Treffers 4,251 t/m 4,300 van 5,326
| # | Aantekeningen | Verbonden met |
|---|---|---|
| 4251 | NH dopen Oudewater: 15-12-1627 Jan; o. Willem Jacobsz 18-02-1629 Willem; o. Willem Jacobssen in Hooncop 15-01-1631 Dierck; o. Willem Jacobs 09-03-1633 Emmetgen; o. Willem Jacobssen 03-12-1634 Willemtgen; o. Willem Jacobsz 21-09-1636 Niessien; o. Willem Jacobsz 19-08-1638 Aert; o. Willem Jacopsen 25-11-1640 Aeltgen; o. Willem Jacobsen --- 15-8-1674: Compareerde Evert Erlhoff brouwer en burger alhier, heeft gecedeert en getransporteert aan de weduwe en soon Jan Backer coopluyden tot Amsterdam seeckeren obligatie van agthondert gulden bij Cornelis Jacobsz Hollander in sijn leven gewoont hebbende inde Ruygeweyde als principaall, ende Jacob Willemsz Hollander mede aldaar, mitsgaders Willem Jacobsz in Papencop als borgen en mede principalen ten behoeve van Geertie Jans den negenden juny 1652 onder hare handen en merken verleden, met alle verlopen renten. Getuigen: de klerken Porselius en Pille (Pijlle). Bron: RHCRL, ona Oudewater 1893, aktenr. 60 (Coen van Wijngaarden). 4-5-1676: Compareerde juffr. Johanna van Zijbesteyn weduwe van de heere Gerrit Backer, haer sterck maeckende en derato caverende voor de heer Johannes Backer haer soon, woonende tot Amsterdam, machtigt out burgemeester Pieter van der Horst om tsij int vruntschap off bij middelen van justitie te ontfangen van Cornelis Jacobsz Hollander principael, Jacob Willemsz Hollander ende Willem Jacobsz borgen en mede principalen, onder behoorlijcke renuntiatie, ofte bij overlijden te eysschen van der selver erfgenamen soodanige obligatie van achthondert gulden met de verschenen en onbetaelde intressen vandien die de comparanten competeert als cessie van actie off transport hebbende van Evert Erloff als man en voocht van Elisabeth Plemper, in die qualite nomine uxoris een mede erffgename van Geertgen Jans weduwe van Simon Plemper ten wiens behoeve de obligatie is gepasseert voor notaris Slappecoorn op 15 aug. 1674. Getuigen: Jan Hendricksz en Jan Davitsz inwoonders. Bron: RHCRL, ona Oudewater 1907, aktenr. 110 (Coen van Wijngaarden). | Jacobs, Willem (I1590)
|
| 4252 | NH dopen Oudewater: 17-02-1638 Machteltgen; o. Cornelis Gijsen 17-11-1652 Marrichje; o. Cornelis Gijssen [Diemerbroek] 21-06-1656 Grietgen; o. Cornelis Gijsen [Diemerbroek] 12-03-1659 Cornelis; o. Cornelis Gijsen [Oudewaterse Broek] --- 21-5-1652: Cornelis Ghijsz, buurman in Diemerbroek, is schuldig aan zijn vijf nagelaten weeskinderen, verwekt bij Annichgen Willems, met namen Crijntgen, Nijesken, Jan, Willem en Neeltgen Cornelis, een hoofdsom van 800 gulden met 4% rente, vanwege het overdracht van 5 morgen land op 17-5-1652. 31-5-1676: Pieter Cornelisz van der Swaen als weduwnaar van Niesken Cornelis bekent dat zijn huisvrouw in haar leven het geld met rente heeft ontvangen van haar stiefmoeder Ariaentken Cornelis. 23-1-1676: Leendert Cornelisz van Velthuijsen als man en voogd van Neeltken Cornelis, mede erfgenaam van Jan en Willem Cornelisz, heeft ca. 10 jaar geleden van Cornelis Ghijsz, zijn schoonvader, al het geld en rente ontvangen. De rest heeft hij ontvangen van Arientken Cornelis, zijn stiefmoeder. 4-6-1676: Jan Pancken, getrouwd geweest met Crijntgien Cornelis, met wie hij een zoon kreeg genaamd Evert Jansz, nu nog in leven, is door zijn schoonvader Cornelis Ghijsz voldaan van het erfdeel van zijn vrouw. Hij is ook betaald door Ariaentken Cornelis, zijn stiefmoeder, vanwege de erfenis van Jan en Willem Cornelisz, die nu overleden zijn, voor zijn zoon. Bron: RHCRL, wk Montfoort 113, fol. 97. 21-5-1652: Cornelis Ghijsz, buurman in Diemerbroek, is schuldig aan de drie onmondige weeskinderen van za. Cornelis Willemsz, verwekt bij Neeltgen Jans, met namen Crijntgen, Annichgen en Neeltgen Cornelis, een hoofdsom van 800 gulden met 4% rente, vanwege het overdracht van 5 morgen land op 17-5-1652. Bron: RHCRL, wk Montfoort 113, fol. 98. 21-5-1652: Cornelis Ghijsz, buurman in Diemerbroek, is schuldig aan de twee nagelaten weeskinderen van Tunijs Claesz Boschman, verwekt bij Grijetgen Willems, met namen Claes Thunijsz en Crijntgen Tunijs, een hoofdsom van 800 gulden met 4% rente, vanwege het overdracht van 5 morgen land op 17-5-1652. 26-6-1653: Teunis Claesz Boschman en Claes Willemsz, de vader en voogd maternel van voorn. Teunis Claesz twee nagelaten weeskinderen met namen Claes en Crijntgen Teunis, hebben van Cornelis Ghijsz de 800 gulden met rente ontvangen. Bron: RHCRL, wk Montfoort 113, fol. 99. 4-1-1663: Op 4 januari 1663 compareerde voor de schout en weesmeesters van Waarder Jan Pancken van Dijck, wonende in het Oosteinde van Waarder, weduwnaar en boedelhouder van za. Crijntjen Cornelis, zijn laatst overleden huisvrouw, ter eenre, en Cornelis Gijsbertsz in 't Holl vader van de voornoemde Crijntjen Cornelis za. en grootvader en oppervoogd van het nagelaten weeskind van Crijntjen Cornelis voornoemd, ter andere zijde. In overweging van de staat van de boedel en ten overstaan en met goedkeuring van de schout Cornelis Willemsz Loij en de weesmeesters Jan Gerritsz den Oudsten en Cornelis Geerlofsz Berchshoeff is men gekomen tot een finale schifting en scheiding van de boedel. Jan Pancken weduwenaar en boedelhouder blijft in het bezit van alles wat door Crijntjen Cornelis is nagelaten, dus het huis, land, have, bouwgereedschap en verdere zaken. Hij neemt ook alle schaden en baten van de boedel op zich. Daartegenover zal Jan Pancken het weeskind genaamd Evert Jansz alimenteren en onderhouden in ete 20-2-1692: De 500 gulden "geassigneert" op de 5 morgen land wat nu aan Gerrit Jansen Hoogendoorn behoort is aan Evert Jansz voldaan. Bron: RHCRL, wk Waarder 1, fol. 56v. 2-6-1667: Compareerden Pieter Gijsbertsz int Hol woonende tot Wensveen, Hillichien Gijsen alhier, elcx voor haer selven, Leendert en Hendrick Jansz soonen, Fredrick Jansz alks getrouwt hebbende Aechgen Jans, Nelis Cornelisz als man en voocht van Annichien Jans, Pieter Crijnen als getrouwt hebbende Nellichien Dircx, in die qualite kinderen en kints-kinderen van Jan Gijsen, Jacob Teunisz als man en voocht van Aechien Gijsen, Claes Jansz Vuijck als getrouwt hebbende Niesien Jacobs, dochter van Jacob Gijsen, Bastiaen Willemsz van Wijck voor hem selven, ende Pieter Claesz mitsgaders Aelbert Cornelisz Poth als geordonneerde voochden over Willem, Cornelis ende Nellichien Willems, alle naergelaten kinderen van wijlen Willem Gijsbertsz, ende tesaemen noch als geordonneerde voochden over Marritje en Bastiaen Bastiaensz beyde onmondige kints-kinderen van Marrichien Gijsen, Item Govert Cornelisz als getrouwt hebbende Barber Maertens, ende Oth Gerritsz getrouwt met Marritie Maertens, beyde mede kinderen vanden ver Bron: RHCRL, ona Oudewater 1889, aktenr. 48 (Coen van Wijngaarden). 2-6-1667: Compareerden Aert Gijsbertsz int Hol woonende in Diemerbroeck, Pieter Gijsbertsz int Hol woonende tot Wensveen, Cornelis Gijsbertsz in Diemerbroeck, Hillichien Gijsen alhier, elcx voor haer selven, Leendert en Hendrick Jansz soonen, Fredrick Jansz als getrouwt hebbende Aechgen Jans, Melis Cornelisz als man en voocht van Annichien Jans, Pieter Crijnen als getrouwt hebbende Nellichien Dircx, in die qualite kinderen en kints-kinderen van Jan Gijsen, Jacob Teunisz als man en voocht van Aechien Gijsen, Claes Jansz Vuijck als getrouwt hebbende Niesien Jacobs, dochter van Jacob Gijsen, Bastiaen Willemsz van Wijck voor hem zelven, ende Pieter Claesz mitsgaders Aelbert Cornelisz Poth als geordonneerde voochden over Willem, Cornelis ende Nellichien Willems, alle naergelaten kinderen van wijlen Willem Gijsbertsz, ende tesaemen noch als geordonneerde voochden over Marritje en Bastiaen Bastiaensz, beyde onmondige kints-kinderen van Marrichien Gijsen, Item Govert Cornelisz als getrouwt hebbende Barbar Mae Bron: RHCRL, ona Oudewater 1889, aktenr. 49 (Coen van Wijngaarden). 26-12-1669: Compareerde Jacob Theunisz woonende in Diemerbroeck, is schuldig aen ende ten behoeve van Wouter Mighielsz woonende aende Goejanverwellensluys, de somme van vierhondert gulden geleend geld, met een jaarlijkse rente van vier gulden van yder hondert. Compareerden mede Cornelis Gijsbertsz int Hol woonende in Diemerbroeck, ende Cornelis Jansz Schijff zijn comparantes swager woonende in Papecop, en constitueerden zich borgen. Getuigen: de notarisklerken Adriaen Loover en Coenraet Porselius. Bron: RHCRL, ona Oudewater 1890, aktenr. 87 (Coen van Wijngaarden). 17-1-1673: Des namiddags de clocke ontrent twee uyren, compareerde Aart Gijsbertsz int Holl voor desen gewoont hebbende in Diemerbrouk en jegenwoordig binnen Oudewater, cloek en gesont van lighame, verclaart eerst en alvoorens gerevocheert, gecasseert en vernietigt te hebben alle voorgaande testamenten, en specialijk sodanigen testament als hij voor notaris Wouter Craack binnen Woerden heeft verleden, en comende opnieuws tot dese sijne intentie verclaerde uyt crachte vande octroye bij hem door Wouter Craak notaris voornt. (onder welke hij comparant verclaert dat ’tselve alsnog is berustende) van den Hove van Utregt op sijn comparantes naam geobtineert ontrent drie jaren geleden sonder nogtans den perfecten tijt off dag onthouden te hebben, off den selven te connen weten, vermits hij comparant t’selve octroy jegenwoordig vanden voorn. notaris (dewijle Woerden door den vijant is ingenomen) niet can becoomen, bij desen eerst en alvoorens uyt de portie van Cornelis Gijsbertsz zijn broeder, off bij des Bron: RHCRL, ona Oudewater 1892, aktenr. 15 (Coen van Wijngaarden). 9-9-1676: Op huyden den negenden september 1676 compareerden Ariaentie Cornelis van der Kroeff weduwe van za. Cornelis Gijsen wonende in Diemerbroeck ter eenre, ende Dirck Gerrits Munter schepen ende raet deser stede, en Mathijs Koorn, voogden over Roelant Wessels Bruijser, Jacobus Kopper, vervangende sijnen swager ende suster respective, erfgenamen van za. Schrevel Gijsberts Kopper ende Lijsbeth Thonis van Nes ter andere sijde, en gaven te kennen hoe dat sij comparanten veraccordeert ende overeengekomen (zijn) dat Ariaantie Cornelis eerste comparante ten wiens laste de vern. tweede comparanten te samen in haer qualite hadden spreekende een somme van sevenhondert en twee en veertich guldens derthien stuyvers, reste van een obligatie van 900 gld. capitael ende ses jaren verlopen intres, ten laste van Willem Cornelis van der Kroeff gepasseert van date den 13 mei 1668, voor welck capitael ende intresse de eerste comparantes man sal. Cornelis Gijsen, sich selven borge als principael schuldenaer onder beho Bron: RHCRL, ona Oudewater 1916, aktenr. 30 (Coen van Wijngaarden). 5-12-1695: Compareerde Ariaentie Cornelis van de Croeff weduwe van Cornelis Gijsen woonende in Diemerbroek, clouck ende gesont, verclaerde uyt crachte vande octroye haer bijden Hove van Utrecht opden 31en augusty 1695, des mergens ten ses uyre verleent, tot hare eenige ende geheele erfgenamen te nomineren Gijsbert Cornelisz, Cornelis Cornelisse hare soonen, ende Grietje Cornelis hare dochter getrout met Lambert Lambertsz Groenendijk, of hun descendenten, Des dat sijluyden gehouden sullen sijn opten mondigen dage ofte huwelijken state van Cornelis Hagense naergelaten soontie van Annetie Cornelis, haer overleden dochter, uyt te reycken de somme van tweehondert Car. guldens, met de interessen vandien jegens drie gulden tien stuyvers ten hondert, daaraan verbindt zij hare acht mergen lants met huys, berch, schuer gelegen in Diemerbroek daer sij comparante woonende is. Getuigen: Claes Claesse Hol, ende Jan Claesse Hol bode van Diemerbroek ende Papecop. Bron: RHCRL, ona Oudewater 1896, aktenr. 176 (Coen van Wijngaarden). | in 't Hol, Cornelis Gijsberts (I1451)
|
| 4253 | NH dopen Oudewater: 18-02-1663 Marrichjen; o. Dirck Willemsen (begr. 07-03-1663) 27-01-1664 Aeltge; o. Dirck Willemse 26-04-1666 Annetgen; o. Dirck Willemssen in Papecoop 06-02-1667 Cornelis; o. Dirck Willemsen 14-10-1671 Willem; o. Dirck Willemsz uijt Papecoop --- Compareerde Neeltje Dircx van Vliet weduwe en boedelhoudster van Dirck Willemsz woonende in Papecoop, machtigt Jan Pietersz int Hol woonende inde Langeweyde, ende Cornelis Jansz de Lange woonende op de Noortsijde vande Langelinschoten, om publycq off uytte hant te vercopen sekere haere hoffstede gelegen in Papecoop bestaende in huysinge berch en schuyr met ses ende halve mergen lants, alwaer ten noorden tCapittel vanden Dom tot Utrecht ende ten suyden de weduwe van de heer Johan van Galen woonende tot Leyden, streckende voor vanden dijck tot de Ruygeweytse lantscheydinge toe. Getuigen: Gijsbert van der Lee en Arien Willemsz van Nes. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beh.nr. O063), inv.nr. 1908, aktenr. 64, d.d. 14-02-1678 | Willems, Dirk (I3573)
|
| 4254 | NH dopen Oudewater: 18-06-1631 Nijsgen; o. Pieter Janssen in Hekendorp [tr. 6-12-1665 te Oudewater met Claes Simonsen] 15-09-1638 Barbertgen; o. Pieter Janssen in Hekendorp 17-02-1641 Daem; o. Pieter Janssen in Hekendorp --- 21-1-1646: Boelcedul van Roelof Luijtenssen, wonende in Diemerbroek, als weduwnaar en boedelhouder van Matgien Ariens. Item een obligatie tot laste van Pieter Janssen wonende in Heeckendorp van twee hondert gulden hooftsoms vermogens de obligatie gedateert den negenthienden november 1635 200-0-0. (scan 7) Bron: RHCRL, ora Montfoort 118, aktenr. 1. 5-12-1678: Compareerden Pieter Jansz Trijnties woonende in Heeckendorp weduwenaer ende boedelhouder van Haechjen Jans ter eenre, ende Aert en Jan Pietersz zijne zoonen en mede erfgenamen van hun moeder ter andere zijde, ende verclaerden in presentie met consent toestemminge ende overgifte van Daem Pietersz mede soon, ende Claes Sijmonsz als getrout hebbende Niesje Pieters beyde in die qualiteyt mede kinderen en erfgenamen dat den vern. Aert ende Jan Pietersz tesaemen ende langstlevende vande selve gehouden en verbonden sullen sijn den versz haren vader sijn leven langh te onderhouden ende besorgen van cost dranck, vuer licht, cleederen van linne ende wolle, ende voorts van alle tgunt tot sijn onderhout van noode zal hebben. Zij behouden daardoor de geheele huysinge ende erve daer hun vader in ende op woonende is in Heeckendorp, ende voorts de gehele boedel die hij bezit, en zij nemen alle lasten op zich. Getuigen: Jan Claesz Brabeeck en de klerk Pieter van Liesveld. Bron: RHCRL, ona Oudewater 1894, aktenr. 107 (Coen van Wijngaarden). 25-4-1681: Compareerden Jan ende Aert Pietersz gebroeders woonende in Hekendorp, beiden gezond, testeren op de langstlevende, die gehouden sal sijn uyt te keeren aen hun suster Niesje Pieters, of haar kinderen, een somme van vijftich gulden sonder meer, Item aende kinderen en kintskinderen van Daem Pietersz haer broeder za. gelijcke somme van vijftich gulden. Getuigen: Thomas Dominicus en Pieter van Liesvelt. Bron: RHCRL, ona Oudewater 1910, aktner. 7 (Coen van Wijngaarden). | Trijntges, Pieter Jans (I4233)
|
| 4255 | NH dopen Oudewater: 19-10-1611 Neeltgen; o. Lieven Gerritsen in de Broek --- Geerlof Lievenssen, voor zichzelf, Dirck Aertsz van Vlieth als man en voogd van Dirckgien Lievens en Hendrick Evertsen als man en voogd van Meijnsgien Lievens, allen buurluiden wonende in Diemerbroek in de landen van Montfoort, aangezien overleden is Eechgien Cornelis, weduwe van Lieven Gerritsen, hun overleden moeder en schoonmoeder, die de comparanten heeft aangewezen tot erfgenamen, gaan over tot een boedelscheiding. Geerloff Lievenssen heeft als oudste zoon voordeel genoten uit de boedel en betaald de schulden. Hendrick Evertsen krijgt ca. 6,5 morgen eigen land in Papekop, strekkende ten oosten uit de Papekopper dijksloot ten westen tot achter over de Papenkopperkade, belend ten zuiden de weduwe van Bartholomeus van Blijeel en ten noorden Wilhelm Huijgen van der Geer; nog 2 morgen eigen land gelegen in Diemerbroek, belend ten oosten, zuiden en noorden Claes Leendertsz en ten westen Willem Jacobsz. Geerloff Lievensen krijgt obligatie ter waarde van 4.000 gulden. Ook Dirck Aertsen van Vlieth krijgt Bron: RHCRL, ONA Montfoort (beh.nr. M023), inv.nr. 1447, fol. 163, d.d. 07-06-1659 | Gerrits, Lieven (I3917)
|
| 4256 | NH dopen Oudewater: 21-04-1702 Neeltjen; o. Gerrit Pieterze Lekkerkerker en Neeltjen Huijge de Kool NH dopen Benschop: 09-12-1705 Hendrick; o. Aart Hendricksz Vergeer en Neeltje Huijgen de Coole; g. Geertje de Coole NH dopen Haastrecht: 01-01-1708 Huijg; o. Aard Hendriksz Vergeer, en Neeltje Huijgen de Koole; g. Hilligje Aartsdr. Verzeil NH dopen Waarder: 15-06-1710 Margriete; o. Aert Vergeer en Neeltje Colen --- 1708 tegen 7 octob. 56. Aert Vergeer 57. Neeltje de Koolen, sijn vrou } met Attest. van Haestreght. Bron: Waarder - NH lidmatenboek --- Akte: Huwelijkse voorwaarden Bruidegom: Aert Hendricksz Vergeer Bruid: Neeltye de Coole Notaris: C. de Coole Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U113a003, aktenr. 52, d.d. 09-02-1704 --- "Aart Vergeer ende Neeltjen de Coole eghtel. wonende in Benschop" Akte: Voogbenoeming - over hun minderjarige kinderen Constituant: Aart Vergeer Notaris: J. Both Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U142a001, aktenr. 78-1, d.d. 23-10-1705 --- "Aart Vergeer en Neeltjen Huijgen de Coolge, egtelieden woonende bij Haastricht op Hollant" Akte: Procuratie - om vorderingen te innen Constituant: Aart Vergeer Notaris: E. Verryken Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U129a002, aktenr. 16, d.d. 28-05-1707 --- 8-2-1709: Aert Hendricxsz Vergeer als man en voogd van Neeltje Huijgen de Coolen, wonende in de Langeweij (Lange Weide), transporteert aan Aert Cornelisz van Zijll, mr. timmerman in Benschop, een huis en kamer op de hoek van de Noordzijde van het Speelveld aan de Benschopper kerk. Bron: RHCRL, ra Benschop 260 (FS scan 314/387). --- "Jan Cornelisz Hoogendoorn in huwelijk hebbende Neeltje Gerrits Lekkerkerk die bevoorens wede. en geinstitueerde erfgenaame was van Gerrit Wouters Groenendijk, en een nagelaatene dogter van wijlen Gerrit Pietersz Lekkerkerk en Neeltje Huijgen de Koole in haar leeven egteluijden (...) dat de voornoemde Gerrit Pietersz Lekkerkerk gewoond hebbende in Roosendaal en aldaar overleeden sijnde, desselfs nagelaatene wede. Neeltje Huijgen Koole, haar tweede comparante Neeltje Gerrits Lekkerkerk heeft voldaan en betaald (...) dat de voorn. Neeltje Huijgen Koole naderhand ten tweede huwelijk getreeden sijnde met Aart Hendriksz Vergeer in de Langeweijde is komen te overlijden, nalaatende een soon uijt het gemelde tweede huwelijk verwekt, genaamt Huijg Aartsz Vergeer. (...) Van gelijke compareerden meede voor ons Notaris en getuijgen voorn. de meergenoemde Huijg Aartsz Vergeer, en desselfs huijsvrouwe Annetje Willems de Lange meede in de Langeweijde woonagtig." Naam: Huijg Aartsz Vergeer Woonplaats: Lange Weide Hoedanigheid: bloedverwant, erfgenaam, huwelijkspartner Bron: RHC RL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1454, fol. 279, d.d. 05-09-1734 | Vergeer, Aart Hendriks (I3269)
|
| 4257 | NH dopen Oudewater: 22-12-1658 Jacob; o. Willem Willemsen NH dopen Waarder: 05-08-1668 ...; o. Wilm Wilmsz en Willemtje Pancke 1670 Marige; o. Willem Willemse en Willemtje Pancke --- [Aangecomen ten tijde van D. Wijkentoren beginnende met den 1 meert 1654] [1665 Tegen den 27 septemb] 136 Willemtje Pancke huijsvrou van Wilm Wilmsz opt leegeijnde Bron: Waarder - Lidmatenboek --- "Panck Evertsen ende Merrichen Aerts echteluijden woonende in Willeskop, in den lande van Montfoort, mij notaris wel bekent, met ons gaende ende staende (...) verclaerden voorts tot haere eenige ende universele erfgenamen gestelt ende genoempt te hebben Jan, Cornelis, Henrick, Aert ende Cornelis haere soonen, met Willempken, Aeltgien ende Merriken haere dochteren (...) verclaerden de comparanten mede dat alsoo sij met Jan ende Cornelis Pancken haer soonen ende Willemken Pancken haer dochter die haer begeven hebben in den echten staet, gegeven hebben tot een mede gave seeckere somme van penn. aen elck den selven, waeromme sij bij expres bij desen mede beheerden dat de langstlevende van hen beijden als d'een of d'ander van haer voors. nu noch ongehouwelijckte kinderen komen te treden in den echten staet, dat de selve tot een mede gave gegeven sal worden gelijcke somme als elcx den uijtgehouwelijckte kinderen genooten hebben" Naam: Willempken Pancken Hoedanigheid: bloedverwant, erfgenaam Bron: RHC RL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1447, fol. 209, d.d. 25-03-1662 --- Naam: Willempje Pancken Woonplaats: Bodegraven Hoedanigheid: geldnemer Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8556, aktenr. 120, d.d. 17-02-1706 | Hollander, Willem Willems (I1453)
