| Aantekeningen |
- NH dopen Waarder:
02-05-1674 Jan; o. Jan Janse Uijthol en Marige Pieters
02-02-1676 Aart; o. Jan Janse Uijthol en Marige Pieters Hogeneijk
22-08-1677 Claes; o. Jan Janse in 't Hol en Marige Pieters Hogeneijk
28-07-1686 Maria; o. Jan Janse Uijthol (de jonge) en Crijntje Cornelisse Pauw
18-11-1691 Gerrit; o. Jan Janse Uijthol en Crijntje Cornelis Pauw
[int hoogh eijnde van de Lange Weijde - tegen paeschdagh in den jare 1675]
10. Jan Janse Uijthol de jonge
11. Marige Pieters, sijn vrou { doot
Bron: Waarder - Lidmatenboek
Diaken in 1673, 1674 en 1683; ouderling in 1696, 1697, 1705 en 1713
Jan Janse Uijthol, de jonge, op t hoogh eijnt van L. Weijde of Langeweij
Bron: Waarder - Lidmatenboek
---
Naam: Jan Jansz Uythol
Inhoud: Verkoop hofstede met 19 morgen in Willeskop en Blokland.
Bron: RHC RL, ORA Willeskop (beheersnr. M021), inv.nr. 2304, aktenr. 15, d.d. 11-11-1679
---
14/24-1-1680: Jan Jansz Wtholl, weduwnaar van Marrichje Pieters Verweij, als vader, en Pieter Claesz Verweij als grootvader van de drie onmondige kinderen van de eerste comparant, verwekt bij Marrichje Pieters, wonende op het Hoogeinde van Langeweide, testeren. Ze willen dat de drie onmondige kinderen, met namen Jan, Aert en Claes Jansz Wtholl, bij het overlijden van de comparant, voogden toegewezen krijgen. Mocht de vader overlijden, dan wordt voogd in zijn plaats zijn oudste nog levende broer. Mocht de grootvader overlijden, dan wordt voogd van moederskant Gerrit Roelen Ramp, tegenwoordig wonende te Waarder. Uitsluiting van het gerecht en de weeskamer. Gerrit Roelen Ramp, hier ook aanwezig, verklaart de voogdij zo nodig te zullen aanvaarden.
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 1, aktenr. 91 (FS scan 175/374).
24-10-1680: Jan Jansz Wtholl, weduwnaar van Marrichjen Pieters Verweij, aan de ene, en Pieter Claesz Verweij met Gerrit Roelen Ramp, aan de andere zijde, geven te kennen dat de eerste comparant bij zijn vrouw drie kinderen had verwekt, met namen Jan, 7 jaar, Aert, 5 jaar, en Claes Jansz Wthol, 4 jaar oud. Boedelscheiding. De eerste comparant houdt 23 koeien, een paard en de inboedel en huisraad van de bouwerij en melkerij. Hij betaalt aan zijn schoonvader, de grootvader van zijn kinderen, 500 gulden, te betalen in termijnen van 70 gulden per jaar. De kinderen zijn voor de helft eigenaar van 18 morgen land gelegen in het Hoogeinde van Langeweide en 6 morgen land in Waarder. Jan Jansz zal voor de duur van acht jaar het vruchtgebruik hebben tot zijn jongste kind 12 jaar oud is. Hij zal zijn kinderen opvoeden en onderhouden tot het jongste kind 12 jaar oud zal zijn. Pieter Claesz krijgt een bed met beddengoed en het zilver, goud en muntgeld.
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 1, aktenr. 108 (FS scan 202/374).
1-7-1686: Compareerden Claes Cornelisse Pauw woonende aende Langeweyde voor hem selffs, Willem Cornelisse Admirael getrouwt hebbende Leentie Cornelis Pauw woonende binnen dese stede, ende Jan Jansz uuyt Hol als man ende voocht van Crijntie Cornelis Pauw woonende inde Langeweyde, zij machtigen Arien Cornelisse Pauw ende Lauwerens Cornelisz Pauw hun broeders en swagers respective, om te vestigen ende hypothequeren op elff mergen lants gelegen in Moordrecht, haerluyden toebehoorende, ten behoeve van (niet ingevuld) woonende tot Rotterdam, de somme van 2500 gulden jegens soodanige lage renten als sij ten meesten profijte sullen connen te accorderen.
Bron: RHCRL, ona Oudewater 1895, aktenr. 50 (Coen van Wijngaarden).
8-7-1686: Arien Cornelisz Paeuw, Lauwerens Cornelis Paeuw, Annetgen Cornelis Paeuw, meerderjarige dochter, en Theunis Cornelis Paeuw, voor hen zelf, verder voornoemde Arien Cornelisz Paeuw en Lauwerens Cornelisz Paeuw eerst nog als testamentaire voogden van Lijsbet Cornelis Paeuw en Willem Cornelisz Paeuw, hun minderjarige zus en broer, en met procuratie van Claes Cornelisz Paeuw, Willem Cornelisz Admirael, getrouwd met Leentgen Cornelis Paeuw, en Jan Jansz Uijthol als man en voogd van Crijntgen Cornelis Paeuw, samen kinderen en erfgenamen van Cornelis Claesse Paeuw en Geertgen Ariens, beiden overleden, de procuratie gepasseerd voor notaris Eeuwout Slappecoorn te Oudewater op 01-07-1686 en 04-07-1686. Ze zijn schuldig aan heer en mr. Willan Prins, wonende te Rotterdam, 2.500 gulden aan geleend geld tegen 3,5% rente. Als onderpand geldt een hofstede met huis, erf, berg en schuur met ca. 4,5 morgen wei-, hooi- en hennepland gelegen in het Dijkland onder Moordrecht, strekkende van de buitendijkse sellin
Bron: SMH, ora Moordrecht 50, fol. 182v (FS scan 193).
