| Aantekeningen |
- NH dopen Bodegraven:
26-05-1658 Jan; o. Hagen Jansz Hagendoorn; Buijttekerck
14-01-1660 Machteltjen; o. Hagen Jansz Hagendoorn
NH dopen Woerden:
04-03-1663 Gerrit; o. Haghen Jansen en Marritjen Jans; g. Pieter Jansen
05-10-1664 Cornelis; o. Haghen Jansen en Marritjen Jans; g. Jan Cornelissen en IJda Pieters
23-02-1670 Neeltje; o. Hagen Jansz Hogendoorn (oosteijnde van Waarder)
13-12-1671 Marige; o. Hagen Janse Hogendooren en Lijsbeth Cornelis (oosteijnde van Waerder)
---
[Aengecomen ten tijde van D. Wijkentoren beginnen met de 1 meert 1654]
[24 decemb]
33. Hagen Jansse j.m. int oosteijn
[Gevonde dese navolgende ledematen Bij Th. Dol. Rolant 1670 den 4 maij]
[In 't oosteijnde van Waerder]
77 x Hagen Janse Hogendooren, doot
78 x Lijsbet Cornelis, sijn huijsvrou.
Bron: Waarder - Lidmatenboek
---
Jan Gerritsz Hagens en Grietgen Jansdr, echtelieden, wonende in het Oosteinde van Waarder, Jan Gerritsz ziek bij de haard zittende en Grietgen Jansdr gezond, maken hun testament op. De langstlevende krijgt lijftocht en vruchtgebruik van de gezamenlijke goederen. Eventuele ongetrouwde kinderen krijgen bij hun huwelijk of 24 jaar een uitzet mee. De kinderen krijgen samen 2.000 gulden uitgekeerd. Mocht de langstlevende opnieuw trouwen, dan moet de boedel worden gedeeld. Tot erfgenamen worden gesteld de kinderen Pieter, Aeltgen, Hagen, Jan en Gerrit Jansz. Gepasseerd in het Oosteinde van Waarder op de hofstede van de testateurs in het bijzijn van Pieter Cornelisz Noorlander en Arien Cornelisz Noorlander, buurluiden.
Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8536, aktenr. 6, d.d. 08-03-1655
---
Op 16 maart compareerden voor ons, Cornelis Willemsz Looij, schout, en Gijsbert Pietersz Ramp en Balthen Willemsz Velthuijsen, schepenen en weesmannen te Waarder, Haghen Jansz Hoogendoorn, weduwnaar van Merrichie Jans Berchshoef, aan de ene, Jan Cornelisz als grootvader en Pieter Jansz Berchshoef als wettige bloedvoogden over Jan Haghens, Machteltie Haghens, Gerrit Haghens en Cornelis Haghens, nagelaten weeskinderen van Haghen Jansz Hoogendoorn, verwekt bij zijn overleden vrouw Merrichie Jans Berchshoef, aan de andere zijde. Begroting en bewijs van de moederlijke erfportie. De vader, als boedelhouder, behoudt alle goederen die hij en zijn vrouw gemeenschappelijk hebben bezeten. De vader zal zijn kinderen onderhouden tot hun 20e jaar.
Bron: RHC RL, WK Waarder (beh.nr. R077), inv.nr. 1, d.d. 16-03-1668
---
Inde weeskiste geleijt vant voorn. kint van Jan Jansz Craen ende Annitje Pietersdr [van den Berch] zal. een copie van de aenbrengh ende coop ter secretarie van Waerder gedaen, van een halve huijsinge, erve ende boomgaert enz. gelegen int Oosteijnde van Waerder, bij Hagen Jansz Hoogendoorn gecoft, in date den 18e octob. 1668, ende noch copie vuijtte acte van approbatie ende ratificatie van schout ende weesmrn. alhier huijden den 13e meije 1669.
