| Aantekeningen |
- In 1541 is Gerijt Pietersz eigenaar en bruiker van een stuk land van 18,5 morgen 200 roeden dat hij in erfpacht heeft. (zie ook de akte van 23-09-1643, waaruit blijkt dat de erfpacht schuldig is aan Gerrit van der Laen). In 1564 en 1568 is dit land in het bezit van Neeltgen, de weduwe van voornoemde Gerrit Pietersz. Het land ligt naast de Vaarsloot in de richting van de Zegersweg.
In 1580 blijkt dit land verdeeld te zijn tussen Dirck Gerritsz met 9 morgen 2,5 hond en Cornelis en Jan Gerrit Pieterszonen met Jonge Willem Pieter Jansz, die samen 9 morgen 2,5 hond hebben (zie de akte hieronder). In 1592 blijkt het land herschikt te zijn, zodat Dirck Gerritsz 10 morgen 5 hond bezit, Cornelis Gerrit Pietersz en Jan Gerrit Pietersz bezitten elk 3 morgen 4 hond en Jonge Willem Pieter Jansz heeft 4 hond in eigendom. Dit is samen nog steeds 18,5 morgen 2 hond.
In 1600 bezit Cornelis ook het deel van Jan, in totaal dus 7 morgen 2 hond, volgens de uitkoop van 20-08-1600. Verder blijft de situatie ongewijzigd tot 1612. In 1616 is het deel van Cornelis Gerrit Pietersz in handen gekomen van Jan Gerritsz. Willem Pietersz bezit nog steeds 4 hond. Het land van Dirck Gerritsz is echter verdeeld tussen Gerrit en Dirck Dircksz en Gerrit Jansz. Het morgenboek van 1628 geeft een betere indicatie van de verdeling: Gerrit Dircksz Cuijper bezit 2 morgen 5 hond 75 roeden, Gerrit Jansz Tholl heeft 1 morgen 2 hond 75 roeden gekregen, Dirck Dircksz bezit 2 morgen 1 hond 75 roeden en Ghijsbert Pietersz heeft 4 morgen 75 roeden in eigendom.
Ghijsbert Pietersz blijkt weduwnaar te zijn van Neeltgen Dircksdr, zus van Gerrit Dircksz Cuijper en Gerrit Dircksz Vaendrager. Van zijn 4 morgen 75 roeden komt 2 morgen 1 hond 75 roeden bij zijn zoon Pieter Ghijsz terecht bij de boedelscheiding van 25-10-1629. De overige 2,5 morgen behoudt hij zelf. Dit verkoopt hij op 30-04-1636 aan Jan Pietersz Jonge Willemsz/Jan Pietersz Schenckevelt.
Het mooie is dat in het archief van Erfgoed Leiden een kaart aanwezig is, in 1643 getekend door Stevin van Broeckhuijsen op verzoek van Adriaen Willemsz Wittert. Hierin is bovenstaande 18 morgen 5 hond 73 roeden getekend. Aangezien dit land naast de Oostheul ligt, is het waarschijnlijk dat Dirck Gerritsz aan de Heul dezelfde persoon is. Ook zijn land is in 1616 van eigenaar gewisseld.
Op 21-08-1588 koopt Dirck Gerritsz een stuk land van 2,5 morgen 2,5 hond. In het morgenboek van 1584 staat dit land geregistreerd op naam van Cornelis Sijmonsz c.s. Van 1588 tot 1612 staat dit land op naam van Dirck Gerritsz aan de Heul. In 1616 wordt Cornelis Pietersz als nieuwe eigenaar genoemd. Dit blijkt te zijn Cornelis Pietersz van Swieten, getrouwd met Barber Dircksdr. Deze Barber is een dochter van Dirck Gerritsz. Samen krijgen ze vijf kinderen: Dirck, Sijmon, Pieter, Elisabeth en Cornelis. Gerrit Dircksz Vaendrager is oom en voogd van de onmondige kinderen. Zie voor meer informatie het weesboek van Oudshoorn.
---
28-10-1584: Pieter Gerrit Pietersz, Jan Aalbertsz, getrouwd met Griete Gerritsdr, Cornelis Claesz, getrouwd met Marije Gerritsdr, en Jannitgen Gerritsdr, verklaren uitgekocht te zijn door Cornelis en Jan Gerritsz met Jonge Willem Pieter Jansz voor één helft en door Dirck Gerritsz, hun zwager, voor de andere helft, bij het overlijden van Neeltgen, de weduwe van Gerrit Pietersz, hun moeder.
Bron: GAAR, ora Alphen 2, fol. 27.
21-8-1588: Cornelis Sijmonsz, voor zichzelf en als voogd van Catrijn en Maritgen Sijmonsdr, zijn zusters, Mathijs Jacobsz, weduwnaar van Belijtgen Sijmonsdr, voor zichzelf en als vader en voogd van zijn twee kinderen, geboren uit Belijtgen Sijmonsdr, en Cornelis Ariaensz, getrouwd met Lijsbeth Sijmonsdr, allen erfgenamen van Sijmon Cornelisz, verkopen Dirck Gerritsz, wonende bij de Oostheul, 3 morgen land in Oudshoorn, belend ten oosten Maerten Stichter, ten zuiden Cornelis Willemsz Jongen Bouman, ten westen Ceel Dircxsz Heijnen, ten noorden Bouwen Jansz. Borg: Griete Ghijsbertsdr, weduwe van Claes Claesz, met Jan Jansz, haar neef. Koopsom 303 gulden. Met schuldbrief.
Bron: GAAR, ora Alphen 3, fol. 128v.
20-8-1600: Jan Gherijt Pietersz is uitgekocht door zijn broer Cornelis Gherijtsz van 1/3 deel van een woning en landen van 22 morgen min een hond onder Oudshoorn aan de Oostheul, waarvan Dirck Gerritsz de ene helft en Cornelis Gerritsz en comparant Jan Gerritsz met hun zwager Willem Pietersz de andere helft aangedeeld zijn. Dit met de jaarlijkse erfpacht en lijfrente, die op het geheel berusten.
Bron: GAAR, ora Oudshoorn 1B, fol. 3.
|