda. Mede een akte van uitkoop tussen de weduwe en Jan Lipsius, getrouwd met Marrigje van Dam en Jan van Leeuwen, getrouwd met Cornelis van Dam. Mede Maarten van Dam en Hendrik van Leeuwen als voogden overde minderjarige kinderen van Pieter van Dam en diens eerste vrouw Anna Regter, volgens testament van 06-07-1772 voor Gijsbert Zwartendijk, notaris te Woerden, voogden naast de nu overleden Cornelis Jonkers. Opnieuw gesteld als geassumeerde voogdenbij akte van 30-04-1794 voor mr. Nicolaas de Voogt van der Hum, notaris te Bodegraven, over de minderjarige kinderen uit het eerste huwelijk, te weten Cornelis, Jannigje en Gerrigje. Mede de kinderen uit het tweede huwelijk, moeder hierover als voogdes, te weten Lijsje, Tr Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 34, p. 124v, d.d. 27-10-1806 --- Willem Brack, schout van Zwammerdam, verkoopt aan Geertje Struis, weduwe van Pieter van Dam, wonend te Zwammerdam, een huis en erf, strekkend van de Hereweg tot het eigen van Gerrit Lugtenburg, ten westen de Buurwijk. Koopsom 850 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 34, p. 133, d.d. 15-11-1806 | van Dam, Pieter Cornelis (I805)
|
| 3935 | NH dopen Boskoop: 13-10-1686 Trijntje; o. Arien Clazen van Heijningen en Aafje Willemz Akkersdijk; g. Maria Jacobz van den Ham --- Woont in 1680 te Boskoop Arien Claesz van Heijningen man 2 vrou 1 2 beneden 4 0 binnen 1 --- Willem Willemsz van der Houff, jongezel van Boskoop, notaris en getuigen bekend, gezond van lichaam, maakt zijn testament op. Hij prelegateert aan de kinderen van Jan Willemsz van Boschcoop 300 gulden en legateert aan Frans Adriaensz Gorisseneell, zijn voogd, twee zilveren lepels. Hij benoemt verder tot zijn erfgenamen de voornoemde kinderen van Jan Willemsz van Boscoop en Jan Jansz van Zijll, getrouwd met Niessge Willemsdr, ieder voor een heel, en Adriaen Claesz van Heijningen, zijn halfbroer, voor een halve hand. Jan Willemsz van Boschcoop mag gebruik maken van de goederen die zijn kinderen toekomen, zonder dat zijn schuldeisers er aanspraak op kunnen maken. Tot voogden over de voornoemde kinderen en hun goederen worden gesteld Claes Adriaensz van Heijningen en Adriaen Claesz van Heijningen. Door Frans Adriaensz Gorisseneell is er 100 gulden gegeven aan de comparant vanwege zijn reis naar Oirschot, hem evenals Jan Adriaensz Gorisseneell, borg vanwege een obligatie aan Steven Jansz, daarvan bevrijden Bron: SAMH, ONA Moordrecht (toegangsnr. 48), inv.nr. 6105, aktenr. 195, d.d. 24-05-1666 --- Adriaen Claesz van Heijningen is van 1696 tot 1716 eigenaar en bruiker van een huisweer van 7 morgen 2 hond 70 roeden gelegen in Reijerskoop, eigenaar en bruiker van 4 morgen 75,5 roeden land ("hier begint het dorp van Middelburgh, ende is begonnen te meeten in de polder genoemt Nieuwecoop, van Spuelwijck off voortgaende nade polder genoemt Foreest toe", hetzelfde land als zijn vader) en bruiker en eigenaar van een weer van 4 morgen 2 hond 84 roeden in het buurtschap Nieuwkoop. Claes Ariensz van Heijningen staat als eigenaar genoteerd van 1720 tot 1732. Van 1704 tot 1712 is Adriaen ook eigenaar en bruiker van 4 morgen 30 roeden land "de papelijcke proeven tot Boschkoop" strekkende van de Reijerkooperdijk tot de Nieuwe kade of Groeneweg. Bron: 5756-5760 Morgenboeken van Middelburg, met Randenburg en Zuidwijk, 1544-1836 | van Heiningen, Arie Claas (I1336)
|
| 3936 | NH dopen Boskoop: 22-12-1720 Aafje; o. Claas Arijsz van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Trijntie Ariaans van Heiningen 05-07-1722 Annigje; o. Claas van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Annigje Fransen 25-07-1723 Annigje; o. Claas van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Annigje Fransen 22-07-1725 Teuntje; o. Claas van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Annetie Franse 02-03-1727 Cornelis; o. Claas Arijsz van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Trijntie Ariaans van Heiningen 06-06-1728 Annetje; o. Claas van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Annetie Ariaans van Heiningen 19-02-1730 Arij; o. Claas Arijsz van Heiningen en Trijntie Lamberts van Tongeren; g. Annetie Arijs van Heiningen --- Adriaen Claesz van Heijningen is van 1696 tot 1716 eigenaar en bruiker van een huisweer van 7 morgen 2 hond 70 roeden gelegen in Reijerskoop, eigenaar en bruiker van 4 morgen 75,5 roeden land ("hier begint het dorp van Middelburgh, ende is begonnen te meeten in de polder genoemt Nieuwecoop, van Spuelwijck off voortgaende nade polder genoemt Foreest toe", hetzelfde land als zijn vader) en bruiker en eigenaar van een weer van 4 morgen 2 hond 84 roeden in het buurtschap Nieuwkoop. Claes Ariensz van Heijningen staat als eigenaar van bovenstaande stukken land genoteerd van 1720 tot 1732. Bron: 5756-5760 Morgenboeken van Middelburg, met Randenburg en Zuidwijk, 1544-1836 Claas Adriaansz van Heijninge is ook geregistreerd in Laag-Boskoop te 1728 