| Aantekeningen |
- NH dopen Reeuwijk:
02-02-1676 Belitien; o. Marten Corssen van Zalen
Kinderen:
- Teetje Meertens van Salen
- Beligje Maartens van Zalen
- Aaltje Maartens van Salen, impost 21-03-1744 Reeuwijk
- Arij Maartensz van Saalen (RHC RL, ONA Reeuwijk (beheersnr. R066), inv.nr. 6956, aktenr. 3, d.d. 16-03-1745)
- Cornelis Maartensz van Saalen x Ariaantje Jans de Bruijn
20-05-1696 Jan; o. Cornelis Meertense van Saalen en Ariaantje Jans; g. Teetje Maartens; Reeuwijk
19-05-1698 Neeltje; o. Cornelis Maartense van Saalen en Ariaantje Jans de Bruijn; g. Geertje Jans de Bruijn
11-09-1701 Emmerens; o. Cornelis Maartenz van Zalen en Aarjaantje Jans de Bruijn; g. Jannetje Ariens Blonck
03-08-1704 Lena; o. Cornelis Maartenz van Zalen en Ariaantje Jans de Bruijn
Zussen:
Cornelis Leendertsz de Bruijn, j.m. van Sluipwijk, en Aeltje Korsen van Salen, j.d. van Kamerik, trouwen op 24-10-1665 voor het gerecht van Sluipwijk.
Gerrit Jansz van der Bruijn, j.m. won. a/d Hoge Rijndijk te Bodegraven, gaat op 09-02-1665 te Bodegraven in ondertrouw met Marrichgen Corssen van Salen, j.d. won. a/d Ree onder Sluipwijk.
Jan Koenen en Belichgen Korsen trouwen op 19-10-1653 te Sluipwijk met attestatie van Kamerik
---
6-5-1660: Jan Coenenssen Voogelesangh verkoopt aan Maerten Corssen van Saelen, zijn zwager, een hofsteedje met huis en schuur met 2 morgen land, gelegen in Vogelenzang, strekkende van Thomas Meertensz Camerick oostwaarts tot de Reewetering, belend ten noorden Leendert Adrijaenssen van Cadts en ten zuiden Willem Woutersz van Leuwen. De koper neemt over een rente van 8 gld. 15 st. per jaar aan de kerk van Sluipwijk en een rentebrief van 300 gulden aankomende Annitge Dirckge Drooch, poorteresse van Gouda. Daarnaast betaalt hij nog 350 gulden.
Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 7, fol. 258v (FS scan 370).
24-10-1662: Cornelis Leendertsz van Cadts verkoopt aan Maerten Corssen van Saelen een perceeltje van 1 morgen 5 hond land, gelegen in Vogelenzang onder Reeuwijk, strekkende van Thomas Meertensz Camerick oostwaarts tot de Grote Ree, belend ten zuiden de koper zelf en ten noorden Floris Leendertsz Cadts. De koper neemt tot last de helft van een rentebrief van 400 gulden en betaalt daarnaast 515 gulden.
Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 8, fol. 12v (FS scan 430).
19-12-1668: Maerten Huijgen Blonck en Annichjen Ariens Blonck als vader en moeder, voogd en voogdes van hun kinderen, Maerten Corsz van Salen, getrouwd met Emmitjen Ariens Blonck, kinderen en erfgenamen, naast Jan Ariensz Blonck, van Arien Jansz Blonck en Aeltje Cornelis, beiden overleden te Sluipwijk. Ze verkopen aan Jan Ariensz Blonck, hun broer en zwager, die het resterende derde deel bezit, twee derde delen van een hofstede en woning met huis, berg en schuur met 9 morgen 2,5 hond wei-, hooi- en hennepland, gelegen te Ravensberg onder Sluipwijk, strekkende van de 's-Gravenbroekerdijk tot de Oudewegse wetering, belend ten oosten Arien Jansz de Jonge en ten westen Claes Harmensz Vergans. De koopsom is 3.600 gulden. (Schuldbrief volgt.)