Bron: RHC RL, Weeskamer Bodegraven (beheersnr. B068), inv.nr. 2, fol. 166, d.d. 13-04-1669
---
Rekeningen en bewijs door JAN WOUTERSZ HOLLANDER ende JAN VAN RAAVENBURGHE in kwaliteit als erfgenamen van de Hr. Burgemeester DE LANGE tot Oudewater ende bloetvoocht van CORNELIS PIETERS NOORTLANDER, onmondige zoon, aan de E.H. Nicolaas van der Hofstede, schoudt, Hagen Jansz Hoogendoorn ende Gerrit Roelofsz Ramp, weesmannen van Waarder. Hierna volgt een deel van een overzicht van ontvangsten en uitgaven lopend van 1662 tot 1676.
Bron: Reeuwijkse bronnen deel 7, Waarder Weeskamer 1642-1800
---
Halve akte. Verschenen is Hagen Jansz H[ogendoorn], weduwnaar van Merrichie Jans [Bergshoef]. Verwijzing naar de overeenkomst uit 1668 met consent van Jan Cornelisz en [Pieter Jansz Bergshoef], wettige [bloedvoogden] van Hagen Jans' minderjarige [kinderen] verwekt bij voornoemde [Merrichie Jans]. Vanwege de uitkoop van de moederlijke erfenis is Hagen Jansz zijn kinderen nog 1.000 gulden schuldig. De kinderen krijgen een obligatie met als onderpand een stuk land van 3 morgen in het Oosteinde van Waarder; nog een kampje land van onbekende grootte; nog een kampje land van 1,5 morgen te Waarder.
Op 16-02-1691 compareerde voor schout en weesmannen Gerrit Hagens Hoogendoorn, Cornelis Hagens Hoogendoorn en Ruijsch Looij, man van Magtelt Hagens Hoogendoorn, allen kinderen van Hagen Jansen Hoogendoorn, die aangeven de 1.000 gulden ontvangen te hebben.
Bron: RHC RL, WK Waarder (beh.nr. R077), inv.nr. 1, fol. 74, d.d. 1682/1684
---
Kopie. Compareerden voor Johan Crabeth, notaris te Gouda, Lijsbeth Cornelis Metselaar, weduwe van Hagen Jansz Hogendoorn, tegenwoordig wonende in Kattendijksblok onder Gouderak, aan de ene, en Gerrit Hagen Hoogendoorn, wonende aan de Langeweide, Kornelis Hagen Hoogendoorn en Ruijsch Cornelisz Looij, getrouwd met Magteltjen Hagen Hoogendoorn, beiden wonende te Waarder, kinderen en erfgenamen van voornoemde Hagen Jansz Hoogendoorn, aan de andere zijde. Boedelscheiding. Lijsbeth Cornelis Metselaar krijgt 2,5 morgen in het Kattendijksblok onder Gouderak, 2 morgen en 1,5 morgen hooiland in het Kattendijksblok onder Gouderak en 6 morgen land in het Oosteinde van Waarder. De kinderen krijgen een kamp land van 3 morgen in het Oosteinde van Waarder, een kampje van 3,5 morgen in het Kerfland van Waarder en 200 gulden.
Bron: RHC RL, ORA Waarder (beh.nr. R078), inv.nr. 15, fol. 10, d.d. 10-04-1692
---
Coram Nikolaas van der Hofstede schout, Klaas Jansen int Hout en Gerrit Rooseboom schepenen van Waarder. Compareerde Lijsbet Kornelisz Metselaar, weduwe van Hagen Jansz Hoogendoorn, wonende in het Kattendijksblok onder Gouderak, die overdraagt aan Kornelis Hagensz Hoogendoorn, wonende in het Oosteinde van Waarder, 6 morgen land, afkomstig uit de boedel van Hagen Jansz Hoogendoorn, die in de boedelscheiding haar was toegevallen. Het land is strekkende uit de halve wetering tot de Papekoper landscheiding, belend ten oosten Kornelis Pietersz Bergshoef en ten westen de grafelijke landerijen. De koopsom is 1.000 gulden.
Bron: RHC RL, ORA Waarder (beh.nr. R078), inv.nr. 15, fol. 32, d.d. 26-11-1694
|