|
| 4258 | NH dopen Oudewater: 27-02-1637 Cornelis; o. D. Gibone Theodori ab Eerst 23-04-1639 Willebort; o. Gibbo Theodori ab Eerst 28-06-1641 Amelis; o. Gibbo Theodori ab Eerst --- Simon van Biesevelt, mede notaris, aan de ene, Pieter Jacobsz van der Horst, brouwer te Oudewater, aan de andere zijde, zijn tot een overeenkomst gekozen, aangezien Van der Horst pretendeert op verzoek van ds. Theodoris Gibbo aan voorgaande Biesevelt geleverd te hebben 97 gld. 10 st. aan bier. Biesevelt heeft echter op naam van ds. Gibbou meer bedragen pretenderen. Biesevelt zal nu aan Van der Horst overdragen het bedrag dat hij tot last van ds. Gibbou heeft. Bron: RCHRL, ONA Woerden (beh.nr. W054), inv.nr. 8536, aktenr. 80, d.d. 17-04-1654 --- Dominee Gibbo Theodorij ab Eerst, ziek op een stoel zittende, herroept zijn oude testamenten, m.n. het testament van 03-05-1658 met Eva Dircks van Praet, zijn overleden huisvrouw, en van 08-05-1658 voor Jacob Jansz Bijl, notaris te Oudewater, behalve een prelegaat van 1.000 gulden aan zijn dochter Anna Gibbo ab Eerst, en stelt een nieuw testament op. Als erfgenamen benoemt hij voor een derde deel ds. Theodorus ab Eerst, predikant te Meerkerk, en voor een derde deel voornoemde Anna Gibbo ab Eerst, getrouwd met Jan Coenraedtsz van Groeningen, zijn zoon en dochter. Het resterende derde deel is voor Cornelis Gibbo ab Eerst, zijn zoon, met als voorwaarde dat hij weer een jaar lang "t'sijnder kennisse ende rechtsinnich" geworden is. De testateur verklaart dat hij geld heeft uitgegeven aan de zorg van zijn zoon Cornelius Gibbo, terwijl hij in Nijmegen en 's-Hertogenbosch diende, wat afkomstig was uit zijn moederlijke erfenis, dus niet uit zijn eigen goederen, waartoe hij door het Hof van Holland d.d. 06-02-1 | Ab Eerst, Gibbo Theodorus (I63)
|
| 4259 | NH dopen Oudewater: 27-02-1746 Neeltje; o. Huibert Zwart en Marretje Varip [= Ramp]; g. Marretje Zwart (Hekendorp) 09-07-1747 Willemijntje; o. Huibert Zwart en Margje Ramp (Goverwellesluis) 06-12-1749 Neeltje; o. Huibert Zwart en Marrigje Ramp; g. Maria Zwart 08-10-1752 Cornelia; o. Huibert Cornelisz Zwart en Marretje Ramp (Hekendorp) 09-01-1754 Cornelia; o. Huibert Zwart en Marretje Rampen (Linschoten) NH dopen Benschop: 07-12-1755 Anna; o. Huibert Swart en Marrigje Rampen; g. Aaltie Rampen 06-11-1757 Aaltie; o. Huijbert Swart en Marrigje Swart; g. Jannnigje Ramp 20-01-1760 Hannes; o. Huibert Swart en Marrigje Rampen; g. Jannnigje Rampen 25-01-1761 Stijntie; o. Huibert Swart en Marrigje Rampen; g. Jannnigje Rampen 10-10-1762 Stijntie; o. Huibert Swart en Marrigje Rampen; g. Jannnigje Rampen | Swart, Huibert Cornelis (I3091)
|
| 4260 | NH dopen Oudewater: 29-01-1651 Neeltje; o. Lenart Eldertsz in Hekendorp 03-03-1652 Aldert; o. Leonart Aldersz in Hekendorp 01-10-1653 Jannichjen; o. Lenert Eldersz in Hekendorp 23-04-1655 Neeltgen; o. Leenart Eeldersen in Hekendorp 21-03-1657 Nellijgen; o. Leendert Eelderse Koock in Hekendoorp 15-05-1658 Trijntgen; o. Leendert Kock 16-11-1659 Jan; o. Leendert Eldersse Kock | Kok, Leendert Elderts (I1939)
|
| 4261 | NH dopen Oudewater: 29-10-1636 Aeltgen; o. Panck Evertssen [tr. 17-04-1672 te Waarder met Arij Gerritse den Ouden, hertr. 12-03-1679 te Waarder met Willem Aertse van der Neut] 04-02-1639 Maritgen; o. Panck Evertssen in Wilschop [huw. voorwaarden 1688 met Pieter Pietersz Hogenboom, get. is broer Cornelis Pancken de Jonge] 17-02-1641 Aert; o. Panck Evertssen in Wilscop 20-03-1644 Cornelis; o. Panck Evertsen in Wilschop [(de Jonge) huw. voorwaarden 1686 met Geertken Pieters (van Kempen)/Geertruij Peters Kemp] --- 4-5-1640: Ellert Jansz Wieren, thans wonende te Oudewater, transporteert aan Panck Evertsz van de Lange Weide 4,5 morgen eigen land met huis, berg en schuur gelegen in Willeskop, waarvan 2 morgen strekkende van de Hollandsche IJssel tot jonkheer [onleesbaar] morgen weiland binnendijks, strekkende van [de IJssel?] zuidwaarts tot de Tiendeweg, belend ten oosten erfgemanen van Aert(?) Beijer en ten westen voornoemde Joncker van Rijsenburg. Bron: RHCRL, ora Willeskop 2284 (scan 250/455). --- "De vijer onmondige weeskijnd. van Ghijsbert Aertsz geprocreert bij Annichgen Hermens. Compareerde ter weescamer deser stede Montfoort Gerrit Gerritsz van Dobben, de welcke bekende wel ende deuchdelijcken schuldich te weesen de vijer onmondige weeskijnderen van Ghijsbert Aertsz de somme van drije ende tsestich gul. veertich stuvers spruijtende vuijt den boedel ende naegelate goederen van Emmichgen Peters des voorn. weeskijnderen bestemoeder erffelijcke losrenten (...) soo heeft Panck Evertsz hem geconstitueert als borge ende principael" Naam: Panck Evertsz Hoedanigheid: borgsteller Bron: RHC RL, ORA Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 113, fol. 39v, d.d. 01-08-1642 --- 20-5-1646: Neeltgen Gerrits, weduwe van Sijmon Cornelisz, geassisteerd door Gerrit Sijmonse, haar zoon en gekozen voogd, Gerrit Sijmonsen voor zichzelf, Jan Sijmonsen, Cornelis Sijmonsen den ouden, Gerrit Jan Jacobsen, getrouwd met Pietertgien Sijmons, Willem Sijmonsen, Cornelis Sijmonsen, Jan jonge Dirck en Cornelis Gerritsen Cort, alle kinderen en schoonzonen van Sijmon Cornelissen, transporteren aan Oanck Evertsen ca. 7 hond land gelegen in Willeskop, belend ten oosten Dirck Aertsen en ten westen de koper zelf, strekkende van de IJssel tot de IJsseldijk. Bron: RHCRL, ora Willeskop 2285 (scan 276/455). --- "Compareerde ter weescamer deser stede Montfoort Hermen Ghijsbertsz, Aert Ghijsbertsz, Jan Hagensz hem sterckmakende ende de rato caverende Jan Ghijsbertsz ende Jacob Ghijsbertsz alle kijnderen van Ghijsbert Aertsz de welcke bekende door passeren van seekere rentobligatie repasseert bij Panck Evertsz inhoudende de hooftsomme van drij ende tsestich gul. veerthien stuvers wesende deselve obligatie van ... 1en augustij 1642 welcke obligatie ter handen gestelt is Jan Ingensz" Naam: Panck Evertsz Hoedanigheid: geldnemer Bron: RHC RL, ORA Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 113, fol. 40, d.d. 27-05-1651 --- "Compareerde ten weeskamer deser stede Montfoort Panck Evertsz buerman wonende in Willeskop, de welcke bekende ende belede voor hem sijn erven ende naecomel. wel ende deuchdel. schuldich te wesen aen ende ten behoeve van de vijff weeskinderen van Aeltken Cornelis bij haer geprocreeert bij Merten Jansen Diliven, om d'hooftsomme van een hondert car. guldens tot xx stuijvers stuck bij hem in goeden haeckb.. geldt uijt handen van Merten Willemsz Cappiteijn den kinderen bloetvoocht ontfanten" "Op huijden den 14 febr. 1665 is toegestaen van Aeltgien Cornelis dat de wed. van Panck Evertsz haer soude betaelen ses guldens ses stuijvers in minderinge van versz. hondert guldens om daer mede van haeren kinderen te doen begraven" "den 7 maij 1665 heeft de wed. van Panck Evertsz de resterende drie ende tnegentich gul. veerthien stuijvers hooftsomme aen burgemrs Both en Overmeer gelost de wijle Aeltgen Cornelis den weeskinderen moeder bekende dat haer de renten tot desen dage tot verloopen waeren betaelt ende waerom de versz. obl. gehouden wort voor voldaen." Woonplaats: Willeskop Hoedanigheid: geldnemer Bron: RHC RL, ORA Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 113, fol. 91, d.d. 03-04-1655 --- 14-5-1659: Pancras Evertsz en Willem Joostensz, beiden wonende te Willeskop, verkopen aan Dirck Gerritsz, wonende in Gravekoop onder Sluipwijk, een gerechte helft, het westeinde, van een stuk hooiland gelegen in Gravekoop onder Sluipwijk, in het geheel te verongelden voor 3 morgen, strekkende van de Kerfwetering oostwaarts tot de scheikade, naast de putten en poelen, belend ten zuiden en noorden Gerrit Roeloffsz, de kopers vader. De koper zal betalen de helft van 4 gld. 4 st. per jaar ten behoeve van de Aalmoezeniers te Gouda, de helft van 1 gulden te betalen aan het kantoor van de pastorieën of geestelijke goederen te Delft en de helft van 1 gulden per jaar aan de kerk van Sluipwijk. De eigenaar van de oostelijke helft is Jan Aertsz Dobben. Bron: RHCRL, ora Sluipwijk 4, fol. 30v (FS scan 311/582) [Jan Aertsz van Dobben verkoopt waarschijnlijk op 8-5-1662 de andere helft aan Goris Ariensz Hoogenboom. De betreffende pagina ontbreekt op FamilySearch.] 13-3-1662: Staat en inventaris gemaakt door Jan Pancken van Dijck, weduwnaar en boedelhouder van Niesgen Joosten, zijn overleden huisvrouw, van de gehele boedel in maart 1661 door haar dood nagelaten. Onroerende goederen: ca. 5 morgen land gelegen in het Oosteinde van Waarder, belend ten oosten Dirck Ariensz Schuijff en ten westen de landen door de boedelhouder in huur gebruikt, strekkende van de Wetering tot de Broekerlandscheiding toe; een nieuw getimmerd voorhuis met berg staande op land van heer Nicolaes Dierout, welk land de boedelhouder in huur gebruikt. Panck Evertsz des boedelhouders vader compt tot laste van desen boedel ses hondert gulden capitael daer van mede intrest tegens vier ten hondert int jaer betaelt moet worden 600-0-0. Daer van meij deses jaers 1662 toecomende twee jaer intrest verschenen sal sijn bedragende 48-0-0. [Schulden en lasten in de boedel: Sijmon Cool een obligatie van 1500-0-0 met 120-0-0 rente. Hendrick Evertsz te Diemerbroek een bedrag van 900-0-0 met 72-0-0 rente. Pieter Huijgen aan de Nieuwerbrug een bedrag van 400-0-0 met 32-0-0 rente. De weduwe van Gerrit Pietersz Groenendijck een bedrag van 500-0-0 met 20-0-0 rente. Panck Evertsz, vader van de boedelhouder, een bedrag van 600-0-0 met 48-0-0 rente. Te betalen aan het boelhuis van Dirck IJsbrantsz te Waarder 80-0-0 i.v.m. de aankoop van een koe. Te betalen aan het boelhuis van de weduwe en erfgenamen van Aert Pietersz op de Lange Weide vanwege de koop van een vaars? 48-0-0. De weduwe van Cornelis Coningen brouwster te Oudewater krijgt nog 12-0-0 vanwege geleverde bieren. 60-0-0 aan verpondingen en morgengeld over 1661 en 6-0-0 aan impost van het gemaal, slagerij- en bierenaccijns. Nicolaes Dierout heeft recht op 160-0-0 aan pachtgeld i.v.m. 13 morgen land. Gerrit Claesz op de Ruige Weide krijgt 80-0-0 voor het onderhoud van het jongste kind, bij w Bron: RHCRL, ona Woerden 8544, aktenr. 81 (scan 155/224). 25-3-1662: "Panck Evertsen ende Merrichen Aerts echteluijden woonende in Willeskop, in den lande van Montfoort, mij notaris wel bekent, met ons gaende ende staende (...) verclaerden voorts tot haere eenige ende universele erfgenamen gestelt ende genoempt te hebben Jan, Cornelis, Henrick, Aert ende Cornelis haere soonen, met Willempken, Aeltgien ende Merriken haere dochteren (...) verclaerden de comparanten mede dat alsoo sij met Jan ende Cornelis Pancken haer soonen ende Willemken Pancken haer dochter die haer begeven hebben in den echten staet, gegeven hebben tot een mede gave seeckere somme van penn. aen elck den selven, waeromme sij bij expres bij desen mede beheerden dat de langstlevende van hen beijden als d'een of d'ander van haer voors. nu noch ongehouwelijckte kinderen komen te treden in den echten staet, dat de selve tot een mede gave gegeven sal worden gelijcke somme als elcx den uijtgehouwelijckte kinderen genooten hebben" Bron: RHCRL, ona Montfoort 1447, fol. 209. --- Zie: RHC RL, ORA Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 113, fol. 91, d.d. 03-04-1655 Naam: Panck Evertsz (weduwe van) Hoedanigheid: geldnemer Bron: RHC RL, ORA Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 113, fol. 91, d.d. 14-02-1665 --- 26-10-1671: Compareerden Hendrick, Cornelis, Aaltgen ende Marrichen Pancras broeders ende susters woonende in Willeschop, ende nagelaten kinderen van Panck Evertsz ende Marrichen Aarts hare overleden vader en moeder, sijnde de vern. Aaltien ende Marrichjen geassisteert met mij notaris als haar gecooren voogt in dese sake, dewelcke bekenden onder de renuntiatie van de benefitien de duobis vel pluribus reis dæbendi den effecte vandien door onderrigtinge mijns notario wel verstaande, schuldig te wesen aan Jan Eldertsz Wieren burger der stede Oudewater, de somme van eenduysent Car. guldens, spruytende als reste en uyt sake van een obligatie van vijfftienhondert gulden capitaal, bij den voorsz. Panck Evertsz den vierden september 1648 ten behoeve van Eldert Jansz Wieren des voornomde Jan Eldertsz vader saliger, gepasseert, welke obligatie met het passeren deses gehouden wert voor gecasseert en vernietigt. Zij beloven een jaarlijkse rente van vier gulden van ider hondert te sullen betalen. Getuigen: notari Bron: RHCRL, ona Oudewater 1891, aktenr. 90 (Coen van Wijngaarden). 1-12-1686: Cornelis Panckensz de jonge, buurman te Willeskop, en Cornelis, Aeltgen en Merriken Panckrassen, zijn broers en zussen, zijn kinderen van Panck Evertsen en Merriken Aerts, hun overleden ouders. Volgens obligatie gepasseerd op 26-10-1671 en 29-1-1672 voor notaris Eeuwout Slappekoorn en getuigen zijn ze een hoofdsom van 1.000 gulden met 4% rente schuldig aan Jan Eldertsz Wieren, burger te Oudewater. Volgens de akte van scheiding van de nalatenschap van de goederen van zijn ouders, op 21-11-1686 gepasseerd voor notaris Maes en getuigen te Oudewater, is de comparant toegevallen een huis, berg en schuur gelegen in Willeskop, met ca. 6 morgen uiterdijk, wei- en hooiland, belend ten oosten de kinderen van Dirck Aertsz Heulesteijn als bruikers en ten westen in de uiterdijk Eldert Jansz Wieren, wonende te Oudewater, en binnensdijks juffr. Anna van Rhijsenburg te Utrecht, strekkende van de IJssel tot jkr. van Rhijsenburg. Hij heeft van Eldert Jansz Wieren nog eens 1.000 gulden ontvangen, zodat er in Bron: RHCRL, ora Willeskop 2285 (FS scan 29/346). 27-10-1690: Kopie. Jan Panken, wonende in Willeskop, Hendrick Panken tot Oudewater, Jacob Panken voor zijn moeder Willempje Panke te Bodegraven, Wilm Aerde getrouwd met Aeltje Panken, Pieter Pietersz getrouwd met Marritge Panken aan de Langeweide en Cornelis Panken de jonge in Willeskop, kinderen van Marritge van Dobbe, Thomas Gillisz getrouwd met Marritge Wilms, wonende in Willeskop, vervangende zijn zwager Jan Jansz de Bruijn, getrouwd met Weijntge Willems, kinderen van Neeltje van Dobbe, Wilm Jansz, wonende aan de Waddinxveensebrug, Dirck Jansz, wonende aan de Gouwsluis, vervangende zijn verdere broers en zussen, kinderen van Jan Aertsz van Dobbe, Wilm Claesz Roest en Jan Pietersz van Assendelft, getrouwd met Grietgen Claes Roest, kinderen van Claes Perickel te Oudewater, Roel Panken aan de Nieuwerbrug, Huijg Panken, Pieter Panken, wonende aan de Langeweide, vervangende hun verdere broers, kinderen van Panck Jansz, en vervangende de verdere erfgenamen van vaderskant van Andries Gerritsz van Dobben 5-1-1691: Cornelis Panken, voor zichzelf en vervangende zijn broers en zussen, kinderen van Marritje van Dobbe, Thomas Gillisz getrouwd met Maritje Wilms, wonende in Willeskop, en Jan Jansz de Bruijn getrouwd met Weijntje Wilms, kinderen van Neeltje van Dobbe, Jan Jansz van Dobbe, wonende aan de Nieuwerbrug, en Cornelis Jansz, wonende op Langeweide, vervangende hun broers en zussen, kinderen van Jan Aertsz van Dobbe, Jan Pietersz van Assendelft getrouwd met Grietje Claes Roest, voor zichzelf en vervangende Willem Claesz Roest, kinderen van Claes Perikel te Oudewater, Huijg Panken, Pieter Panken, beide wonende op Langeweide, Cornelis Gerritsz van Heden getrouwd met Annetje Panken, voor henzelf en vervangende hun broers, kinderen van Panck Jansz, Jan Gijsen Hogenes, wonende aan de Bodegraver Meije, kind van Trijntje Aerts van Dobbe, vervangende de comparanten de verdere erfgenamen van vaderskant van Andries Gerritsz van Dobbe, machtigen de weesmeesters van Gouda en Johan Crabeth, notaris en procureur, o 12-1-1691: De erfgenamen van Aechje Cornelis machtigen ook de weesmeesters en Johan Crabeth. 3-1-1691: Jannetje Hendricks Coij, laatst weduwe van Willem Straffintvelt, wonende te Gouda, als erfgename van Cornelis Gerritsz van Dobbe, haar overleden zoon, machtigt bij notaris Leonard van Asperen te Haarlem ook de weesmeesters en Johan Crabeth. Andries Gerritsz van Dobbe en Aechje Cornelis waren diens grootouders. Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 1, aktenr. 204 (FS scan 347/374). | van Dijk, Pancras Everts (I838)
|
| 4262 | NH dopen Oudewater: 30-11-1642 Jan; o. Floor Ariensen in Wilschop NH dopen Montfoort: 13-06-1647 Jan; o. Floris Ariensz in Willes[kop] 16-01-1653 Lijsbet; o. Floris Arijensz 23-07-1656 Arijen; o. Floris Arijensz 01-12-1658 ...; o. Floris Adriaensz Bodegraver 05-12-1660 ...; o. Floris Bodegraver 15-11-1663 Jan; o. Floor den Bodegraver; Williscoop 29-08-1666 Marittjen; o. Floris Adriaensz in Williscoop --- Jan Jansz de Jonge en Aefken Gerritsdr hebben huwelijkse voorwaarden gepasseerd op 19-05-1645 voor notaris Johannes Bredius te Oudewater. Inmiddels zijn ze gescheiden van tafel en bed. Ze komen daar nu op terug met bemiddeling van Floris Adriaensz Bodegraven en Jan Gerritsz Hagens. Bron: RHCRL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1447, fol. 106, d.d. 30-07-1651 --- Rijck Cornelisz van den Caten, weduwnaar van Claertken Crijnen, toekomende bruidegom, geassisteerd door Cornelis Flooren, Jan Adriaensz Bodegraver, Flooris Adriaensz Bodegraver, Cornelis Adriaenssen Hollander en Cornelis Willemsen Loij, zijn neven, aan de ene, en Aelbertken Tonisz, weduwe van Cornelis Gerritsz Neelen, geassisteerd door Claes Cornelisz, Dirck Anthonisz Ruijwen, Adriaen Gerritsz de Lange, haar zoon en zwagers, toekomende bruid, aan de andere zijde. Huwelijkscontract. Bron: RHCRL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1447, fol. 140, d.d. 02-04-1657 --- Leendert Gerritsz Camerman, mondige zoon van Gerrit Willemsz Camerman, zijn overleden vader, tegenwoordig wonende te Benschop, geeft aan dat Floris Adriaensz Bodegraven, wonende te Willeskop, voor het gerecht van Montfoort een plechtbrief van 450 gulden abusievelijk is gepasseerd op naam van Leendert Willemsz Camerman. Het betreft Gerrit Willemsz Camerman, zijn oom. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beh.nr. O063), inv.nr. 1889, aktenr. 133, d.d. 29-05-1668 --- Willem Jansz Bodegraven, voor zichzelf, mitsgaders Hendrickgen Jans Bodegraven, mede voor haarzelf, geassisteerd door Floris Adriaensz Bodegraven en Jan Gerritsz den Outsten, haar ooms van vaders- en moederskant, als haar gekozen voogden, aan de ene, en Gerrit Jansz Bodegraven, mede voor zichzelf, allen wonende te Willeskop, kinderen en erfgenamen van Jan Adriaensz Bodegraven en Grietgen Gerrits, hun overleden ouders, aan de andere zijde. Uitkoop. Ze houden samen de 600 gulden die uitstaat bij voornoemde Floris Adriaensz en Cornelis Arien Gerritsz. Willem en Hendrickgen Jans delen onderling alle roerende goederen uit de boedel, waarbij ze Gerrit Jansz 550 gulden uitkeren. Getuige is Jan Gerrit Hagensz, mede oom van moederskant, wonende te Waarder. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beh.nr. O063), inv.nr. 1889, aktenr. 160, d.d. 04-10-1668 --- Jan Florissen Bodegraver, wonende in de Achtersloot onder IJsselstein, machtigt Johan Both, burgemeester van Montfoort, en Leendert van Outhuijsen, oud-schepen, raad en vroedschap van Montfoort, om in zijn naam voor het gerecht van Montfoort zich niet aansprakelijk te stellen voor een partij land van ca. 14 hond groot, gelegen te Willeskop onder Montfoort, strekkende aan de noordzijde van jonkvrouw Magdhalena de Paluda, weduwe van Johan van Mansvelt, tot ten zuiden over de Bloklandsedijk, belend ten oosten het Bagijnhof in Utrecht en ten westen de weduwe van Jacob Jansz. Het land is belast met 450 gulden toekomende de weeskinderen van Camerman in Hoenkoop en 250 gulden toekomende Arien en Lijsbeth Flooris, nagelaten kinderen van Floris den Bodegraver. Bron: RHCRL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1447, fol. 357, d.d. 21-03-1671 --- Naam: Floris Adriaensz Bodegrauw (Bodegraven) met Grietje Jans Woonplaats: Willeskop Hoedanigheid: huwelijkspartner, hypotheekgever Bron: RHCRL, Weeskamer Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 121, aktenr. 20, d.d. 25-09-1674 --- Arien Cornelissen Hollander, voor zichzelf en zich sterkmakende voor Trijntgien Ariensz Bodegraver, zijn moeder, Willem Janssen Bodegraver, voor zichzelf en zich sterkmakende voor Gerrit Janssen ende Henrickgien Jansz Bodegraver, kinderen van zijn broer en zus en erfgenamen van Jan Adriaenssen Bodegraver, voornoemde Arien Cornelissen Hollander en Willem Janssen Bodegraver zich samen ook sterkmakende voor Jan Flooren Bodegraver, nagelaten zoon en mede erfgenaam van Floor Ariensz Bodegraver, zijn overleden vader, allen samen mede erfgenamen van Neeltgien Ariens Bodegraver, overleden tante van de comparant, machtigen Cornelis Adriaenssen Bodegraver, hun oom en mede erfgenaam van Neeltgien Ariensz Bodegraver, om over te dragen aan Merten N. Baes timmerman, wonende te Reeuwijk, een erf en vervallen huis gelegen te Bodegraven, nagelaten door voornoemde Neeltgien Ariensz Bodegraver. Bron: RHCRL, ONA Montfoort (beheersnr. M023), inv.nr. 1448, fol. 55, d.d. 10-02-1675 | Bodegraver, Floris Adriaans (I337)
