| Aantekeningen |
- Gerrit Pietersz Suijck, ende Lijsbet Maertensdr sijn huijsvrouwe, met Claes, Maritgen, ende Jannetgen, hare kinderen – 5 hoofden [onvermogent]
Bron: Katwijk aan den Rijn - Hoofdgeld 1623
[Zeer waarschijnlijk moet er Manten staan i.p.v. Maritgen.]
---
NH dopen Katwijk a/d Rijn:
31-07-1617 Jannetgen; o. Gerrit Sijmonsz Zuijck
02-12-1618 Manten; o. Gerrit Prsz. Zuijck
23-02-1620 Claes; o. Gerrit Pietersz Zuijck
31-10-1621 Dirck; o. Gerrit Pietersz Zuijck
02-1633 Jan; o. Gerridt Pietersz Suijck
05-1635 Janneken; o. Gerridt Pietersz Suijck
10-1636 Jan; o. Gerrit Pietersz Suijck
---
Magdalena Pietersdr Suijck, weduwe van Louris Jansz Effenop, wonende te Leiden in de Molensteeg, gezond, maakt haar testament op. Ze wil begraven worden te Katwijk aan den Rijn. Zowel haar vrienden uit Leiden als Katwijk aan den Rijn moeten voor haar doodsmaal worden uitgenodigd. Tot bidders worden verzocht Jan van Dalen en Joost Jacobsz. Marijtgen Willemsdr, huisvrouw van Jan Barentsdr, krijgt 4 gulden. Ze legateert aan de huiszitters te Leiden 50 gulden en aan de armen van Katwijk aan den Rijn nog eens 50 gulden. Ze prelegateert aan de kinderen van de overleden Gerrit Pietersz Suijck, haar oudste broer, 50 gulden eens. Ze benoemt tot haar erfgenamen de voornoemde kinderen van Gerrit Pietersz Suijck zaliger, haar oudste broer, voor een vierde deel, Sijmon Pietersz Suijck, haar broer, alsmede voor een vierde deel, Frans Pietersz Suijck, mede haar broer, voor een gelijk vierde deel, en als laatste Gerrit Pietersz Suijck, mede haar broer, het resterende vierde deel. Tot voogden benoemt ze Jan Pietersz v
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 793, aktenr. 16, d.d. 05-02-1647 (scan 41)
|