| Aantekeningen |
- NH dopen Heerjansdam:
26-08-1753 Jannetje; o. Hendrik Jacobusze Leenheer en Marija Maartenze Huisert; g. Madeleentje Meijnerts
NH dopen Charlois:
06-07-1755 Jacobus; o. Hendrik Leenheer en Marijtje Huijser; g. Willemtje Leenheer
12-06-1757 Jannetje; o. Hendrik Leenheer en Marijtje Huijsert; g. Willemijntje Leenheer
29-07-1759 Treintje; o. Hendrik Leenheer en Marijtje Huijsert; g. Treintje van den Berg
01-03-1761 Neeltje; o. Hendrik Leenheer en Marijtje Huijsert; g. Teuntje Jansd van den Berg
NH dopen Heerjansdam:
14-11-1762 Maarten; o. Hendk Leenheer en Marija Huijsert; g. Trijntje J. van den Bergh
25-12-1763 Cornelis; o. Hendrik Leenheer en Marijtie Meertense Huijser; g. Johanna Leenheer
06-04-1766 Cornelis; o. Hendrik Jakobusse Leenheer en Marijgje Maartense Huijzert; g. Adriana Leenheer
---
Bastiaan Cornelisse Leenheer te Heerjansdam, weduwnaar van Annigie Pleunen Vlasblom, legateert aan Volksie Jacobse Droogendijk, zijn gewezen dienstmaagd, 400 zilveren ducatons of 1260 gulden, aan Willem en Maria Ariense Leenheer en Johanna Ariense Leenheer (getrouwd met Leendert Barentse Smit) in heer Oudelands Ambacht, kinderen van zijn broer Arij Cornelisse Leenheer, aan hen tesamen een bedrag van 25 gulden. Een helft van zijn nalatenschap vermaakt hij aan Jacob Cornelisz Leenheer, zoon van zijn neef Cornelis Hendricxe Leenheer, de andere helft aan Hendrik Jacobusse Leenheer, zoon van zijn overleden broer Jacobus Cornelisse Leenheer. Tot voogden benoemt hij zijn neven Hendrik Aartse Kapteijn en Hendrik Leenheer, schoolmeester te Heerjansdam.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 11, aktenr. 73, d.d. 29-05-1752
---
Hendrik Jacobusse Leenheer en Marijgie Maartense Huijser, echtpaar te Charlois, benoemen elkaar tot erfgenaam. Tot voogden benoemen zij over eventuele na te laten minderjarige erfgenamen Joris Jacobusse Leenheer en Maarten Huijser.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 11, aktenr. 10, d.d. 08-05-1755
---
Joris, Hendrik, Johanna en Adriana Leenheer, broers en zussen te Heerjansdam bekennen schuldig te zijn aan de dames Josina en Aletta Outraad in West Barendrecht, een bedrag van 400 gulden 20 stuivers.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 13, aktenr. 17, d.d. 04-08-1763
---
Bastiaan Cornelisse Leenheer te Heerjansdam benoemt tot zijn erfgenaam Hendrik Jacobusse Leenheer, zijn neef. Hij vermaakt legaten aan de kinderen van zijn nicht Annigie Pleunen Vlasblom, weduwe van Hendrik Kapteijn, de kinderen van zijn neef Cornelis Hendricxe Leenheer, zijn neef Gerrit van 't Zelfde en zijn vrouw Cornelia van Dijk, zijn neef Willem Ariense Leenheer, Leendert Smit en zijn vrouw Johanna Ariense Leenheer en Joris Jacobusse Leenheer.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 13, aktenr. 20, d.d. 26-10-1763
---
Bastiaan Cornelisse Leenheer te Heerjansdam legateert aan zijn neef Hendrik Jacobusse Leenheer de helft van zijn huis, schuur, keet, de helft van de boomgaard; Hendrik dient dan wel aan Willem Ariense Leenheer 400 car. gulden uit te keren, aan de kinderen van zijn nicht Annigie Pleunen, weduwe van Hendrik Kapteijn, de helft van een mergen weiland, aan zijn neef Gerrit van 't Zelfde en zijn vrouw Cornelia van Dijk 100 gulden en aan de kinderen van zijn nicht Cornelia de Vries, weduwe van Cornelis Hendrikse Leenheer, met name Willem en Jacob Cornelisse Leenheer, zijn verder na te laten goederen. Tot voogden over eventuele minderjarigen benoemt hij Willem Cornelisse Leenheer en Arij van Gilst.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 13, aktenr. 49, d.d. 11-07-1765
---
Maarten Huizert en Trijntje van den Berg, echtpaar wonende alhier, benoemen elkaar tot erfgenaam. De langstlevende der testateuren nu komende ter dispositie verklaart dat hun zoon Jan en bij zijn voor overlijden zijn wettige erfgenamen hun huis, achterhuis en erf zoals het door hen zelf en hun zoon bewoond wordt, aan de lage Grasdijk ten goede komt aan hun zoon Jan Maartense Huisert. Hun aangehuwde zoon Hendrik Leenheer getrouwd met hun dochter Marijgje Maartense Huisert en wonende te Heerjansdam krijgt een bepaalde som penningen volgens obligatie. De langstlevende zal aan hun kleindochter Trijntje Leenheer een bedrag van 500 gulden schenken. Na overlijden van de langstlevende zal de overige nalatenschap dienen te worden verdeeldin twee helften, een deel voor hun zoon en het andere deel voor hun dochter. Als voogden over eventuele na te laten minderjarige erfgenamen benoemen zij hun zoon Jan Maartense Huiser en Arij Janse van der Kulk, beiden wonende alhier.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 26, aktenr. 33, d.d. 15-02-1771
---
Testament van Maarten Huijsert en Trijntje van den Berg, echtelieden, wonend te Ridderkerk. Ze benoemen elkaar tot enig erfgenaam bij overlijden. Ze bepalen te legateren aan hun nicht Trijntje Leenheer, dochter van de dochter van Maarten Huijsert, Marijgje Maartensz Huijsert, in huwelijk verwekt bij Hendrik Leenheer. Verder verklaren ze te legateren aan hun zoon Jan Maartensz Huijsert en aan Hendrik Leenheer, gehuwd met Marijgje Maartensz Leenheer en aan Marijgje Maartensz Leenheer zelf.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 27, aktenr. 7, d.d. 12-05-1778
---
Teunis Ariense de Vet en zijn vrouw Cornelia Geenen van de Ree, wonend te Heerjansdam, benoemen elkaar bij eerstoverlijden tot enig erfgenaam en voogd over na te laten kinderen. Daarnaast benoemen ze tot voogden hun goede bekenden Hendrik Leenheer en Sijmon van Vugt.
Bron: SA Rotterdam, ONA Ridderkerk en Rijsoord (toegangsnr. 1277), inv.nr. 189, aktenr. 91, d.d. 09-10-1782
|