|
| 4263 | NH dopen Oudewater: 31-01-1610 Claes; o. Dirck Gijssen olijslager 24-12-1611 Claes; o. Dirck Gijssen olijslager 04-04-1614 Simon; o. Dirck Gijsbertsen olijslager 06-11-1616 Gijsbert en Claes; o. Dirck Gijsbertsz 19-06-1619 Cornelis; o. Dirck Gijsbertsen van Praet --- NH dopen Leiden: 13-10-1623 Laurens; o. Willebrordus Snellius; g. mr. Adriaen de Langhe, Dirick Gijsbrechtsz Praet en Janneken Simons --- Dirck Ghijsbertsz van Praet koopt uit zijn vijf onmondige kinderen, met namen Ghijsbert en jacob Dircx zonen, Cornelia, Eva en Maria Dircx dochters, van wie de moeder was Cathrijntgin Cornelisdr, zijn overleden huisvrouw, ten overstaan van Amel Henricxsz van Rijswijck, hun oom en geordonneerde voogd, geassisteerd door Jacob Willemsz van Swienen en Henrick Cornelisz van Bersingen, weesmeesters. De kinderen krijgen elk 450 gulden, 2.250 gulden in totaal, waarvan 1.500 gulden wordt gebruikt voor het afsluiten van een lijfrenten van 300 gulden voor elk van de kinderen. Van de rente zal Dirck Ghijsbertsz zijn vijf kinderen onderhouden tot ze mondig zijn. Dirck Ghijsbertsz is hertrouwd met Claertge Henricxdr. Als onderpand geldt een huis en erf met de oliemolen, gelegen aan de Korte Havenstraat in het Kapeller-vierendeel te Oudewater, belend ten noordoosten Wouter Adriaensz van der Hout en ten zuidwesten voor Adriaen Cornelisz van Praet en achter Nieuwstraat, strekkende van de straat tot de sloot; nog een e In de marge: Jacob Dircxsz van Praet, voor zichzelf, Willem Pietersz Trompert als man en voogd van Cornelia Dircxdr en Gibbo Theodori als man en voogd van Eva Dircxdr van Praet hebben van Dirck Ghijsbertsz van Praet, hun vader en schoonvader, alles ontvangen, d.d. 25-02-1628. Bron: RHCRL, WK Oudewater (beh.nr. O007), inv.nr. 2, fol. 11, d.d. 06-09-1606 (FS scan 318) --- HUA RA OW nr. 67 f 35-37 15 juni 1616 Testament van Amel Henricx. van Rijswijck. Hij legateert 400 car.gld. aan het weeshuis: de jaarlijkse rente gedurende het leven van Elisabeth Henricxdr, weduwe van Cornelis Claesz, aan haar uit te keren. Aan Ingen Isbrants, zoon van Catharina Jacobs, en aan Marrichge Jacobs, weduwe van Pieter Jacobs Coorn, ieder 6 gld. per jaar. Aan de kinderen van Dirck Gijsberts van Praet en Catharina Cornelisdr een boomgaard. De oudste dochter van dit echtpaar, Cornelia Dircxdr twee jaar lang de inkomsten uit al zijn goederen. Voorts benoemt hij tot universele erfgenamen zijn zuster Lijsbeth Henricxdr en bij haar overlijden haar kinderen, en de kindskinderen van zijn overleden zuster Claertgen Henricxdr, in twee gelijke porties. Bron: http://www.den-uijl.nl ontleed aan Het Utrechts Archief [Vermoedelijk RHCRL, Stadsgerecht Oudewater (beh.nr. O061), inv.nr. 197] --- Compareerde Andries Adrijaenszn coster, ende Aeltge Theunisdr sijne echte huysvrou, te samen woenende boven Haestrecht, testeren met een lijftocht voor de langstlevende. Getuigen: Dirck Gijsbertszn van Praet jegenwoordich schepen, ende Dirck Adrijaenszn van Bodegraven oudt schepen. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1877, fol. 80v, d.d. 24-04-1617 --- Naam: Dirck Ghijsbertsz van Praet Hoedanigheid: geldnemer Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beheersnr. M017), inv.nr. 115, aktenr. 23, d.d. 04-09-1622 --- Compareerden Jacob van Berckhout man ende voocht van Jannichge Willems van Meerlandt, mitsgaders Aeltge Willems van Meerlandt, tesamen nagelaten kynderen ende mede erfgenamen van Willem Roeloffsz van Meerlandt ende Hillichge Jaspersdr van der Heede beyde zal., machtigen Jacobus van den Kerchove dienaer des Godtlijcken Woorts te Polsbroeck als man ende voocht van Cornelia Willems van Meerlandt in dier qualite oock erfgename van haar ouders, om in eygendomme op te dragen harer comparanten gedeelten van thuys ende erve staende ende gelegen inde Leeuwerickstraet bij Cornelis Hendricxz Jonghkynt gekocht, Item vijff mergen lants gelegen aende Zuytsijde vande Langelinschoten gecoft bij Bouwen Jansz Rampensis, ende noch de werff t’Lage Mercktvelt gelegen buyten de Nieuwe Weerdepoort inde vrijdomme deser stede gecoft bij Dirck Ghijsbertsz van Praet out burgemeester. Getuigen: Jacob Jansz van Alburch timmerman ende Reijnier Glimmer clercq. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1883, aktenr. 7, d.d. 13-01-1633 --- Dirck Ghijsbertsz van Praet, tegenwoordige burgemeester van Oudewater, koopt uit zijn drie kinderen met namen Sijmon, Gijsbert en Claes, verwekt bij Maria Claes Cocqsdr, zijn overleden huisvrouw, ten overstaand van Joost Hendricxsz Fabrijck van Dordrecht, in naam van de oom van zijn huisvrouw, en Jacob Ghijsbertsz Schijff en Jacob Pleunensz, geordonneerde voogden van de kinderen, geassisteerd door Cornelis Adriaensz Stolwijck en Dirck Adriaensz van der Hout, weesmeesters. Eerst 8 morgen land gelegen te Papekop, belend ten noorden Leuloff Luijten en ten zuiden de weduwe en kinderen van Lambert Cornelisz, twee uiterdijken gelegen in Snelrewaard, samen ca. 8 hond groot, belend ten oosten Arien Ghijsbertsz Schijff en ten westen Jan Claesz Speijert, nog een uiterdijk gelegen aan de stadsgracht, belend ten noorden Bouwis Jansz Rampesis en ten zuiden de IJssel, strekkende tot de kinderen van Willem Roeloffsz van Meerlandt, nog een viertel land te Willeskop, belend ten oosten Aelbert Jansz Verweij en ten west In de marge: Mr. Sijmon van Praet, Gijsbert en Claes van Praet, mondige nagelaten kinderen van Dirck Ghijsbertsz van Praet en Maria Claes Cocqsdr hebben alles ontvangen uit de boedel van hun overleden vader, d.d. 15-12-1645. Bron: RHCRL, WK Oudewater (beh.nr. O007), inv.nr. 2, fol. 211v, d.d. 05-02-1633 (FS scan 540) --- Dirck Ghijsbertsz van Praet, wonende te Oudewater, verklaart dat dr. Ewaldus Schrevelius, professor in de medicijnen aan de Universiteit van Leiden, heeft gekocht van de voogden van de weeskinderen van Willeboordus Snellius, in zijn leven professor in de wiskunde aan de Universiteit van Leiden, een huis en erf, staande in de Koepoortstraat te Leiden, waar voornoemde professior Snellius is overleden. De comparant verklaart zich waarborg voor de verkopers, ter geruststelling van de koper. Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 466, d.d. 01-12-1633 (scan 302) --- Compareerden Jan Dircksz van Dam jegenwoordich schepen ende raet, welke op verzoek van Andries Cornelisz Coninck brouwer ende mede raet heeft geattesteert ende verclaert waerachtich te wesen dat hij attestant nu ontrent mey lestleden voor de electie van schepenen gehoort heeft, dat burgemeesteren Everdingen ende Tromper aen Jan Claesz Speijert zaliger oudt burgemeester, ende doen ter tijt outste schepen, versochten hem te willen transporteren ende te gaen bij den persoone van Andries Cornelisz Coninck voornoemt, die bij den gerechtsbode mede verdachvaert was om op de electie van schepenen opt stadthuys te compareren, ende aenden selven te versoecken hem doch gelieven soude daervan te supercederen, ende dat hij doch omme redenen niet boven ende wilde comen, ende attesteerde noch wijders dat hij attestant voor de reeckeninge van burgemeester Dirck van Praet, bij voorn. burgemeesteren was versocht geweest hem te willen transporteren bij den persoone van Andries Cornelisz Coninck, ende aenden selven te ve Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1878, aktenr. 34, d.d. 23-11-1636 --- Compareerden Dirck Ghijsbertsz van Praet jegenwoordich burgemeester, ende Mr. Hubert Cornelisz Peeckel oudtburgemeester der voorsz stede Oudewater, dewelcke verclaerden te machtigen Marinis Lambrechtsz haeren huyrman woonende op haer hoeve inde Polder vande Galente inde jurisdictie van Ooltgensplaet, omme te compareren in alle vergaderinge van de gemeene ingesetenen vande voorsz polders, ende aldaer te helpen resolveren ende bevorderen tgemeene beste van de selve polders, reeckeninge ende anders te hooren. Getuigen: Mr. Isack van Ingen ende Pieter Jongste burgers alhier. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1878, aktenr. 112, d.d. 31-03-1638 --- Compareerde Weijntgen Leendertsdr burgersse binnen Oudewater, te kennen gevende datse door onbequaemheyt van haeren persoon, omme haere goederen die haer bij testamente van Alidt Adriaensdr haer outmoeye sijn aenbestorven ende aengecomen, dewelcke oock restitutie subject sijn tot administrateurs van deselve goederen onwederroepelijck geconstitueert ende volmachticht gemaeckt heeft Dirck Gijsbertsz van Praet ende Dirck Dircksz haere neven omme alle deselve goederen tot haer meesten oorbaer opinteresse uyt te setten. Bij haar merk staat dat zij Weijntgen Leendertsdr van Roest heet. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1878, aktenr. 103, d.d. 07-05-1638 --- Compareerde Loeff Cornelisz schaepherder jegenwoordich met eenige schaepen sijn logement houdende tot Harmen Jansz in Snellerwaerde, dewelcke ons te kennen gaff, dat hij verscheyden maelen van Dirck Ghijsbertsz van Praet outburgemeester der voorsz stede, was versocht geweest omme met sijn schaepen te comen op seeckeren uyterdijck leggende in Snellerwaerde in Olifiersthiende die met boonen besaeyt is, om die te wijen, ende dat hij dienvolgende op den 30 mey lestleden aldaer comende ende vanden voorn. burgemeester met sijn schaepen daerop geholpen sijnde, eenigen tijt daernae aldaer voorbij is gecomen den dienaer vanden Drost Johan van Everdingen, de welcke hem aenspreeckende ende toeroepende seyde dat hij hem voor bekeurt hielt, ende dat elcke schaep tweeendeveertich stuyvers verbeurt hadde, waerop hij antwoordende seyde dat hijt gedaen hadde uyt het versoeck ende met consent van den eygenaer voornoempt, ende dat hem die selver daerop hadde geholpen, ende dat echter daerover denvoorn. dienaer sijne hon Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1879, aktenr. 12, d.d. 02-06-1641 --- Compareerden Bartholomeeus Stalla ende Anna Bastianus sijne echte huysvrouwe inwoonders der stadt Woerden, cloeck ende ghesont naer den lichame, verklaren alsnog te aggreeren te ratificeren ende te approberen het testament ende dispositie van uutersten wille twelcke sij voor mijn notaris ende Dirck Ghijsbertsz van Praet alsdoen burgemeester, ende Pieter Heijndricksz Cuijper burger op 25 juni 1634 des sonnendaehs smorgens ontrent de clocke negen uyren met malcanderen hebben gemaeckt. Willende ende begeerende dat het selve testament in alle sijne leden ende poincten volcomen effect sal sorteren, naergecomen ende achtervolcht sal werden. Wijders revoceren zij alle andere testamenten, codillen en dergelijke, voor of na genoemd testament gemaakt. Getuigen: Mr. Franchoys Knibbergen ende Jacob Karsz van Kamerick, inwoonders van Oudewater. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beheersnr. O063), inv.nr. 1879, aktenr. 14, d.d. 28-06-1641 --- "pag. 24. Dat Willem Dircksz ende Dirck Gijsbertsz van Praet, uye ende int voorsz. Stadthuys waren gaende ende comende, onbevreest en onbeschroomt, als wel wetende hoe zy luyde met de voorsz. Gemeynte waren staende. (...) verhaelt dat indien Dirck Gijsbertsz van Praet, ende Claes Iansz Rodenburgh, beyde hevighe Voorstanders vande zyde der oproerighe, hadden hare quade willen connen te wercke stellen, die zy met dreyghende woorden, ende opheffen van vuysten deden blijcken, het soude op 't Raedthuys niet ten besten hebben vergaen, de sommighe, die nae conscientie haer advijs zeyden." Bron: Clachte der Ghemeynte tot Oudewater, der ghener die houden by de oude Religie. 1618 [Clachte der Ghemeynte tot Oudewater is een boek wat door de contraremonstranten werd uitgegeven in de roerige tijd tijdens het twaalfjarige bestand. In 1616 was het onrustig in Oudewater, waarbij er een flinke confrontatie was tussen de remonstranten en contraremonstranten.] | van Praet, Dirk Gijsberts (I2610)
|
| 4264 | NH dopen Oudewater: 31-10-1657 Jacob; o. Arijen Teunijse wt Roosendael 14-03-1660 Merrichgen; o. Arien Teunissen in Roosendael 27-06-1663 Aeltgen; o. Arien Teunissen uijt Rosendael | Teunis, Arien (I3122)
|
| 4265 | NH dopen Oudshoorn: 02-06-1754 Jan; o. Jacob Woutersz van der Swan en Trijntje Jansd Bakenes; g. Willempje van den Bos 15-09-1755 Josijntje; o. Jacob Woutersz van der Swan en Trijntje Jans Bakenes; g. Josijntje van den Bos 16-01-1757 Ingetje; o. Jacob Woutersz van der Swan en Trijntje Jansd Bakenes; g. Ariejaantje Jacobsd de Groot 08-04-1759 Wouter; o. Jacob Woutersz van der Swan en Trijntje Bakenes; g. Marrigje Cornelisd Wassenaar 07-10-1764 Willemijntje; o. Jacob Woutersz van der Zwan en Trijntje Bakenes; g. Magtelt Bakenes 17-01-1768 Geertruij; o. Jacob Woutersz van der Zwan en Trijntje Jansd Bakenes; g. Magteld Jansd Bakenes 12-08-1770 Josina; o. Jacob Woutersz van der Zwan en Trijntje Bakenes; g. Lijsbeth van Ingen 02-10-1774 Trijntje; o. Jacob Woutersz van der Zwan en Trijntje Bakenes; g. Maartje Langendam --- 30-3-1759: Beschrijving: Mutueel testament van Jan van der Swan en Trijntje Janse Bakenes, echtelieden in de Ridderbuurt te Oudshoorn, gegoed beneden 2.000 gulden. Getuigen: Anthonij Boer en Jan van Jep. Bron: GAAR, ona Oudshoorn 37, d.d. 30-03-1759 30-12-1763: Jacob van der Swan, gehuwd met Trijntje Jans Bakenes, verkoopt aan Jacob van Ingen de helft in een huis en erf in de Sniep, strekkende van de Lage Rijndijk tot Cornelis van Offweegen, belend ten zuiden Gerbert Honskoop en ten noorden Ludolff Lahme.Koopsom 200 gulden. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 22, fol. 309. 29-5-1787: Jan van der Swan en Maarten Splinter, gehuwd met Ingetje van der Swan, samen ook als voogden over de nog 4 minderjarige kinderen van hun overleden moeder Trijntje Janse Bakenes, weduwe van Jacob van der Swan, dragen over, volgens de verkoopvoorwaarden d.d. 05-08-1783, aan Willem van Aken een huis en erf en tuin aan de noordzijde van de Ridderbuurt (50 roe), strekkende vanaf de Noordwetering tot Klaas Vlasman, belend ten oosten de baronesse van Wassenaar en ten westen voornoemde Vlasman. Jongste waarbrief d.d. 17-02-1759. Koopsom 185 gulden. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 26, fol. 142. 29-5-1787: Staat en inventaris van Trijntje Janse van der Swan-Bakenes, gewoond hebbend en op 14-07-1783 in de Ridderbuurt overleden, op aangeven van Jan van der Swan en Maarten Splinter (gehuwd met Ingetje van der Swan), meerderjarige kinderen van Trijntje. Zij bezat een huis, erf en tuin aan de Noordzijde van de Ridderbuurt strekkende uit de Noordwetering tot Klaas Vlasman, belend oost de Baronnesse Van Wassenaar, west Klaas Vlasman. Het was een eenvoudig huishouden. Getuigen: Leendert Kalkoven en Simon Boonefaas. Bron: GAAR, ona Oudshoorn 48. | van der Zwan, Jacob Wouters (I3635)
|
| 4266 | NH dopen Oudshoorn: 02-08-1716 Neeltje; o. Pieter Klaasze Lelieveldt en Jannitje van Leeuwen; g. Gerbergje Joosten Koorn 30-10-1718 Klaas; o. Pieter Klaasze Lelieveldt en Aaltje Jacobs Houweling; g. Marrigje Corns van der Togt 07-01-1720 Jacob; o. Pieter Klaasze Lelieveld en Aaltje Jacobs Houweling; g. Neeltje Jans Dwaling NH dopen Woubrugge: 08-02-1728 Claasje; o. Pieter Clase Lelijveld en Aaltje Jacobs Houweling; g. Maartje Clase Lelijveld --- Klaes Dircxsz Lelijvelt, weduwnaar van Marritje Dircxsz, ter eenre en Sijmon Jacobsz de Wilde, getrouwd met Marrit Klaesz Lelijvelt, voor zichzelf en Dirck Huijgen als grootvader en voogd over Dirck Claesz, oud 20 jaar en Pieter Claesz Lelijvelt, oud 18 jaar, kinderen van eerstgenoemd echtpaar, ter andere zijde. Regeling van de uitkoop der moederlijke goederen. Klaes Dircxsz Lelijvelt behoudt alle roerende en onroerende goederen met de daaraan verbonden lasten. Sijmon Jacobsz de Wilde ontvangt 350 gulden. De zoons genieten onderhoud en opvoeding tot hun 25ste jaar, ontvangen dan een uitzet en 350 gulden ieder. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 11, p. 137, d.d. 29-09-1700 --- Balten Cornelisz Rock, getrouwd met Annetje Dircxsdr, Klaes Dircxsz Lelijvelt, getrouwd geweest met Marritje Dircxsdr, Dirck Claesz Lelijvelt, Pieter Claesz Lelijvelt, Sijmon Jacobsz de Wilde, getrouwd met Marritje Claesdr Lelijvelt, kinderen KlaesDircxsz Lelijvelt en Marritje Dircxsdr, Huijch Dircxsz, Annetje Dircxsdr, weduwe van Bouwen Ariensz van Vliet, Pieter Dircxsz, Jan Claesz van der IJeel, getrouwd met Ariaentje Dircxsdr, Roel Dircxsz, allen voor zichzelf, noch Huijch Claesz en Jacob Claesz Weselenburgh als voogden over Jan Hendricxsz Boomhouwer, minderjarig kind van Stijntje Dircxsdr, allen kinderen en kindskinderen van Dirck Huijgen en Grietje Roelen, beiden overleden, verkopen aan Dirck Jansz van der Wilck een huis, erf met twee schuren en 1 morgen 250 roeden land in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Cornelisz van Amerongen, ten zuiden de Oudshoornse dijk, ten westen Jan Willemsz Uijttenbos en ten noorden Willem Jansz Cappiteijn. Koopsom 1.900 gulden. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 12, p. 162 t/m 171, d.d. 15-05-1710 --- Pieter Klaasz Lelijvelt, weduwnaar van Jannitje Tijs van Leeuwen, wonende in de Gnephoek bij Woubrugge en Arij Tijsz van Leeuwen als oom en voogd over de kinderen Marritje, oud 9 jaar, Tijs, oud 8 jaar en Grietje, oud 5 jaar). Regeling van de moederlijke erfenis. Pieter Klaasz Lelijvelt behoudt alle roerende en onroerende goederen, hij belooft zijn kinderen op te voeden en te onderhouden tot de leeftijd van 25 jaar en dan aan ieder van hen een zilveren ducaton uit te keren. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 143v, d.d. 23-08-1717 | Lelieveld, Pieter Claas (I2170)
|
