| Aantekeningen |
- IIIa. Willem IJsbrantszn. Levenlangh, geb. ca. 1568, won. Zevenhuizen, ambachtsbewaarder van Zevenhuizen, overl. tussen 19-11-1635 en 24-4-1637,
tr. 1e na 15-1-1593 Fijtge Adriaensdr., overl. voor 24-5-1609, dr. van Aryen Dircx van de Meer en Ploentgen Rochus,
tr. 2e voor 23-12-1613 Neeltje Jansdr. (Sevenhuijsen), overl. tussen 4-6-1616 en 24-4-1637 (voor haar man), dr. van Jan Barentsz. en Neeltgen Jacobsdr. (Matroos). [zie ook aanhangsel A].
Kinderen uit het eerste huwelijk:
4. Adriaen Willems Levelang, volgt IVb.
Bron: Genealogie van het geslacht Leeflang(h)/Levelang(h): (Zevenhuizen), J. Heemskerk en W. Paul. Eerder gepubliceerd in Zuid-Hollandse Genealogieën, deel II, 1991.
---
Michiel IJsbrantsz Levelang, onze buurman, is schuldig aan Lenert Arijensz timmerman 475 gulden vanwege de koop van een perceel land in de Catgespolder onder Zevenhuizen. Borg is Willem IJsbrantsz Levelang, zijn broer.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 46, fol. 132v, d.d. 06-02-1606
---
Cornelis Pouwelsz van Soetermeer, onze buurman, wonende in het Noordeinde van Zevenhuizen, is schuldig aan Johan de Bourgoing [Jan van Bourgondié], heer van Fromont, 425 gulden vanwege de koop van een perceel land in de Catgespolder onder Zevenhuizen. Borg is Willem IJsbrantsz Levelang, onze mede inwonende buurman.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 46, fol. 213, d.d. 28-12-1606
---
Willem IJsbrantsz Levenlang, onze buurman, weduwnaar en boedelhouder van Sophitgen Adriaensdr, heeft met toestemming van de schout en schepenen zijn zeven kinderen uitgekocht. Het gaat om IJsbrantsz Willemsz, St. Jan 1612 18 jaar oud, IJdeken Willemsdr, Vastenavond 1612 15 jaar oud, Marritgen Willemsdr, kerstavond 1611 12 jaar oud, Arien Willemsz, St. Jan 1612 10 jaar oud, Gerrit Willemsz, Allerheiligen 1611 7 jaar oud, Cornelis Willemsz St Jan 1612 5 jaar oud en Plonis Willemsz nu 3 jaar oud. Adriaen Franckensz, wonende te Bleiswijk en Jacob Cornelisz Schoutten en Allert Philps, wonende ten Berg [Hillegersberg] zijn voogden van voornoemde kinderen. De comparant zal de kinderen opvoeden en onderhouden tot hun 18e jaar, waarbij de kinderen een uitzet meekrijgen. De vader belooft elk kind 550 gulden en een gouden ring voor de meisjes en een rosenobel voor de jongens. Als onderpand geldt 4 morgen land met een huis, berg en schuur in de Catgespolder in het Noordeinde van Zevenhuizen, belend ten oosten Cri
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 2, fol. 47v, d.d. 13-05-1612
---
Neeltgin Jansdr, weduwe van Cornelis Pietersz, met Willem IJsbrantsz, haar wettige man, Cornelis Jansz als man en voogd van Aeffgin Cornelisdr, Willem Cornelisz, Dirck Jansz als man en voogd van Aerjaentgin Cornelisdr en Leendert Fransz als man en voogd van Lijsbetgen Cornelisdr, kinderen en erfgenamen van Cornelis Pietersz, hun vader. Ze hebben samen met Margen Cornelis en haar voogd Willem Cornelisz op 27-01-1612 gegrondkaveld de landen die Cornelis Pietersz nagelaten had, waarbij Margen Cornelisdr en Arien Claesz [Ruijchaver], haar wettige man, ten deel is gevallen ca. 4 morgen water of land met een keet erop, gelegen in het Middelland, strekkende van het weeskind van Jan Willemsz Thoen (nu eigendom van Cornelis Dirckxsz Thoen) en de weduwe en Willem IJsbrantsz tot Arien Jansz Schipper en Neelemans weduwe, belend ten oosten Cornelis Dirckxsz Thoen en de voornoemde weduwe met Willem IJsbrantsz en ten westen Krijn Ariensz. Ze hebben tot last genomen een obligatie op naam van Margen Joppen. [De weduwe
Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 35, d.d. 28-06-1613 [FS scan 74]
---
Jacob Jansz, voor zichzelf, Willem IJsbrantsz Levenlang, getrouwd met Neeltgen Jansdr, en Arijen Arijensz jonge Moijman, getrouwd met Lijsbeth Jansdr, beiden voor zichzelf, kinderen en erfgenamen van Jan Barentsz, verwekt bij Neeltgen Jacobsdr, beiden overleden, gewoond hebbende in Swanla onder Zevenhuizen, hebben verticht.