met 7 morgen, 2 hond en 70 roeden (waarschijnlijk hetzelfde stuk land als hierboven). Bron: 3972-3972 Morgenboeken van Boskoop, Middelburg, Randenburg en Zuidwijk, Splintersambacht. --- Maarten Pieterse Swanenbeek, weduwnaar van Ingetje Adriaansdr van Heijningen, wonende te Alphen, ter eenre en Claas Adriaanse van Heijningen, broer van Ingetje, wonende te Boskoop als voogd over de minderjarige kinderen van Ingetje Adriaansdr met name Hendrik 12 jaar, Neeltje 10 jaar, Pieter 8 jaar, en Adriaan Maartense Swanenbaak, oud 7 jaar, anderzijds. Deling der moederlijke nalatenschap. Swanenbeek voorn. zal de kinderen onderhouden en opvoeden tot de leeftijd van 25 jaar, hun dan uitkeren ieder 3 gulden 3 stuivers. Zelf behoudt hij alle goederen in eigendom. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 30, p. 55, d.d. 30-05-1721 --- Grietje Cornelisdr van Douderen, weduwe van Maarten Pietersz Swanenbeecq, voor zichzelf, voor een kindsgedeelte, erfgenaam van haar man, mede Hendrik Maartensz Swanenbeecq, meerderjarige jongman, Neeltje Maartensdr Swanenbeek, meederjarige dochter,mede Claas Adriaanse van Heijningen, wonende te Boskoop, oom en voogd van Pieter en Adriaan Maartensz Swanenbeecq, samen kinderen van Maarten Swanenbeecq voorn., verkopen aan Mattheus van Heijningen Stevensz, wonende te Alphen, 1 morgen 150 roedenland in de polder achter de Kerk, belend ten oosten de Rijndijk met de weduwe van Hendrik Comans, ten zuiden Lord Charrij, ten westen de ambachtsheer van Alphen, ten noorden de voornoemde weduwe Comans. Koopsom 350 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 32, p. 159v, d.d. 06-04-1737 | van Heiningen, Claas Ariens (I1327)
|
| 3937 | NH dopen Boskoop: 23-10-1644 Arien; o. Claes Ariens en Theuntge Ariens; g. Dirc Ariens 21-10-1646 Marrigje; o. Claes Ariens en Theuntge Ariens; g. Jaepje Ariens en Neeltge Ariens --- Claes Adriaensz van Heijningen is in 1640 bruiker van 4 morgen 207 roeden land van de kerk te Middelburg in het blok van Middelburg. Van 1648 tot 1672 heeft Claes 4 morgen 75,5 roeden eigen land in het buurtschap Nieuwkoop onder Middelburg (ZH) (tot 1680 volgens P.W.C. van Kessel). Bron: 5756-5760 Morgenboeken van Middelburg, met Randenburg en Zuidwijk, 1544-1836 Claes Adriaensz van Heijningen is in 1644-1652 en 1660-1676 eigenaar van een huisweer van 7 morgen, 207 roeden in het ambacht van Reijerscoop. Claes Adriaensz van Heijningen bezit ook tussen 1648 en 1664 tussen de Reijerscooperdijk noordwaarts tot de Nieuwe kade of Groeneweg "de papelijcke proeven tot Boschcoop" een stuk land van 4 morgen 30 roeden. Claes wordt in 1680 genoemd als eigenaar en bruiker van een werf van 7 morgen 155 roeden "van de Goutkade oostwaarts, strekkende van de Bieseweg tot de Groeneweg of de Nieuwe kade". Bron: 6483-6483 Morgenboeken van Reyerskoop en de Biezen onder Boskoop, 1596-1804 --- Genoemd in Reijerscoop: Claes Adriaensen van Heijningen, voor de helft eigenaar van de boedel van Dirck Adriaense van Heijningen, met een vermogen van 2.000 gulden. Bron: Kohier 200e penning over het jaar 1672 Gouda en omstreken door B. de Keijzer --- 5-5-1650: Adriaen Gerritsz van Heijningen en Marritgen Jans, echtelieden wonende te Boskoop in de Biezen, ondanks hun ouderdom nog redelijk gezond, testeren. Ze benoemen tot erfgenamen hun zes kinderen met namen Claes Ariensz Heijningen, Dirck Ariensz Heijningen en Maerten Ariensz Heijningen, mitsgaders Marritgen, Jaepgen of Jacobmijntje en Annitgen Ariens Heijningen, van wie al twee getrouwd zijn, nl. Claes en Marritgen. Zij hebben al voor 200 gulden aan kleding en uitzet gehad. Hun jongste zoon, Maerten Ariensz Heijningen, had manslag begaan, waar 1.000 gulden nodig was voor het zoenen. Annitgen Ariens Heijningen heeft last van lammigheid en de vallende ziekte. Voor haar moet worden gezorgd. Ze is erfgenaam voor een bedrag van 120 gulden per jaar ten laste van de andere kinderen. Bron: SMH, ona Gouda 156, fol. 284 | van Heiningen, Claas Ariens (I3694)
|
| 3938 | NH dopen Boskoop: 23-11-1777 Aafie; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer 21-02-1779 Cornelis; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer 22-10-1780 Aafje; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer 24-02-1782 Hendrik; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer (begr. 25-06-1783 Hazerswoude) NH dopen Hazerswoude: 29-05-1785 Marijtje; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer (begr. 09-03-1786 Hazerswoude) 24-09-1786 Hermanus; o. Hendrik Middelkoop en Jannetje Leenheer 16-12-1787 Hendrik; o. Hendrik Middelkoop en Jannetje Leenheer (begr. 21-03-1789 Hazerswoude) 08-11-1789 Maria; o. Hendrik Middelkoop en Jannetje Leenheer 20-02-1791 Pietertje; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer (begr. 31-12-1792 Hazerswoude) 05-05-1793 Pieter; o. Hendrik Middelkoop en Jannigje Leenheer; g. Trijntje Middelkoop (begr. 26-04-1794 Hazerswoude) 06-11-1796 