| Aantekeningen |
- NH dopen Alphen:
21-07-1627 Neeltgen; o. Evert Aertsz; g. Jacob Aertsz, Sijtgen Cornelis en Annetgen Aerts
26-09-1629 Stijntghen; o. Evert Aertzen; g. Maerten Aertzen, Grietghen Cornelis en Fijtghen Cornelis
04-04-1632 Aert; o. Evert Aertsz; g. Henrick Aertsz en Jannetje Aertsz
23-04-1634 Cornelis; o. Evert Aertsen; g. Meerten Aertszoon, Henrick Aertsz en Geertgen Cornelis
26-10-1636 Jan; o. Evert Aertzen; g. Abraham Stockman, Jan Cornelissen van Veen en Lijsbeth Cornelis
05-12-1638 Henric; o. Evert Aertsz; g. Henric Aertsz, Pieter Claesz, Geertgie Teuwsdr
05-05-1641 Henric; o. Evert Aertsz; g. Henric Aertsz, Jan Cornelisz van Veen en Maertgien Gerritsdr
NH dopen Leiden:
18-03-1646 Jan; o. Evert Aertsz en Maertgen Cornelisdr; g. Jan Cornelisz en Neeltgen Willemsdr
---
"Sommige pachters hadden in meerdere ambachten het recht op impost in handen. Marritgen Cornelisdr, weduwe van Evert Aertsz Blaeser, haar zoon Aert Evertsz Blaeser en Seger van der Meer waren halverwege de zeventiende eeuw achtereenvolgens pachtersvan de impost op het turf en (steen)kolen in de dorpen Alphen, Oudshoorn en Zwammerdam."
Bron: Riet, A.J.J. (2005). Meeten, boren en besien: Turfwinning in de buitenrijnse ambachten van het Hoogheemraadschap van Rijnland 1680-1800 [Proefschrift]. Hilversum: Uitgeverij Verloren.
---
Adriaen Jansz van Staveren en Cornelis Claesz van Nattenhoven verkopen aan Jacob Thomasz Verloet en Evert Aertsz Blaesser een erf met het getimmerte er op staande onder Oudshoorn in de Gnephoek bij de Heimansbrug, belend ten oosten 's-Molenaarswetering, ten zuiden Jacob Meesz van der Loet, ten westen Willem Sijmonsz en ten noorden Jacob Thomasz Verloet. Koopsom 235 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 3, p. 145, d.d. 02-05-1635
---
Evert Aertsz Verloeth wonende te Alphen [niet kunnen vinden]
Bron: ELO, ONA Leiden (toegangsnr. 506), inv.nr. 469, d.d. 10-04-1636
---
Evert Aertsz Blaser verkoopt Jan Dircksz van der Clijff een erfje, dat hij zelf eerder gekocht had van Cornelis Gijsbertsz, linnenwever te Bodegraven, liggend in 't Zuideinde van Alphen, strekkend van de Heereweg tot in de Molenvliet, belendten zuiden de weduwe van Adriaen Pietersz, stoeldraaier, ten noorden Maerten Claesz, snijder. Koopsom 300 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 13, p. 5, d.d. 09-05-1637
---
Jan Dircksz van der Clijff draagt over op Evert Aertsz Blaser een huis en erf in 't Zuideinde van Alphen, strekkend van de Heereweg tot in de Molenvliet, belend ten zuiden de weduwe van Adriaen Pietersz, stoeldraaier, ten noorden Aert AertszDobben.Koopsom 1425 gulden. Met schuldbrief.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 13, p. 129, d.d. 20-08-1640
---
Evert Aertsz Blaser draagt over op Arien Cornelisz Coster een eigendomsbrief van een huis en erf in het Zuideinde van Alphen. Koopsom 1.600 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 13, p. 130, d.d. 20-08-1640
---
Dirck Dell en Buen van Wender verkopen Ariën Cornelisz Coster en Evert Aertsz Blaser, ieder voor de helft, een huis en erf op het Zuideinde van Alphen, strekkend van de Heereweg tot de Rijn, belend ten noorden de kinderen van Jacob Aertsz Verloet, ten zuiden Arien Cornelisz van Tholl. Koopsom 3.550 gulden. Met schuldbrief, geroijeerd 18-04-1646.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 13, p. 147v, d.d. 13-03-1641
