| Aantekeningen |
- NH dopen 's Gravenhage:
05-02-1645 Jacob; o. Mathijs Andriesz van Kempen en Jannetgen Pieters Stael; g. Corn. Corn. van Poelwijck, Philippus Corn. Hogeboom, Elisabet Pouwels en Maria Pouwelsdr.
12-02-1647 Anna Maria; o. Mathijs Andriesz van Kempen; g. Steven Lambertsz en Susanna d Pon
09-07-1649 Andries; o. Mathijs van Kempen en Janneken Stael; g. Paulus Rosel, Abraham Grim, Baerthen Rosel en Sara Pieters
21-07-1652 Andries; o. Mathijs van Kempen en Jannetgen Stael; g. Goossen van Langenb., Maertge Claes en Annetgen Henricks
27-07-1657 Anna Marij; o. Mathijs van Kempen en Jannetge Pieters; g. Antonis Everaerts, Catharina Vrijman en Eva Philips Hogenboom
---
Neeltgen Staelen, weduwe van Jan Leendertssen Weijman, wonende te Den Haag, geassisteerd door Pieter Staelen, haar oom, wonende te Delft, en Mathijs van Kempen, haar zwager, mede wonende te Den Haag, aan de ene, en Pieter Willemsz van Hoogenhuijsen met procuratie van Arijen Leendertsz Weijman, Willem Leendertsz Weijman, Benedictus Hoffman, zilverbewaarder van hare majesteit van Bohemen [Maria Anna van Oostenrijk?], getrouwd met Jacomijna Weijmans, en Hans Jacobsz Schelcop, getrouwd met Anna Weijmans, voor hen zelf en hen sterkmakende voor Cornelis Leendertsz Weijman, hun innocente broer, mede wonende in Den Haag, broers en zussen en dus erfgenamen van voornoemde Jan Leendertsz Weijman, aan de andere zijde. Akkoord over de nagelaten goederen. De broers en zussen krijgen de nog ongedeelde goederen uit de erfenis van Leendert Ariaensz Weijman en Margareta Weijmans, hun overleden vader en zus. Neeltgen Staelen houdt het huis met inboedel. Ze betaalt 110 gulden aan legaten en neemt alle schulden op haar. H
Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 95, fol. 207, d.d. 18-07-1640
---
Inventaris van de boedel en goederen die Neeltgen Leendertsdr, laatst huisvrouw van Joris Crijnsz Hogenvall, in haar leven bezeten heeft en op 18-06-1647 met haar dood heeft nagelaten, nalatende tot erfgenamen Anthonij Pallamedes, getrouwd met Annitgen Joosten, voor een vierde deel, Govert Rota, mede voor een vierde deel, Mathijs van Kempen, getrouwd met Jannitgen Pietersdr Stael, mede voor een vierde deel, mitsgaders Lenert Jansz den Boer en de vier kinderen van Claes Jansz de Boer, verwekt bij Maejken Claes, samen voor een vierde deel.
Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1979, fol. 148, d.d. 09-08-1647
[Joris Crijnsz Hoogenval en Neeltgen Lenertsdr, weduwe van Willem Willemsz Besemar, stellen op 12-05-1627 huwelijkse voorwaarden op te Delft. De ondertrouw van Willem Willemsz bezemmaker, wonende te Oosteinde, en Neeltgen Lenaerts, ook daar wonende, is op 19-05-1613. Neeltgen Lenartsdr zal een tante zijn van Jannitgen Pietersdr Stael. Annitgen Joosten is de dochter van Joost Lenertsz Hoorendijck (turfkoper aan de Burgwal, geb. ca. 1574). Op 10-03-1638 verkopen Anthonij Palmedes, getrouwd met Annitgen Joosten, voor zichzelf en samen met Joris Crijnen van Hogenval voogden van de onmondige kinderen van za. Lenert Joosten van Hoorendijck en het onmondige kind van za. Willemtgen Joosten, in haar leven huisvrouw van Maerten van Velsen, erfgenamen van Joost Lenertsz van Hoorendijck een huis en erf aan de noordzijde van de Burgwal of Broerhuislaan (ONA Delft, inv.nr. 1976, fol. 14).]
---
Anthonij Pallamedes schilde, getrouwd met Annitgen Joosten, Govert Rota notaris, Mathijs van Kempen kolfmaker in Den Haag, getrouwd met Jannitgen Pietersdr Stael, en Leendert Jansz den Boer, voor zichzelf en met procuratie van Maeijken Claes, weduwe van Claes Jansz den Boer, wonende te Vlissingen in Zeeland, als moeder en voogdes van haar vier onmondige kinderen, verwekt bij Claes Jansz den Boer (d.d. 16-08-1647 voor het gerecht van Delft), erfgenamen van Neeltgen Leendertsdr, laatst huisvrouw van Joris Crijnsz Hogenvall, verkopen de helft van een huis en erf, hen aangekomen uit de erfenis, waarvan de andere helft eigendom is van Joris Crijnsz Hogenvall, staande aan de noordzijde van de Hulck in de stad Delft. Joris Crijnsz heeft de eerste optie op de koop.
Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1979, fol. 234, d.d. 19-12-1647
Bovenstaande erfgenamen verkopen het huis aan Leendert Cornelisz van Vogelskan veerschipper van Delft op Amsterdam.
Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1979, fol. 236, d.d. 23-12-1647
---
Abraham Jansz Aeckersloot, wonende in het Achterom te Delft, was borg voor Mathijs van Kempen, kolfmaker in Den Haag, die uit hoofde van zijn huisvrouw voor een vierde deel erfgenaam was van Neeltgen Leenderts, laatst huisvrouw van Joris Crijnsz Hogenvall, ten behoeve van Jacob Willemsz van Dijck bezemmaker en Cornelis Thomasz Post, beiden wonende te Delft.
Bron: SA Delft, ONA Delft (toegangsnr. 161), inv.nr. 1980, fol. 109, d.d. 06-07-1648
---
Mourits Gerritsz Bosvliet als verhuurder aan de ene en Mathijs Andriessen van Kempen als huurder aan de andere zijde. Het betreft een huis en erf gelegen aan het water van het Bos, waar de huurder tegenwoordig woont, voor de duur van een jaar. De huurder betaalt hiervoor 60 gulden in vier termijnen. Hij moet ook 25 gulden betalen van 110 gulden openstaande huur en daarna 15 gulden per kwartaal.
Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 80, fol. 143, d.d. 29-04-1650
---
Mathijs van Kempen, wonende alhier, tranporteert aan Mouris Gerritsz Bosvliet, mede alhier wonende, een bedrag van 180 gulden dat hem toekomt door een gesloten contract bij notaris Govert Rota te Delft op 06-07-1648 van Abraham Jansz Aeckersloot, wonende te Delft.
Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 80, fol. 312, d.d. 09-02-1651
---
Jacob Jacobsz van den Brouck mr. bakker alhier, Adolphus la Maire en Sara van Dgem, zijn huisvrouw, mitsgaders Jannitje Pieters, huisvrouw van Matijs van Cempen, verklaren op het verzoek van Pieter Bijbergen, soldaat onder de comp. van kapitein-majoor Outshoorn. Frederick van der Poel, soldaat in de comp. van kolonel Beautmont heeft zich misdragen.
Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 253, fol. 290, d.d. 11-02-1659
|