| Aantekeningen |
- NH dopen Zevenhuizen:
17-01-1638 Crijn; o. Abraham Crijne en Maertge Cornelisdr; g. Abraham Cornelis
30-03-1642 Corn.; Abraham Crijne en Maertge Corn.; g. Isaac Corn. en Ariaentgen Huijgen
18-06-1644 Dirk; o. Abraham Crijne en Maertie Corn.; g. Abraham Corn., Arien Dircksz en Maertie Dircks
19-11-1645 Cors; o. Abraham Crijnen en Maertie Corn.; g. Corn. Corsz, Willem Huijbrechtsz en Maertie Dircx
---
Claesge Pietersdr, weduwe van Crijn Cornelisz van Alphen, geassisteerd door Cornelis Gerritsz van Vleuten, haar gekozen voogd, aan de ene, en Abraham Crijnen van Alphen, voor zichzelf, en Cornelis Crijnen int Houdt, als voogd en zich sterkmakende voor Grijetgen Crijnen, en als voogd van de twee onmondige kinderen van Crijn Cornelisz met namen Willem Crijnen, a.s. Allerheiligen 15 jaar, en Huijch Crijnen, St. Jacob 1636 13 jaar oud, aan de andere zijde, gaan akkoord met de uitkoop van hun vaderlijke erfenis. De weduwe houdt alle goederen die voornoemde Crijn Cornelisz bij zijn dood heeft nagelaten, inclusief alle schulden. Ze zal haar twee jongste kinderen, met namen Willem en Huijch, opvoeden en onderhouden tot hun 18e. De kinderen krijgen elk op hun 18e 375 gulden met 150 gulden voor hun uitzet. Als onderpand geldt haar huis en erf, gelegen in het dorp Zevenhuizen, belend ten oosten de Heerstraat, ten zuiden Claes Joosten en ten westen en noorden de weduwe van Jan Sijmonsz Metselaer.
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 4, fol. 288, d.d. 18-07-1636 (FS scan 305)
---
Adriaen Lenertsz van der Steur, weduwnaar van Hillitge Crijnen, aan de ene, en Abraham Crijnen, voor zichzelf, en Cornelis Crijnen int Hout als voogd van Grietge Crijnen en de twee onmondige kinderen van Crijn Cornelisz van Alphen, mitsgaders Dirckge Pietersdr, weduwe van Cornelis Crijnen, geassisteerd door Cornelis Pietersz, haar broer en voogd, erfgenamen van voornoemde Hillitge Crynen, aan de andere zijde, sluiten een akkoord over de erfenis van de goederen die voornoemde Hilletge Crijnen heeft nagelaten. Aerien Lenertsz van der Steur, als mede erfgenaam van Crijn Cornelisz van Alphen, staat zijn deel van diens erfenis af. Hij houdt alle goederen die hij met Hillitge Crijnen gemeenschappelijk heeft bezeten, inclusief de schulden, behalve haar kleding.
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 4, fol. 289v, d.d. 18-07-1636 (FS scan 307)
---
fol. 46vs, dd. 28-3-1637 Abraham Crijnen van Alphen en Hendrick Bruynen de Bruyn, getr. hebbende Grietge Crijnen, elk voor de helft, kinderen en erfgenamen van Crijn Cornelisz van Alphen en zijn huisvrouw, beiden zaliger, dragen over aan Cornelis Willemsz Levelangh een huis en erf met berg, twee schuren en omtrent 2 morgen land daarachter, belend oost: de vaart, west: de Heerweg, zuid: Michiel IJsbrantsz Levelangh, noord: Cornelis Corsz c.s.. Nog meer land met belendingen als hierboven en Dirck Lenertsz In den Bent c.s.. Adriaen Tijsz, Crijn Maertensz Claveseer, Aert Dircxsz van Wensveen c.s. De koper mag gebruiken “de brugge genaemt Pieter Sobers Brugge” volgens het contract daarover gemaakt. (fol. 47vs: custingbrief hierop).
fol. 171, dd. 5-6-1638 Abraham Crijnen van Alphen, onze buurman, getr. hebbende Maritge Cornelisdr, voor hemzelf en als voogd van de twee onmondige broers van zijn huisvrouw, en Cornelis Corsz, als vader en toeziend voogd van zijn minderjarige kinderen, erfgenamen van Maritge Dircxsdr, hun moeder, dragen over aan Jan Jacobsz Broeder land in de Catgespolder met schuur, strekkende van de Vaart tot het Nieuwe Diep, belend zuid: Michiel Leynen, noord: de erfgenamen van Jan Gerritsz Haegen (custingbrief hierop t.l.v. Jan Jacobsz Broer, onze buurman, t.b.v. Abraham Crijnen van Alphen, getr. met Maritge Cornelisdr, voor 1/3, en de twee onmondige kinderen van Cornelis Corsz, elk voor 1/3. Borg: Claes Claesz van Eijcken).
fol. 172, dd. 5-6-1638 Cornelis Corsz en Pieter Dircxsz van Wensveen, als oomen en voogden van het nagelaten kind van Jacob Corsz, verwekt bij Maritge Dyertsz, voor de ene helft, Crijn Jansz van Segwaert, getr. hebbende Jannetge Cornelisdr, voor hemzelf en voor de verdere erfgenamen van Maritge Cornelisdr, zijnde de weduwe en tweede huisvrouw van de voorn. Jacob Corsz, voor de andere helft, dragen over aan Abraham Crijnen van Alphen een woning etc. met het land daarachter in de Catgespolder,strekkende van de weg oost op tot de schouwbare vaart, belend noord: de erfgenamen van Isbrant Dyertsz en zuid: Jan Aerien Jan Schippers. Nog slagturfland, belend: Maerten Huygen, Michiel Isbrantsz, Cors Pietersz Bosch, Isbrant Davitsz, Jan Cornelisz Kooten (fol. 173vs: custingbrief hierop).
fol. 267. dd. 14-9-1639 Cornelis Willemsz Levelangh den oude, wonende te Bleiswijk, draagt over aan Abraham Crijnen van Alphen een woning en land in het Noordeinde van Zevenhuizen in de Catgespolder, strekkende van de Heerweg oost op tot de vaart, belend zuid: Pleun Willemsz Levelangh, noord: Cornelis Cornelisz c.s. Nog meer land, strekkende van Willem en Michiel Isbrantsz erfgenamen oost op, belend: Cornelis Cors c.s., de kinderen van Jacob Dircxsz van Wensveen, de erfgenamen van Crijn Maertsz Claveseer, Dirck Lenertsz In den Bent c.s.. Nog meer land, gelegen in de woning van Aryen Thijsz, belend: Aert Dircxsz van Wensveens erfgenamen c.s., Huybert Bentill, bode c.s.
Bron: RA Zevenhuizen nr. 54 (1635-1639) door C.A. Kuysten
|