| 4267 | NH dopen Oudshoorn: 05-03-1684 Neeltje; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Trijntje Dircks 30-09-1685 Sijmen; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Neeltje Pieters 19-10-1687 Maertje; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Maertje Willems 02-12-1691 Dirck; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Maertje Dircks 04-04-1694 Maria; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Maritje Pieters 15-05-1695 Cornelis; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Ariaentje Dircks 10-08-1698 Jan; o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Maritje Pieters 13-09-1699 Maritje; o. Pieter Dircksz en Claesje Sijmens; g. Maritje Pieters 22-05-1701 Jacob;o. Pieter Dircksz en Lijsbet Sijmens; g. Geertje Jacobs --- Meijnsgen Dircksdr, weduwe van Sijmon Jansz Capeteijn, geassisteerd met haar vader Dirck Willemsz Lelievelt, als moeder en voogdes over Lijsbet Sijmonsdr, oud 4 jaar, ter eenre en Jan Jacobsz Capeteijn als grootvader en medevoogd ter andere zijde. Regeling der deling der erfgoederen. Meijnsgen Dircksdr, de weduwe, behoudt al het bezit, als mede de in- en uitschulden en lasten en is gehouden haar dochtertje te onderhouden en op te voeden tot aan haar 20ste jaar of eerder bij haar dochters huwelijk. Het kind ontvangt dan 25 gulden, als uitzet een "zwart kleed en een huijck". Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 7, p. 46, d.d. 30-10-1664 --- Nicolaes van Schellingerhout, schout van Oudshoorn met procuratie van Maria van Outshoorn, douarière van Reede tot Nederhorst, ambachtsvrouwe van Oudshoorn, Gnephoek etc., verkoopt aan Pieter Dirck Huijgen 1½ morgen land in de Heuvelpolder onder Oudshoorn, strekkende van Crijn Jacobsz Veenman tot in de Heuvelwetering, belend ten oosten baljuw Capoen en ten westen Jacob Claesz Admirael. Koopsom 400 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 11, p. 24v, d.d. 23-11-1696 --- Pieter Dirck Huijgen, wonende in de Ridderbuurt, verkoopt aan Crijn Jacobsz Veenman, wonende nabij Woubrugge, 1½ morgen land in de Heuvelpolder onder Oudshoorn, strekkende van Pieter Pietersz Vermeer tot in de Heuvelwetering, belend ten oosten de weduwe van Johan Capoen en ten westen Pieter Pietersz Vermeer. Koopsom 606 gulden 6 stuivers. Schuldbrief geroijeerd 18-12-1702. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 11, p. 143v, d.d. 17-12-1700 --- Barber Klaes Weselenburgh, weduwe van Jacob Jansz Cappiteijn, voor een helft en Klaes Jacobsz Cappiteijn en Marritje Jacobs Cappiteijn, weduwe van Arij Maertensz van der Vlugh, kinderen van Jacob Jansz voornoemd, voor de andere helft, verkopen aan Pieter Dircxsz van Heijningen 2 morgen land in de Grote polder, belend ten oosten Jan Willemsz Vermij, ten zuiden de Oudshoornse dijk, ten westen Klaes Jansz Cappiteijn en ten noorden de verkopers. Koopsom 3.650 gulden. Schuldbrief geroijeerd 22-04-1719. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 12, p. 220v, d.d. 09-05-1712 --- Neeltje Ariensdr Samson, weduwe van Hendrick Dircxsz van Poolen, wonende te Korteraar, geassisteerd met haar zoon Arij van Poolen, verkoopt aan Pieter Dircxsz van Heijningen 1 morgen 33 roeden veenland of water in de Grote polder, belend tenoosten Hendrick Egbertsz van der Does en Maerten Cornelisz Dobbe, ten zuiden Willem Mighielsz en Jan Centen, ten westen Dirck Sijmonsz Reijnsburger c.s. en ten noorden Klaes Pietersz Reijnsburger. Koopsom 260 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 12, p. 229, d.d. 21-10-1712 --- Pieter Dircxsz van Heijningen, wonend in de Ridderbuurt van Oudshoorn, is schuldig aan zijn broer Roel Dircxsz 600 gulden. Gesteld onderpand: 1 morgen 575 roeden land in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Claesz de Haen, ten zuiden het land van de kerk van Oudshoorn, ten westen de erfgenamen van juffrouw Waijmans en ten noorden Gijsbert Dircxsz van Wieringen; nog 1 morgen 3 hond land, liggende als voren, belend ten oosten Dirck Ariensz van der Horst, ten zuiden de verkoper en Dirck Sijmonsz Reijnsburger, ten westen het land van de kerk van Oudshoorn en ten noorden Cornelis Claesz de Haen; nog 1 morgen land, liggende als voren, belend ten oosten Dirck Sijmonsz Reijnsburger, ten zuiden de erfgenamen van juffrouw Waijmans, ten westen het land van de kerk van Oudshoorn en ten noorden de verkoper. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 12, p. 234v, d.d. 14-03-1713 --- Jan Jacobsz Cappiteijn verkoopt aan Klaas Jansz Ram 1 morgen veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten Willem Jansz Vermij, ten westen en noorden Klaas Jansz Cappiteijn en ten zuiden de weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen. Koopsom975 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 108, d.d. 04-05-1717 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, wonende in de Ridderbuurt, is schuldig aan Hendrik Ariensz Elshout, wonende in het westeinde van Hazerswoude, een bedrag van 600 gulden tegen 4%. Gesteld onderpand: 1 morgen 5 hond 75 roeden land in Grote polder, belend ten oosten Cornelis Klaasz den Haan, ten zuiden het land van de Oudshoornse kerk, ten westen Cornelis van Oosten en Josina Spruijt en ten noorden Gijsbert Dirksz van Wieringen; nog 1 morgen 3 hond landliggend als voren, belend ten oosten Dirk Ariensz van der Horst, ten zuiden zijzelf en Dirk Sijmonsz Reijnsburger,ten westen het voornoemde land van de Oudshoornse kerk en ten noorden Cornelis Klaasz den Haan; nog 1 morgen land liggend als voren, belend ten oosten Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten zuiden Cornelis van Oosten en Josina Spruijt, ten westen voorgenoemde land van de kerk van Oudshoorn en ten noorden zijzelf. Borg is Simon Pietersz van Heijningen, wonende in de Ridderbuurt. Geroijeerd 06-05-1722. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 236, d.d. 02-02-1720 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, verkoopt aan Jan Ariensz van den Bos 1 morgen veenland of water in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornsedijk tot aan Dirk Jansz Lelijvelt, belend ten westen de koper en ten oosten Willem Sijmonsz Buerman c.s. Koopsom 1.275 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 42v, d.d. 04-05-1722 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, verkoopt aan Dirk Jansz Lelijvelt 1 morgen veenland of water in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornsedijk tot aan de koper, belend ten oosten Willem Willemsz Lelijvelt enten westen Klaas Jansz Cappiteijn. Koopsom 1.275 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 43v, d.d. 04-05-1722 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, geassisteerd door haar zoon Dirk Pietersz van Heijningen, is schuldig aan Gerard Backer, medisch doctor te Aarlanderveen, een bedrag van 200 gulden tegen 4% rente. Gesteld onderpand: 1 morgen 575 roeden land in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Klaasz den Haan, ten zuiden land van de kerk van Oudshoorn, ten westen Cornelis Hendriksz Turkenburgh en ten noorden Gijsbert Dirksz van Wieringen; nog 1 morgen 3 hond land, liggend alsvoren, belend ten oosten Dirk Ariensz van der Horst, ten zuiden voornoemde Van der Horst en de weduwe van Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten westen land van de kerk van Oudshoorn en ten noorden Cornelis Klaasz den Haan; nog 1 morgen land,liggend alsvoren, belend ten oosten de weduwe van Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten zuiden Cornelis Hendriksz Turkenburgh, ten westen land van de kerk van Oudshoorn en ten noorden de comparante zelf. Geroijeerd 30-04-1727. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 163, d.d. 25-08-1724 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, verkoopt aan Cornelis Sijmonsz van Tol 1 morgen 575 roedenland in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Klaasz den Haan, ten zuiden de kerk van Oudshoorn, ten westen het padvan de erven juffrouw Waijmans en ten noorden Gijsbert Dirksz van Wieringen. Koopsom 1.000 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 302, d.d. 30-04-1727 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen verkoopt aan Willem Willemsz van Tol 1 morgen 3 hond land in de Grote polder, belend ten oosten Arij Dirksz van der Horst, ten zuiden de koper en de weduwe van Dirk SijmonszReijnsburger, ten westen de kerk van Oudshoorn en ten noorden Cornelis Klaasz den Haan. Koopsom 450 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 303, d.d. 30-04-1727 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen verkoopt aan Willem Willemsz van Tol 1 morgen land in de Grote polder, belend ten oosten de weduwe van Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten zuiden Cornelis Hendriksz Turkenburgh,ten westen de kerk van Oudshoorn en ten noorden de koper. Koopsom 190 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 304, d.d. 30-04-1727 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, verkoopt aan Cornelis Pietersz van Heijningen en Cornelis Dirksz Reijnsburger land en water in de Grote polder, te weten 150 roeden, belend ten oosten Willem Sijmonsz Buurman, tenzuiden Willem Sijmonsz Coleijn, ten westen voornoemde Coleijn en Pieter Leendertsz Draij en ten noorden Meijndert van Adrichem, de verkoper had dit verkregen van Annetje Sijmons, de weduwe van Jan Jacobsz Cappiteijn op 12-06-1692; nog 1 morgen 30 roeden, belend ten oosten Martinus Eggebeen en de verkoopster, ten zuiden Huijg Dirksz Lelijvelt c.s., ten westen de weduwe van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en ten noorden Jan Centen Palesteijn, de verkoper had dit land verkregen van Neeltje AriensdrSamson, weduwe van Hendrik Dirksz van Poolen op 21-10-1712. Koopsom 42 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 16, p. 63v, d.d. 01-06-1736 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, verkoopt aan Koert Hendriksz Oling een huis en erf in de Ridderbuurt in de Grote polder binnen de geoctroijeerde bedijking, te verongelden voor een huis en 150 roeden, strekkende uit de Noordwetering tot aan de schout van Oudshoorn, belend ten oosten Leendert Joosten Spruijt c.s. en ten westen Simon Pietersz van Heijningen. Lijsbet mag haar leven lang blijven wonen in het voorste deel van het huis voor 15 gulden per jaar. Jongste opdrachtbrief d.d. 27-02-1703. Koopsom 400 gulden, waarvan 66 gulden 13 stuivers 5 penningen contant en de rest met een schuldbrief. Bijbehorende akte (26-11-1736): Bovengenoemde schuldbrief. In de marge staat dat Oling op 07-05-1737 het huis had doorverkocht aan Egbert Klaasz van Pijlen en Willem Klaasz Admiraal, zodat hij van de custingbrief is ontslagen, d.d. 24-09-1737. De custingbrief is geroijeeerd d.d. 10-05-1741. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 16, p. 162v, d.d. 26-11-1736 | van Heiningen, Pieter Dirks (I1330)
|
| 4268 | NH dopen Oudshoorn: 05-03-1747 Aplonia; o. Pieter Sijmonze van Heijningen en Kornelia Klaasz Weselenburg; g. Aplonia Jacobz Ram (begr. 12-10-1753 Aarlanderveen) NH dopen Alphen: 06-04-1749 Magteltje; o. Pieter Sijmens v. Heiningen en Jannetje Jans Houthof; g. Neeltje Dirks v. Heijningen 25-02-1750 Lijsbeth; o. Pieter v. Heiningen en Jannitje Jans Houthof; g. Marijtje v. Heiningen (begr. 15-06-1750 Aarlanderveen) 07-02-1751 Lijsbeth; o. Pieter v. Heiningen en Jannigje Jans Houthof; g. Marijtje Sijmens van Heiningen 03-02-1754 Apleunia; o. Pieter v. Heiningen en Jannitje Houthof; g. Marijtje v. Heiningen (begr. 17-03-1755 Aarlanderveen) 30-10-1757 Pleuntje; o. Pieter van Heijningen en Jannetje Houthof; g. Marijtje van Heijningen | van Heiningen, Pieter Simons (I1328)
|
| 4269 | NH dopen Oudshoorn: 06-05-1668 Apolonia; o. Willem Willemsz en Maritjen Cornelis; g. Lijsbet Willems 15-11-1669 Annetje; o. Willem Willemsz en Maritje Cornelis; g. Leuntje Willems 14-06-1671 Willem; o. Willem Willemsz en Maritje Cornelis; g. Maritje Willems 24-07-1672 Jan en Neeltje; o. Willem Willemsz en Maritje Cornelis; g. Maritje Dircx en Maritje Jans 02-12-1674 Neeltje; o. Willem Willemsz en Maritje Cornelis; g. Maritje Jans 06-05-1677 Dirck; o. Willem Willemsz en Maritje Cornelis; g. Lijsbet Cornelis NH dopen Alphen: 20-04-1685 Maritje; o. Willem Willemz en Trijntje Sijmons uijt Outshoorn; g. Maritje Volkers NH dopen Oudshoorn: 02-02-1687 Jesijntje; o. Willem Willemsz en Trijntje Sijmens 11-07-1688 Lijsbet; o. Willem Willemsz en Trijntje Sijmens; g. Ingetje Leenderts 19-03-1690 Willemtje; o. Willem Willemsz van den Bos en Trijntje Sijmens; g. Annetje Willems --- 24-7-1685: Willem Stouthandel (zie vorige akte) verkoopt aan Willem Willemsz van den Bos twee teeltuinen in de Grote polder, samen groot 2 hond, belend ten oosten Sijmen Willemsz Colen, ten zuiden Willem Pietersz Reijnsburger, ten westen Pieter Cornelisz Baes en ten noorden Claes Dircxsz Reijnsburger. Koopsom 70 gulden. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 9, fol. 212. 29-4-1686: Willem Willemsz van den Bos verkoopt aan Cornelis Willemsz Lelijvelt twee teeltuinen in de Grote polder, samen groot 2 hond, belend ten oosten Sijmen Willemsz Colen, ten zuiden Willem Pietersz Reijnsburger, ten westen Pieter Cornelisz Baes en ten noorden Claes Dircxsz Reijnsburger. Koopsom 80 gulden. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 9, fol. 230. 24-4-1687: Nicolaes van Schellingerhout, schout en Jan Sijmensz Vermij, ambachtsbewaarder van Oudshoorn, verkopen aan Arij Willemsz van der Bos, wonend in de Ridderbuurt, 1 morgen 150 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten de weduwe van Jan Jacobs, ten westen Adrianus Lammersom, ten zuiden Dirck Dircxsz Lelijvelt en ten noorden de Duikerwetering. Koopsom 166 gulden. Borgen: Jan en Willem Willemsz van den Bos. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 10, fol. 9. | van den Bos, Willem Willems (I405)
|
| 4270 | NH dopen Oudshoorn: 06-10-1674 Jannetje; o. Dirck Jansz Capteijn en Maritje Leenders; g. Aeltge Leenders 01-03-1676 Annetje; o. Dirck Jansz en Maritje Leenders; g. Gerrit Sijmens 19-04-1677 Sijmen; o. Dirck Jansz en Maritje Leenders; g. Meijnsje Dircks 27-03-1678 Jacob; o. Dirck Jansz en Maritje Leenders; g. Grietje Willems 08-10-1679 Maertje; o. Dirck Jansz en Maertje Leenders; g. Soetje Willems 02-02-1681 Maertje; o. Dirck Jansz en Maritje Leenders; g. Aeltje Leenders 14-03-1683 Lijsbet; o. Dirck Jansz Capteijn en Maritge Leenders; g. Annetje Jans; ged. tot Langeraer 02-07-1684 Lijsbet; o. Dirck Jansz Capteijn en Maritje Leenders; g. Annetje Jans 10-06-1685 Jan; o. Dirck Jansz en Maritje Leenders; g. Ingetje Leenders --- Dirck Dircxsz Outshoorn, getrouwd met Jannitje Dircxsdr Cappiteijn, Annetje Dircxsdr Cappiteijn, weduwe van Jan Dircxsz Outshoorn en Klaes Cornelisz Boon, getrouwd met Lijsbet Dircxsdr Cappiteijn, allen kinderen van Dirck Jansz Cappiteijn, verkopenaan de broers Pieter, Gerrit en Dirck Claesz Reijnsburger 2 morgen 5 hond land in de Grote polder, strekkende uit de Oudshoornse wetering tot Willem Michielsz en de erfgenamen van juffrouw Waijmans, belend ten westen Willem Jansz Vermij. Koopsom 2.309 gulden 9 stuivers. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 12, p. 132, d.d. 09-05-1709 | Kapitein, Dirk Jans (I1829)
|
| 4271 | NH dopen Oudshoorn: 09-07-1673 Dirck; o. Claes Dirckszen Lelievelt en Maritje Dircx; g. Annetje Dircx 05-06-1675 Dirck; o. Klaes Dircksz Lelievelt en Maritje Dircx; g. Annetje Dircx 01-01-1679 Maertje; o. Claes Dirckszen Lelievelt en Maertje Dircx; g. Annetje Dircx 23-02-1681 Dirck; o. Claes Dirckszen Lelievelt en Maria Dircx; g. Lijsbeth Sijmens --- Machtelt Claes, weduwe van Cornelis Huijgen, geassisteerd met Jan Jacobsz Cappiteijn, Jan Cornelisz, Willem Cornelisz, Dirck Dircxsz Lelijvelt, getrouwd met Fijtgen Cornelis en Sijmon Huijgen en Jacob Cors als ooms en voogden over Huijch en AnnetgeCornelis, minderjarige kinderen van voornoemd echtpaar, verkopen aan Claes Dircxsz Lelijvelt 5 hond veenland of water met schuur in de Grote polder van Oudshoorn, strekkende van van de kinderen van Jan Jansz Vermij tot Jan Jacobsz Cappiteijn, belend ten oosten Claes Jansz Outshoorn c.s. en ten westen de kinderen van Willem Claesz Koolen. Koopsom 20 gulden 4 stuivers. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 8, p. 6, d.d. 04-05-1671 --- Claes Dircxsz Lelijvelt, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, is schuldig aan Nicolaes van Schellingerhout, schout van Oudshoorn, 300 gulden. Gesteld onderpand: een huis en erf en 1 morgen 3 hond weiland in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornse dwarsdijk tot aan het veenland van Lelijvelt voornoemd, belend ten westen Dirck Dircxsz Lelijvelt en ten oosten Jan Willemsz Maes. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 8, p. 215v, d.d. 08-05-1678 --- Klaes Dircxsz Lelijvelt, weduwnaar van Marritje Dircxsz, ter eenre en Sijmon Jacobsz de Wilde, getrouwd met Marrit Klaesz Lelijvelt, voor zichzelf en Dirck Huijgen als grootvader en voogd over Dirck Claesz, oud 20 jaar en Pieter Claesz Lelijvelt, oud 18 jaar, kinderen van eerstgenoemd echtpaar, ter andere zijde. Regeling van de uitkoop der moederlijke goederen. Klaes Dircxsz Lelijvelt behoudt alle roerende en onroerende goederen met de daaraan verbonden lasten. Sijmon Jacobsz de Wilde ontvangt 350 gulden. De zoons genieten onderhoud en opvoeding tot hun 25ste jaar, ontvangen dan een uitzet en 350 gulden ieder. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 11, p. 137, d.d. 29-09-1700 --- Balten Cornelisz Rock, getrouwd met Annetje Dircxsdr, Klaes Dircxsz Lelijvelt, getrouwd geweest met Marritje Dircxsdr, Dirck Claesz Lelijvelt, Pieter Claesz Lelijvelt, Sijmon Jacobsz de Wilde, getrouwd met Marritje Claesdr Lelijvelt, kinderen KlaesDircxsz Lelijvelt en Marritje Dircxsdr, Huijch Dircxsz, Annetje Dircxsdr, weduwe van Bouwen Ariensz van Vliet, Pieter Dircxsz, Jan Claesz van der IJeel, getrouwd met Ariaentje Dircxsdr, Roel Dircxsz, allen voor zichzelf, noch Huijch Claesz en Jacob Claesz Weselenburgh als voogden over Jan Hendricxsz Boomhouwer, minderjarig kind van Stijntje Dircxsdr, allen kinderen en kindskinderen van Dirck Huijgen en Grietje Roelen, beiden overleden, verkopen aan Dirck Jansz van der Wilck een huis, erf met twee schuren en 1 morgen 250 roeden land in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Cornelisz van Amerongen, ten zuiden de Oudshoornse dijk, ten westen Jan Willemsz Uijttenbos en ten noorden Willem Jansz Cappiteijn. Koopsom 1.900 gulden. Bron: GAAR, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 12, p. 162 t/m 171, d.d. 15-05-1710 | Lelieveld, Claas Dirks (I2171)
|
| 4272 | NH dopen Oudshoorn: 21-05-1679 Hendrick; o. Dirck Hendricksz Bakenes en Machteltje Jans Heemskerck; g. Trijntje Hendricks Heemskerck NH dopen Alphen: 31-05-1682 Nelletje; o. Dirck Hendrickse Bakenes en Magteltje Jans Heemsk.; g. Trijntje H. Bakenes 11-07-1683 Nelletje; o. Dirk Henderikz Bakenes en Machtelt Jans Heemskerk; g. Claes Janz Heemskerk en Trijntje Henderiks Bakenes 30-07-1684 Henderik; o. Dirk Henderikze Bakenes en Magtelt Jans Heemskerk; g. Neeltje Henderiks 28-04-1686 Hendrick; o. Dirck Henderickz Bakenes en Maghtelt Jans; g. Trijntje Hendericks 27-04-1687 Johannes; o. Dirck Henderickz Bakenes en Maghteltje Jans Heemskerck; g. Claes Janz en Aaltje Claas 30-03-1689 Nelletje; o. Dirck Henderickz Bakenes en Machtelt Jans Heemskerck; g. Neeltje Hendericks Bakenes en Nelletje Jacobs van der Heijde 09-12-1691 Jan; o. Dirck Hendrickz Bakenes en Machtelt Jans Heemskerck; g. Aarjaentje Heemskerck en Claes Janz Heemskerck --- Nr. 208 Dirck Bakenes schipper, 2 personen. Bron: Aarlanderveen - Kohier van het gemaal 1680 --- 12-6-1687: Dirck Bakenes verhuurt aan Fechter Jacosbz Berkhout, beiden wonende aan de Lage Rijndijk onder Aarlanderveen, ruim 2 hond weiland in de Kortstekerpolder, achter de boomgaard van het huis aan de Lage Rijndijk, naast Jacob Gijsbertsz Cops boomgaard tot naast Arij Janse Swanenbeecks boomgaard, belend ten oosten de verhuurder, strekkende van Annetge Cornelis tot Asseunis Heerman en Jan Dirckse van Diemen, voor 10 jaar en 12 gulden per jaar. Bron: GAAR, ona Oudshoorn 9, fol. 82 (FS scan 91/406). 17-12-1700: Willem Florisz Outshoorn, die getrouwd was met Geertje Cornelisdr, die eerder getrouwd was met Gijsbert Claesz Akersloot, verkoopt aan Dirck Hendricksz Bakenes een huis en erf aan de Lage Zijde van Aarlanderveen, strekkend uit de Rijn tot het middenschot van het huis van Dirck Jacobsz Outshoorn, belend ten zuiden de Bruggesteeg en ten noorden Wouter de Boomaker; nog een boomgaard, gelegen als het vorige, strekkend van Mouringh Pietersz Heerman tot aan Veghter Jacobsz, belend ten zuiden Pieter Pietersz van Staveren en ten noorden Dirck Jacobsz Outshoorn. Laatste overdrachtsbrieven van 26-9-1624 en 12-2-1648. Koopsom 1.030 gulden. Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 4, fol. 64v. 24-1-1710: Machteltje Jansdr Heemskerck, weduwe van Dirck Hendricsz Bakenes en Dirck Jansz Heemskerck als oom en voogd over de minderjarige kinderen van genoemd echtpaar, genaamd Hendrick en Jan Dircsz Bakenes, verkopen aan Mouringh Pietersz Heerman een boomgaard te Aarlanderveen Lage Zijde, belend ten oosten en zuiden Pieter Pietersz van Staveren, ten westen de koper en ten noorden Dirck Jacobsz Outshoorn. Koopsom 250 gulden. Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 5, fol. 212v. 23-7-1710: Machteltje Jansdr Heemskerk, weduwe van Dirck Hendricsz Bakenes te Aarlanderveen Lage Zijde met Dirck Jansz Heemskerk als broer en voogd, nog deze Dirck Jansz als oom en voogd over Hendrick Dircksz Bakenes en Jan Dircksz Bakenes, minderjarige kinderen van voornoemde echtpaar, is schuldig aan Mouringh Pietersz Heerman, mede wonend aldaar, een bedrag van 500 gulden. Gesteld onderpand: en huis en erf te Aarlanderveen Lage Zijde, strekkend uit de Rijn tot het middenschot van het huis van Dirck Jacobsz Outshoorn, belend ten zuiden de Bruggesteeg en ten noorden de weduwe van Wouter van Hoorn. Nog een perceel land aldaar, achter de huizen in de Kortsteekterpolder, verongeld voor 387 roeden, strekkend van Pieter Pietersz van Staveren totadvocaat Reijnier Overvoorde. Nog een perceel land, gelegen over de Nieuwe vaart in de Kortsteekterpolder, verongeld voor 1 morgen 182 1/2 roeden, belend ten oosten Willem en Maerten Gijsz Cop, ten zuiden het Jaagpad, ten westen Pieter Poulisz de Jager en ten noorde Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 5, fol. 238v. 9-2-1714: Magtelt Jansdr Heemskerck, weduwe van Dirk Hendricksz Bakenes, voor zichzelf en als moeder en voogdes over haar minderjarige kind met Evert Krijnen Bekenes als haar voogd en als voogd over haar kind, volgens akte van 5-2-1714 voor notaris Adriaan Rosenboom te Alphen, mede Hendrick Dirksz Bakenes, meerderjarige zoon van voornoemde echtpaar, verkopen aan Dirk Willemsz van Leeuwen een perceel land in de Kortsteekterpolder over de Nieuwe vaart binnen Aarlanderveen, verongeld voor 1 morgen 1 hond 82 1/2 roeden, belend ten oosten Maarten Gijsz Cop en de weduwe van Willem Gijsz Kop, ten zuiden het Jaagpad, ten westen Pieter Poulusz de Jager en ten noorden de Hoofdsloot. Koopsom 430 gulden. Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 6, fol. 98v. 1-5-1716: Hendrick Dirkz Bakenes voor zichzelf en Evert Krijnen Bekenes als voogd over Jan Dirkz Bakenes, kinderen van Dirck Hendrickz Bakenes en Magtelt Jansdr Heemskerk, verkopen aan Gerrit Pietersz Vaandrager een perceel land in de Kortsteekterpolder onder Aarlanderveen, verongeld voor 1 morgen 12 roeden, belend ten oosten Reijnier Rosenboom, ten westen de erven van Pieter Pietersz van Staveren, ten zuiden Pieter Gijsbertsz van Leeuwen en ten noorden de weduwe van Daniel van Overvoorde. Laatste overdrachtsbrief van 27-6-1684. Koopsom 576 gulden 6 stuivers. Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 6, fol. 161v. | Bakenes, Dirk Hendriks (I193)