Trijntje; o. Hendrik Middelkoop en Jannetje Leenheer (begr. 23-02-1801 Aarlanderveen) --- Naam: Hendrik Harmensz Middelkoop Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 3, fol. 190, d.d. 28-06-1763 --- "Arie Middelkoop wonende te Wilnis, Cornelis Middelkoop en Trijntje Middelkoop woonagtig te Bodegraven en Cornelis Hogendoorn op Rietveld onder de bailliuagie dezer stad als in huwelijk hebbende Cornelia Middelkoop dezelve Cornelia Middelkoop metgemelde haren man geadsisteert en tot het passeren dezes behoorlijk gequalifieert zijnde alle de comparanten op het passeren dezes alhier en mij notaris bekend in qualiteit als erfgenamen noot en benevens Hendrik Middelkoop wonende te Hazerswoude en Arie Boer als in huwelijk hebbende Baartje Middelkoop wonende te Bodegraven, ex testamento van Bastiaan Cloets gewoond hebbende en te Leerdam overleden" Naam: Hendrik Middelkoop Woonplaats: Hazerswoude Hoedanigheid: erfgenaam, bloedverwant, machtiger Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8729, aktenr. 7, d.d. 29-01-1798 | Middelkoop, Hendrik Harmens (I2333)
|
| 3939 | NH dopen Boskoop: g. 23-03-1807 d. 19-04-1807 Maarten; o. Klaas Verkade en Geertje Bijerkerk; g. Jannigje Schouten (ovl. 18-03-1886 te Nieuwer-Amstel) g. 11-05-1809 d. 14-05-1811 Willem; o. Klaas Verkade senior en Geertje Bijerkerk; g. Maria Verkade (ovl. 23-06-1867 te Woubrugge) g. 05-05-1811 d. 12-05-1811 Jacob; o. Jan van der Swam en Geertruij Bijerkerk; g. Ingetje van der Swam (ovl. 18-01-1874 te Leiden) BS geboorten Boskoop: 08-03-1813 Jan; o. Jan van der Zwan en Geertruij Beijerkerk (ov. 08-01-1883 te Woubrugge) BS geboorten Alphen: 01-03-1815 Klaas; o. Jan van der Zwan en Geertrui Bijkerk (ovl. 04-03-1902 te Woubrugge) --- Gerrit Zandbult, wonende te Alphen, verkoopt aan Jan van der Zwan, wonende te Alphen, een boerenwoning met erf met 19 morgen teel- en wei- als hooiland in de Nesse, strekkend van de Otweg tot het Spijkerboor, belend ten oosten de erven Klaasvan Nes, ten westen het volgende perceel van 4 morgen 450 roeden. Nog 2 morgen 450 roeden land, als het vorige, strekkend van het Spijkerboor tot ..niet vermeld.. belend ten oosten Huijg Biesenaar, ten westen Hendrik van Kleef. Nog 4 morgen 450 roeden, belend ten oosten de voornoemde 19 morgen, ten zuiden de Otweg, ten westen de erven van de heer Holtius, ten noorden het Spijkerboor. Koopsom 5.500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 42, p. 31v, d.d. 17-05-1784 --- Jan van der Swan en Maarten Splinter, gehuwd met Ingetje van der Swan, samen ook als voogden over de nog 4 minderjarige kinderen van hun overleden moeder Trijntje Janse Bakenes, weduwe van Jacob van der Swan, dragen over, volgens de verkoopvoorwaarden d.d. 05-08-1783, aan Willem van Aken een huis en erf en tuin aan de noordzijde van de Ridderbuurt (50 roe), strekkende vanaf de Noordwetering tot Klaas Vlasman, belend ten oosten de baronesse van Wassenaar en ten westen voornoemde Vlasman. Jongste waarbrief d.d. 17-02-1759. Koopsom 185 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 26, p. 142, d.d. 29-05-1787 --- Beschrijving: Staat en inventaris van Trijntje Janse van der Swan-Bakenes, gewoond hebbend en op 14-07-1783 in de Ridderbuurt overleden, op aangeven van Jan van der Swan en Maarten Splinter (gehuwd met Ingetje van der Swan), meerderjarige kinderen van Trijntje. Zij bezat een huis, erf en tuin aan de Noordzijde van de Ridderbuurt strekkende uit de Noordwetering tot Klaas Vlasman, belend oost de Baronnesse Van Wassenaar, west Klaas Vlasman. Het was een eenvoudig huishouden. Getuigen: Leendert Kalkoven en Simon Boonefaas. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Oudshoorn (toegangsnr. 113.2.01), inv.nr. 48, d.d. 29-05-1787 --- KOPIE. Op 17-10-1798 compareerde Cornelis van Hoorn en Jan van der Zwan, beiden wonende te Alphen, Jacob van der Velde, wonende te Hazerswoude, Klaas van Vliet, wonende te Boskoop, Jan de Vogel, wonende te Alphen, Jan van Hoorn, wonende te Reeuwijk, Joachim Fike, wonende te Hazerswoude en getuigen dat Gijsbert Verhoeff, wonende in de Nesse, op 26-08-1798 heeft verklaard dat het zijn uiterste wil was dat de 4 morgen in het Rijneveld beoosten de Rijn, na zijn dood, moesten overgaan naar de Roomse kerk, waarvan deze kerk ieder jaar een jaargetijde (gedenkmis) moet verzorgen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 46, p. 16v, d.d. 18-04-1800 --- Jan van der Zwan, wonende te Boskoop, verkoopt aan Cornelis van Hoorn Pz, wonende te Alphen, een boerenwoning met erven en 19 morgen wei- als hooiland in de Nesse polder, strekkend van de Noodweg tot het Spijkerboor, belend ten oosten de weduwe Schoorl, ten westen het volgende perceel van 4 morgen 450 roeden. Nog 2 morgen 450 roeden land aldaar, strekkend van het Spijkerboor tot de Middelweg, belend ten oosten de erven Vermeulen, ten westen Hendrik van Kleef. Nog 4 morgen 450 roeden aldaar, belend ten oosten de voornoemde 19 morgen, ten