| Aantekeningen |
- NH dopen Amsterdam:
22-04-1632 Marijtjen; o. Rijck Gerritsz scheepstimmerman en Willempjen Aerjaens; g. Neel Gerrits en Ael Aerjaens
31-07-1633 Lobbetjen; o. Rijck Gerritsz scheepstimmerman en Willempjen Aerjans; g. Bartel Jansz Aela.ja. en Marrij Jacobs
01-10-1634 Gerrit; o. Rijck Gerritsz en Willempjen Aerjans; g. Sander Bongersz en Neeltjen Jacobs Brach
14-06-1637 Aerjan; o. Rijck Gerrits scheepstimmerman en Willempjen Aerjans; g. Neel Aerjans
---
"Compareerden Eelcken Herckes timmerman als man ende voochd van Aeltgen Adriaens, item Harmen Adriaensz Scherp, Rijck Gerritsz scheepstimmerman als man ende voochd van Willemtgen Adriaens ende Neeltgen Adriaens geassisteert mette voorsz Harmen Adriaensz hare broeder ende voochd in desen gecoren alle vier nagelaten kinderen ende erfgenamen van zal. Adriaen Jansz Scherp in zijn leven gewoont hebbende binnen deser stede mede een sons soone was van Neeltgen Jan Pentsers dochter voor deene helftevijffachte parten. Ende hebben in allen beteren formt maniere ende wege heulr. doenlijck sijnde geconsitueert ende machtich gemaect constitueerde ende maeckte machtich mits desen den voorsz. Willemtgen Adriaens huijsvrouwe van Rijck Gerritsz voornt. om uijt den name ende van wege hen constituanten in de voorsz. qualite neffens Jacob Jansz Scherp cuijper haren oom mede erfgenaem worde wederheft vierde vijfde achte parten ende beneffens dander erffgenamen van Pieter Jansz Pentser te verschijnen voorden e. gerechten d
Bron: SA Amsterdam, ONA Amsterdam (toegangsnr. 5075), inv.nr. 593, aktenr. 224036, d.d. 21-05-1631
---
"Compareerde Rijck Gerritsz scheepstimmerman tegenwoordich geresolveert omme mette fluijt egnaemt Petten te gaen naert eijland van Mauritius een soone van z. Gerrit Rijcksz scheepstimmerman was in sijn leven mij notario bekent ende geliede mits desen ontfangen te hebben uijt handen van zijn eerbare moeder Neel Jacobs weduwe nagelaten vande versz. zijnen vader Gerrit Rijcksz de somme van eenhondert ende vijftich carolus gulden over de betalinghe vant geene d voorsz zijne moeder hem over zijn caliger vaders erfve ter weescamer deser stede voor sijn hooft bewesen heeft"
Bron: SA Amsterdam, ONA Amsterdam (toegangsnr. 5075), inv.nr. 595, aktenr. 360787, d.d. 16-03-1634
|