|
| 4273 | NH dopen Oudshoorn: 23-04-1702 Leijbet; o. Hendrick Ingenaersz Vrijenoock en Trijntjen Abrahams Verbruggen; g. Machteltje Ingenaersz Vrijenoock NH dopen Woubrugge: 10-04-1712 Willem; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Pietertje Willems Bon; g. Maartje Willems Bon 05-07-1716 Crijn; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes 10-10-1717 Crijn; o. Hendrik Ingenaars Vrijenooke en Aagje Crijnen Verdoes; g. Trijntje Crijnen van der Does 16-10-1718 Neeltje; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes; g. Trijntje Crijnen Verdoes 04-11-1720 Magteldje; o. Hendrik Ingenaars Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes; g. Marijtje Ingenaars Vrijenook 19-04-1722 Ingenaar; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes; g. Lijsbeth Ingenaarse Vrijenook 10-12-1724 Neeltje; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijne Verdoes; g. Trijntje Crijne Verdoes --- Vooral in het jaar 1743 noemt het rechterlijk archief een aantal werknemers in de veenderij: Arij Cornelisz van Tol, alias Hoorns Arij; Arij Arijsz van Tol, alias Banjer; Pieter Rijnsburger, alias Pieter Hals en Jacob Akerboom, alias Spinders Jacob, die onderbaas bij Hendrik Vrijenook [zijn schoonvader] was." Bron: Riet, A.J.J. (2005). Meeten, boren en besien: Turfwinning in de buitenrijnse ambachten van het Hoogheemraadschap van Rijnland 1680-1800 [Proefschrift]. Hilversum: Uitgeverij Verloren. --- Hendrick Ingenaersz Vrijenoock, weduwnaar van Trijntie Abrahams van der Brugge, wonende te Woubrugge, aan de ene, en Willem Maertensz Slootwegh, wonende te Zegwaart, als oudoom en naaste bloedvoogd van moederskant van de twee nagelaten weeskinderen van voornoemde Trijntie Abrahams, verwekt bij voornoemde comparant, aan de andere zijde, met goedkeuring van de schout en weesmannen van Woubrugge, zijn akkoord over de moederlijke erfenis van de weeskinderen. De boedelhouder houdt alle goederen die hij en zijn huisvrouwe gemeen hebben bezeten, inclusief lasten en schulden. Hij zal de twee kinderen, met namen Lijsbet, ca. 6 jaar, en Trijntie, ca. 3,5 jaar oud, opvoeden en onderhouden tot hun mondigheid of huwelijk. Lijsbet krijgt dan een zilveren hoofdijzer met gouden "toocken" en twee zilveren ducatons. Trijntie krijgt een bloedkoralen ketting met een goud "schilpie", mitsgaders een "testamentie met silvere slooten en beslagh" met twee zilveren ducatons. Bron: SA Zoetermeer, ONA Zegwaart en Zoetermeer (toegangsnr. 018), inv.nr. 13, aktenr. 504, d.d. 09-05-1708 --- Inventaris van de roerende en onroerende goereden die Willem Maertensz Slootwegh, gewoond hebbende bij de Elleboogse molen in Zegwaart, in zijn leven heeft bezeten en door zijn overlijden op 16 november dit jaar heeft nagelaten. Ondertekend door Floris Jansz Swartendijk, Jacob Claesz Slootweg, Trijntie Claes Slootweg, Willem Sijmonsz Slootweg, Klaes Sijmonsz Slootweg, Trijntie Sijmons Slootwegh, Willem Ingenaerse Vrijenoock en Heindrick Ingenaerse Vreijenoock. Bron: SA Zoetermeer, ONA Zegwaart en Zoetermeer (toegangsnr. 018), inv.nr. 13, aktenr. 522, d.d. 23-11-1708 --- Willem Ingenaerse Vrijenoock en Ariaentie Abrahams van der Brugge, echtelieden, wonende te Oudshoorn, beiden gezond, maken hun testament op. Ze benoemen elkaar tot erfgenaam van alle goederen. De langstlevende is gehouden hun kinderen op te voeden en te onderhouden. Tot mede voogden benoemen ze Hendrick Ingenaersz Vrijenoock, zijn broer, en Jacob Cornelisz Kaartie, haar neef. Seclusie van de weeskamer. Bron: SA Zoetermeer, ONA Zegwaart en Zoetermeer (toegangsnr. 018), inv.nr. 14, aktenr. 549, d.d. 21-05-1709 --- Willem Ingenaartsz Vrijenook, Hendrik Ingenaartsz Vrijenook, Klaas Jacobsz, getrouwd met Grietje Ingenaarts Vrijenook, Cornelis Gerritsz Rietveld, getrouwd met Maria Ingenaarts Vrijenook, Willem Woutersz Klevesteijn, getrouwd met Lijsbeth Ingenaarts Vrijenook, mede-erfgenamen van Magteltje Ingenaarts Vrijenook, in haar leven huisvrouw van Jacob Jacobsz de Wilde, verkopen aan deze Jacob Jacobsz de Wilde een achtste deel van een partij veeland of water in de Grote polder, in het geheel groot 1morgen 85 roeden, belend ten zuiden de Oudshoornsedijk, ten noorden de volgende partij, ten oosten de erven van juffrouw Waijmans en ten westen Pieter Klaasz Reijnsburger; nog een achtste deel van 522 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten en westen als voren, ten zuiden het vorige perceel en ten noorden Dirk Willemsz Reijnsburger; nog een achtste deel 1 morgen 34 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten zuiden Evert Jansz Ram, ten noorden de weduwevanWillem Mighielsz, ten oos Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (113.1.02), inv.nr. 13, p. 252, d.d. 03-05-1720 --- 1722 167 Outshoorn: Ingenaer Cornelisz Vrijenook en zijn huisvrouw overleden. Erven: Willem Ingenaersz Vrijenook; Hendrick Ingenaersz Vrijenook; Marytgen Ingenaers Vrijenook x Cornelis Gerritsz Rietvelt te Esselyckerwoude en Lysbet Ingenaers Vrijenook x Willem Woutersz Klevesteyn Bron: Kohieren van de penningen van Rijnland, van 1702 tot 1722 door P.W.C. van Kessel | Vrijenook, Hendrik Ingenaars (I3460)
|
| 4274 | NH dopen Oudshoorn: 26-05-1686 Sijmen; o. Dirck Sijmensz en Pietje Cornelis; g. Annetje Maertens 28-05-1690 Pietertje; o. Dirck Sijmensz Reijnsburger en Maertje Pieters; g. Geertje Pieters 14-02-1694 Claes; o. Dirck Sijmensz Reijnsburger en Maritje Pieters; g. Geertje Claes 27-03-1695 Maertje; o. Dirck Sijmesz Reijnsburger en Maertje Pieters; g. Geertje Pieters 11-06-1696 Cornelis; o. Dirck Sijmensz Reijnsburgh en Maritjen Pieters; g. Pleuntje Hubers Hogenboom 04-08-1697 Neeltje; o. Dirck Sijmensz Reijnsburgh en Maritje Pieters; g. Annetje Meertens 26-04-1699 Cornelis; o. Dirck Sijmensz Reijnsburgh en Maritje Pieters; g. Pleuntje Hijberts 14-08-1701 Jacob; o. Dirck Sijmensz Reijnsburger en Maritje Pieters; g. Annetje Maertens 21-03-1704 Marrigje; o. Dirck Sijmonsz en Marrigje Pieters; g. Pietje Pietersz 11-08-1706 Dirck; o. Dirck Sijmenze en Marrigje Pieterz, g. Neeltje Claas --- Dirck Sijmensz Reijnsburger, weduwnaar van Pietje Cornelis, ter eenre en Gijsbert Pieter Meertensz als oom en voogd over Sijmon Dircxsz Reijnsburger, oud omtrent 2½ jaar, ter andere zijde. Regeling der nalatenschap. Dirck Sijmensz behoudt alle goederen, belooft het kind te onderhouden en op te voeden tot 24-jarige leeftijd, zal hem dan uitkeren 12 gulden 12 stuivers en een uitzet. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 10, p. 47v, d.d. 23-03-1689 --- Maarten Pietersz van Leewen, wonende te Langeraar, Claas Pietersz van Leewen, wonend in Den Haag, kinderen van Pieter Maartensz, voor ¼ deel, Gijsbert Sijmonsz Rijnsburger, mede te Langeraar, Cornelis Mauringhsz van Swieten, Jan Michielse Outshoorn, en Jan Hendrikse van Swieten, allen wonende te Alphen, als voogden over de kinderen van Dirk Sijmonsz Rijnsburger, vermeld in de codicille van Cornelia Maartensz van Leewen, overleden te Alphen, in leven weduwe van (1) Pieter van Rijssum en (2) van Joannes de Jong, gepasseerd voor Antoni Gaal, notaris, d.d. 24-02-1703, en Adriaan Bastiaan in 't Hol, wonende te Alphen, man en voogd van Cornelia Claasdr Rijnsburger, dochter van Claas Sijmonsz Rijnsburger, welke Gijsbert, Dirk en Claas, kinderen waren van Anna Maartensdr van Leewen, voor ¼ deel, Jan Hendrikse van Swieten, getrouwd met Aletta Cornelisdr van Rijssum, de voorn Cornelis Mauringse van Swieten, Jan Michielse en Jan van Swieten als voogden over Claas Jansz Beukel, minderjarige, mede voor ¼ deel, Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 28, p. 26v, d.d. 16-05-1708 --- Cornelis Clase den Haan de Jonge, wonende te Alphen, draagt over op Claas Jansz Reukel, minderjarige zoon van Jan Clase Reukel en Anna Cornelisdr van Rijssum, een deel van 410 gulden en op de kinderen van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Maria Pietersdr, het andere deel van 160 gulden van een schuldbrief ten laste van Pieter Reijersz Swanenbeeq ten behoeve van de comparant Cornelis Clase, totaal 560 gulden. Onderpand is 5 morgen land in het Rietveld aan de Nieuwedijk tot de Burggooi. Koopsom 570 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 28, p. 74, d.d. 03-05-1709 --- Pieter Dobbe en Eeuwout van den Bent als voogden over de vijf weeskinderen van Klaas Cornelisz van der Wilck voor de ene helft en Maertje Cornelis Dobbe, weduwe van Gerrit Cornelisz van Tol, geassisteerd door haar broer Maerten Cornelisz Dobbe als voogd, verkopen aan Dirk Sijmonsz Reijnsburger 3 morgen 50 roeden veenland of water in de Grote Polder, belend ten oosten Willem Jansz Vermij, ten zuiden de Oudshoornse dijk, ten westen Willem Willemsz van Tol en ten noorden Pieter Nicolaasz Vis enWillem Pietersz Vis. Jongste waarbrief d.d. 06-05-1694. Koopsom 311 gulden en een schuldbrief van 933 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 13v, d.d. 03-05-1713 --- Dirk Willemsz Reijnsburger, Annetje Willems Reijnsburger, weduwe van Klaas Leendertsz Vlasman, Lijsbet Willems Reijnsburger, gehuwd met Hendrick Pietersz de Haan en Marritje Willems Reijnsburger, gehuwd met Aart Jacobsz van Tol, verkopen aanDirk Sijmonsz Reijnsburger een partij hooiland in de Grote polder, groot 1 morgen 4 hond, belendten oosten Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten zuiden de erfgenamen van juffrouw Waijmans, ten westen Pieter Dirk Huigen en ten noorden Hillegont Dirks en Pieter Dirk Huijgen. Koopsom 270 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 27, d.d. 26-07-1713 --- Neeltje Ariens Samson, weduwe van Hendrick Dirksz van Poolen, wonende te Korteraar, geassisteerd door haar zoon Arij, verkoopt aan Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Willem Sijmonsz Buerman 2 morgen 450 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten Klaas Pietersz Reijnsburger, ten zuiden Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten westen Willem Sijmonsz Buerman en ten noorden Jacob Jansz Schenckevelt. Koopsom 461, gulden waarvan 200 gulden is voldaan en de resterende 261 gulden te betalen in1714 en 1715, telkens 130 gulden 10 stuivers zonder rente. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 31, d.d. 26-07-1713 --- Willem Jansz Vermij, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, verkoopt aan Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Jacob Jacobsz de Wilde, beide wonende in Oudshoorn en Klaas Willemsz Lelijvelt, Cornelis Jansz van Tol en Klaas Pietersz Poldervaart, allen wonende te Woubrugge, 2 morgen 3 hond 75 roeden land in de Grote polder, belend ten oosten en noorden Klaas Pietersz Reijnsburger of zijn kinderen, ten westen Dirk Sijmonsz Reijnsburger en ten zuiden de Noordwetering. Koopsom 6.500 met 6 gouden ducatons als speldengeld, waarvan 2.000 gulden met de 6 ducatons is voldaan en een schuldbrief van 4.500 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 154v, d.d. 18-11-1717 --- Kopie. Pieter, Gerrit en Dirk Klaasz Reijnsburger, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, verklaarden ontvangen te hebben van Dirk Sijmonsz Reijnsburger, Jacob Jacobsz de Wilde, Klaas Willemsz Lelijvelt, Cornelis Jansz van Tol en Klaas Pietersz Poldervaart als eigenaars van 2 morgen 3 hond 75 roeden land in de Grote polder, (zie RA Oudshoorn invnr. 13 folio 154v d.d. 18-11-1717), het bedrag van 170 gulden voor het afkopen van het recht van op- of overpad, wat zij oudtijds hadden gehad. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 159v, d.d. 13-01-1718 --- Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Willem Sijmonsz Buerman, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, verkopen aan Maarten Jacobsz Ram, wonende in de Ridderbuurt van Oudshoorn, 2 morgen 450 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten Gerrit Klaasz Reijnsburger en Klaas Jansz Ram, ten westen Willem Sijmonsz Buerman en Jan Dirksz Boot, ten zuiden Dirk Sijmonsz Reijnsburger en ten noorden Jacob Jansz Schenkevelt. Jongste waarbrief van 27-07-1713. Koopsom 397 gulden 12 stuivers, te betalen door een schuldbrief. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 169, d.d. 04-05-1718 --- Hendrik Pietersz Plemp, gehuwd met Annetje Cornelisd Veraar en Marritje Veraar, nagelaten kinderen van Cornelis Jansz Veraar, verkopen aan Dirk Sijmonsz Reijnsburger 2 morgen 2 hond 75 roeden land in de Grote polder, belend ten oosten de Aar, ten zuiden Gijsbert Hendriksz Jongeneut, ten westen de Zegersloot en ten noorden Cornelis van Oosten en Josnina Spruijt, weduwe van Abraham Bus. Koopsom 420 gulden met 3 zilveren ducatons als speldengeld. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 204, d.d. 02-05-1719 --- Dirk Sijmonsz Reijnsburger, wonende in de Ridderbuurt, verkoopt aan Jacob Ariensz Verlaan, eveneens wonende in de Ridderbuurt, 1 morgen 187 1/2 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten Jacob Jacobsz Hoosbeek en Willem Jansz van den Bos, ten westen en noorden Dirk Dirksz Lelijvelt de jonge en ten zuiden de Oudshoornsedijk; nog 350 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten Jochem Klaasz c.s., ten zuiden Willem Jansz van den Bos, ten westen Dirk DirkszLelijvelt de jonge en ten noorden de Duikerwetering. Koopsom 740 gulden, te betalen door een schuldbrief. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 234, d.d. 31-01-1720 --- Cornelis Jansz van Tol voor zich zelf en met Klaas Willemsz Lelijvelt optredend voor Klaas Pietersz Poldervaart, tesamen voor 3/5 deel en Klaas Willemsz Lelijvelt nog voor 1/5 deel, allen wonende te Woubrugge, verkopen aan Dirk Sijmonsz Reijnsburger, wonende in de Ridderbuurt, die reeds 1/5 deel bezat, 4/5 deel van 2 morgen 375 roeden veenland of water in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornsedijk tot aan Gerrit en Dirk Klaasz Reijnsburger, belend ten oosten Gerrit Klaasz Reijnsburger en ten westen de koper. Jongste waarbrief van 18-11-1717. Koopsom 4.846 gulden 6 stuivers, waarvan 974 gulden 6 stuivers contant en een schuldbrief van 3.872 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 296, d.d. 09-05-1721 --- Margje Pieters van der Hals, weduwe van Dirk Sijmonsz Rijnsburger, wonende in de Ridderbuurt, verkoopt aan Cornelis Jansz van Tol en Klaas Pietersz Poldervaart, wonende te Woubrugge, 2 morgen 375 roeden veenland of water in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornsedijk tot aan Gerrit en Dirk Klaas Rijnsburger toe, belend ten oosten dezelfde Gerrit Klaasz en ten westen de koopster. Jongste waarbrief van 09-05-1721. Koopsom 6.000 gulden, waarvan 1.225 gulden 15 stuivers contant en de restmet een schuldbrief. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 29, d.d. 02-05-1722 --- Margje Pieters van der Hals, weduwe van Dirk Sijmonsz Rijnsburger, wonende in de Ridderbuurt, verkoopt aan Cornelis Pietersz van Heijningen, eveneens wonende in de Ridderbuurt 3 morgen 50 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Jansz van Tol c.s., ten zuiden de Oudshoornsedijk, ten westen Willem Willemsz van Tol en ten noorden Pieter Nicolaasz en Willem Pietersz Vis. Gedeelte van het land is verhuurd aan Pieter Jacobsz Schenkevelt voor 4 gulden per jaar. Koopsom 550 gulden, betaald met een schuldbrief. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 31, d.d. 02-05-1722 --- Extract uit het vierschaarboek van Oudshoorn, beginnend 1708 folio 135. Klaas Dirksz Reijnsburger, zoon van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Margje Pieters van der Hals, eiser contra Cornelis Jansz van Tol en Klaas Pietersz Poldervaart, wonendete Esselickerwoude, gedaagden in een proces van naasting. Volgens de eiser heeft zijn moeder Margje Pieters van der Hals in het verleden van de gedaagden gekocht 2 morgen 375 roeden veenland of water in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornse dijk tot Gerrit en Dirk Klaasz Reijnsburger, belend ten oosten Gerrit Klaasz Reijnsburger en ten westen Margje Pieters van der Hals. Eiser wordt in het gelijk gesteld en het veenland wordt zijn eigendom. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 75v, d.d. 18-03-1723 --- Maarten Jacobsz Ram verkoopt aan Marritje Pieters van der Hals, weduwe van Dirk Sijmonsz Rijnsburger, 60 roeden aangevuld land of water in de Grote polder, strekkende van de werf van de koopster tot aan de verkoper, belend ten oosten de koopster enten westen Willem Sijmonsz Colein. Koopsom 6 gulden 6 stuivers. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 114, d.d. 10-12-1723 --- Donatie intervivos van Margje Pieters van der Hals, weduwe van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en wonende in Oudshoorn, ten behoeve van haar kinderen Pieter, Pietertje, Klaas, Cornelis, Margje en aan de voorzoon van haar man, te weten Simon Dirksz Reijnsburger. Het betreft een derde part in een partij land in de Grote polder, te verongelden voor 4 morgen, strekkende uit de Zegersloot tot aan Jan en Cornelis Aartsz Vermij en Cornelis Maartensz Stigter, belend ten zuiden de weduwe van Cornelis Willemsz Vermij en ten noorden dezelfde weduwe, Cornelis Hendriksz Turkenburg en Roel Dirksz. Dit land had haar man Dirk Sijmonsz Rijnsburger verkregen van Arij Bastaansz in 't Hol op 27-05-1712. Voorts schonk de comparante aan haar vijf kinderen afzonderlijk het vruchtgebruik, bladen en inkomsten gedurende haar leven van een derde part in deze partij land; zij had ook deze inkomsten, afgesproken met Annetje Maartens van Leeuwen, in haar leven laatst weduwe van Jan de Jongh, ingevolge van haar codicillaire dispositie v Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 16, p. 58, d.d. 01-06-1736 --- Margje Pieters van der Hals, weduwe van Dirk Sijmonsz Reijnsburger, verkoopt aan Jan Jansz Outshoorn water en aangedamd land in de Grote polder binnen de geoctroijeerde bedijking, te weten 20 roeden, belend ten oosten Carolus Boers, ten zuiden Jacob Klaasz van Velsen, ten westen de schout en ten noorden de koper; nog 75 roeden, belend ten oosten Jacob Klaasz Velse en de koper, ten zuiden de verkoper, ten westen Willem Sijmonsz Coleijn en ten noorden de koper, de bomen op dit stuk bleven voorde verkoper. De koper behield veen etc. Koopsom 32 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 17, p. 206v, d.d. 16-06-1738 --- De kinderen van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Pietertje ........, te weten Simon, Pietertje, gehuwd met Cornelis Pietersz van Heijningen, Pieter, Klaas en Margje, gehuwd met Cornelis Davidsz van Willigen en de kindskinderen, te weten de achtminderjarige kinderen van zoon Cornelis en zijn weduwe Margje Pieters van der Hals, verkopen aan Dirk Groenevelt 2 morgen 275 roeden weiland in de Grote polder, belend ten oosten de rivier de Aar, ten zuiden Gijsbert Hendriksz Jongeneut, ten westende Zegersloot en ten noorden Dirk Jansz van der Wilk. Jongste waarbrief d.d. 02-05-1719. Koopsom 700 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 18, p. 214, d.d. 04-05-1741 --- De kinderen van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Pietertje ........, te weten Simon, Pietertje, gehuwd met Cornelis Pietersz van Heijningen, Pieter, Klaas en Margje, gehuwd met Cornelis Davidsz van Willigen en de kindskinderen, te weten de achtminderjarige kinderen van zoon Cornelis en zijn weduwe Margje Pieters van der Hals, verkopen aan Marritje Dirks Outshoorn, weduwe van Cornelis Dirksz Reijnsburger 1 morgen 4 hond hooiland in de Grote polder, belend ten oosten Cornelis Hendriksz Turkenburgen de koopster en ten westen de landen binnen de 30-jarige separatie in de Grote en Kleine polder en ten noorden de weduwe van Cornelis Willems Vermij. Koopsom 310 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 18, p. 215v, d.d. 04-05-1741 --- De kinderen van Dirk Sijmonsz Reijnsburger en Pietertje ........, te weten Simon, Pietertje, gehuwd met Cornelis Pietersz van Heijningen, Pieter, Klaas en Margje, gehuwd met Cornelis Davidsz van Willigen en de kindskinderen, te weten de acht minderjarige kinderen van zoon Cornelis en zijn weduwe Margje Pieters van der Hals, verkopen aan Marritje Dirks Outshoorn, weduwe van Cornelis Dirksz Reijnsburger 1 morgen hooiland in de Grote polder, belend ten oosten en zuiden Cornelis Stouthandel, tenwesten Cornelis Hendriksz Turkenburg en de koopster en ten noorden voornoemde Turkenburg. Koopsom 151 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 18, p. 217, d.d. 04-05-1741 --- KOPIE. Akte van voogdij, d.d. 02-11-1740 en 04-11-1740, voor Simon Dirkse Rijnsburger en Dirk Dirksz Outshoorn als voogden over de minderjarige nagelaten kinderen van Cornelis Dirkse Rijnburger wegens goederen van hun grootmoeder Margje Pieterse van der Hals (overleden 09-09-1740), weduwe van Dirk Sijmonsz Rijnsburger (overleden in 1721). Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 21, p. 103, d.d. 06-05-1756 --- Simon Dirkse Rijnsburger en Dirk Dirksz Outshoorn als voogden over de minderjarige nagelaten kinderen van Cornelis Dirksz Rijnburger wegens goederen van hun grootmoeder Margje Pieterse van der Hals, weduwe van Dirk Sijmonse Rijnsburger, verkopen aan Dirk Cornelisz van Heijningen de helft in een huis, erf en berg aan de noordzijde in de Ridderbuurt in kavel nr. 8 in de Vierambachtspolder, onder de 40-jarige vrijdom, te verongelden voor een huis en 125 roeden, strekkende van de Noordwetering tot de Baronesse van Wassenaar, belend ten oosten Klaas en Pieter van Velsen en ten westen Willem Sijmonse Colijn. Jongste waarbrief d.d. 13-04-1747. Koopsom 350 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 21, p. 104v, d.d. 06-05-1756 | Rijnsburger, Dirk Simons (I2691)
