| Aantekeningen |
- Had minstens drie broers (Jan, Claes en Matheus) en een zus (Jaecqemijntgen) in Leiden. Net als zijn broer Matheus was Pieter (saai)voller, werkzaam in de Leidse lakenindustrie. Ze waren geboren in Nieuwkerken, in het huidige Oost-Vlaanderen.
In de trouwakte van zijn broer Matheus Lichtvoet (14 juni 1624 te Leiden) staat "Jongman van Nieukerken in Vlaenderen".
---
NH dopen Leiden:
16-01-1630 Dirick; o. Pieter Lichtvoet; g. Nicolaes Lightvoet, Jakemijne Lichtvoet en Neeltie Dirickx
08-02-1632 Pieter; o. Pieter Lichtvoet; g. Pieter Vermaes, Daniel de Raet, Hendrickgen Stevens en Jannetgen Lichtvoet
16-06-1637 Trijntgen; o. Pieter Lichtevoet; g. Mattheus Lichtvoet, Jacob Faes, Geertgen Faes en Jaentgen Jacobs
20-03-1639 Jannetgen; o. Pieter Lichtvoet; g. Pieter Faes, Claes de Haen, Hendric Stevens en Martijntgen de Raes
22-08-1640 Pieter; o. Pieter Lichtvoet; g. Jasper Jansz, Geertjen Faes en Janneken Lichtvoet
29-01-1642 Anna; o. Pieter Lichtvoet; g. Robbert de Haen, Jan Jaer, Proijntgen de Haen en Stijntgen Faes
12-01-1644 Jacob; o. Pieter Lichtvoet; g. Jacob Faes en Jaquemijntgen Rubaers
09-09-1648 Lea en Rachel; o. Pieter Lichtvoet; g. Aris Taes, Cornelis Joosten, Jaquemijntgen de Aane en Janneken Lichtvoet
26-04-1654 Geertje; o. Pieter Lichtvoet; g. Pieter de Haen, Jannetje Jacobs en Jakemijntje Jacobs
---
"Heijndrickgen Stevensdr wede van za. Pr. Dircxsz Pelt volder geassisteert met Corn. Maertensz Vlietentooren [als heur bijstaende voocht in desen] ter eenre, ende Pr. Lichtvoet weduwenaer za. Anna Gerritsdr [zijn overleden huijsvrouwen za. vader ter anderen zijde] die voor een 4e paert erffgenamen geworden is inde .. achtergelaten bij Pr. Dircx in voornt. (...) geacordeert ende verdragen te zijn, nopende zijn versz. za. huijsvrouwe vaderen erffenis te weten dat hij Pieter Lichtvoet in volle voldoening vande versz. erffenis sal hebben ende vrij eijsen ten .. (...) mits dat hij Pieter Lichtvoet ter weescamere deser stede zijn eenich soontje genoempt Johannes Pietersz Lichtvoet 't welkck hij bijde versz. za. Anna Gerritsdr heeft geprocreert te bewijsen sal een somme van 200 gul."