---
Naam: Jan Jansz in 't Hol
Woonplaats: Lange Weide
Hoedanigheid: huurder
Bron: RHC RL, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8565, aktenr. 37, d.d. 22-12-1688
---
29-5-1691: Heer en mr. Gijsbertus Costerus als speciale gemachtigde van Charles de la Torre, heer van Valkenisse, als regent van het Godshuis in 's-Gravenhage, gesticht door wijlen Johan de Bruijn van Buijtewegh, heer van Nieuwkoop, volgens de procuratie van 13-3-1690, geeft over aan Jan Jansz wt Holl de jonge 31 morgen wei-, hooi- en hennepland met getimmerte, gelegen op het Hoogeinde van Langeweide. Ten eerste 10 morgen strekkende van de Voor- tot de Achterwiericke, belend ten noorden voor over de dijk Gerrigjen Jacobs en achter de erfgenamen van Pieter Verhoeck en ten zuiden kapitein Dimmer; ten tweede 5 morgen, waar het huis op staat, strekkende als voren, belend ten noorden kapitein Dimmer en ten zuiden Pieter Claes Gerden; ten derde 16 morgen land in twee weren naast elkaar, waarvan 10 morgen strekkende als voren, belend ten noorden Pieter Claes Gerden en ten zuiden Jelis Verhaer, de 6 morgen strekkende van de Achterwiericke tot de Langeweidsedijk, belend ten zuiden Jan Kornelis Koenen met bruik
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 1, aktenr. 208 (FS scan 354/374).
31-5-1691: Jan Jansz uijt Holl de jonge, wonende in het Hoogeinde van Langeweide, is schuldig aan ds. Jacobus Casteleijn, predikant te Gouda, 2.700 gulden aan geleend geld met 4,5% rente.
11-2-1727: Andries Timmer, notaris te Gouda, als gemachtigde van juffr. Eva de Meij, weduwe en boedelhoudster van ds. Jacobus Casteleijn, laat weten dat het bedrag is betaald. Als onderpand geldt voorgaande 31 morgen land in het Hoogeinde van Langeweide.
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 1, aktenr. 208 (FS scan 355/374).
8/18-4-1695: Jonge Jan Jansz Wtholl, mede schepen, wonende op het Hoogeinde van Langeweide, ziek op bed liggende, en Crijntje Cornelis Pouw, zijn huisvrouw, testeren. De langstlevende krijgt het vruchtgebruik van alle goederen. De langstlevende wordt ook voogd van de kinderen. Uitsluiting van het gerecht of de weeskamer.
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 2, aktenr. 25 (FS scan 37/540).
16-5-1704: Jan, Aert en Claes Janssen Uijtholl, broers, transporteren aan hun vader Jan Jansz Uijtholl een hofstede gelegen op het Hoogeinde van Langeweide met 10 morgen land in drie percelen, waar het getimmerte van huis, berg en schuur op staat, strekkende van de Voorwiericke tot de Achterwiericke, belend ten zuiden en noorden Jan Jansz zelf; nog ca. 3 morgen wei- en hooiland, strekkende van de Achterwiericke tot de erfgenamen van Joan Pedij, belend ten zuiden voornoemde erfgenamen en ten noorden Tonis Floren; nog ca. 5 morgen wei-, hooi- en hennepland, strekkende van de Voorwiericke tot de Achterwiericke, belend ten zuiden voor Jan Grafvelt en ten zuiden achter en ten noorden de erfgenamen van Pedij. Het is hun voor de ene helft aangedeeld als moederlijk goed en de andere helft hen aanbestorven van hun grootvader, wat tot nu toe door hun vader gebruikt werd. Het is belast met 1.400 gulden ten behoeve van de erfgenamen van Hendrick Tecop, volgens de rentebrief van 5/15-6-1685 gepasseerd bij dit gere
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 2, aktenr. 97 (FS scan 142/540).
26-1-1717: Cornelis Jansz Verwel als man en voogd van Elisabeth Cornelis Pauw, transporteren aan Justus van Poolsum, schout van dit gerecht, vier koeien, de berg met hooi en het overige wat zich op het land van de bouwerij bevond en tot het huishouden behoort, vanwege de personele lasten die Cornelis Jansz Verwel over de jaren 1715 en 1716 verschuldigd is aan ongelden. Jan Jansz Uijtholl stelt zich borg, in geval de verkoop van de goederen niet genoeg geld opbrengt.
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 2, aktenr. 141 (FS scan 217/540).
3-7-1717: Heer George Roetens geeft in pacht aan Jan Jansz Uijthol, Leenderd Jansz Jaager, Gijsbert Cornelisz van der Neut, Gerrit Floren Oudenes en Andries Damen, allen wonende in Langeweide, de helft van drie blokken henneptiende, voor de duur van negen jaar voor 110 gulden per jaar.
Bron: HUA, ona Utrecht 1081, aktenr. 148.
6-12-1727: Jan, Aart, Claes en Gerrit Jansz Uijthol, en Teunis Barendsz Mijderswijk getrouwd met Maria Jansz Uijthol, geven te kennen dat hun vader en schoonvader Jan Jansz Uijthol in dit gerecht was overleden en nog niet was begraven. Ze willen hem graag begraven, maar willen niet dat ze als gevolg daarvan worden aangemerkt als erfgenamen.
Bron: RHCRL, ora Lange Ruige Weide 2, aktenr. 146 (FS scan 230/540).
|