zuiden de Noodweg, ten westen de koper, ten noorden het Spijkerboor. Betaald met 3.010 gulden contant en een obligatie van 4.990 gulden. Koopsom 8.000 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 49, p. 95v, d.d. 18-05-1808 --- Cornelis van Hoorn Pz, wonende te Alphen, verkoopt aan Pieter Kors, wonende te Alphen, een boerenwoning met erven en 19 morgen wei als hooiland in de Nesse polder, strekkend van de Noodweg tot het Spijkerboor, belend ten oosten de weduwe Schoorl, ten westen de verkoper en nog 2 morgen 450 roeden land aldaar, strekkend van het Spijkerboor tot de Middelweg, belend ten oosten de erven Vermeulen, ten westen Hendrik van Kleef. Betaald met 2.010 gulden contant en de overname van een obligatie van 4.990 gulden ten behoeve van Jan van der Zwan. Koopsom 7.000 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 49, p. 97, d.d. 18-05-1808 --- Jan van der Zwan, arbeider, te Boskoop bekent schuldig te zijn aan Cornelis Clant, notaris te Nieuwveen de som van 300 gulden, rentende 5%; tot zekerheid geldt een hypotheek op zijn huis met 20 are 29 centiare, staande en gelegen in het Steekt, te Alphen, nr. 79, strekkende van de Hoge Rijndijktot in de Rijn, belend ten zuiden Daniël en Hendrik Kraaijenbrink en ten noorden Cornelis Turkenburg, eigendom verkregen 28-08-1811 voor notaris Guillaume Brack te Alphen. Getuigen zijn Arie Stortenbeeker, zonder beroep, nr. 203 te Alphen en Jozeph Dehaijnin, schildersknecht, nr. 152 te Alphen. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 67, d.d. 30-03-1813 --- Jan van der Zwan, eigenaar, nr. 79 te Alphen stelt zich tot borg voor de impost van de turf die Gerrit Verkaaijk, veenman, in de Tempel, te Zwammerdam, als veenman binnen de Reeuwijkse Polder zal venen; de borgstelling gaat tot 600 gulden. Getuigenzijn Arij Stortenbeeker, zonder beroep, nr. 203 te Alphen en Jozeph Dehaijnin, schildersknecht, nr. 152 te Alphen. geregistreerd 03-05-1814, folio 132. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Alphen (toegangsnr. 112.2.01), inv.nr. 68, d.d. 29-04-1814 --- Anthonij Heldens, zonder beroep, nr. 74 te Alphen, maakt zijn testament op en bepaalt dat zijn huisvrouw Maria van Koppen een vierde part krijgt; als zijn zoon Gijsbert Heldens, in huwelijk verwekt met wijlen Maria van Gijn, voor de erflater sterft, dan krijgt Maria van Koppen zijn gehele nalatenschap. Tot executeur benoemt hij Maria van koppen, tot voogd over de minderjarige Gijsbert Heldens Cornelis Turkenburg, bouwman, Goudse Sluis, te Alphen. Getuigen zijn Arie Stortenbeeker, zonder beroep, nr. 203 te Alphen; Pieter Belt, bouwman, nr. 75 te Alphen; Hendrik Suijkerland, bouwman, nr. 82 te Alphen en Jan van der Zwan, zonder beroep, nr. 79 te Alphen. geregistreerd te Alphen 04-07-1815, volume 2, folio 3. Aantekening; overleden 04-05-1815. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Alphen (toegangsnr. 112.2.01), inv.nr. 68, d.d. 12-07-1814 --- Jan van Wijk Dirkszoon, bouwman, en Neeltje van Dobben, echtelieden, te Aarlanderveen, geven toestemming aan hun thuiswonende dochter Mijntje van Wijk, oud 18 jaar, om in het huwelijk te treden met Willem van Zwieten, te Alphen. Getuigen zijn Jan van der Zwan, daggelder, te Alphen; Willem Colijn, daggelder, te Alphen. Geregistreerd te Alphen 28-04-1817, deel 2, folio 94r. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Alphen (toegangsnr. 112.2.01), inv.nr. 70, d.d. 25-04-1817 --- Jan van der Zwan, arbeider, te Alphen, verkoopt aan mr. Johan Daniël Steenstra Toussaint, advocaat, Hof-Zigt, te Aarlanderveen, een huis met 150 roeden land, staande en gelegen in het Steekt, te Alphen, nr. 79, strekkende van de Hoge Rijndijk tot in de Rijn, belend ten zuiden Daniël en Hendrik Kraijenbrink, ten noorden Cornelis Turkenburg. De eigendom hiervan is verkregen op 28-08-1811 voor notaris Guillaume Brack te Alphen. Verkoopprijs bedraagt 500 gulden, onder de condities dat de verkoper er nog een jaar mag blijven wonen en binnen een jaar de verkoop kan annuleren. Er rust nog een hypotheek van 300 gulden op het verkochte ten behoeve van Cornelis Clant te Nieuwveen, akte 30-03-1813 te Alphen. Getuigen zijn Arie Stortenbeeker, zonder beroep, te Alphen en Dirk Goes, kleermaker, te Alphen. Geregistreerd te Alphen 03-10-1817, deel 2, folio 115r resp. 12-11-1817, deel 2, folio 120v. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ONA Alphen (toegangsnr. 112.2.01), inv.nr. 70, d.d. 26-09-1817 | van der Zwan, Jan Jacobs (I3636)
|