|
| 4275 | NH dopen Oudshoorn: 26-11-1713 Dirk; o. Jan Dirkze Bakenes en Willemtje Willems van den Bosch; g. Maartje Willems van den Bos [onecht] NH dopen Alphen: 24-10-1717 Willem; o. Jan Dirkze Bakenes en Willempje Willems van den Bosch; g. Josijntje Willems van den Bosch 05-01-1719 Magteld; o. Jan Dirkze Bakenes en Willempje Willems van den Bosch; g. Anna Gijsen int Hol 09-06-1720 Dirk; o. Jan Bakenes en Willempje Willems van den Bosch; g. Josijntje Willems van den Bosch 21-06-1722 Trijntje; o. Jan Dirkze Bakenes en Willempje Willems van den Bosch; g. Lijsje Willems van den Bosch 13-02-1724 Hendrik; o. Jan Dirkze Bakenes van Willempje Willems van den Bosch; g. Neeltje Hendriks Bakenes 28-10-1725 Geertruij; o. Jan Dirkze Bakenes en Willempje Willems van den Bosch; g. Grietje Dirks Outshoorn 21-11-1726 Trijntje; o. Jan Bakenes en Willempje Willems van den Bosch; g. Josijntje Willems van den Bosch NH dopen Oudshoorn: 05-09-1728 Hendrik; o. Jan Derkze Bakenes en Wilmtje Willems van den Bos, g. Neeltje Hendriks Bakenes 01-04-1731 Dirck; o. Jan Dr. Bakenes en Willemtje van den Bos; g. Jesijntje Willems van den Bos 02-11-1732 Trijntje; o. Jan Dirkze Bakenes en Willemtje Wilmz van den Bos; g. Jesijntje Wilmz van den Bos --- 1-5-1716: Hendrick Dirkz Bakenes voor zichzelf en Evert Krijnen Bekenes als voogd over Jan Dirkz Bakenes, kinderen van Dirck Hendrickz Bakenes en Magtelt Jansdr Heemskerk, verkopen aan Gerrit Pietersz Vaandrager een perceel land in de Kortsteekterpolder onder Aarlanderveen, verongeld voor 1 morgen 12 roeden, belend ten oosten Reijnier Rosenboom, ten westen de erven van Pieter Pietersz van Staveren, ten zuiden Pieter Gijsbertsz van Leeuwen en ten noorden de weduwe van Daniel van Overvoorde. Laatste overdrachtsbrief van 27-6-1684. Koopsom 576 gulden 6 stuivers. Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 6, fol. 161v. 15-4-1728: Jan en Hendrik Bakenes, beiden te Aarlanderveen, verkopen aan Reinier Uijlenburgh een huis en erf aan de Lage Zijde van Aarlanderveen, naast de brug van Alphen, belend ten oosten Gerrit Hoogsaat, ten westen de Rijn, ten zuiden de Bruggesteegen ten noorden de weduwe van Jan Huijbertsz van der Burgh. Koopsom 1.301 gulden. Bron: GAAR, ora Aarlanderveen 8, fol. 113v. 7-5-1728: Jan Willemsz de Wit verkoopt aan Jan Dirksz Bakenes een huis en erf in de Sniep, strekkende van de Lage Rijndijk tot aan Pieter Gijsbertsz van Leeuwen, belend ten zuiden Dirk Joosten van Broekhuijsen en ten noorden Cornelis van Aken, met beding datBroekhuijsen blijft behouden "een vrije dak drop" aan de noordzijde van zijn huis. Jongste waarbrief d.d. 09-05-1708. Koopsom 425 gulden contant en een schuldbrief van 200 gulden. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 14, fol. 345. 31-8-1728: Uitkoop door Jan Joosten Schellingerhout, weduwnaar van Lijsbet Willems van den Bos, jegens zijn minderjarige zoon Joost Jansz Schellingerhout, oud omtrent tien jaar. Voogd van Joost is Jan Dirksz Bakenes. Uit de moederlijke erfenis ontvangtvader Schellingerhout alle bezittingen en neemt alle schulden over. Daartegenover zal hij zoon Joost volkomen kosteloos onderhouden, etc. tot hij 25 jaar is of tot aan zijn huwelijk. Dan ontvangt Joost 3 gulden 3 stuivers en een uitzet. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 15, fol. 4v. 23-3-1744: Rentebrief. Jan Dirksz Bakenes is schuldig aan Dirk Dirksz Kalkoven 200 gulden. Gesteld onderpand: een huis en erf in de Sniep, strekkende van de Lage Rijndijk tot Cornelis van Offwegen ter halver sloot toe, belend ten zuiden Gerbert Honskoop en ten noorden Cornelis van Aken. Geroijeerd 29-03-1759. Bron: GAAR, ora Oudshoorn 19, fol. 58. 17-2-1759: Testament van Josijntje van den Bos, weduwe van Jan van der Laan, wonende in de Ridderbuurt te Oudshoorn, gegoed beneden 2.000 gulden. Zij benoemde tot enige universele erfgenaam haar zuster Willempje van den Bos, weduwe van Jan Dirksz Bakenes te Oudshoorn, en bij vooroverlijden haar nakomelingen. Als voogden over de minderjarigen stelde zij Huijg Dirksz Lelijveld en Jan Dirksz Outshoorn, haar goede vrienden. Getuigen: Dirk Klaasz Rijnsburger en Anthonij Boer. Bron: GAAR, ona Oudshoorn 37. 7-11-1761: Testament van Willempje van den Bos, weduwe van Jan Dirkse Bakenes, te Oudshoorn, gegoed beneden 2.000 gulden. Universele erfgenamen haar drie nagelaten kinderen van haar overleden dochter Geertruij Janse Bakenes en Willem van der Helm in de enkele legitieme portie; daartoe zullen zij een som van 150 gulden genieten; in de verdere overschietende goederen haar 2 andere kinderen Magteld en Trijntje Bakenes. Tot voogden stelde zij haar schoonzoon Jacob van Ingen en haar goede bekende Klaas Turkenburg, beiden wonenende te Oudshoorn. Getuigen: Anthonij Boer en Jacob Clauset. Bron: GAAR, ona Oudshoorn 39. | Bakenes, Jan Dirks (I194)
|
| 4276 | NH dopen Oudshoorn: 30-12-1708 Lijsbet; o. Sijme Pieters en Pleuntje Jacobs; g. Neeltje Pieters 15-06-1710 Marrigje; o. Sijmon Pieterze van Heijningen en Leuntje Jacobs Ram; g. Grietje Pieters van Heijningen 01-05-1712 Meijnsje; o. Sijme Pieters en Pleuntje Jacobs; g. Neeltje Pieters 15-08-1713 Pieter; o. Sijmon Pieterz van Heijningen en Pleuntje Jacobs Ram; g. Neeltje Pieters 29-03-1716 Huijch; o. Sijmen Pieterz van Heijningen en Pleuntje Jacobs Ram; g. Geertje Jacobs Ram 21-03-1717 Huijgh; o. Sijmen Pieterze van Heijningen en Pleuntje Jacobs Ram; g. Geertje Jacobs 01-10-1719 Dirk; o. Sijmon Prs van Heijningen en Leuntje Jacobs Ram; g. Annetje Arijens van den Bos --- Willem Pietersz Vis verkoopt aan Simon Pietersz van Heijningen een huis, erf, schuur en zomerhuis in de Grote polder, strekkende van de Oudshoornsedijk tot aan de weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, belend ten westen de weduwe van Willem Michielsz en ten noorden de weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen. Koopsom 475 gulden. Bijbehorende akte (02-05-1719): Simon Pietersz van Heijningen, wonend in de Ridderbuurt, is schuldig aan Hendrik Ariensz Elshout, wonend in het Westeinde van Hazerswoude, een bedrag van 400 gulden, terug te betalen in vier jaar tegen 4% rente. Gesteld onderpand: bovengenoemde onroerende goederen. Geroijeerd 26-05-1741. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 208v, d.d. 02-05-1719 --- Lijsbet Sijmons Cappiteijn, weduwe van Pieter Dirksz van Heijningen, wonende in de Ridderbuurt, is schuldig aan Hendrik Ariensz Elshout, wonende in het westeinde van Hazerswoude, een bedrag van 600 gulden tegen 4%. Gesteld onderpand: 1 morgen 5 hond 75 roeden land in Grote polder, belend ten oosten Cornelis Klaasz den Haan, ten zuiden het land van de Oudshoornse kerk, ten westen Cornelis van Oosten en Josina Spruijt en ten noorden Gijsbert Dirksz van Wieringen; nog 1 morgen 3 hond landliggend als voren, belend ten oosten Dirk Ariensz van der Horst, ten zuiden zijzelf en Dirk Sijmonsz Reijnsburger,ten westen het voornoemde land van de Oudshoornse kerk en ten noorden Cornelis Klaasz den Haan; nog 1 morgen land liggend als voren, belend ten oosten Dirk Sijmonsz Reijnsburger, ten zuiden Cornelis van Oosten en Josina Spruijt, ten westen voorgenoemde land van de kerk van Oudshoorn en ten noorden zijzelf. Borg is Simon Pietersz van Heijningen, wonende in de Ridderbuurt. Geroijeerd 06-05-1722. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 13, p. 236, d.d. 02-02-1720 --- Willem Willemsz van Tol verkoopt aan Sijmon Pietersz van Heijningen een huis en erf in de Ridderbuurt, groot 50 roeden, strekkende uit de noordwetering tot aan de weduwe van Huijgh Dirksz de Heer, belend ten westen voornoemde weduwe en ten oosten Cornelis van Oosten c.s. Koopsom 150 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 38, d.d. 04-05-1722 --- Evert Jacobsz Ram, Maarten Jacobsz Ram, Jan Dirksz Boot, gehuwd met Geertje Jacobs Ram en Sijmon Pietersz van Heijningen, gehuwd met Pleuntje Jacobs Ram, kinderen en erfgenamen van Jacob Jacobsz Ram en Aaltje Maartens, verkopen aan Sijmon Dirksz Reijnsburger een huis, erf, berg en zomerhuis met 1 morgen land daaraan gelegen in de Ridderbuurt in de Grote polder, strekkende uit de noordwetering tot de koper, belend ten oosten Cornelis Sijmonsz Schenkevelt en ten westen Jacob Klaasz Weselenburgh. Koopsom 525 gulden 4 stuivers. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 94, d.d. 05-05-1723 --- Maarten Jacobsz Ram en Sijmon Pieters van Heijningen, gehuwd met Pleuntje Jacobs Ram, kinderen en erfgenamen van Jacob Jacobsz Ram en Aaltje Maartens, verkopen aan Evert Jacobsz Ram en Jan Dirksz Boot de helft van 2 morgen veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten zijzelf, ten zuiden Dirk Sijmonsz Coleijn, ten westen Jan Dirksz Boot en ten nooden Sijmon Klaasz Reijnsburger; nog de helft van 283 1/2 roeden veenland of water, liggend als voren, strekkende van Evert Jacobsz Ram tot de weduwe van Hendrik Dirksz Polen, belend ten oosten Jan Dirksz Boot en ten westen de weduwe van Arij Willemsz van den Bos; nog de helft van 1 morgen veenland of water, liggend als voren, belend ten oosten en westen zijzelf, ten zuiden RoelDirksz en ten noorden de weduwe van Willem Mighielsz; nog de helft van 1 morgen veenland of water, liggend als voren, belend ten oosten Willem Willemsz van Tol, ten zuiden Roel Dirksz, ten westen zijzelf en ten noorden de weduwe van Willem Mighielsz, deandere helften bezaten d Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 95, d.d. 05-05-1723 --- Simon Pietersz van Heijningen verkoopt aan Dirk Huijgen de Heer een huis en erf met twee schuurtjes in de Ridderbuurt in de Grote polder, te verongelden voor 50 roeden, strekkende uit de noordwetering tot de koper, belend ten oosten de erfgenamen van president Rosenboom en ten westen de koper. Het bergschuurtje mag tot 24-06-1730 door Jan Dirksz Boot gehuurd blijven, koper ontvangt de huur. Jongste waarbrief d.d. 04-05-1722. Koopsom 80 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 15, p. 83, d.d. 31-03-1730 --- Rentebrief. Simon Pietersz van Heijningen leent van Arij Jansz Verruijt, wonende in de jurisdictie van Aarlanderveen, 250 gulden. Gesteld onderpand: een huis en erf in de Ridderbuurt, strekkende uit de Noordwetering tot aan de droogmakerijen, belend ten oosten Gerrit Klaasz Reijnsburger en ten westen Dirk Jansz en Willem Dirksz Lelijvelt. Geroijeerd 10-01-1749. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 18, p. 261, d.d. 26-05-1741 --- Simon Pietersz van Heijningen verkoopt aan Jacob Verruijt en Neeltje Tonis van der Brugge, weduwe van Arij Verruijt, een huis en erf, schuur en zomerhuis in de Ridderbuurt, strekkende uit de Noordwetering tot aan de droogmakerij, belend ten westen Crijn van Leeuwen en ten oosten Hendrik Mulder. Laatste waarbrief d.d. 02-05-1719. Koopsom 340 gulden. Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 19, p. 12, d.d. 10-01-1743 | van Heiningen, Simon Pieters (I1329)
|
| 4277 | NH dopen Overschie: 02-07-1662 Maria; o. Gerrit Abrahamsze en Neeltie Franze; g. Trijntie Pieters --- ORA H'berg, inv. nr. 1825, fol. 12. 20-12-1670 Zijn gekomen Jan Cornelisz Vermolen voor zichzelf en in de naam van Leendert Pietersz Ambachtsheer gehuwd met Cijtje Cornelisse, kinderen en erfgenamen van Cornelis Jansz Vermolen ter eenre, Claas Vrancken Vuijck, Pieter Cornelisz Stolk gehuwd met Maartje Vrancken, Gerrit Abrahamsz van Oosten gehuwd met Neeltje Vrancken, Leendert Pietersz Kerkhof gehuwd met Dieuwertje Vrancken en Dirk Simonsz Geneugelijk gehuwd met Barber Vrancken, kinderen en erfgenamen van Maertge Pouwels, ter andere zijdeen hebben verkaveld. Bron: http://www.den-uijl.nl | van Oosten, Gerrit Abrahams (I2419)
|
| 4278 | NH dopen Overschie: 22-12-1686 Marijtje; o. Pieter Jacobse Post en Geertje Ariens; g. Magdaleentje Jans 01-02-1688 Jacob; o. Pieter Jacobsz Post en Neeltje Jacobs; g. Leentje Jacobs 19-02-1690 Cornelis; o. Pieter Jacobsz Post en Neeltje Jacobsz; g. Annetje Cornelisz 08-06-1692 Simon; o. Pieter Jacobsz Post en Neeltje Jacobsz; g. Jacob Adamsz Bijlevelt en Neeltje Dirx van der Schans 07-08-1695 Lena; o. Pieter Jacobsz Post en Neeltie Jacobd; g. Stijntie Cornelis Stout 26-02-1702 Marij; o. Pieter Jacobsz Post en Neeltie Huigen van Buisen; g. Maertie Crijne Langevelt 06-05-1703 Maritie; o. Pieter Jacobsz Post en Neeltie Huige van Buisen; g. Trijntie Pieters Buitenwegh 07-03-1705 Geertruij; o. Pieter Jacobs Post en Neeltje Huijgen van Buijsen; g. Marijtje Pieters Post | Post, Pieter Jacobs (I2603)
|
| 4279 | NH dopen Papendrecht: 19-02-1634 Marijchien; o. Jacob Gijsbertse en Stijngtien Willems; g. Cornelis Gijsbertse en Aertje Gijsbertse 15-03-1636 Geertie; o. Jacop Gijsen en Stijntgen Willems; g. Jannichien Gijsen, Marichien Wilems en Jan Dirricksen --- 5-5-1650: Jacob Ghijsbertsz, wonende te Wijngaarden, verkoopt aan sr. Steven Blonck, burger en kruidenier, wonende op de hoek van de Torenstraat in de stad Dordrecht, een jaarlijkse losrente van 25 gulden, te lossen tegen de penning 20 (dus een hoofdsom van 500 gulden). Als onderpand geldt 2 morgen 316 roeden 8 voeten land gelegen in Wijngaarden, in twee weren. Als eerste 1 morgen 1 hond 58 roeden 4 voeten land met zijn deel van het huis, in Ghijsbert Bastiaensz huisweer, belend ten oosten Wouter Jansz en ten westen Adriaen Adriaensz; als tweede nog 1 morgen 1 hond 58 roeden 4 voeten land in Ghijsbert Bastiaensz weertje, belend ten oosten de weduwe van Maerten Geemansz en ten westen Teunis Willemsz. Op 27-6-1661 afgelost. Bron: RAD, ora Wijngaarden 4 (FS scan 356/657). 11-11-1652: Jacob Ghijsz, wonende in Wijngaarden, verkoopt aan de vier nagelaten weeskinderen van za. Aertken Ghijsen, die huisvrouw was van mr. Lenert Adriaense, chirurgijn te Giessendam, met namen Arijen, Marijken, Lijsbet en Neelken Lenertse, een jaarlijkse losrente van 20 gulden per jaar, te lossen tegen de penning 20 (dus een hoofdsom van 400 gulden), ontvangen van Sebastiaen Ghijsbertsz, wonende te 's-Gravendeel, oom en voogd van de kinderen. Als onderpand geldt de vorige 2 morgen 3 hond 16 roeden 8 voeten land. Bron: RAD, ora Wijngaarden 4 (FS scan 370/657). 13-11-1660: Jacob Ghijsen, wonende te Wijngaarden, verkoopt aan mr. Leendert chirurgijn, wonende te Giessendam, 2 morgen 3 hond 16 roeden 8 voeten land gelegen in Wijngaarden, in twee weren, beiden genaamd Gijs Bastiaensz weren. Bron: RAD, ora Wijngaarden 5 (FS scan 420/657). 27-7-1661: De zaak hangende tussen de gezamenlijke crediteuren en schuldeisers van Jacob Gijsen, wonende in Wijngaarden, vanwege het geld uitstaande op 2 morgen 3 hond 16 roeden 8 voeten land met een huis, samen 695 gulden. Eerst gaat er 14 gulden aan salaris van schout, schepenen, secretaris aan bode. Dan is er sr. Steven Blonck, koopman te Dordrecht, met een bedrag van 500 gulden uit een schuldbrief, waarvoor dit land onderpand was, met daarnaast 187 gld. 10 st. aan onbetaalde rente, "mits dat den voorn. sr. Bloncq gehouden blijft, te stellen sufficante cautie de restituende indien namaels bevonden mechte werden sulcx te behooren". Sr. Wouter Bloncq, zoon van voornoemde Steven Blonck, stelt zich borg voor zijn vader. Bron: RAD, ora Wijngaarden 1 (FS scan 61/155). | Gijsberts, Jacob (I1159)
|
| 4280 | NH dopen Pernis: 08-09-1669 Maertje; o. Jacob Jacobse en Jannetje Jans 15-08-1672 Aeltje; o. Jacob Jacobse en Jannetje Jans 13-01-1675 Hendrickje; o. Jacob Jacobse en Jannetje Jans --- 94. Jacob Jacobse en obijt 95. Jannetje Jans. Bron: Pernis - NH lidmatenboek --- Schiedam ONA 795/713, 23 maart 1699, compareerde Ariaantje Hendriks Pervaas, weduwe van Jan Hendrikszn. Verschoor, wonende Poortugaal, Ingen Damen Speuy, getrouwd met Maartje Jans Verschoor, wonende Charlois en Pieter Hendrikszn. Verschoor, zoon van Hendrik Janszn. Verschoor, wonende op de Hye en geven volmacht aan …. Om op te treden in de zaak tegen Jannetje Jans Verschoor, weduwe van Jacob Janszn. van den Berg (in presentie van Cornelis Huybrechtszn. Kock en Huybrecht Leendertszn. Veerman). Bron: Stichting Voorouder (http://www.voorouder.nl) --- Jacob Jacobsz van den Bergh, gehuwd met Jannetje Jans Verschoor. Zie Ariaentje Hendricxs Pervaes, weduwe van Jan Hendricxsz. Verschoor, wonende te Poortugaal, overleden, machtiging tot behartiging van belangen. 28 maart 1699. Arientje Hendricxs Pervaes, gehuwd met Jan Hendricxsz. Verschoor, wonende te Poortugaal. Weduwe, IJnghen Dame Spuij, gehuwd met Maertje Jans Verschoor, wonende onder Charlois, en Pieter Hendricxsz. Verschoor, zoon van Hendrick Jansz. Verschoor, wonende op de Hijde, machtigen een procureur voor het Hof van Holland, om hun belangen te behartigen in de zaak tegen Jannetje Jans Verschoor, weduwe van Jacob Jacobsz. van den Bergh. 28 maart 1699. Jan Hendricxsz Verschoor, gehuwd met Ariaentje Hendricxs Pervaes, wonende te Poortugaal. Overleden, zie Ariaentje Hendricxs Pervaes voorn., zijn weduwe, machtiging tot behartiging van belangen. 28 maart 1699. Jannetje Jans Verschoor, gehuwd met Jacob Jacobsz. van den Bergh zie Ariaentje Hendricxs Pervaes, weduwe van Jan Hendricxsz. Verschoor, machtiging tot behartiging van belangen. 28 maart 1699. Bron: GA Schiedam, ONA Schiedam, inv.nr. 795, p. 713, d.d. 23-03-1699 | van den Berg, Jacob Jacobs (I243)
|
| 4281 | NH dopen Pijnacker 21-07-1652 Den selven dito een kint gedoopt Geertgen van Adriaen Jansz in Catwijck ende Claesjen Leenders ende stont tot getuyge | Schipper, Geertje Ariens (I2819)
|
