| Aantekeningen |
- NH dopen Oudshoorn:
23-04-1702 Leijbet; o. Hendrick Ingenaersz Vrijenoock en Trijntjen Abrahams Verbruggen; g. Machteltje Ingenaersz Vrijenoock
NH dopen Woubrugge:
10-04-1712 Willem; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Pietertje Willems Bon; g. Maartje Willems Bon
05-07-1716 Crijn; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes
10-10-1717 Crijn; o. Hendrik Ingenaars Vrijenooke en Aagje Crijnen Verdoes; g. Trijntje Crijnen van der Does
16-10-1718 Neeltje; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes; g. Trijntje Crijnen Verdoes
04-11-1720 Magteldje; o. Hendrik Ingenaars Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes; g. Marijtje Ingenaars Vrijenook
19-04-1722 Ingenaar; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijnen Verdoes; g. Lijsbeth Ingenaarse Vrijenook
10-12-1724 Neeltje; o. Hendrik Ingenaarse Vrijenook en Aagje Crijne Verdoes; g. Trijntje Crijne Verdoes
---
Vooral in het jaar 1743 noemt het rechterlijk archief een aantal werknemers in de veenderij: Arij Cornelisz van Tol, alias Hoorns Arij; Arij Arijsz van Tol, alias Banjer; Pieter Rijnsburger, alias Pieter Hals en Jacob Akerboom, alias Spinders Jacob, die onderbaas bij Hendrik Vrijenook [zijn schoonvader] was."
Bron: Riet, A.J.J. (2005). Meeten, boren en besien: Turfwinning in de buitenrijnse ambachten van het Hoogheemraadschap van Rijnland 1680-1800 [Proefschrift]. Hilversum: Uitgeverij Verloren.
---
Hendrick Ingenaersz Vrijenoock, weduwnaar van Trijntie Abrahams van der Brugge, wonende te Woubrugge, aan de ene, en Willem Maertensz Slootwegh, wonende te Zegwaart, als oudoom en naaste bloedvoogd van moederskant van de twee nagelaten weeskinderen van voornoemde Trijntie Abrahams, verwekt bij voornoemde comparant, aan de andere zijde, met goedkeuring van de schout en weesmannen van Woubrugge, zijn akkoord over de moederlijke erfenis van de weeskinderen. De boedelhouder houdt alle goederen die hij en zijn huisvrouwe gemeen hebben bezeten, inclusief lasten en schulden. Hij zal de twee kinderen, met namen Lijsbet, ca. 6 jaar, en Trijntie, ca. 3,5 jaar oud, opvoeden en onderhouden tot hun mondigheid of huwelijk. Lijsbet krijgt dan een zilveren hoofdijzer met gouden "toocken" en twee zilveren ducatons. Trijntie krijgt een bloedkoralen ketting met een goud "schilpie", mitsgaders een "testamentie met silvere slooten en beslagh" met twee zilveren ducatons.
Bron: SA Zoetermeer, ONA Zegwaart en Zoetermeer (toegangsnr. 018), inv.nr. 13, aktenr. 504, d.d. 09-05-1708
---
Inventaris van de roerende en onroerende goereden die Willem Maertensz Slootwegh, gewoond hebbende bij de Elleboogse molen in Zegwaart, in zijn leven heeft bezeten en door zijn overlijden op 16 november dit jaar heeft nagelaten. Ondertekend door Floris Jansz Swartendijk, Jacob Claesz Slootweg, Trijntie Claes Slootweg, Willem Sijmonsz Slootweg, Klaes Sijmonsz Slootweg, Trijntie Sijmons Slootwegh, Willem Ingenaerse Vrijenoock en Heindrick Ingenaerse Vreijenoock.
Bron: SA Zoetermeer, ONA Zegwaart en Zoetermeer (toegangsnr. 018), inv.nr. 13, aktenr. 522, d.d. 23-11-1708
---
Willem Ingenaerse Vrijenoock en Ariaentie Abrahams van der Brugge, echtelieden, wonende te Oudshoorn, beiden gezond, maken hun testament op. Ze benoemen elkaar tot erfgenaam van alle goederen. De langstlevende is gehouden hun kinderen op te voeden en te onderhouden. Tot mede voogden benoemen ze Hendrick Ingenaersz Vrijenoock, zijn broer, en Jacob Cornelisz Kaartie, haar neef. Seclusie van de weeskamer.
Bron: SA Zoetermeer, ONA Zegwaart en Zoetermeer (toegangsnr. 018), inv.nr. 14, aktenr. 549, d.d. 21-05-1709
---
Willem Ingenaartsz Vrijenook, Hendrik Ingenaartsz Vrijenook, Klaas Jacobsz, getrouwd met Grietje Ingenaarts Vrijenook, Cornelis Gerritsz Rietveld, getrouwd met Maria Ingenaarts Vrijenook, Willem Woutersz Klevesteijn, getrouwd met Lijsbeth Ingenaarts Vrijenook, mede-erfgenamen van Magteltje Ingenaarts Vrijenook, in haar leven huisvrouw van Jacob Jacobsz de Wilde, verkopen aan deze Jacob Jacobsz de Wilde een achtste deel van een partij veeland of water in de Grote polder, in het geheel groot 1morgen 85 roeden, belend ten zuiden de Oudshoornsedijk, ten noorden de volgende partij, ten oosten de erven van juffrouw Waijmans en ten westen Pieter Klaasz Reijnsburger; nog een achtste deel van 522 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten oosten en westen als voren, ten zuiden het vorige perceel en ten noorden Dirk Willemsz Reijnsburger; nog een achtste deel 1 morgen 34 roeden veenland of water in de Grote polder, belend ten zuiden Evert Jansz Ram, ten noorden de weduwevanWillem Mighielsz, ten oos
Bron: GA Alphen a/d Rijn, ORA Oudshoorn (113.1.02), inv.nr. 13, p. 252, d.d. 03-05-1720
---
1722 167 Outshoorn: Ingenaer Cornelisz Vrijenook en zijn huisvrouw overleden. Erven: Willem Ingenaersz Vrijenook; Hendrick Ingenaersz Vrijenook; Marytgen Ingenaers Vrijenook x Cornelis Gerritsz Rietvelt te Esselyckerwoude en Lysbet Ingenaers Vrijenook x Willem Woutersz Klevesteyn
Bron: Kohieren van de penningen van Rijnland, van 1702 tot 1722 door P.W.C. van Kessel
|