| 3940 | NH dopen Bovenkarspel: 03-09-1673 Trijntjen; o. Willem Harcksz 01-01-1676 Trijntjen; o. Willem Harcksz 25-11-1677 Pieter; o. Willem Harcksz 10-09-1679 Hercken; o. Willem Hercksz 03-09-1681 Sijmon; o. Willem Hercksz 10-12-1682 Trijn; o. Willem Hercksz 04-06-1684 Meijnert; o. Willem Harcksz 21-10-1685 Sijmen; o. Willem Harcksz en Cornelis Pieters --- "Cornelis Pieters weduwe wijle Willem Harcksz geassisteert met haer broeder Dirck Pietersz Hoorn hier mede wonachtigh de welcke verclaerde haer vier kind. verweckt bij voorsz. Willem Harcksz met name Pieter Willemsz, Harcke Willemsz, Trijn Willems ende Sijmon Willemsz te assigneeren tot en te bij wijsen tot hunne voorsz vaders erf (...) compareerde als mede ter selve thijde Pieter Willemsz voor hem selfs als mede Harcke Willemsz en Aef Harckes geassisteert met haer man Aris Woutersz wonachtigh tot Enkhuijsen naeste vrinden van de voorsz. kind. haer vaders sijde" Bron: Westfries Archief, ONA Bovenkarspel (toegangsnr. 1685), inv.nr. 428, aktenr. 39, d.d. 28-01-1705 --- "Pieter Hartiesz Haes ter eenre, en Pieter Willemsz voor hem selven, Dirck Pietersz Hoorn hem starck makende voor Harcke Willemsz en burgermr. Willem Pouwelsz komend voor Trijn Willemsz en Sijmon Willemsz ter andere sijde de welcke verclaerden in alle min en vrintschap gescheijden en gedeelt te hebben alle de goederen van de voorn. Pieter Hartiesz Haes en die van Cornelis Pieters sijn overleden huijsvrouw" Bron: Westfries Archief, ONA Bovenkarspel (toegangsnr. 1685), inv.nr. 428, aktenr. 68, d.d. 09-08-1706 | Waker, Willem Harks (I3500)
|
| 3941 | NH dopen Breda: 02-05-1642 Johannes; o. Evert Bousschult en Maria van Wesent 04-12-1644 Chrijstijn; o. Evert Botsz en Marij van Wesel NH dopen Utrecht: 14-11-1647 Michiel; o. Evert Bolscholt en Maria van Wesent 06-06-1650 Maria; o. Evert Bouschot en Elisabeth van Wesent 10-09-1654 Maria; o. Evert Bouscholt en Maria Wesent 08-06-1656 Michiel; o. Evert Bouschout en Maria Weesen 31-03-1659 Stefanus; o. Evert Bonskuijl en Maria van Wesend 10-11-1661 Merrichjen; o. Evert Bouschout en Merrichjen Everts 04-12-1664 Steven; o. Evert Bouschut en Maria --- Misschien is de volgende persoon een zus van Maria: Anna Janssen, geboren te Wesel, trouwt op 05-03-1649 te Breda met Peeter Perguijn | Bouschout, Evert (I427)
|
| 3942 | NH dopen Bunnik: 13-10-1650 Annigjen; o. Jacob Ariensen 11-06-1654 Borchjen; o. Jacob Adriaensen --- "Gerrit Adriaensz Maijen woonende op Rijsbrugge buijten Utrecht mij nots. bekent, ende verclaerde vercoft te hebben aen Jacob Aertsz ende Annichgen Damen sijne huijsvrouw die beijde hier meede compareerden bekenden in coop aentenemen die navolgendepartijen van goederen alle eerstelijck ses peerden met een vullen de keur van die, die op d'hoofsteede sijn, item seven koeijen, drie veersen, vier bockelingen, alle de verckens op de voors. hoffstede sijnde uijtgesondert twee schottelingen (...) soo verclaerde Aert Michielsz woonende in Willeschup buijten Montfoort die hier meede compareerde dat hij hem borge ende meede principael stelde voor de voldoeninge vande belooffde pachtpenningen ende vant geene vorders inde versz. huijrcedulle mach wesen bedongen (...) consitueerden voorts de voorn. Gerrit Adriaensz Maijen, Jacob Aertsz ende Aert Michielsz tsamentelijck ende ijder int bijsonder" Akte: Koop en verkoop - van vee, huisraad, gewassen op het land, landbouwgereedschap; tevens doet hij ten behoeve van de koper afstand van de resterende 6 jaar huur van het huis, hofstede en bijbehorende landerijen, die hij gehuurd heeft van de kinderen van Johan van der Well, generaal van de Munte der Verenigde Nederlanden, en de kinderen van Maria Wttewael Koper: Jacob Aertsz Notaris: H. Ruysch Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U020a003, aktenr. 236, d.d. 23-01-1647 | Aarts, Jacob (I47)
|
| 3943 | NH dopen Calslagen: 04-07-1773 Maertje; o. Jan Geilswijk en Geertruij Randwijk; g. Grietje Geilswijk; Bilderdam onder de conventie --- Schepen van Calslagen: Jan Pietersz van Geijlswijk (Van Geijlswijk2 V c-5), ca. 1750 Diaken: Jan Pietersz van Geijlswijk (Van Geijlswijk2 V c-5), ca. 1750. Bron: Calslagen in functies en beroepen tussen 1400 en 1810 door Maarten 't Hart --- "Op den vijff en twintigsten junij des jaars 1788 compareerden voor mij Adam Houtkoper notaris bij den Hove van Holland geadmitteerd binnen Amsterdam residerende Geertruij van Randwijk wed. van Jan Geilswijk" Bron: SA Amsterdam, ONA Amsterdam (toegangsnr. 5075), inv.nr. 17717, aktenr. 410587, d.d. 25-06-1788 | Gijlswijk, Jan Pieters (I1153)
|
| 3944 | NH dopen Charlois: 12-08-1696 Jan; o. Jan Jansen Huijser en Marijtje Henricks; g. Marijtje Jans 15-06-1698 Hendrick; o. Jan Jansen Huijser en Marijtje Hendricks; g. Pietertje Hendricks 28-03-1700 Neeltje; o. Jan Jansen en Marijtje Hendricks; g. Neeltje Maertens 06-11-1701 Maerten; o. Jan Jansen en Marijtje Hendricks; g. Aeltje Jans 02-09-1703 Willemijntje; o. Jan Jansen Huijser en Marijtje Hendricks; g. Neeltje Fassen 30-08-1705 Jan; o. Jan Jansen en Marijtje Hendricks; g. Neeltje Jans 13-06-1707 Hendrick; o. Jan Huijser en Marijtje Hendricks; g. Pietertje Hendricks 14-09-1710 Willem; o. Jan Huijser en Marijtje Hendricks; g. Neeltje Fassen | Huiser, Jan Jans (I1544)
|