---
Ariën Cornelisz Coster en Evert Aertsz Blaser dragen over op Emmetgen Cornelisdr, weduwe van Ariën Aelbertsz Cocq, een huis en erf in 't Zuideinde van Alphen, strekkend van de Heerestraat tot de Rijn toe, belend ten noorden de kinderen van Jacob Aertsz Verloet, ten zuiden de weduwe Grietgen Ariëns van Clevesteijn. Koopsom 4.000 gulden. Met schuldbrief, geroijeerd 27-05-1657.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 13, p. 155, d.d. 23-05-1641
---
Evert Aertsz Blaeser en Jacob Maesz Verloet verkopen aan Cornelis Maesz van Saenen, zeilmaker, een eigenbrief, inhoudende de koop van een erf met het getimmerte daarop staande in de Gnephoek bij de Heimansbrug, groot 27½ roeden. Koopsom 80 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 14, p. 105v, d.d. 08-05-1642
---
Marrichgen Jans, weduwe van Henrick Aertsz Muijen, met Pieter Cornelisz Lelivelt als voogd, Maerten Aersz Rossum en Evert Aertsz Blaser, voor zichzelf en als ooms en voogden over de kinderen van Jacob Aertsz Verloet, verkopen Roeloff Jansz. van Heijningen een huis en erf in de Papenstraat in Alphen. Koopsom 1.182 gulden. (Zie ook RA Alphen invnr. 8 folio 43 d.d. 06-08-1626.)
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 14, p. 134, d.d. 02-05-1646
---
Evert Aertsz Blaser, schepen van Alphen, verkoopt Cornelis Cornelisz van der Sluijs, een huis en erf in het Zuideinde van Alphen, strekkend van de Heerestraat tot in de Molenvliet, belend ten zuiden de weduwe van Arien Pietersz, stoeldraaier, ten noorden Aert Aertsz Dobben. Koopsom 2.680 gulden. Met schuldbrief.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 14, p. 157v, d.d. 15-12-1646
---
Floris Pietersz Stam, herbergier aan de Aardijk onder Aarlanderveen, is schuldig aan Maerten en Evert Aertsz van Rossem, pachters van de gemene landsmiddelen, beiden wonende te Alphen, een bedrag van 260 gulden achterstallige pacht. Gesteld onderpand: zijn huis, erf en boomgaard aan de Aardijk, strekkende van de Aardijk tot het land van Cornelis Pietersz van der Sluijs, belend ten oosten de ambachtsheer van Alphen en ten westen de weduwe van Gerrit Dircxsz Vaendrager.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 63, p. 7v, d.d. 01-04-1655
---
Hendrick IJsbrantsz Muijen, wonende te Koudekerk, getrouwd met Maritgen Matheeusdr van der Sluijs en Cornelis Gerritsz Booman, getrouwd met Lijsbet Matheeusdr van der Sluijs, voor één helft erfgenamen van Jan Matheeusz van der Sluijs, "innocente persoon", omtrent 4 jaar geleden binnen Oudshoorn overleden, mitsgaders mede naast Cornelis Gerritsz Booman, ieder voor 1/4 deel erfgenaam van de andere helft, Sijmon Gerritsz van Leeuwen wonende te Aarlanderveen, als weduwnaar van Geertjen Matheus van der Sluijs, mede voor 1/4 deel, Evert Aertsz Blaserios, getrouwd met Maritgen Servaesdr [= Cornelisdr ?] te Rijnsburg voor zichzelf en vervangende Stijntgen Servaesdr [Cornelisdr ?], ongehuwd, wonende te Rijnsburg en Pieter Claesz Schouten te Alphen, als vader en voogd van Claesz Pietersz Schouten, geboren uit Fijtgen Cornelisdr, vervangende Gijsbert Dircksz de Jongh te Rijnsburg, getrouwd met Geertjen Cornelisdr van der Sluijs, allen kinderen en kindskinderen van Cornelis Matheeusz van der Sluijs, mede voor 1
