| Aantekeningen |
- [Sijtgraft]
Dirck Geritsz molenaer
Marijtgen Geritsdr sijn wijf
Pieter, Jacop, Gerit, Daniel haer beijder kinderen
Bron: ELO, Register van de volkstelling, 1581 (toegangsnr. 501A), inv.nr. 1289, fol. 133
---
Perceelformulier van Korevaarstraat 036-042 [molen 't Kalf?]
https://historischleideninkaart.nl/perceelformulier/?Id=1834
---
"Jan Sijmonsz out omtrent xlviij jaren, ende Dirck Gerijtsz out omtrent xxxvj jaren molenaers poorteren der stede van Leijden, ende deposeerden ende .uijchden bij heurender conscientie ende zielen zalicheijt in plaetse van eede een versoucke van Jan Cornelisz van Schagen mede molenaer woonachtich althans tot Noortwijck"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 8, aktenr. 280, d.d. 04-12-1579
---
"ten versoucke van Dirck Gerijtsz molenaer woonachtih binnen der voorsz. stede van Leijden"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 9, aktenr. 177, d.d. 16-07-1580
---
Dirc Gerritsz, molenaar en Balten Pietersz. , apotheker, zijn buurman
Balten heeft zijn erf opgehoogd, Dirk heeft daardoor wateroverlast; ook de goot tussen beider woningen is door Balten verwaarloosd
Bron: ELO, Buurquestieboeken (toegangsnr. 508), inv.nr. 48A, fol. 39vso, d.d. 07-05-1599
---
"Pieter Dircxsz van Starrevelt molenaer wonachtich tot Rhijnsburch item Gerrit Dircxsz van Starrevelt cleermaker ende Daniel Dircxsz van Starrevelt molenaer bijde wonachtich binnen deser stede alle nagelaten kindren ende erfgenamen van sa. Dirc Gerritsz molenaer verclarende ende bekennende sij comptn. voornt. mij notaris ende getuijgen welbekent wel te weeten ende goede kennisse te hebben dat sa. Huijch Liclaesz voortijts molenaer aen Dirc Gerritsz hare comparantes vader voornt. voldaen endebetaelt heeft sodanige tweeduijsent tweehondert vijftich gulden van xl groten vlaems tstuc uit paijen van drie hondert gl. gereet ende tweehondert gl. sjaers vroulichtenisse dage ao. xvje thien teerste als Huijch Liclaesz voornt. aende voorsz. hare comptn. vader schuldich geweest is int cope van een halve molen staende ende gelegen op deser stede veste aent eijnde vande Sijtgraft bij Jan Poulsz van Wijc inde voorleden winter aen Pieter Cornelisz den Haen vercocht"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 426, aktenr. 59, d.d. 22-06-1632
|