| 3945 | NH dopen Charlois: 17-02-1692 Maerten; o. Leendert Jansen en Beatris Jacobse; g. Neeltje Jans 06-12-1693 Jannetje; o. Leendert Jansen en Beatris Jacobs; g. Maertje Jacobs 31-07-1695 Jacob; o. Leendert Jansen Huijser en Beatris Jacobse; g. Susanne Jacobs 03-03-1697 Neeltje; o. Leendert Jansen en Beatris Jacobs; g. Neeltje Leenders 17-04-1701 Jan; o. Leendert Jansen Huijser en Beatris Jacobs; g. Neeltje Jans 28-09-1704 Jacob; o. Leendert Huijser en Beatris Jacobs; g. Susanna Jacobs 18-08-1706 Dirick; o. Leendert Jansen Huijser en Beatris Jacobs; g. Aeltje Jans | Huijser, Leendert Jans (I1540)
|
| 3946 | NH dopen Culemborg: 16-02-1721 Sara; o. Cornelis van der Leede en Lidiana Sophia Salomons 08-10-1722 Jan; o. Cornelis van de Leden en Lidiana Sophia Salomon 09-02-1724 Theodorus; o. Cornelis van der Leden en Lijdia Salomon 18-02-1726 Cornelia; o. Cornelis van der Leden en Lidia Sophia Salomon 11-04-1728 Hugina; o. Cornelis van der Leeden en Lidia Sophia Salomon 07-01-1733 Johannes; o. Daniel van Hartevelt en Lidia Sophia Salomone 27-02-1735 Susanna; o. Daniel van Hartevelt en Lidia Salomone 30-01-1737 Jacob Francois; o. Daniel van Hartevelt en Lidia Salomons 06-09-1739 Jacoba Johanna; o. Daniel van Harteveldt en Lidia Sophia Zalomons 02-04-1741 Daniel; o. Daniel van Hartevelt en Lijdia Zophia Zalomons --- 8-5-1720 Juffr Lidiana Sophia SALOMONS geass met haar moeder en voogdesse Juffr Sara ARTOPEUS X Heer Johan SALOMON za en Hr Cornelis VAN DER LEEDE tot Cuilenburg machtigen Hr en Mr Abraham WAGARDUS advocaat alhier inzake ingeval van stremmingen van huwelijksproclamaties contra Govert VAN AMEIJDE. 18-7-1726 De Heeren Jobuaal(??) SALOMON en Cornelis VAN DER LEEDEN als erfgenamen van Juffr Sara ARTOPEUS za X SALOMON za machtigen Johan VAN WIJK procureur. Bron: Leerdam, Oud-Rechterlijk Archief 1719-1737 door Ir. A.I. Grabowsky en B. de Keijzer --- 9-11-1725 Juffr Sara ARTOPEUS (ziek) X Heer Jan Salamon za revoceert haar vorige testamenten en in 't bijzonder het testament dd 2(?)-2-1724 verleden voor Nots Frederick JONGBLOED te Culemborg. Erfgenamen zijn: 1) Sara VAN DER LEEDE zijnde het dochtertje van haar dochter Lidia SALAMON X Cornelis VAN DER LEEDE 1000 cg capitaal en kleren, etc. 2) universele erfgenamen worden Johan SALAMON en de voorn Lydia SALAMON Bron: Leerdam, Oud-Rechterlijk Archief 1619, 1663-1726 door Ir. A.I. Grabowsky en B. de Keijzer --- "den heer Isaacq Hofkens en joff. Johanna van Wijck echtel. wonende binnen dese stad mij notaris bekend (...) de vier kinderen van hare suster Cornelia van Wijck in huwelijck verweckt door Johan van der Leede met namen Hugina, Neeltje, Cornelis, enCornelia van der Leede, behoudens nogtans de voorn. hare suster daarvan het vruchtgebruijk haar leven lang gedurende, ende dat voor d'eerste staeck in een vijfde part van hare nalatenschap" Akte: Testament Erfgenaam: Cornelis van der Leede Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 1047, aktenr. 19-2, d.d. 12-04-1714 --- "de heer Isaacq Hofkens weduwenaer boedelharder en lijftochtenaer van juffrouw Johanna van Wijck ten eenre, ende juffr. Hugina van der Leede huijsvr. van Jan de Man med. dor. soo voor haer selven en gemachtigde van selven haren man, de heer Cornelis van der Leede mede voor hemselven en als gemachtigde van sijn suster Neeltje van [der] Leede, vermogens de resp. procuratien van 17 april 1722 voor den notaris Jongbloet en getuijgen tot Culemborg gepasseert en nog Cornelia van [der] Leede kinderen van Cornelia van Wijck voor een staek" Akte: Scheiding - de boedel van Johanna van Wyck Tweede Partij: Cornelis van der Leede Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 1052, aktenr. 37, d.d. 18-04-1722 --- "sr. Jan van der Leeden wonende thans binnen dese stad, en bij de getuijgen zeer wel bekent den welke verklaarde te constitueeren ende magtig te maken d'heer Jacobus de Graaf procureur tot Uijtregt, specialijk omme uijt naam ende van wegens hem constituant te innen en ontfangen zodanigen erffportie als hem competeerende is uijt den boedel en nalatenschap van wijlen sijne moeder juffrouw Lidia Sophia Salomon eerst weduwe van wijlen Cornelis van der Leeden en laast van Daniel van Harteveld, ensulx met de mede erffgenamen en geintresseerdens van den gemelden boedel, denselven te brengen tot liquiditeijt" Bron: West Brabants Archief, ONA Bergen op Zoom (toegangsnr. 50), inv.nr. 669, aktenr. 17, d.d. 11-05-1750 --- "mejuffrouw Huijgina van der Leeden oud ruim 22 jaren en dus na de wetten der provincie van Gelderland en 't graafschap Cuijlenburg meerderjarig (...) in naam van de comparante van haar oom en gewese voogd sr. Jan Francois Salomon off sijn last hebbende te vorderen rekening bewijs en reliqua van alsulke administratie als sijn ed. in die qte. wegens den boedel en goederen van der comparantes moeder wijlen juffr. Lidia Sophia Salomon eerst wede. van Cornelis van der Leeden en laast van Dan. van Hartevelt heeft gehad" Akte: Procuratie - om met haar gewezen voogd Jan Francois Salomon, oom, tot afrekening te komen inzake haar erfportie uit de nalatenschap van haar moeder + Lidia Sophia Salomon, eerder weduwe Cornelis van der Leeden en laatst weduwe Daniel van Hartevelt, en om met de verdere medeërfgenamen van haar moeder de boedel te scheiden Constituant: Huygina van der Leeden Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 1612, aktenr. 162, d.d. 12-12-1750 | van der Leede, Cornelis Jans (I2075)
