| Aantekeningen |
- Er is al enige jaren onenigheid tussen het kroosheemraadschap van Kamerik staten gerechte en secretaris Johan Leechburch over de collecte van het molengeld en het instellen van een jaarlijkse molenrekening. Er wordt nu een akkoord gesloten, waarbij bemiddeld hebben Peter van Liesvelt schout van Kockengen en Albertus Costerus secretaris van het groot waterschap van Woerden. Een van de ondertekenaars is Cornelis Cornelisen Oucamerijck.
Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8513, aktenr. 112, d.d. 28-01-1663
---
"Staet ende inventaris int corte gedaen maecken bij Geertgen Cornelis weduwe wijlen Cornelis Cornsz. Oucamerick anders genoemt geweest Corns. Cornelis Jaspertsz noopende alle de goederen ende middelen welcke zij Geertgen Corns. gemeen met den voorn. haren overleden man beseten heeft, ende bij gevolge voor de eene gerechte helfte bij hem Cornelis Corsz. tot behoeve van sijne achtergelaeten weeskinderen sijn ontruijmt gestelt ende opgeschreven als volcht. (...) Cornelis Meerten Collen de vader vande boedellhouster comt uijt desen boedell volgens de obligatien de somme van 4400-0-0 (...) Geertgen Cornelisdochter weduwe wijlen Cornelis Cornsz. Oucamerick geassisteert ende versterckt met Willem Cornelisz Coll haren broeder ende gecooren voocht in desen ter eenre, ende Tonus Jochumsz van Veen woonende inden Breudijck zoone van Annichgen Cornelis die een suster was van de overleden Cornelis Cornelisz Oucamerick, ende sulcx in dier qualite eenichste ende naeste neeff ende bloetvoocht van svaders sijde van de
Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8521, aktenr. 51, d.d. 10-12-1663
---
"ten versoecke van Geertgien Corn. wede. van Corn. Cornelis Jaspersz geestimeert sodanich henniplant ende houtgewas als sij van de erfgen. van de heer ende mr. Nicolaes van Berck onder ses morgen lants voor d'som. van drie duijsent ende tachtich gul. gecost heeft"
Bron: RHC RL, ORA Kamerik-en-de-Houtdijken (beheersnr. W179a), inv.nr. 980, aktenr. 21, d.d. 11-11-1667
---
Willem Cornelisz Coll te Noorden en Geertgen Cornelisdr Coll, weduwe van Cornelis Cornelisz Jaspersz te Kamerik, als kinderen van Cornelis Maertensz Coll, overleden te Noorden. Deling van de nalatenschap. Willem Cornelisz Coll komt toe het huis en erf en de landen te Noorden, groot 10 morgen land, mede nog een rietsudde onder Zevenhoven bij de Zevenhovense buurterdijk. Geertgen Cornelisdr Coll verkrijgt obligaties en gelden die met de waarde van de 10 morgen overeenstemmen. De overige geldenworden gelijk opgedeeld.
Bron: ELO, ORA Nieuwkoop en Noorden (toegangsnr. 162.1.06), inv.nr. 67, p. 295, d.d. 26-08-1671
---
"Maerten Cornelisz de Jonge jonghman, geassisteert met Cornelis Maertens de Jonge sijn vader, Willem Maertens de Jonge ende Gijsbert Dircxse Camerijck sijn oomen toecomende bruijdegom ter eenre, met Aertjen Cornelis Griffioen jonge dochter geassisteert met Geertgen Cornelis Coll haer moeder met Antonis Jochumsz Veen ende Willem Cornelis Coll haer oomen, toecomende bruijt ter andere sijden"
Bron: RHC RL, ONA Kamerik (beheersnr. W178), inv.nr. 931, aktenr. 100, d.d. 10-11-1671
---
"Jacob Hendricxsz Zael oudt ontrent 66 jaeren ende Cornelis Jacobsz Zael oudt ontrent 32 jaeren beijde wonende tot Camerick aen de Mijsijde mij not. wel bekent de welcke ten versoecke van Geertgen Cornelis Coll wede. van Cornelis Cornelisz Soontiens wonende in oud Camerick verclaerden waerachtigh ende haer seer wel kennel. te weesen dat sij requirante op ste. Matheus marck in den jaere 1676 heeft gecost aen Jan Teunisz Hagens caescoper tot Swammerdam tweehondert stucken kaesen"
Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8552, aktenr. 135, d.d. 25-09-1678
---
Kamerik
63. 8 morgen 2 hont land, (1413: vermeerderd tot 11 morgen), in (1412: het kerspel) OudKamerik (1623: in het gerecht van de Staten van Utrecht, strekkend van Kamerikker wetering tot de landscheiding), zuid: de heren van St. Marie te Utrecht (1623: Jan Maartensz.), noord: Machteld Heerkens en Arnout Rijklandsz. (1623: Jan Cornelisz.).
63A. De noordelijke helft van het leen.
11-4-1629: Cornelis Jaspersz. bij overdracht door Johan Cornelisz., 137 B fol. 74.
5-10-1650: Cornelis Cornelisz. bij dode van Cornelis Jaspersz., zijn vader, 137 C fol. 28v-29.
29-1-1664: Tonis Jochumsz. voor Aagje Cornelis en Aartje Cornelis, zusters, zijn nichten, bij dode van Cornelis Cornelisz., hun vader, 137 C fol. 109.
63B. De zuidelijke helft van het leen.
7-2-1663: Cornelis Jaspersz. bij overdracht door Willem Jansz., 137 C fol. 102.
29-1-1664: Tonis Jochumsz. voor Aagje en Aartje Cornelis, zusters, zijn nichten, bij dode van Cornelis Cornelisz. (!), hun vader, 137 C fol. 109v-110
Bron: De lenen van de hofstede Abcoude, 1270-1664 door J.C. Kort
|