| 4282 | NH dopen Pijnacker: 01-07-1640 Theuntgen; o. Jan Andriesz Hoomgaert en Hilletgen Adriaensdr; g. Weijntgen Adriaensdr 18-04-1642 Theuntgen; o. Jan Andriesz Boogaert en Hilletgen Adriaens; g. Jan Cornelisz, Weijntgen Cornelis en Geertgen Willimsdochter 08-11-1643 Dieuwertgen; o. Jan Arisz en Hilletgen Adriaens; g. Nicolaes Verboon en Sara Adriaensdr 16-12-1646 Aeltgen; o. Jan Andriesz en Hilletgen Adriaensdr --- f. 41 8-8-1637: Comp. Jan Andriesz. Boogaert onze inwonende buurman en heeft verkocht aan Daniel Arijensz. mede onze inwonende buurman een hoecktgen slagturfland of flodderland gelegen achter Nieucoop in Pijnacker. f. 64 15-5-1638: Comp. Jan Andriesz. Boogaert backer wonende tot Pijnacker aan de Laen en heeft verkocht aan Daem Jansz. van Vreeswijck mede woonachtig tot Pijnacker aan de Laen, een huis en erf staande en gelegen tot Pijnacker aan de Laen alwaar de koper tegenwoordig woont. f. 65 15-5-1638: Comp. Jan Andriesz. backer wonende tot Pijnacker aan de Laen, zoon en een mede-erfgenaam van Andries Andriesz. Boogaert zal. en heeft verkocht aan Maerten Jansz. Roobol, zijn comparants neef, wonende in Nieucoop in Pijnacker een stuk land gelegen achter Nieucoop in Pijnacker, te verongelden volgens het morgenboek voor 9 hond. f. 66 15-5-1638: Comp. Adrijaen Pleunen, korenmolenaar op de Pijnackerse korenmolen, neef en voogd van vaderzijde, en Claes Jansz. brandewijnbrander wonende buiten de Suijtpoort van Delft, oom en voogd van moederszijde, over de twee nagelaten weeskinderen van Claes Adrijaensz. schoenmaker en Geertgen Leenertsdr. beide zal. gewoond hebbende en overleden zijnde tot Pijnacker aan de Laen, en comp. verklaarden dat zij zekere tijd geleden in het openbaar hebben verkocht aan Jan Andriesz. bakker onze inwonende buurman, zekere huizinge en erf, item de schoenmakerswinkel en de leerlooiereij daartoe behorende, mitsgaders de tuin of boomgaard daar achter aan gelegen, de turfschuur staande en leggende in Pijnacker alwaar de voorn. Claes Adrijaensz. enGeertgen Leenertsdr. te wonen plachten en overleden zijn, en de koper tegenwoordig in woont. f. 147 (gesworens: Jan Jorrisz. en Adrijaen Jansz. van Alphen) 28-12-1640: Comp. Jan Andriesz. Boogaert, backer, onze inwonende buurman, en heeft getransporteerd aan Joris Anthonisz. mede onze inwonende buurman, een stukje vrij patrimoniaal land groot omtrent 7 hond. f. 282 28-5-1646: Comp. Grietgen Andriesdr. wed. van Jacob Jansz. Perredom zal. wonende in Soeterwoude geass. met Jan Andriesz. Backer haar broeder als haar gekoren voogd in deze, en heeft verkocht aan Maerten Jansz. Roobol haar neef een stuk land gelegenachter Nieucoop te verongelden voor 3 morgen Bron: Transporten, schuldbrieven en kavelingen van Pijnacker 1636-1646 door Teun van der Vorm --- f. 119v 6-11-1651: Comp. Jan Andriesz. Boogert onze inwonende buurman en heeft verkocht aan Dirck Claesz. van Adrichem mede onze inwonende buurman, zekere huizinge en erf, mitsgaders een tuin en boomgaard daar achter aan gelegen met een turfschuur op staande, staande en leggende tot Pijnacker aan de Laen alwaar de comp. lest gewoond heeft en de koper tegenwoordig wonende is. f. 121v 2-12-1651: Comp. Maritgen Reijersdr. van der Os wed. en boedelbezitster van Nicolaes Verboon zal. in zijn leven schout van Pijnacker en heeft verkocht aan Jan Andriesz. Boogert onze inwonende buurman, zeker erfje met een schuur op staande alwaar tegenwoordig opgetimmerd staat een nieuw huisje, staande en leggende aan de Laen van Pijnacker. f. 234v 2-5-1657: Comp. Hilletgen Adrijaensdr. wed. en testamentaire boedelbezitster van Jan Andriesz. Boogaert zal. en heeft verkocht aan mr. Dirck van Wijck chirurchijn onze inwonende buurman, een huis, erf met een turfschuur op staande, staande en leggende tot Pijnacker aan de Laen. Verwijst naar de voorwaarden in de doorstoken brief d.d. 2-12-1651. (Belenders o.a.: Adrijaen Dircxsz. Vermeer; Adrijaen Cornelisz. Broomer; Pieter Jansz. van Cijs) f. 236v 23-5-1657: Comp. Hilletgen Adrijaensdr. wed. en bij testament boedelbezitster van Jan Andriesz. Boogaert zal. en heeft verkocht aan Cornelis Huijgensz. wonende in Nieucoop, drie enden akkers slagturf of flodderland gelegen achter Nieucoop ter verongelden voor 3 hond, mitsgaders servituten als de oude brieven vermelden. Bron: Transporten, schuldbrieven en kavelingen van Pijnacker 1646-1657 door Teun van der Vorm | Boogaart, Jan Andries (I374)
|
| 4283 | NH dopen Pijnacker: 08-05-1707 Sijmen; o. Claas Sijmonsz Slootweg en Marijtje Pietersz Post; g. Jannetje Bastiaansz Luchtenburg 01-11-1709 Geertruij; o. Klaas Sijmonsz Slootweg en Marijtje Pieters Post; g. Leentje Pieters Post 25-12-1710 Annetje; o. Klaas Sijmonsz Slootweg en Marijtje Pieters Post; g. Trijntje Simons Slootweg 09-07-1713 Jaapje; Klaas Sijmonsz Slootweg en Marijtje Prs Post; g. Dirckje Leenderts van Es 17-11-1715 Pieter; o. Klaas Simonsz Slootweg en Maria Prs Post; g. Leentje Pieters Post 30-07-1719 Willem; o. Klaas Simonsz Slootweg en Marijtje Pieters Post; g. Annetje Gerrids van Luik 26-07-1722 Arij; o. Klaas Sijmonsz Slootweg en Maria Pieters Post; g. Annetje Ariens Verdoeff vrouw van Huig Ar. Verbuizen 03-10-1723 Neeltje; o. Klaas Sijmonsz Slootweg en Marijtje Pieters Post; g. Annitje Ariens Verdoeff 24-12-1724 Arij; o. Klaas Sijmonz Slootweg en Marijtje Pieterz Post; g. Annetje Gerritz van Luijk 15-09-1726 Neeltje; o. Klaas Sijmonz Slootweg en Marijtje Pieterz Post; g. Dirkje Leenderz van Es 12-09-1728 Jan; o. Klaas Sijmonse Slootweg en Marijtje Pieters Post; g. Anna Gerritz van Luijk --- "reeckening bewijs ende reliqua gedaen bij de respe. erffgenamen ab intestato van Willem Maertensz Slootwegh op den 16en november in den jare 1708 tot Zegwaert overleden (...) Jacob Claesz Slootwegh, Trijntie Claes Slootweg, Floris Swartendijck getrouwt met Arijaentie Claes Slootwegh, Claes Simonsz Slootwegh, Willem Simonsz Slootwegh ende Leendert Saeijer getrout met Trijntie Simons Slootwegh ijder voor een achste part, item Willem Ingenaersz Vrijenoock als in huijwelijck hebbende Ariaentie Abrahams van der Brugge naergelate dogter van Trijntie Maertens Slootwegh mede voor een achste part ende laestelijck mr. Salomon Poijntz schout van Segwaert, Hendrik Pietersz Schoutten en Jacobus Edenburgh weesmannen aldaer als oppervooghden over de twee kinderen van Trijntie Abrahams van der Brugge voor het resterende achste part, erffgenamen van Willem Maertensz Slootwegh" Bron: SA Zoetermeer, ONA Zoetermeer (toegangsnr. 2), inv.nr. 14, aktenr. 550, d.d. 20-05-1709 --- "Jacob Claesz Slootwegh woonende tot Zegwaert, Trijntie Claes Slootwegh wonende tot Soeterwoude, Floris Swartendijck getrout met Arijaentie Claes Slootwegh mede aldaer woonachtigh, Claes Simonsz Slootwegh wonende onder Pijnacker, Willem Simonsz Slootwegh woonende tot Soetermeer, Leendert Saeijer getrout met Trijntie Simons Slootwegh woonende tot Delff ijder voor een achste part, item Willem Ingenaersz Vrijenoock als in huijwelijck hebbende Ariaentie Abrams van der Brugge naertelate dogter van Trijntie Maertens Slootwegh mede voor een achste part ende laestelijck de heer en mr. Salomon Poijntz schout en Segwaert, Hendrick Pietersz Schoutten en Jacobus Edenburgh weesmannen aldaer als opper voogden over de twee kinderen van Trijntie Abrahams van der Brugge voor het resterende achste part, alle erffgenamen ab intestato van Willem Maertensz Slootweg" Bron: SA Zoetermeer, ONA Zoetermeer (toegangsnr. 2), inv.nr. 14, aktenr. 551, d.d. 20-05-1709 | Slootweg, Claas Simons (I2899)
|
| 4284 | NH dopen Pijnacker: 12-04-1739 Marija; o. Andries Jasperz Vogelaar en Jaapje Slootweg; g. Antje Ariens Pelmeijer 11-09-1740 Claas; o. Andries Jaspersze Vogelaar en Jaapje Claasze Sloothweg; g. Marijtje Post 22-04-1742 Jasper; o. Andries Jasperz Vogelaar en Jaapje Slootweg; g. Antje Vogelaar 20-10-1743 Marijtje; o. Andries de Vogelaar en Jaapje Slootweg; g. Antje Vogelaar 07-07-1748 Sijmen; o. Andries Jasperse Vogelaar en Jaapje Slootweg; g. Antje Slootweg --- Helena Cornelis de Bruijn, weduwe van Arent Veldmajer, Isaak Bon en Barent Westerwout allen woonachtig in het Zuideinde van Berkel en Rodenrijs en Roeland Andriese Vogelaar wonende in Zegwaart, verklaren de bijgevoegde boedel inventaris naar eer engeweten te hebben opgesteld. Boedelinventaris van het echtpaar Arent Veltmaier en Helena Cornelis de Bruijn, zoals is vastgesteld februari 1737 door Isaak Bon en Barent Westerwout als voogden over de kinderen van Arent Veldmaier en zijn eerdere echtgenote Marijtje Cornelis van der Beek, namelijk Antje en Pietertje Arents Veldmaier en Roeland Andriesz Vogelaar als voogd over de kinderen van de genoemde Marijtje Cornelis van der Beek en haar echtgenoot Jasper Vogelaar, namelijk Andries en Jasper Jasperse Vogelaar. Alles volgens het testament van Helena Cornelis de Bruijn en Arent Veldmajer bij notaris Schippers d.d.2 februari 1737 (zie akte 7). Vervolgens het testament van Arent Arentsz Veldmajer en Marijtje Cornelis van der Beek, gepasseerd bij notaris Paulus Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 34, aktenr. 20, d.d. 13-03-1737 | Vogelaar, Andries Jaspers (I3418)
|
| 4285 | NH dopen Pijnacker: 16-08-1676 Neeltgen; o. Arij Jansz Bogaert en Stijntgen Jacobs; g. Grietgen Cornelis van Adrichem 02-10-1678 Cornelis; o. Arij Jansz Bogaert en Stijntgen Jacobs; g. Trijntgen Jans NH dopen Delft: 21-09-1680 Jan; o. Arij Janse en Stijntie Jacops; g. Hubrecht Jacobsz en Grietie Cornelis 20-07-1683 Aeltje; o. Arij Janse Bogert en Stijntje Jacobs; g. Huijbrecht Verboom en Grietje Cornelis --- Jacob Joppen Verboon weduwnaar van Leentgen Cornelis, wonende tot Pijnacker ter eenre, en Joris Cornelisz. broeder, en Willem Michielsz. schoonbroeder van de voornoemde Leentgen Cornelis, en dienvolgende Oomen en bloedvoogden van de vijf nagelaten weeskinderen van genoemde Leentgen Cornelis bij genoemde Jacob Joppen Verboon verwekt, met namen. Job Jacobsz. Verboon, oud omtrent 12 jaren, Cornelis Jacobsz. Verboon, oud omtrent 10 jaren, Huijbrecht Jacobsz. Verboon, oud omtrent 8 jaren, Stijntge Jacobs Verboon, oud omtrent 6 jaren, en Sent Jacobsz. Verboon, oud omtrent 4 jaren, ter andere zijde, compareerden 11 maart 1650 tot het sluiten van een accoord betreffende de alimentatie van deze kinderen. Bron: SA Schiedam, ONA Schiedam (toegangsnr. 243), inv.nr. 758, p. 457, d.d. 11-03-1650 --- "Jacob Joppe Verboom, Claes Joppe Verboom, Cornelis Joppe Verboom, Leendert Joppe Verboom ende Pieter Joppe Verboom, kinderen van Jop Jacobsz Verboom ende mede erfgenamen ab intestato van de voorn. Marijtge Huijbregtz Verboom te saamen ende ijder van hen in het bijsonder specialijck (...) van de voorn. Marijtge Huijbregtz Verboom met Nicolaas van Hameren als in huijwelijk hebbende Grietge Cornelis van Adrichem, die bevoorens weduwe is geweest van de voorn. Huijbregt Jacobz Verboom te transigeren en accorderen" Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 2556, fol. 193, d.d. 29-06-1713 [Helaas zijn alleen de tweede en derde pagina van de akte zichtbaar. Mees Jansz Westerlaan is een van de ondertekenaars van de akte. Arij Janz Boogaart wordt in de akte genoemd.] | Boogaart, Arie Jans (I373)
|
| 4286 | NH dopen Pijnacker: 24-07-1639 Cornelis; o. Jacob Joppen en Leentgen; g. ...; won. Nieuwkoop (of Noukoop) 15-12-1641 Huijbrecht; o. Jacob Joppen en Leentgen; g. Cornelis Joppen en Maertgen Joosten; won. Nieuwkoop 13-03-1644 Stijntgen; o. Jacob Joppen en Leentgen Cornelis; g. Maertgen Joosten; won. Nieuwkoop --- f. 72 24-7-1638: Comp. Gerrit van Leeuwen, onze secretaris, en heeft verkocht aan Jacob Joppensz., tegenwoordig wonende in Nieucoop in Pijnacker, een huis en erf staande en gelegen in Nieucoop alwaar de voorsz. Jacob Joppensz. tegenwoorig woont. Bron: Transporten, schuldbrieven en kavelingen van Pijnacker 1636-1646 door Teun van der Vorm --- f. 41 (gesworens: Pieter Cornelisz. Broomer en Gerrit Jansz. van der Marck) 5-2-1648: Comp. Gerrit Leenertsz. van der Hoeff onze inwonende buurman en heeft verkocht aan Jacob Joppensz. mede onze inwonende buurman een partijtje slagturfland of flodderlandgelegen achter Nieucoop in Pijnacker te verongelden voor 3 hond. f. 69v 12-5-1649: Comp. Gerrit Joostensz. van Schagen onze inwonende buurman en heeft verkocht aan Jacob Joppen Verboon mede onze inwonende buurman een partijtje flodderland gelegen achter Nieucoop in Pijnacker te verongelden voor 3 hond. f. 110 (gesworens: Gerrit Leenertsz. van der Hoeff en Anthonis Jacobsz. Maetroos) 10-5-1651: Comp. Jacob Joppensz. Verboon onze inwonende buurman en heeft verkocht aan Cornelis Dircxsz. mede onze inwonende buurman, zijn huis en erf, schuur, barg, staande en leggende in Nieucoop in Pijnacker f. 114 16-6-1651: Comp. Jacob Joppensz. Verboon wonende in het Noorteijnde van Pijnacker als getrouwd hebbende Jaepgen Fransdr. wed. en boedelbezitster van Claes Cornelisz. Berchout zal. en is schuldig aan Cornelis Cornelisz. Pijnacker wonende tot Pijnacker aan de Laen, de som van 400 car. gld. spruitende uit zaak van geleende en aangetelde penningen. [in de marge: gecasseerd d.d. 5-6-1654.] f. 191v 30-5-1654: Comp. Jacob Joppensz. Verboon onze inwonende buurman als getrouwd hebbende Jaepgen Fransdr. nagelaten wed. van Claes Cornelisz. Berckhout zal. en bekende in voorsz. qualite schuldig te zijn aan Jan Leenertsz. Coonijnenburch wonende tot Segwaert de som van 700 car. gld. uit zaak van geleende en aangetelde penningen. [in de marge: afgelost d.d. 22-1-1663.] Bron: Transporten, schuldbrieven en kavelingen van Pijnacker 1646-1657 door Teun van der Vorm --- Jacob Joppen Verboon weduwnaar van Leentgen Cornelis, wonende tot Pijnacker ter eenre, en Joris Cornelisz. broeder, en Willem Michielsz. schoonbroeder van de voornoemde Leentgen Cornelis, en dienvolgende Oomen en bloedvoogden van de vijf nagelaten weeskinderen van genoemde Leentgen Cornelis bij genoemde Jacob Joppen Verboon verwekt, met namen. Job Jacobsz. Verboon, oud omtrent 12 jaren, Cornelis Jacobsz. Verboon, oud omtrent 10 jaren, Huijbrecht Jacobsz. Verboon, oud omtrent 8 jaren, Stijntge Jacobs Verboon, oud omtrent 6 jaren, en Sent Jacobsz. Verboon, oud omtrent 4 jaren, ter andere zijde, compareerden 11 maart 1650 tot het sluiten van een accoord betreffende de alimentatie van deze kinderen. Bron: SA Schiedam, ONA Schiedam (toegangsnr. 243), inv.nr. 758, p. 457, d.d. 11-03-1650 | Verboon, Jacob Joppen (I3246)
|
| 4287 | NH dopen Pijnacker: 26-06-1774 Andries; o. Claas Vogelaar en Trijntje Leenderts de Knegt; g. Marijtje Vogelaar 08-10-1775 Ariaantje; o. Claas Vogelaar en Trijntje Leendertse de Knegt; g. Ariaantje de Knegt 06-07-1777 Jacob; o. Claas Vogelaar en Trijntje de Knegt; g. Marijtje Vogelaar 13-05-1779 Leendert; o. Claas Vogelaar en Trijntje de Knegt; g. Geertje de Knegt 06-05-1781 Sijmen; o. Klaas Vogelaar en Trijntje Leendertsdr de Knecht; g. Marijtje Vogelaar 10-12-1786 Leendert; o. Klaas Vogelaar en Trijntje de Knegt; g. Marijtje Vogelaar hv. van Jan Slop | Vogelaar, Claas Andries (I3417)
|
| 4288 | NH dopen Polsbroek: 01-05-1701 Leendert; o. Willem Ariense en Jannighje Pieters; g. Neeltie Pieters 09-08-1705 Mergje; o. Willem Ariensen en Jannitje Pieters Verseijl; g. Ariaentie Cornelis | van Dam, Willem Ariens (I807)
|
| 4289 | NH dopen Polsbroek: 02-05-1706 Willem; o. Jan Jacobse Verboom en Jannechje Willems; g. Trijntie Jans 20-05-1714 Barber; o. Jan Verboom en Jannetie Willems; g. Marchje Chiele Block --- "Jan Verboom wonende in de Langeweijde dog tans sig binnen deze stad bevindende mij notaris bekent gemaakt, dewelke verklaarden bij deze wel en deugdelijk schuldig te wezen aan Hendrik Civiel en Niesje Groenevelt echtelieden een somme van een hondert carolus guldens a XX stvs t stuk spruijtende uijt zak van geleende penningen .. winkelwaren, door de voorn. echtelieden aan zijn overledene dogter Barbara Verboom in leven huijsvrouw van Cornelis Claare van tijd tot tijd verschoten en verkogt" Akte: Schuldbekentenis - f 100,- ten laste van zyn overleden dochter Barbara Verboom, in leven gehuwd met Cornelis Claare, voor wie hy borg stond Schuldenaar: Jan Verboom Notaris: J. Boomhoff Bron: HUA, ONA Utrecht (toegangsnr. 34-4), inv.nr. U234a001, aktenr. 107, d.d. 21-07-1761 | Verboom, Jan Jacobs (I3243)
|
| 4290 | NH dopen Polsbroek: 13-03-1695 Jan; o. Jacob Claesse en Meijnsie Jans 24-06-1696 Willem; o. Jacob Claesse en Meijntie Jans; g. Marchie Claesse 09-03-1698 Jan; o. Jacob Claasse en Meijnsje Jans; g. Lena Jans 26-09-1700 Maerten; o. Jacob Claesz en Meijnsje Jans; g. Leena Jans 11-09-1701 Metie; o. Jacob Claasz Bot en Meijnsie Jans; g. Marchje Klaas 10-12-1702 Neeltje; o. Jacob Claesse en Meijntje Jans; g. Leena Jans 26-02-1704 Klaes; o. Jacob Klaessen en Meijntje Jans Lekkerkerker; g. Metie Willems 18-10-1705 Meerte; o. Jacob Claesse Bot en Meijnsje Jans; g. Lena Jans | Both, Jacob Claas (I419)
|
| 4291 | NH dopen Polsbroek: 27-11-1650 Meerten; o. Jan Huijbertsz en Neeltgen Wouters; g. vader, Claesge Jans 06-09-1654 Huijbert; o. Jan Huijbertsz en Neeltgen Wouters; g. vader, Claesgen Jans de moije vant kint 18-03-1657 Pieter; o. Jan Huijbertsz en Neeltjen Wouters; g. vader, Aeltgen Wouters de muije vant kint 02-11-1659 Leentge; o. Jan Huijbertsz en Neeltge Wouters; g. vader, Hendrick Woutersz en sijn huijsvrouw [doopgetuige bij een aantal kinderen van Meinsje Jans Lekkerkerker] 25-05-1664 ...; o. Jan Huijbertsz en Neeltien Woutersen; g. Dirckie Pancken 17-10-1666 Mensje; o. Jan Huijbertsz en Neeltien Wouters --- Jan Huijbertsz, jongman wonende te Zuid-Polsbroek, aanstaande bruidegom, geassisteerd door Huijbert Jansz en Meijnsgen Jacobs, zijn ouders, en Cornelis Jansz Leckerkercker, zijn oom, aan de ene, en Neeltgen Wouters, jongedochter mede wonende te Zuid-Polsbroek, aanstaande bruid, vergezelschapt met Leentgen Peters, haar moeder, en Gerrit Hendricksz, haar oom, aan de andere zijde, stellen een huwelijkscontract op. De bruidegom brengt 500 gulden in, een bed met toebehoren en het gereedschap voor de hoepmakerij. De buid brengt 400 gulden in uit haar vaderlijke erfenis en nog eens 400 gulden uit de erfenis van haar grootmoeder. Het bruidspaar mag van Jan Huijbertsz en Meijnsgen Jacobs in huur gebruiken 6 morgen land, gelegen te Zuid-Polsbroek, en wonen in het huis van Huijbert Jansz. Bron: SAMH, ONA Schoonhoven (toegangsnr. 1060), inv.nr. 7174, d.d. 06-01-1646 (FS scan 39) --- Huijbert Jansz en Meijnsgen Jacobs, echtelieden, wonende te Zuid-Polsbroek, Huibert gezond en Meijnsgen ziek op een stoel bij het vuur zittende, testeren. Huijbert Jansz benoemt tot zijn erfgenamen Jan Huijbertsz, zijn zoon, en Annechgen, Jannichgen, Neeltgen en Ariaentgen Huijberts, zijn dochters, en de nagelaten kinderen van Merrichgen Huijberts, zijn overleden dochter, in zes gelijke delen. Arien Jansz van Groenevelt, de man van de overleden Merrichgen Huijberts, mag zich niet bemoeien met de erfenis, evenmin zijn crediteuren. Meijnsje Jacobs benoemt naast de bovengenoemde kinderen ook Claesje Jans, haar voordochter, als erfgenaam, in zeven gelijke delen. Bron: SAMH, ONA Schoonhoven (toegangsnr. 1060), inv.nr. 7168, d.d. 19-12-1647 (FS scan 45) --- Huijbert Jansz Leckerkerck en Jan Huijbertsz, zijn zoon, beiden wonende te Zuid-Polsbroek, machtigen Johannes Bredius, procureur voor het gerecht van Oudewater. Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beh.nr. O063), inv.nr. 1880, fol. 35, d.d. 29-01-1652 (scan 108) --- Op huyden compareerden voor mij Jacob Jansz Bijll notaris publycq bijden E. Hoove van Hollandt geadmitteert, resideerende binnen deeser steede Oudewater ende voorden getuyghen hieronder genomineert, Dirck Wensly herbergier int Ponte Paert (lees: Bonte Paert) binnen deese voorsz. steede, out 53, ende Jan Huijbertsz woonende in Polsbroeck, out 31 jaren ofte elck daer ontrent, dewelcke attesteren, getuygen ende verclaren ter instantie ende versoecke van Jan Jansz Hanneman, woonende in Snelderweerde (...) Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beh.nr. O063), inv.nr. 1880, aktenr. 23, d.d. 28-02-1652 --- Jan Huijbertsz, wonende te Zuid-Polsbroek, transporteert aan Arien Huijbertsz, wonende te Bonrepas, een stuk land, ca. 5 morgen 1/2 hond groot, gelegen te Bonrepas, strekkende van de Vlist tot de scheidsloot van Lopik, belend ten noorden de gemenelands scheidkade van Bonrepas en ten zuiden Gerridt Hendricksz van Meerlandt. Bron: SAMH, ORA Vlist en Bonrepas (toegangsnr. 1121), inv.nr. 3, fol. 61, d.d. 01-06-1655 (FS scan 226) --- Gerard van Soest, wonende te Lekkerkerk, en Cornelis Jansz Leckerkerckenaer, wonende te Benschop, waren samen met Leendert Huijgen zaliger, in zijn leven mede wonende te Lekkerkerk, volgens het testament voor deze notaris gepasseerd op 23-10-1660 door Teuntgen Michiels, weduwe van Maerten Jansz, in zijn leven lakenkoper te Lekkerkerk, aangesteld tot voogden over de wezen [kleinkinderen van Teuntgen Michiels], met macht om andere voogden aan te stellen. Aangezien Leendert Huijgen, hun mede voogd, is overleden, stellen zij aan tot voogden Jan Huijbrechtsz, wonende te Polsbroek, neef van voornoemde Maerten Jansz, zijn oom. Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk (toegangsnr. 1277), inv.nr. 15, d.d. 28-08-1664 (FS scan 238) --- 118. d.d. 10-2-1651 [losse akte] Leentge Pieters, wedu en boedelhoudster van wijlen Wouter Hendricksz. Stoffel, won. binnen de voors. heerlijkheid, tr. aan Hendrick Woutersz. ende Jan Huybertsz., haere soon ende swager, den eygendom van een seeckere hennipwerf, genaempt 'Steenbergen', goot 1 hondt landt, met de laste van een erfpachtrente van 3 gulden sjaers aencomende de parochiekerke van Polsbroek, belent suytwaerts de kerckcade en noortwaertsde schuttercade, streckende tot het Vlister lant toe. 1. d.d. 14-5-1671 Pieter Aertsz. nagelaten weeskind van Aerdt Pietersz. en mede-erfgenaam van Aechtgen Aerts, syne oudt-moeye in haer leven huysvrouw van Jan Jorisz. anders gen. ‘Jan Bruynen’ in Bergambacht, verkoop van de boedel; Cornelis Pietersz. als oom en bloedvoogd van ‘t gemelde kind en Jan Cornelisz. Kooyman en Jan Huybertsz., burgemeesters van Zuid-Polsbroek. Bron: RA Polsbroek/RA Vlist en Boenrepas ontleend aan http://www.den-uijl.nl | Huiberts, Jan (I1506)