|
| 3947 | NH dopen De Bilt: 23-11-1690 Hendrina; o. Cornelis Teunisse Baars en Maria Wijnants van Brenck 06-12-1696 Geertruij; o. Cornelis Teunisse Baars en Maria Weijnants 09-12-1703 Oegje; o. Cornelis Teunisse Baars en Maria Wijnants van Brenck 25-12-1706 Antonij; o. Cornelis Teunisse Baars en Maria Wijnants --- "Jan Pietersz van Resant ende Cornelis Baers beijde wonende aende Bilt ende verclaerden de compnten. te constitueren ende machtich te maken (...) jegens Gijsbert de Gruijter (...) als executeurs van den testamente van Trijntje van Dijk in haer leven huijsvrouw van den voorn. Gijsbert de Gruijter" Akte: Procuratie - om voor gerecht van Montfoort te procederen tegen Gysbert de Gruyter Executeur testamentair: Cornelis Baers Notaris: T. Vosch van Avezaat Bron: HUA, ONA Utrechts (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U118a001, aktenr. 493, d.d. 08-10-1698 --- "sommieren staet op den inventaris off boedelcedulle van den boedel en goederen naergelaten bij Gijsbert de Gruijter in sijn leven borgermr. der stede Montfoort ende Trijntie van Dijck sijn eerste overleden huijsvrou bij hem Gijsbert de Gruijter bij sijn hertrouwen op den 1en novemb. 1696 gedaen, doen maeken sijn des selven inventaris van dato den 2 febrij. 1699 mitsgaders voorts liquidatie scheijdinge ende deijlinge tusschen de erffgenaemen vande gemelten Gijsbert de Gruijter namentlijck deheeren Jacobus ende Albartus Foreest beijde voor haer selven ende als oomen ende gestelde voogden over de nagelaten kinderen van haarl. overleden broeder de heer Dirck Foreest met naemen Nicolaes, Cornelis, Gijsbartius ende Dirck Foreest bij representatie in plaetsen van haar vader, volgens de testamentaire dispositie bij den voorn. Gijsbert de Gruijter (...) de erffgenamen van de voorn. Trijntie van Dijck namentlijck de kinderen van haer overleden halven broeder Cornelis Philipsz sijnde Philips Cornelis van Cauwen Akte: Scheiding - de boedel van Gysbert de Gruyter en Tryntie van Dyck Tweede partij: Cornelis Anthonisz Baers Notaris: D. Houtman Bron: HUA, ONA Utrechts (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U127a013, aktenr. 38, d.d. 22-07-1719 | Baars, Cornelis Teunis (I182)
|
| 3948 | NH dopen De Bilt: 30-06-1715 Christina; o. Rijk Stam en Hendrina Baars 13-12-1722 Catharina; o. Rijk Stam en Hendrijntje Baars 26-10-1727 Cornelia; o. Rijk Jacobse Stam en Hendrijntje Baars NH dopen Blauwkapel: 27-02-1718 Mariegje; o. Rijk Jacobsz Stam en Hendrijntje Kornelisz; Blauwkapel 26-10-1727 Cornelia; o. Rijk Jacobsz Stam en Hendrijntje Baars; De Bilt NH dopen 's-Graveland: 08-09-1743 Evert; o. Rijk Stam en Jannetje Otterlo --- "Fredrik Borre van Amerongen (...) verclaerde verhuurt te hebben aen ende ten behoeve van Rijck Jacobsz Stam wonende opde Bilt die ook bij desen in huijre bekent aen te nemen een huijsgen en opstall staende aende Blaucapellewech" Akte: Huur en verhuur Huurder: Ryck Jacobsz Stam Notaris: D. Houtman Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U127a011, aktenr. 53, d.d. 06-12-1716 --- "de eersamen Cornelis Stam, Jacob Stam, Hendrik Stam, Wijnand Stam, Anthonij Stam, Hendrik van den Bosch als in houwelijk hebbende Steijntje Stam en Willem Oosterlaak als in houwelijk hebbende Weijntje Stam, te samen kinderen en erfgenaamen van deneersaame Dirk Stam woonende den eerste en vijfde comparant in den Ouden Rhijn, den twee comparant onder den gerechte van Ter Aa, den vierde en sesde comparant te Loenresloot en den laaste comparant onder den gerechte van Vijfhoeven, dog allen op het passeeren deser alhier tegenwoordig, en mij notaris bekend, denwelke verklaarden op het kragtigste en ampelste wijze doenelijk, bij desen te constitueren en magtig te maaken hunlieder oom sr. Rijk van Stam woonende te 's Graaveland specialijk omme van wegens de respective comparanten zigt te stellen in de possessie van den boedel en goederen door voornoemde hunnen vader en schoonvader respective metter dood ontruimd en nagelaaten" Akte: Procuratie - om de boedel van hun vader tot liquiditeit te brengen ten einde verdeeld te worden Geconstitueerde: Ryk van Stam Notaris: C. de Wijs Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U256a002, aktenr. 23, d.d. 21-03-1765 --- Rijk van Stam, verkoper Bron: SA G&V, ORA Hilversum (toegangsnr. SAGV155.4), inv.nr. 3286, fol. 14v, d.d. 04-11-1766 | Stam, Rijk Jacobs (I2987)
|