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 6, p. 30, d.d. 17-05-1657
---
Claes Jansz Mulder, wonend te 's-Gravenhage, verkoopt Evert Aertsz Blaser een huis er erf achter de kerk van Alphen, dat door Cornelis Lourisz aan de armen, en weer door de armen op Gijsbert Jansz Mulder is overgedragen. Schuldbrief (van 100gulden als restbetaling) geroijeerd d.d. 26-03-1664.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 17, p. 170v, d.d. 21-04-1659
---
Grietgen Maertensdr Rossem, meerderjarige dochter, Pieter Ariensz van der Tocht, getrouwd met Gerritgen Maertensdr Rossem, kinderen van wijlen Maerten Aertsz Rossem, mede Evert Aertsz Blaser en Floris Cornelisz van Tol, vervangen Jan Cornelisz van Tol, als voogden over het kleinkind van Maerten Aertsz, verkopen aan Melten Leendertsz van der Linden een huis en erf met schuur en verder timmerwerk in de Bruggestraat, belend ten oosten de Rijn, ten zuiden de Gemenesteeg, ten westen voornoemde erfgenamen, ten noorden de Bruggestraat. Koopsom 2.600 gulden. Schuldbrief geroijeerd d.d. 18-07-1665.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 18, p. 61, d.d. 28-04-1660
---
Grietgen Maertensz van Rossum, Pieter Ariënsz van der Tocht, getrouwd met Gerritgen Maertens van Rossum, Floris Cornelisz van Tol, Cornelis Cornelisz Londersloot en Jan Henricxsz Muijen als voogden over Aert Crijnen, zoon van Crijn Cornelisz van Leeuwen, verwekt bij Baertgen Maertensz van Rossum, allen kinderen en kindskinderen van Maerten Aertsz van Rossum, overleden te Alphen, verkopen aan Marritgen Cornelis, weduwe van Evert Aertsz Blaeser, wonend te Alphen, een erf liggende buiten de Lage Rijndijk, strekkende van de Lage Rijndijk tot in de Rijn, belend ten noorden Jan Jacobsz van Ravesteijn en ten zuiden Arij Jacobsz Verweij. Koopsom 200 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 7, p. 45, d.d. 06-09-1664
---
Arijen Arijensz Weselenburch, Cornelis van Schellingerhout, schout van Oudshoorn en Gnephoek, gesubstitueerd door Jan Jansz Verdam en Marritgen Cornelisdr, weduwe van Evert Aerts Blaeser, geassisteerd met de schout voornoemd, verkopen aan Gerrit Leendertsz Vermij een huis, timmerhuis en erf met beplanting onder Oudshoorn, strekkende van de Lage Rijndijk tot in de Rijn, belend ten noorden Jan Jacobsz van Ravesteijn en ten zuiden Sijmon Willemsz van Leeuwen. Koopsom 500 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (toegangsnr. 113.1.02), inv.nr. 7, p. 88v, d.d. 04-05-1666
---
Neeltgen Evertsz Blaser, weduwe van Jan Leendertsz van der Lucht, met Cornelis Evertsz Blaser, haar broer en voogd, is schuldig Phillips Cornelisz Stoopenburch, wonend te Zwammerdam, een bedrag van 500 gulden. Gesteld onderpand: een huis en erf in Alphen op de hoek van de Bruggestraat belend ten oosten Cornelis Londersloot, ten zuiden de Bruggestraat, ten westen de Heerestraat, ten noorden Hendrick Stevin, heer van Schrevelsrecht. Het huis is belast met een schuld van 500 gulden, toekomend Cornelis Londersloot. Borgen: Marrichge Cornelisdr, weduwe van Evert Aartsz Blaser en Cornelis Evertsz Blaser.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 21, p. 50, d.d. 04-09-1668
---