RHCRL, ora Sluipwijk 5, fol. 114 (FS scan 523/582).
29-3-1670: Maerten Corssen van Saelen, onze mede inwonende buurman, is schuldig aan Thuenis Hermens van Trist, poorter te Gouda, een losrente van 50 gulden per jaar met een hoofdsom van 1.000 gulden. Als onderpand geldt zijn woning en hofstede met huis, berg en schuur met 3 morgen 5 hond land in twee percelen, gelegen in Vogelenzang onder Reeuwijk, strekkende van Thomas Meertensz Camerick oostwaarts tot de Grote Ree, belend ten zuiden Willem Woutersz van Leuwen en ten noorden Flooris Leendertsz van Cadts; nog een perceel van 2 morgen groot, gelegen en strekkende als voren, belend ten zuiden Dirck Cornelisz rosmolenaar en ten noorden Jan Jacopsz Blonck. Afgelost op 03-02-1740.
Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 8, fol. 134 (FS scan 552).
13-6-1675: Maerten Corsz van Zalen is schuldig aan het nagelaten onmondige weeskind van Gerrit Andriesz van Dobben, horende onder de weeskamer van Gouda, een losrente van 20 gulden per jaar met een hoofdsom van 400 gulden, vanwege een obligatie van 350 gulden met 50 gulden uitstaande rente. Als onderpand geldt zijn hofstede met huis, berg en schuur met ca. 3 morgen 5 hond land, gelegen in Vogelenzang onder Reeuwijk, strekkende van de Soetendijk tot de Ree, belend ten noorden Floris Leendertsz Cats en ten zuiden Swaentien Willems Boon; nog een partij land ca. 2 morgen groot, gelegen en strekkende als voren, belend ten noorden Jan Jacobsz Blonck en ten zuiden Dirck Cornelisz rosmolenaar.
Bron: RHCRL, ora Reeuwijk 9, fol. 61 (FS scan 66).
15-4-1686: Aeltgen Corssen van Salen, weduwe van Cornelis Leendertsz de Bruijn, geassisteerd door Maerten Corssen van Zalen, haar broer en gekozen voogd, dragen over aan Jan Leendertsz de Bruijn een huis en erf met ca. 1 morgen 75 roeden land, gelegen in de Nieuwenbroek onder Sluipwijk, strekkende van de rietputten van de erfgenamen van Emmitgen Hendricxs tot Willem Claesz Spruijt, belend ten oosten 's-Gravendijk en ten westen de voornoemde erfgenamen. Jan Leendertsz de Bruijn belooft dat Aeltgen Corssen de rest van haar leven in het huis mag wonen. Betaald met het aflossen van een rentebrief van 250 gulden.
Bron: RHCRL, ora Sluipwijk 6, fol. 123v (FS scan 129/571).
---
Rechtdach, gehouden den XIII martii anno 1675
Pietertje Goosens, wedue wijlen Willem Woutersz van Leeuwen, eysscherce contra Maerten Corsz, gedaechde, om betalinge van een en dartich gulden over een jaer lanthuyr, verschenen Sint Petri 1673; concludeert tot condemnatie van dien ende bij provisie tot namptissement cum expensis.
Rechtdach, gehouden den XIIIen september anno 1690
Hendrick Paulus Smits, woonende tot Nieuwerkerck, eysscher ende arrestant op vijff oyen ende vijff lammeren, loopende in de weyde van Maerten Corsz van Zalen aen de Vier Essen, toebehoorende ende daer schuldich is voor te verantwoorden Pieter Joosten, woonende tot Pelt in 't lant van Luijck, omme daeraen te verhalen de somme van twee en vijftich gulden over geleverde veeren ende deeckens volgens het register; concludeert tot kennen ofte ontkennen, wijders decretatie van 't arrest, condemnatie van de voorszeyde somme cum expensis ende bij provisie namptissement van deselve.
Bron: Reeuwijkse bronnen deel 10, Vierschaerboeck van Reeuwijk 1675-1734
|