| 3949 | NH dopen De Meern: 07-11-1706 Johannes; o. Abraham Jansz Putkamer en Elsje Jans Esseboom 19-02-1708 Johannes; o. Abraham Jansz Putkamer en Elsje Jansz Esseboom 16-02-1710 Mariegjen; o. Abraham Putkamer en Elsje Jans Esseboom 03-04-1711 Gerrigjen; o. Abraham Putkamer en Elsje Jansz Esseboom NH dopen Kockengen: 10-06-1714 Jantje; o. Abraham Putkamer 26-04-1716 Seger; o. Abraham Putkamer --- Akte: Schuldbekentenis - f 127,- wegens pachtschuld Schuldenaar: Abraham Putcamer Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 1091, aktenr. 84, d.d. 05-02-1712 --- Naam: Abraham Putkamer Burgerlijke staat: gehuwd Uitgever akte: Gerecht Gieltjesdorp Opmerkingen: Dit is geen akte van indemniteit, maar een gerechtelijke aanzegging van het gerecht Gieltjesdorp dat zij geen ondersteuning zal geven aan Abraham Putkamer en zijn niet met naam genoemde echtgenote en kinderen. Het gezin was onlangs vanuit De Meern in Gieltjesdorp komen wonen. De kinderen waren in het gerecht Vleuten geboren, maar dit gerecht had geen akte van indemniteit verstrekt. Bron: RHC RL, ORA Harmelen (beheersnr. W220), inv.nr. 310, aktenr. 7, d.d. 02-12-1712 --- "Dirck Cornelissen Honselaar woonende onder Portengen heer van der Meulens gerechte den welcken bekende mits desen verhuert en in pachte gegeven te hebben, aan ende ten behoeve van Abraham Putkamer denwelcken alhier mede comparerende, oock in huereende pacht erkende aangestaan te hebben seeckere huijsingen (...) onder den gerechte van Gieltgensdorp" Akte: Huur en verhuur Huurder: Abraham Putkamer Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 1815, aktenr. 31, d.d. 06-05-1713 --- "de huijsvrouw van Abraham Putkamer, woonende meede onder den Indijk, ten huijze van haar comparanten is gekomen en aldaar met een verbaastheid tegens haar attestanten gezegt heeft dat zij te Harmelen geweest was, en dat zij niet weet hoe zij het stellen zal, door dien de menschen aldaar zeggen en haar geduurig vragen of zij zoete of zuure melk verkoopt, waar op een van des eerste comparants huijsgenooten antwoorden dat weet ik wel, en wil ik het u eens zeggen, het is om dat, zoo ik heb hoore zeggen jou man de koejen van Gerrit Verkerk somwijlen uijtmelkt waar op de vrouw van Putkamer antwoorden, wel ja het is maar eens gebeurt, en mijn man heeft de melk ten eersten wederom gebragt, want ik de melk niet wilde hebbe, en ik heb de mijnedaar afgegooten..." Naam: Abraham Putkamer Woonplaats: Indijk Hoedanigheid: overige Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8629, aktenr. 1, d.d. 01-01-1728 --- "nog ook niet het huijsje in den boomgaard staande, 't welk althans bij Abraham Putkamer bewoond word" Naam: Abraham Putkamer Hoedanigheid: huurder Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8608, aktenr. 43, d.d. 02-10-1735 | Putkamer, Abraham Jans (I2618)
|
| 3950 | NH dopen De Vuursche: 21-11-1717 Jan; o. Jan Jansen Slijkhuis en Coba Gerritz Austing; g. Jannetien Austing 04-08-1720 Willemtje; o. Jan Jansen Slijck en Klaasjen Pietersen; g. Treijntje Gerbertsen NH dopen Maartensdijk: 04-01-1722 Jan; o. Jan Jansen Slijckhuijsen en Klaesje Pieters; g. Jannigje Gerrids NH dopen De Vuursche: 13-05-1725 Pieter; o. Claesje Pietersen; g. Jannitgjen Austing --- "Aeltje Aris wed. van Erris Jansz Kleijn haaren man zal. aan haar verweckt de welcke verclaarde in erffcoop verkost te hebben aan en ten behoeven van Jan Jansz Slijckhuijsen, die mede voor ons comparerende bekende voor hem selven ende ten behoeven van Claasje Pieters in erffcoop bij desen te kopen zeekere een mergen lands off velds met zijn bepotinge ende beplantinge, ende de woninge daar op staande (...) gelegen in den geregte van de Vuijrsch" Akte: Koop en verkoop Koper: Jan Jansz Slyckhuysen Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 798, aktenr. 160, d.d. 29-11-1718 --- "Jan Jansz van Slijckhuijsen voor hen selven en als man en voogt van Claasje Pieters zijn egte huijsvrouwe de welke verklaarde (...) in een eeuwigen erffpaght ontfangen, en aangenomen hebbe (...) eene morgen lands off velds gelegen inde jurisdictievan de hoge heerlickeijd van de Vuijrsche" Soort akte: Garantie - dat hy met 1 morgen land, gelegen in de Vuursche, zal handelen, zoals in de erfpachtbrieven is vervat Verlener: Jan Jansz van Slyckhuysen Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 799, aktenr. 10, d.d. 11-11-1719 --- "Jan Jansz van Slijckhuijsen voor sig selven en als mannende voogd van Claasje Pietersz sijn huijsvrou daar hij op dese tijdt blijkende geboorte is hebben, ende verklaarde in erffcoop verkoft te hebben aan en ten behoeven van Dirck Gerritsz die medevoor ons compareerde bekende in erffcoop van den eersten comparante gecoft te hebben en te copen bij desen, zeeckere eene margen lands oft velds met sijn bepotinge ende beplantinge ende de wooninge daar op staande met alle het geene daar op (...) gelegen in den Geregte van de hooge heerlickeijd van de Vurijrsche oostwaards" Soort akte: Koop en verkoop Verkoper: Jan Jansz van Slyckhuysen Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. 799, aktenr. 40, d.d. 22-11-1721 | Slijkhuis, Jan Jans (I2890)
|