|
| 4292 | NH dopen Puttershoek: 16-05-1638 Cornelis; o. Floris Dirckse en Janneken Claes; g. Cornelis Pieterse van Dordrecht, Gijsbert Dirckse, Neeltgie Roockes en Pleuntie Jans 18-03-1640 Jan; o. Fleuris Dirckse en Janneken Claes; g. Roocus Pieterse van Cjaerloos, Erchie Claes en Margien Ariense op Heijnnoort 01-12-1641 Arije; o. Fleuris Dirckse en Janneken Claes; g. Centie 22-05-1644 Aariaentien; o. Fleuris Dirckse en Janneken Claes; g. Bastiaentie Sijmonds 24-06-1646 Truijgie; o. Fleuris Dirckse Tol en Janneken Claes; g. Neeltie Claes 06-06-1649 Maergien; o. Fleuris Dircksz en Janneken Claes; g. Neeltien Claes --- Floris Dircxsz, wonend op Pietershouck, als schuldenaar, en Dirck Ariensz Dortsman en Claes Cornelisz, beiden wonend in Charlois als borgen bekennen 250 gulden schuldig te zijn aan Grietje Frans Kievits, vrouw van Gijsbert van Soelen, wonend alhier. Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 330, aktenr. 150, d.d. 29-04-1642 --- f. 162 d.d. 13-3-1654: Leentgen Gijsbertsdr. weduwe van Dirck Arijnsz. Tol geassisteerd met Gijsbert Dircxsz. haar oudste zoon, mitsgaders de voorn. Gijsbert Dircxsz. voor hem zelf en Flueris Dircxsz., Aert Dircxsz., Cornelis Dircxsz., Abraham Dircxsz., IJsaak Dircxsz., Jacob Dircxsz. en Pieter Dircxsz. Tolle alle bejaarde kinderen en erfgenamen van de voorn. Dirck Arijensz. Tol hebben gezamenlijk getransporteerd aan juffrouw Maria van der Meijde wonende tot Rotterdam een stuk land groot omtrent 4 morgen 70 roeden in Charlois in het Griffioen Blok. Bron: Transporten en schuldbrieven van Charlois 1648-1657 door Teun van der Vorm --- "Floris Dircxsz Toll out lv ende Quirijn Quirijnen Huijser out xxxix jaeren offe elcx van hen daer ontrent wonende beijde alhier" Floris Dircxsz Toll en Quirijn Quirijnen Huijser, beiden wonend in Ridderkerk verklaren op verzoek van Dirck Willemsz Bijll dat zij 3 maanden geleden samen en in gezelschap van Wouter Leendertsz Huijser, bode te Ridderkerk, waren geweest. Er ontstond verschil van mening over het huisje en erf waar Jan Louwerense in had gewoond en dat hij nu van Huijser wilde kopen. Hij wilde het niet voor zichzelf maar voor Mr. Willem kopen voor de somma van 150 gulden. Deze moest aan Huijser daarvan 20 gulden betalen en de rest aan requirant als betaling voor arbeidsloon en leverantie van materiaal. Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 15, aktenr. 305, d.d. 25-05-1670 --- f. 185 d.d. 7-11-1671: Floris Dircxsz. Toll, Aert Dircxsz. Toll en Jacob Dircxsz. Toll zowel voor hem zelf en zich sterk makende voor zijn broeder Pieter Dircxsz. Toll, alle kinderen en erfgenamen van Leentje Gijsbertsdr. Toll bekende verkocht te hebben aan Gijsbert Dircxsz. Toll zeker huising, erf en bergen op Smitshoek onder Charlois. f. 201 d.d. 4-8-1673: Floris Dircxsz. Toll, Aert Dircxsz. Toll en Jacob Dircxsz. Toll als procuratie hebbende van Cornelis Dircxsz. Toll (procuratie voor notaris Van Bergen tot Beijerland d.d. 10-7-1673) en de voorn. Jacob Dircxsz. Toll nog als mondelinge last hebbende van Pieter Dircxsz. Toll en de weeskinderen van Abraham Dircxsz. Toll haar in deze vervangende, alle kinderen en erfgenamen elk voor een zevende part van haar moeder Leentje Gijsbertsdr. zaliger hebben getransporteerd aan Gijsbert Dircxsz. Toll haar broeder zekere zes zevende parten in 3 morgen 501 roeden land gelegen in Charlois in het Coppelleblok. Bron: Transporten en schuldbrieven van Charlois 1665-1677 door Teun van der Vorm | van Tol, Floris Dirks (I3158)
|
| 4293 | NH dopen Ravenswaaij: 00-12-1683 Crijne; o. Peter Jansen en Maeria Crijnen [1683 doorgestreept en vervangen door 1685] 19-12-1686 Eijgje; o. Peter Janzen van Leeuwen en Marijgje Krijnen van Eck 03-03-1695 Jantje; o. Peter Janse van Leeuwen en Marij Krijnen Verkuijl --- [Ledemaeten bevonden den 21 Julij 1709] B. 1694 Peter Janse van Leeuwen Ob. 1723 AH: Marijgje Krijnen van Eck 1729 vertrok: na Soelen Bron: Ravenswaaij - NH lidmatenboek | van Leeuwen, Peter Jans (I2148)
|
| 4294 | NH dopen Ravenswaaij: 23-01-1707 Maaijken; o. Geurt Thomasse van Eck en Crijntje - Zoelen 07-07-1708 Cornelis; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 06-04-1710 Marij; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 10-01-1712 Peter; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 27-08-1713 Peter; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 30-09-1714 Thomas; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 12-01-1716 Jantje; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 17-01-1717 Peter; o. Geurt Tomasse van Eck en Krijntje Peters van Leeuwen - Ravenswaaij 03-03-1720 Gijsbert; o. Geurt Thomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij 07-02-1723 Joost; o. Geurt Thomasse van Eck en Krijntje Peterse van Leeuwen - Ravenswaaij --- Bel. 1708. 7 April { Geurt Thomasse van Eck: Ab. 1723 Krijntje Peterse van Leeuwen. X Bron: Ravenswaaij - NH lidmatenboek | van Ek, Geurt Thomas (I1013)
|
| 4295 | NH dopen Reeuwijk 07-02-1778 (geb. 01-02-1778) Aaltie; o. Arij Boon en Jannetie Joosten Schouten; g. Aaltie Muijt 16-01-1780 Joost; o. Arij Boon en Jannetie Joosten Schoute; g. Antie Lammertse Hogebrug 29-02-1784 (geb. 15-01-1788) Geertruij; o. Martinus Bijkerk en Jannetje Schouten; g. Ariaantje Schouten NH dopen Zwammerdam: 08-02-1778 Aaltje; o. Arie Boon en Jannigje Schouten; g. Aaltje Muijt huisvrouw van Maarten Boon 16-01-1780 Joost; o. Arie Boon en Jannigje Schouten; g. Antje Hogenburg huisvrouw van Maarten Schouten 29-02-1784 (geb. 19-02-1784) Geertruij; o. Martinus Bijkerk en Jannetje Schouten; g. Ariaantje Schouten 24-03-1788 (geb. 15-01-1788) Anna; o. Jannetje Joosten Schouten, verlaten huisvrouw van Martinus Bijkerk | Bijkerk, Martinus Cornelis (I299)
|
| 4296 | NH dopen Reeuwijk: 01-06-1692 Jan; o. Pieter Janse de Jonge en Marrijtje Jacobs; g. Maria Jans de Jonge 22-04-1696 Neeltje; o. Pieter Jansse de Jong en Marritje Jacobs Dwaaling; g. Neeltje Cornelis van der Sman en Heijndrik Jacobs Dwaaling 23-08-1699 Jacob; o. Pieter Jansen de Jong en Marritje Jacobs Dwaling; g. Wijntje Jacobs Dwaling (begr. 05-10-1705) 27-08-1702 Dirck; o. Pieter Janz de Jonge en Marchje Jacobs Dwaling; g. Dirck Gerretz van Leeuwen en Annitje Dircks den Hartog 17-05-1705 Annetje; o. Pieter Janse de Jong en Marchje Jacobs Dwaling; g. Klaasje Dircks 07-10-1708 Jaapje; o. Pieter Jansen de Jong en Marchje Jacobs Dwaling; g. Wijntje Jacobs Dwaling 09-02-1712 Wijntje; o. Pieter Jansen de Jong en Marchje Jacobs Dwaling; g. Wijntje Jacobs Dwaling | de Jong, Pieter Jans (I1787)
|
| 4297 | NH dopen Reeuwijk: 01-12-1744 doodgeboren 08-04-1746 doodgeboren 26-11-1747 doodgeboren 17-08-1749 Klaas; o. Joost Klaasz Schouten en Alida Abrah. Moraal; g. Jannetje Joosten de Bruijn 01-01-1751 Maarten; o. Joost Klaasz Schouten en Alida Abrah. Moraal; g. Barbara Abrah. Moraal 27-03-1757 Jannigje; o. Joost Claasse Schouten en Geertruij Jacobs Leeflang; g. Macheltje Jans Swart 29-10-1758 Ariaantje; o. Joost Claasse Schouten en Geertruij Jacobs Leeflang; g. Sophia Leeflang 25-12-1760 Cornelis; o. Joost Schouten en Geertruij Leeflang; g. Sophia Leeflang 04-04-1763 Jacoba; o. Joost Schouten en Jacobs Leeflang; g. Ariaantje Goudsblom huijsvrouw van Jacobus Leeflang 10-03-1765 Jacobus; o. Joost Schouten en Geertruij Leeflang; g. Sophia Leeflang 30-11-1766 Johanna; o. Joost Schouten en Geertruij Leeflang; g. Sophia Leeflang 04-06-1769 Jan en Trijntje; o. Joost Schouten en Geertruij Leeflang; g. Johanna Leeflang en Maartje Leeflang --- "den eersaamen Joost Klaasz Schouten weduwenr. van Alida Abrahams Moraal, ende eerbaare Geertie Jacobs Leeflang egteluijden woonende in den Tempel onder Reeuwijk, mijn notaris bekend, hebbende beijden hun verstand redenen en memorie (...) en administrateurs over derselver geerfde goederen, de persoonen van Jan Huijbertz van den Tooren, zijn testateurs susters man, en Cornelis Dirkz Goutsblom, haar neeff te saamen en ider in't bijsonder, en bij voor en overlijden van een van die beijden in des overleedens plaats Jan Dirkz Wardelman in huwelijk hebbende de suster van zijn testateurs voornoemde overleeden huijsvrou" Bron: RHC RL, ONA Reeuwijk (beheersnr. R066), inv.nr. 6960, aktenr. 234, d.d. 31-05-1759 | Schouten, Joost Claas (I2830)
|
| 4298 | NH dopen Reeuwijk: 02-02-1676 Belitien; o. Marten Corssen van Zalen Kinderen: - Teetje Meertens van Salen - Beligje Maartens van Zalen - Aaltje Maartens van Salen, impost 21-03-1744 Reeuwijk - Arij Maartensz van Saalen (RHC RL, ONA Reeuwijk (beheersnr. R066), inv.nr. 6956, aktenr. 3, d.d. 16-03-1745) - Cornelis Maartensz van Saalen x Ariaantje Jans de Bruijn 20-05-1696 Jan; o. Cornelis Meertense van Saalen en Ariaantje Jans; g. Teetje Maartens; Reeuwijk 19-05-1698 Neeltje; o. Cornelis Maartense van Saalen en Ariaantje Jans de Bruijn; g. Geertje Jans de Bruijn 11-09-1701 Emmerens; o. Cornelis Maartenz van Zalen en Aarjaantje Jans de Bruijn; g. Jannetje Ariens Blonck 03-08-1704 Lena; o. Cornelis Maartenz van Zalen en Ariaantje Jans de Bruijn Zussen: Cornelis Leendertsz de Bruijn, j.m. van Sluipwijk, en Aeltje Korsen van Salen, j.d. van Kamerik, trouwen op 24-10-1665 voor het gerecht van Sluipwijk. Gerrit Jansz van der Bruijn, j.m. won. a/d Hoge Rijndijk te Bodegraven, gaat op 09-02-1665 te Bodegraven in ondertrouw met Marrichgen Corssen van Salen, j.d. won. a/d Ree onder Sluipwijk. Jan Koenen en Belichgen Korsen trouwen op 19-10-1653 te Sluipwijk met attestatie van Kamerik --- 6-5-1660: Jan Coenenssen Voogelesangh verkoopt aan Maerten Corssen van Saelen, zijn zwager, een hofsteedje met huis en schuur met 2 morgen land, gelegen in Vogelenzang, strekkende van Thomas Meertensz Camerick oostwaarts tot de Reewetering, belend ten noorden Leendert Adrijaenssen van Cadts en ten zuiden Willem Woutersz van Leuwen. De koper neemt over een rente van 8 gld. 15 st. per jaar aan de kerk van Sluipwijk en een rentebrief van 300 gulden aankomende Annitge Dirckge Drooch, poorteresse van Gouda. Daarnaast betaalt hij nog 350 gulden. Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 7, fol. 258v (FS scan 370). 24-10-1662: Cornelis Leendertsz van Cadts verkoopt aan Maerten Corssen van Saelen een perceeltje van 1 morgen 5 hond land, gelegen in Vogelenzang onder Reeuwijk, strekkende van Thomas Meertensz Camerick oostwaarts tot de Grote Ree, belend ten zuiden de koper zelf en ten noorden Floris Leendertsz Cadts. De koper neemt tot last de helft van een rentebrief van 400 gulden en betaalt daarnaast 515 gulden. Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 8, fol. 12v (FS scan 430). 19-12-1668: Maerten Huijgen Blonck en Annichjen Ariens Blonck als vader en moeder, voogd en voogdes van hun kinderen, Maerten Corsz van Salen, getrouwd met Emmitjen Ariens Blonck, kinderen en erfgenamen, naast Jan Ariensz Blonck, van Arien Jansz Blonck en Aeltje Cornelis, beiden overleden te Sluipwijk. Ze verkopen aan Jan Ariensz Blonck, hun broer en zwager, die het resterende derde deel bezit, twee derde delen van een hofstede en woning met huis, berg en schuur met 9 morgen 2,5 hond wei-, hooi- en hennepland, gelegen te Ravensberg onder Sluipwijk, strekkende van de 's-Gravenbroekerdijk tot de Oudewegse wetering, belend ten oosten Arien Jansz de Jonge en ten westen Claes Harmensz Vergans. De koopsom is 3.600 gulden. (Schuldbrief volgt.) RHCRL, ora Sluipwijk 5, fol. 114 (FS scan 523/582). 29-3-1670: Maerten Corssen van Saelen, onze mede inwonende buurman, is schuldig aan Thuenis Hermens van Trist, poorter te Gouda, een losrente van 50 gulden per jaar met een hoofdsom van 1.000 gulden. Als onderpand geldt zijn woning en hofstede met huis, berg en schuur met 3 morgen 5 hond land in twee percelen, gelegen in Vogelenzang onder Reeuwijk, strekkende van Thomas Meertensz Camerick oostwaarts tot de Grote Ree, belend ten zuiden Willem Woutersz van Leuwen en ten noorden Flooris Leendertsz van Cadts; nog een perceel van 2 morgen groot, gelegen en strekkende als voren, belend ten zuiden Dirck Cornelisz rosmolenaar en ten noorden Jan Jacopsz Blonck. Afgelost op 03-02-1740. Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 8, fol. 134 (FS scan 552). 13-6-1675: Maerten Corsz van Zalen is schuldig aan het nagelaten onmondige weeskind van Gerrit Andriesz van Dobben, horende onder de weeskamer van Gouda, een losrente van 20 gulden per jaar met een hoofdsom van 400 gulden, vanwege een obligatie van 350 gulden met 50 gulden uitstaande rente. Als onderpand geldt zijn hofstede met huis, berg en schuur met ca. 3 morgen 5 hond land, gelegen in Vogelenzang onder Reeuwijk, strekkende van de Soetendijk tot de Ree, belend ten noorden Floris Leendertsz Cats en ten zuiden Swaentien Willems Boon; nog een partij land ca. 2 morgen groot, gelegen en strekkende als voren, belend ten noorden Jan Jacobsz Blonck en ten zuiden Dirck Cornelisz rosmolenaar. Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 9, fol. 61 (FS scan 66). 15-4-1686: Aeltgen Corssen van Salen, weduwe van Cornelis Leendertsz de Bruijn, geassisteerd door Maerten Corssen van Zalen, haar broer en gekozen voogd, dragen over aan Jan Leendertsz de Bruijn een huis en erf met ca. 1 morgen 75 roeden land, gelegen in de Nieuwenbroek onder Sluipwijk, strekkende van de rietputten van de erfgenamen van Emmitgen Hendricxs tot Willem Claesz Spruijt, belend ten oosten 's-Gravendijk en ten westen de voornoemde erfgenamen. Jan Leendertsz de Bruijn belooft dat Aeltgen Corssen de rest van haar leven in het huis mag wonen. Betaald met het aflossen van een rentebrief van 250 gulden. Bron: RHCRL, ora Sluipwijk 6, fol. 123v (FS scan 129/571). --- Rechtdach, gehouden den XIII martii anno 1675 Pietertje Goosens, wedue wijlen Willem Woutersz van Leeuwen, eysscherce contra Maerten Corsz, gedaechde, om betalinge van een en dartich gulden over een jaer lanthuyr, verschenen Sint Petri 1673; concludeert tot condemnatie van dien ende bij provisie tot namptissement cum expensis. Rechtdach, gehouden den XIIIen september anno 1690 Hendrick Paulus Smits, woonende tot Nieuwerkerck, eysscher ende arrestant op vijff oyen ende vijff lammeren, loopende in de weyde van Maerten Corsz van Zalen aen de Vier Essen, toebehoorende ende daer schuldich is voor te verantwoorden Pieter Joosten, woonende tot Pelt in 't lant van Luijck, omme daeraen te verhalen de somme van twee en vijftich gulden over geleverde veeren ende deeckens volgens het register; concludeert tot kennen ofte ontkennen, wijders decretatie van 't arrest, condemnatie van de voorszeyde somme cum expensis ende bij provisie namptissement van deselve. Bron: Reeuwijkse bronnen deel 10, Vierschaerboeck van Reeuwijk 1675-1734 | van Zalen, Maarten Cors (I3618)
|
| 4299 | NH dopen Reeuwijk: 19-12-1706 Anna; o. Gijsbert Maertenz de Jong en Annetje Janz Klijn; g. Jaapje Leendertz Decker 06-05-1708 Jan; o. Gijsbert Maertense de Jong en Annetje Jans Klijn; g. Marij 23-02-1710 Leendert; o. Gijsbert Maertense de Jong en Annetje Jans Klijn; g. Maria Jans Klijn 16-07-1712 Gijsbert; o. Jan Pieterse Maaswinckel en Annetje Jans Klijn 17-04-1718 Cornelis; o. Jan Maaswinckel en Annetje Jans Klijn; g. Maria Dircks Kerckhof --- 16-3-1715: Albert Jansz van Dalen, weduwnaar van Jaepie Leenderts Decker, aan de ene, en Pieter en Cornelis Jansz Cleijn, Pieter van Leeuwen, getrouwd met Martijntie Jans Cleijn, Cornelis Cornelisz den Outsten, getrouwd met Marritie Jans Cleijn, Jan Pietersz Maeswinckel, getrouwd met Annitie Jans Cleijn, en Gijsbert Sijmonsz Coster, getrouwd met Maria Jans Cleijn, kinderen van Jaepie Leenderts Dekcer, in haar leven huisvrouw van voornoemde Albert Jansz van Dalen, aan de andere zijde, scheiden de boedel die Jaepie Leenderts door haar dood heeft nagelaten. Albert Jansz van Dalen houdt alle roerende en onroerende goederen. De kinderen krijgen de kleding van Jaepie Leenderts Decker. Elk kind krijgt twee slaaplakens en 50 gulden aan contant geld. RHCRL, ora Reeuwijk 10, fol. 184v (FS scan 205/354) | de Jong, Gijsbert Maartens (I1796)
|
| 4300 | NH dopen Reeuwijk: 20-09-1676 Marijtie; o. Jan Pieterssen; g. Annetie Dircx 22-10-1679 Annichien; o. Jan Pieterssen en Jaapie Leenderts; g. Willem Pieterssen en Betien Pieters 18-05-1682 Pieter; o. Jan Pieterssen Kleijn en Jaapie Leenderts; g. Annichie Leenderts --- Jan Pietersz Cleijn: man, vrouw, twee kinderen onder 10 jaar en twee kinderen onder 4 jaar oud. Bron: Reeuwijk - Kohier van het gemaal 1680 --- 6-5-1669: Jan Pietersz Kleijn, getrouwd met Jaepje Leenderts, heeft uit de weeskist gelicht de kopieën van de inventaris van de boedel van za. Marritjen Rutten en een obligatie ten behoeve van voornoemde Jaepje Leenderts, ten laste van Leendert Jansz korenmolenaar van 91 gld. 7 st., haar erfdeel uit de boedel van Marritje Rutten. Bron: RHCRL, wk Sluipwijk 1 (FS scan 9/87) 13-8-1674: Maria Abrahams van der Horde, weduwe van Claes Woutersz Hofflant, geassisteerd door Abraham Ariensz van der Horde, haar vader en gekozen voogd, verkoopt aan Jan Pietersz Cleijn een huis, schuur en erf gelegen op 's-Gravenbroek onder Reeuwijk, strekkende van de gemene vaarwetering oostwaarts tot Dirck Ariensz Middelburgh, belend ten oorden Bankeras Caspertsz van der Grift en ten zuiden Cornelis Cornelisz Ramp. De koopsom is 670 gulden. Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 9, fol. 28 (FS scan 33/440) 29-6-1677: Mr. Joris de Vries, getrouwd met Annitien Leenderts Decker, Lourens Jansz Robbaert, getrouwd met Maria Leenderts Decker, en Jan Pietersz Cleijn, getrouwd met Jaepie Leenderts Decker, kinderen en erfgenamen van Leendert Jansz Decker za., verkopen aan Jan Leendertsz Decker, mede-erfgenaam van voornoemde Leendert Jansz Decker, drie vierde delen van een korenwindmolen met gereedschap, mitsgaders een huis, berg, schuur en erf met een naastgelegen partij land, te verongelden voor 3 morgen, gelegen in het blok De Zaten onder Reeuwijk, belend ten oosten de gemene vaarwetering, ten westen Jan Pietersz Goutcade, ten noorden Adriaen van Eijck schout en ten zuiden Jacob Dircksz Boij, waarvan het resterende vierde deel in het bezit van de koper is. Het is recht van overpad over de erven van Boij. Het land is belast met 12 stuivers per jaar aan Gravenpacht en 3 gulden per jaar aan windrecht toekomende de Grafelijkheid. Tevens is het land onderpand van een rentebrief van 400 gulden toekomende Adriaen van RHCRL, ora Reeuwijk 9, fol. 116 (FS scan 128/440) 16-3-1715: Albert Jansz van Dalen, weduwnaar van Jaepie Leenderts Decker, aan de ene, en Pieter en Cornelis Jansz Cleijn, Pieter van Leeuwen, getrouwd met Martijntie Jans Cleijn, Cornelis Cornelisz den Outsten, getrouwd met Marritie Jans Cleijn, Jan Pietersz Maeswinckel, getrouwd met Annitie Jans Cleijn, en Gijsbert Sijmonsz Coster, getrouwd met Maria Jans Cleijn, kinderen van Jaepie Leenderts Decker, in haar leven huisvrouw van voornoemde Albert Jansz van Dalen, aan de andere zijde, scheiden de boedel die Jaepie Leenderts door haar dood heeft nagelaten. Albert Jansz van Dalen houdt alle roerende en onroerende goederen. De kinderen krijgen de kleding van Jaepie Leenderts Decker. Elk kind krijgt twee slaaplakens en 50 gulden aan contant geld. RHCRL, ora Reeuwijk 10, fol. 184v (FS scan 205/354) | Cleijn, Jan Pieters (I1889)
|