| Aantekeningen |
- NH dopen Bodegraven:
04-12-1740 Maria; o. Jan Beltense Swijnenburgh en Neeltje Leenderts van der Graef
07-02-1743 Maartie; o. Jan Swijnenburg en Neeltie van der Graaf
01-11-1744 Lena; o. Baltese Swijnenburg en Neeltie Leenders van der Graaf (begr. 01-04-1745)
10-04-1746 Lena; o. Jan Baltense Swijnenburg en Neeltje Leenders van der Graaf
01-01-1751 Inggiegie; o. Jan Baltense Swijnenburg en Neeltje van der Graaf
17-09-1752 Leendert; o. Jan Baltense Swijnenburg en Neeltie Leendertze van der Graaf
13-07-1755 Jannetje; o. Jan Swijnenburg en Neeltje Leendertsdr van der Graaf; g. Grietje Leendertsdr van der Graaf
---
Marritje Aartse Nagtegaal is getrouwd met Balten Jansz Swijnenburg en samen hebben ze een getrouwde zoon, Jan Baltensz Swijnenburg. Helaas scheldt en dreigt Balten regelmatig naar zijn familie en buren en is ook gewelddadig, vooral als hij gedronken heeft. De buurtgenoten Pieter Cornelisz Cromwijk, Gijsbert Reijersz Bloklander en Willem Pietersen Verburg hebben voor schepenen getuigenverklaringen afgelegd over het gedrag van Balten (folio 139). Marritje verzoekt de Vierschaar om haar man in een Beterhuis te laten opsluiten. De Vierschaar stemt in met dit verzoek (folio 138v).
Bron: RHCRL, Vierschaar Woerden (beh.nr. W053), inv.nr. 6, fol. 137, d.d. 18-09-1739
---
Marritje Nagtegaal, huisvrouw van Balte Jansz Swijnenburg, sinds enige jaren gedetineerd, en Jan Baltensz Swijenburg, enige en meerderjarige zoon van de eerste comparant en haar voornoemde man, is schuldig aan Fredrik Bruijnsz, wonende te Leiden, 500 gulden geleend geld. Als onderpand geldt een huismanswoning met schuur, berg en boomgaard met ca. 8 morgen 4 hond land, gelegen in de Zuidzijderpolder onder Bodegraven; nog een partij van 11 morgen 3 hond land, gelegen in de Weipoortspolder onder Bodegraven; beschreven in de transportbrieven d.d. 09-05-1738 zoals het Balte Jansz Swijnenburg is overgedragen.
Bron: RHCRL, ORA Bodegraven (beh.nr. B065), inv.nr. 7, fol. 128v, d.d. 15-08-1747
---
Balten Jansz Swijnenburg is wegens drankmisbruik en mishandeling van zijn vrouw Marijtje Nagtegaal met instemming van de Vierschaar van Woerden sinds 1739 opgesloten in een verbeterhuis in Gouda. Marijtje en haar meerderjarige zoon Jan houden een boerderij gaande, maar hebben financiele tegenslag gehad en willen nu 11,5 morgen land verkopen, dat ligt ingesloten tussen land van Mr. Thimon van Schoonhoven en de heer Haack. In een brief aan de Hove van Holland verzoekt Marijtje om geautoriseerd en gekwalificeerd te worden om uit de gemeenschappelijke boedel een deel van hun land te verkopen.
Bron: RHCRL, Vierschaar Woerden (beh.nr. W053), inv.nr. 7, fol. 78v, d.d. 03-03-1751
---
Brief van de Vierschaar van Woerden aan de Hove van Holland om hun steun te betuigen voor het verzoek van Marijtje Nagtegaal en haar zoon Jan Baltensz Swijnenburg. De Vierschaar heeft getracht contact te leggen met Jannitje en Neeltje Swijnenburg, de twee zussen van Balten, maar dat is niet gelukt. [Neeltje Swijnenberg te Hillgersberg; Jannitje Swijnenburg te Streefkerk; Jan heeft een gezin met vijf kinderen.]
Bron: RHCRL, Vierschaar Woerden (beh.nr. W053), inv.nr. 7, fol. 80, d.d. 09-04-1751
---
Vertoont t testament van wijlen Jan Baltense Swijnenburg en Neeltje Leendertse van der Graaf echtelieden gepast. voor den secretaris Pieter Leonardus secretaris van Bodegraven en scheepenen van den zelve ambagte in d. 20 october 1749 waarbij de weeskamer is gesecludeert.
Bron: RHCRL, WK Bodegraven (beh.nr. B068), inv.nr. 3, fol. 239, d.d. 21-12-1779
---
Jan van der Leede, getrouwd met Maartje Swijnenburg, wonend te Bodegraven, Leendert Swijnenburg, mede wonend te Bodegraven, Cornelis Voordouw, getrouwd met Jannigje Swijnenburg, wonend in Cromwijk onder Woerden, Jacob van Wijk, getrouwd metImmigje Swijnenburg, wonend te Oudshoorn, Jacob Droog, als enig voogd over Maartje Ruijtenburg, enige dochter van Jacob Ruijtenburg en Lena Swijnenburg, nog allen handelend voor Neeltje Swijnenburg en Balte Swijnenburg, mede voor Margtje Swijnenburg, huisvrouw van Cornelis Okkerspeer, wonend in de Nieuwpoort, samen kinderen en kleinkinderen van Neeltje de Graaf, overleden weduwe van Jan Baltens Swijnenburg, die enige erfgenaam was van Balte Swijnenburg, verkochten bij veiling te Bodegraven op 18-11-1793 aan Cornelis Voordouw, wonend te Bodegraven, 4 morgen 450 roeden hooiland in het Broekveld, strekkend van de Zuidzijderkade tot het land van Cornelis Voordouw, belend ten oosten de weduwe van Teunis Schijff en ten westen Cornelis Verwoerdt. Koopsom 500 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Zwammerdam (toegangsnr. 114.1.02), inv.nr. 31, fol. 126, d.d. 07-05-1794
|