| Aantekeningen |
- NH dopen Lopikerkapel:
16-03-1645 Marijchie; o. Arien Corneliszoon en Fijchie Dammisz
05-12-1647 Jeelis; o. Arien Cornelissen aen den Uijtwech en Fijchjen
08-07-1655 Cornelis; o. Arien Corsen en Shijtgen Damen
---
Naam: Arien Cornelis Corsz
Inhoud: Dienstplichtig bij het dijkleger van Lekdijk Benedendams en de IJsseldam als inwoner van Jaarsveld in de leeftijd van 18 tot 60 jaar.
Opmerkingen: Voorzien van een roer. Akte is ongedateerd, omstreeks 1630.
Bron: RHCRL, Monsterrollen Jaarsveld (beh.nr. H067), inv.nr. 709, aktenr. 1
---
Aert en Adriaen Jacobsz, broers, elk voor zichzelf, Claes Thonisz als man en voogd van zijn huisvrouw, Jan Dammasz voor zichzelf, Fijchgen Dammasdr met Dammas Cornelisz, haar vader, en dezelfde Dammas Cornelisz zich sterkmakende voor Gerridt van Homburch, getrouwd met Marrichgen Dammasdr, mitsgaders voor al zijn absente mondige en onmondige kinderen verwekt bij Lijsgen Jacobsdr, Neeltgen Cornelis, weduwe van Gillis Jacobs, die van haar kinderen verticht en meesteresse is van haar eigen goederen, met de schout als gecoren voogd, idem de voornoemde Adriaen Jacobsz en Gerridt Petersz uit Cappel als ooms en bloedvoogden van het nagelaten weeskind van Egberdt Jacobsz, verwekt bij Hillichgen Petersdr, mitsgaders dezelfde Adriaen Jacobsz nog als oom en voogd van het nagelaten weeskind van Dirck Jacobsz, verwekt bij Grietgen Henricxdr, samen kinderen, kleinkinderen en erfgenamen van zaliger Jacob Adriaen Egbertsz en Martijntgen Maertensdr, dragen over aan Cornelis Henrickxz Lange en Heijltgen Jacobsdr, echtel
Bron: RHCRL, ORA Benschop (beh.nr. L146), inv.nr. 257, d.d. 13-06-1637 (FS scan 141)
---
Naam: Adriaen Cornelis Corsz
Bedrag: 5 gulden
Bron: RHCRL, Huisgeld Lopik (beh.nr. L001), inv.nr. 204, fol. 2v, d.d. 20-04-1643
---
Hillichgen Gerretsdr, weduwe van Giellis Dammisz neergeslagen, geassisteerd door Gerrit Crijnen, haar vader, en Crijn Gerritsz, haar broer, haar gecoren voogden, ook voor zichzelf en vervangende al haar vrienden en verwanten, voor het hen aangaat, Dammis Cornelisz als vader, Jan, Thonis, Cornelis, Maerten en Aert Dammisz, broers, Gerret Jansz van Homburch, Arien Cornelis van den Uijtwech en Coen Saerssen, zwagers van voornoemde Giellis Dammisz neergeslagen, voor hen zelf en zich sterkmakende voor hun mede vrienden en verwachten, machtigen Cornelis van Hijselendoorn, Cornelis Boschman en Hijop Vos, procureurs voor het Hof van Holland, Cornelis van Portengen, Jan de Wijs en Floris van Eeuwick, procureurs voor het Hof van Utrecht, uit hun naam, als Pieter Daemensz een pardon verkrijgt betreffende het ongeluk. [Akte niet volledig.]
Bron: RHCRL, ONA Oudewater (beh.nr. O063), inv.nr. 1879, aktenr. 79, d.d. 00-03-1645 (FS scan 424)
---
Naam: Adriaen Cornelis Corsz
Bedrag: 6 gulden
Bron: RHCRL, Huisgeld Lopik (beh.nr. L001), inv.nr. 209, fol. 2, d.d. 12-07-1649
---
Jan Dammisse, voor zichzelf, Arien Cornelisse, getrouwd met Fijggie Dammisse, Coen Sandersse als man en voogd van Mensje Dammisse en Meerten Dammisse, mede voor zichzelf, hen samen sterkmakende voor Theunis en Aard Dammisse, allen kinderen van Dammis Cornelisse die "door hooge ouderdom tot swackheijt van sinnen gevallen is" en dus voor dezelfde Dammis Cornelisse compareerden, dragen over aan Claas Gorisse een hofstede en berg met 2,5 morgen land, gemeen liggende met 3,5 morgen huurland, toebehorende de Prins van Oranje, gelegen in het zuideinde beneden de kerk van Benschop, bij de nieuwe steenbrug, strekkende van de halve Benschopper voorwetering tot de halve landscheiding tussen Benschop en Lopik, belend ten oosten voornoemde Claas Gorisse zelf en ten westen Jan Bastiaense met hun hofsteden. [Schuldbrief van 3.200 gulden volgt.]
Bron: RHCRL, ORA Benschop (beh.nr. L146), inv.nr. 258, fol. 48, d.d. 29-05-1660
---
Cors Willemsz, wonende in de Graaf onder Jaarsveld, is vanwege een brief van octrooi door de raad en stadhouder van de lenen van het graafschap Culemborg schuldig aan Arijen Cornelis Corssen, wonende te Lopik, 300 gulden geleend geld met 18 gulden aan jaarlijkse rente. Als onderpand geldt een erf met huis en boomgaard met 2 morgen land in de Graafpolder onder Jaarsveld, leenroerig aan het graafschap Culemborg, strekkende van het buurland van Lopik tot over de Hoge Lekdijk, belend boven het gemeneland van Lopik en beneden Adriaen Willemsz Cortverkeert. In de marge: Bastiaen Bouthoorn veroont de kwitantie van betaling op 03-01-1684.
Bron: RHCRL, ORA Jaarsveld (beh.nr. L148), inv.nr. 869, fol. 44, d.d. 15-05-1662
[Op fol. 43 een kopie van een vergelijkbare akte uit ORA Culemborg d.d. 22-03-1662.]
|