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 1, fol. 94v, d.d. 04-06-1616 (FS scan 100)
---
Maritgen Willemsdr, weduwe van Pouwels Gerritsz Verbeeck, geassisteerd door Willem Isbrantsz Levelangh, haar vader, aan de ene, en Gerrit Henricxsz Verbeeck, grootvader en voogd van het nagelaten weeskind van voornoemde Pouwels Gerritsz Verbeeck, verwekt bij voornoemde Maritgen Willemsdr, aan de andere zijde. Met toestemming van de schout als oppervoogd van alle weeskinderen is er een akkoord bereikt, namelijk dat Maritgen Willemsdr alle goederen uit de boedel behoudt, inclusief de schulden. Ze zal haar onmondige kind, met naam Hendrick Pouwelsz, ca. 2 jaar oud, opvoeden en onderhouden tot zijn 18e jaar, wanneer hij 600 gulden krijgt uitgekeerd. Borg is Willem Isbrantsz Levelangh.
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 3, fol. 21, d.d. 16-09-1620
---
Maritgen Willemsdr, weduwe van Pouwels Gerritsz Verbeeck, geassisteerd door Willem Isbrantsz Levelangh, aan de ene, en Gerrit Hendricxsz Verbeeck, grootvader en voogd van het nagelaten weeskind van voornoemde Pouwels Gerritsz Verbeeck, aan de andere zijde. De weduwe neemt tot last alle schulden in de boedel en zal het kind opvoeden en onderhouden tot zijn 18e jaar, wanneer het kind 600 gulden uitgekeerd krijgt. Borg is Willem Isbrantsz Levelangh.
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 3, fol. 45v, d.d. 23-04-1620
---
Lenert Aertsz Dul, weduwnaar van Maritgen Willemsdr, aan de ene, en Willem Isbrantsz Levelangh, grootvader, en Dirck Lenertsz Overrijnder, aangetrouwde oom, voogden van het nagelaten weeskind van voornoemde Maritgen Willemsdr, met naam Hendrick Pouwelsz, aan de andere zijde. Boedelscheiding. [Akte gaat verder op fol. 77.]
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 3, fol. 62v
---
"Willem IJsbrants Levelang, 56 jr. Sevenhuysen"
Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 53, aktenr. 389, d.d. 16-05-1624
---
Willem Isbrantsz Levelanck, wonende te Zevenhuizen, draagt over aan Adriaen Cornelisz Visch, wonende aan de Waddinxveense Gouwkade, voor de ene helft, en Pieter Hillebrantsz, poorter van Gouda, met zijn kinderen, verwekt bij Maria Reijniers, zijn overleden huisvrouw, voor de andere helft, een partij land in het Middelland onder Moordrecht, strekkende van de Veenweg, Sijmon Pietersz en Dirck Dircksz Thoen tot het navolgende land, Gooltgen Pieters en Pieter Woutersz c.s., belend ten oosten voornoemde Dirck Thoen met zijn erven, Maerten Pietersz Bruijn en voornoemde Gooltgen en ten westen Sijmon Pietersz en Aert Jansz c.s.; nog een kamp hooiland, strekkende van het vorige land tot Ellert Crijnen, belend ten oosten Pieter Woutersz en ten westen Maerten Pietersz Bruijn, te verongelden voor twee viertel. Betaald met een schuldbrief.
Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 39, fol. 187v, d.d. 31-01-1628
---
Willem Isbrantsz Levelanck, wonende te Zevenhuizen, draagt over aan Pieter Cornelisz Neelemaet, wonende te Zevenhuizen, een hofstede en landen, ca. 5,5 morgen groot, met huis, berg en schuur, strekkende van de Veenweg tot Heijndirck Ariensz Beus, belend ten oosten Maerten Pietersz Bruijn c.s. en ten westen Pieter Dircksz Goor, belast met een jaarlijkse rente van 4 st. 8 pen. te betalen aan de kerk van Moordrecht. Geruild met land in Zevenhuizen en een rentebrief.
Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 39, fol. 139, d.d. 02-01-1630 [FS scan 527]
[De hofstede is op 01-05-1630 doorverkocht aan Jan Rommertsz Olshooren te Moordrecht, schuldbrief op fol. 171, scan 560]
---
Pieter Cornelisz Neelmaet, wonende te Zevenhuizen, is schuldig aan Willem Isbrantsz Levelanck, wonende te Zevenhuizen, een losrente van 215 gld. 12 st. per jaar met een hoofdsom van 3.450 gulden. Als onderpand geldt bovenstaande hofstede.