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 473, d.d. 18-12-1640 [pagina 372]
---
"Claes Lichtvoet ter eenre, ende Pieter Lichtvoet gebroeders beijde mrs. volders alhier ter andere zijde, verclarende ende bekennende de versz. comparanten jegens den anderen vercost ende geruijlt te hebben respective, te weten de versz. Claes Lichtvoet aen voorn. Pieter Lichtvoet zijn Volmolen staende ende gelegen inde West Volderssteech in deser stadts huijssinge, met zes paerde, item alle het hoij ende volaerde daer innen sijnde mitsgaders alle de gereetschappe d'welcke totte versz. volmolen behoorende (...) ende de versz. Pieter Lichtvoet aen zijn voorn. broeder Claes Lichtvoet zijne volmolen staende ende gelegen inde oude verpootinge deser stede buijten de Sijllepoort opt sloothen goodts, met vier paerden"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 481, d.d. 22-01-1648 [pagina 34]
---
"Pieter Lichtvoet volder woonende tot Uijtrecht, verclaerde hij compt bij desen aen ende ten behouve van Robbert de Haeve, ende Geertgen Jacobs wede. van Pieter Faes te transpoorteren cedeeren ende in vrijen eijgen over te geven soodanige goederen ende erffenisse als hem alhier door t overlijden van Gerrit Dirixsz volder, zijn schoonvader opbestorven zijn"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 708, aktenr. 187, d.d. 16-09-1650
---
"Jan Lichtvoet jongman woonende binnen deser stede Leijden inde Volderssteech uijtcoomende opde Lange Graft mij notaris wel bekent wesende, sieckenlicken van lichaem te bedde leggende (...) tot zijn al geheel ende universeel erffgenaem stelt, nomineert ende institueert .. Pieter Lichtvoet zijn testateurs vader"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 484, 02-09-1651 [pagina 378]
---
"Pieter Lichtvoet volder out omtrent lix jaren ende Annetge Abrahams sijn huijsvr. out ontrent l jaaren woonende binnen deser stede opde houck vande oostvolderstraat"
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 933, aktenr. 59, d.d. 17-06-1665
---
"Na 1480 ging het echter snel bergafwaarts met de Leidse textielindustrie. De Engelsen gingen in toenemende mate hun eigen wol verwerken en voor Leiden betekende dit een steeds nijpender probleem om aan grondstoffen te komen. Bovendien deden zich veranderingen in de mode voor; het in zwang rakende ondergoed maakte de loodzware wollen stoffen, de specialiteit van de stad Leiden, overbodig. Dunne en soepele stoffen, zoals die sedert de vijftiende eeuw op het Vlaamse platteland werden gemaakt, raakten meer in trek dan de ouderwetse en degelijke Leidse lakenstoffen. Daar kwam bij dat die Vlaamse stoffen, de saaien, belangrijk goedkoper waren dan de Leidse lakens, door een goedkoper procédé en doordat men goedkope Spaanse wol kon bruiken. Aande ondergang van de Leidse lakenindustrie droeg tenslotte ook het uiteenvallen van de Hanze bij, waardoor een zeer belangrijk afzetgebied verloren ging. De moordende concurrentie van de Vlamingen zorgde voor een zeer snelle daling van de Leidse productie: van 28.000
'Gelukkig' maakte de Tachtigjarige Oorlog een einde aan de stagnatie en de achteruitgang van de Leidse textielindustrie. Het ontzet van Leiden in 1574 veranderde deze stad in een symbool van vrijheid. En zo werd Leiden een trekpleister voor allen die om geloofsredenen of vanwege oorlogsgeweld op de vlucht raakten. Veel vluchtelingen kwamen van het Vlaamse platteland en waren al saaiwever van beroep. De aanwezigheid van veel saaiwevers onder de nieuwkomers --ervaren in de moderne technieken--zorgden voor een snelle, nieuwe bloei van de textielindustrie.
De saai-weverij, ook wel de 'nieuwe draperie' genoemd, ontplooide zich razendsnel: Leiden was in de zeventiende eeuw de belangrijkste textielstad van Europa. Ook er economische motieven om van elders naar Leiden te vertrekken. Mogelijk was zelfs sprake van specifieke, gerichte migratie-stromingen en -recrutering."
Bron: http://www.geni.com/projects/Leiden-Werkers-in-de-Lakenindustrie/7850
"Het verlies van grote hoeveelheden poldergronden ten gevolge van de overstromingen en de voortdurende invallen in het Land van Waas door vijandelijke troepen lagen aan de basis van het feit dat rond 1585 de bevolking vermoedelijk met 40% was gedaald, met als gevolg dat omstreeks 1600-1610 het Land van Waas maximaal 24.000 inwoners telde"
Bron: De rol van het Land van Waas in het beleg van Antwerpen, Jelle van Goethem.
|