Aert Evertsz Blaser, wonende te Aarlanderveen, verkoopt aan Marritge Cornelis, weduwe van Evert Aertsz Blaser, een huis en erf met een klein huisje aan de Lage Zijde van de Rijn onder Aarlanderveen, strekkende uit de Rijn tot de Heerweg, belend tennoorden Heijndrick Oosterlingh en ten zuiden de weduwe van Jan Claesz, kaaskoper. Koopsom 600 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 64, p. 153, d.d. 24-11-1668
---
Marritge Cornelisdr, weduwe van Evert Aertsz Blaser, is schuldig aan de Diaconie Armen van Alphen een bedrag van 700 gulden. Gesteld onderpand: een huis en erf in Aarlanderveen Lage Zijde, strekkende van de Lage Rijndijk tot in de Rijn, belend ten noorden Heijndrick Oosterlingh en ten zuiden Grietge Harmens, weduwe van Jan Claesz, kaaskoper.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Aarlanderveen (toegangsnr. 111.1.02), inv.nr. 64, p. 163v, d.d. 21-01-1669
---
Marritgen Cornelisdr, weduwe van Evert Aartsz Blaser, is schuldig aan haar zoon Jan Evertsz Blaser, wonend te Koudekerk, een bedrag van 1.000 gulden. Gesteld onderpand: haar huis en erf in het Zuideinde van Alphen tussen de Heerestraat en het Kanaal, belend ten zuiden de kinderen van Hendrick Adriaensz Verbeeq, ten noorden Jan en Gerrit van Schaap.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 22, p. 68v, d.d. 28-12-1673
---
Marritgen Cornelisdr, weduwe van Evert Aertsz Blaser, nu wonend te Koudekerk, is schuldig Cornelis Jacobsz Maes, wonend te Alphen, een bedrag van 114 gulden. Gesteld onderpand: haar huis en erf in 't Zuideinde van Alphen tussen de Heerestraat en 'tnieuw gegraven kanaal, belend ten zuiden de kinderen van wijlen Hendrick Verbeeq, ten noorden Joan en Gerardt van Schaep. Schuld geroijeerd 06-06-1704.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 22, p. 106, d.d. 19-06-1674
---
Los stuk, deels vergaan. Marritgen Cornelisdr van der Sluijs, weduwe van Evert Aartsz Blaser, wonend te Koudekerk, draagt op aan Jan Evertsz Blaser, haar zoon, een ledig erf achter de kerk te Alphen. Koopsom 70 (?) gulden. Zij verklaart schuldig tezijn aan de Grote Huisarmen van Alphen een bedrag van 200 gulden en aan Jacob Am..., wonend op het dorp Alphen, ook een bedrag van 200 gulden en stelt als onderpand haar huis en erf in 't Zuideinde van Alphen.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 22, p. 132, d.d. 21-11-1674
---
Marritgen Cornelisdr, weduwe van Evert Aartsz Blaser met Jan Evertsz Blaser, haar zoon, verkoopt aan Hendrick Hendricksz Dobbe, wonend te Alphen, een huis en erf in het Zuideinde van Alphen, tussen de Heerestraat en het nieuw gegraven kanaal, belend ten zuiden de kinderen van Hendrick Ariënsz Verbeeq, ten noorden Mr. Gerardt van Schaep. Koopsom 1.500 gulden. Schuld voldaan 09-06-1681. (zie ook RA Alphen invnr. 22 folio 105 d.d. 19-06-1674 en invnr. 27 folio 120 d.d. 09-11-1703)
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 22, p. 178, d.d. 09-03-1676
---
Jan Evertsz Blaser, wonend te Koudekerk, draagt over op Cornelis Jacobsz Maes een rentebrief d.d. 28-12-1673 inhoudend als rest 690 gulden, ten laste van Marritgen Cornelisdr, weduwe van Evert Aertsz Blaser, met als onderpand een huis en erfin het Zuideinde van Alphen. Koopsom 640 gulden.
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Alphen (toegangsnr. 112.1.02), inv.nr. 23, p. 10, d.d. 23-11-1679
|