Bron: SAMH, ORA Moordrecht (toegangsnr. 19), inv.nr. 39, fol. 139v, d.d. 02-01-1630 [FS scan 528]
---
Maritge Jansdr, weduwe van Arien Aertsz Dul, geassisteerd door Willem Isbrantsz Levelang, haar voogd in dezen, aan de ene zijde, en de nagelaten weeskinderen van voornoemde Arien Aertsz aan de andere zijde, dragen over aan Crijn Cornelisz van Haesersouw een huis, erf en schuur in het Noordeinde van Zevenhuizen.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 53, fol. 25
---
Claes Jacobsz van Alphen, onze buurman, is schuldig aan Willem Isbrantsz Levelang een rente van 100 gulden per jaar met een hoofdsom van 1.600 gulden. Als onderpand geldt zijn woning en land in het Noordeinde van Zevenhuizen.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 53, fol. 110v, d.d. 03-03-1634
---
Coen Cornelisz, onze buurman, draagt over aan Willem Isbrantsz Levelang een bedrag van 1.385 gulden, volgens een brief op naam van Arien Aertsz Dul ten behoeve van Willemtge Cornelis, weduwe van Philips Lenertsz, vanwege de koop van een woning en landen in de Catgespolder, hem aanbestorven door het overlijden van voornoemde Willemtge Cornelis, zijn schoonmoeder. Betaald met 750 gulden contant geld.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 53, fol. 150v, d.d. 19-06-1634
---
Crijntge Maertensdr, weduwe van Dijert Isbrantsz, geassisteerd door Jacob Maertsz, haar broer en voogd, Pieter Dircxsz, getrouwd met Grijetge Diertsdr, Abraham Cornelisz, getrouwd met Inggetge Diertsdr, voor hen zelf, en Willem Isbrantsz Levelangh, oom en voogd van Maddeleentge Diertsdr, allen kinderen en erfgenamen van voornoemde Dijert Isbrantsz, aan de andere zijde. Hebben de weduwe voor 4/8e deel en de erfgenamen voor 3/8e deel verkocht aan Isbrant Diertsz, mede zoon en erfgenaam van voornoemde Diert Isbrantsz, die het laatst 1/8e deel bezit, een woning en landen gelegen in de Catgespolder onder Zevenhuizen.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 53, fol. 270, d.d. 19-11-1635
---
Crijn Jaspersz int Houdt, Cornelis Jansz van Alphen, getrouwd met Neeltge Jaspers, voor hen zelf, Cornelis Crijnen int Houdt, voogd van de nagelaten weeskinderen van voornoemde Jasper Crijnen en Cornelis CLaesz van Noort, voogd van de nagelaten weeskinderen van Willem Jaspersz int Houdt, allen erfgenamen van Jasper Crijnen int Houdt, hebben overgedragen aan Willem Isbrantsz Levelangh een stuk land in de Catgespolder, belend ten oosten Willem Isbrantsz, ten westen de Vaart, ten zuiden de kinderen van Pieter Cornelis Vrancken en ten noorden de weduwe van Jasper Crijnen.
Bron: SAMH, ORA Zevenhuizen (toegangsnr. 12), inv.nr. 53, fol. 321, d.d. 25-04-1636
---
Pieter Cornelisz, Cornelis Willemsz Levelangh de jonge, Jacob Jansz Sevenhuijsen als oom en voogd van Neeltge Willemsdr, Cornelis Willemsz ende Cornelis Jan Corsz, getrouwd met Grijetge Willemsdr, beiden wonende te Linschoten, voor hen zelf en zich sterkmakende als voogden voor de twee nagelaten weeskinderen van Willem Cornelisz van Linschoten, Adrien Claesz Ruijchaver, nomine uxoris, Cornelis Jansz Schouten, getrouwd met Aeffgen Cornelisdr, de weduwe van Brant Hendericxsz, geassisteerd door voornoemde Adrien Claesz Ruijchaver, haar voogd, allen erfgenamen van het nagelaten kind van Diewertge Cornelisdr, verwekt bij Cornelis Willemsz Levelangh de oude. Verdeling van de landen die het kind door overlijden van Neeltge Jansdr, huisvrouw van Willem Isbrantsz, zijn grootmoeder, aanbestorven zijn. Pieter Cornelisz, Cornelis Willemsz Levelangh de jonge en Neeltge Willemsdr met z'n drieën een stuk land, strekkende van de Vaart westwaarts tot de erfgenamen van Jan Cornelisz Kooten, belend ten noorde de erfgen
Bron: SAMH, WK Zevenhuizen (toegangsnr. 13), inv.nr. 5, fol. 3, d.d. 18-06-1638
|