| Aantekeningen |
- 1e huw. Joostgen Dircx
- Dirck Jansz Spengen x Elijsabet Cornelisz
- Henrick Jansz Spengen
- Cornelis Jansz Spengen x Annigje Jans Oucoop (ter Aa)
- Marichgen Jansdr x Cornelis Claesz Ruijs
- Marigen Jansdr x Henrick Jansz van Essen
2e huw. Erckgen Cornelisdr Boelhouwer
- Herman Jansz Spengen x Magdalena Aerts (otr. 02-1661 Noorden)
- Willem Jansz Spengen x1 Maechje Meertensz Zael x2 Merrichje Cornelis Kercklaan (tr. 25-02-1688 Kockengen)
- Pieter Jansz Spengen x Willemina Adriaens Focker
- Joostgen Jansdr Spengen x Wiggert Claesz Ruijs
- Lijsbeth Jansdr Spengen x Hendrick Cornelisz Velthuijsen
- Lijsbeth Jansdr Spengen x1 Jan Gerritsz de Bruijnen x2 Harmen Jacobsz van Heusden
- Jacob Jansz
- Gerrit Jansz x Lobbrichje Waarnarts Vaandrich
- Marrichgen Jansdr x Cornelis Adriaensz van 't Hoff
---
Aanvulling van een inventaris van een boedelomschrijving. De boedelhouder is Jan Hendricksz weduwnaar van Erckgen Cornelisdr zijn overleden vrouw. Er is al een inventaris gemaakt van het kapitaal in de boedel op 17-10-1661. Harmen Jansz de zoon van de boedelhoude is een half jaar rente schuldig vanwege 9500 gulden geleend geld. Hendrick Cornelisz Velthuijsen is een half jaar rente schuldig vanwege 1000 gulden geleend geld. Jan Gerritsz de Bruijnen is een half jaar rente schuldig vanwege 200 gulden geleend geld. Willem Jansz de zoon van de boedelhouder krijgt 29 gulden vanwege het opstellen van de boedelinventaris. Er zijn vier kinderen van het echtpaar nog ongehuwd [Willem en de drie onmondige kinderen.]
Jan Hendricksz wonende te Spengen weduwnaar en boedelhouder van Erckgen Cornelisdr zijn overleden vrouw ter ene, en Herman Jansz, Willem Jansz, Peter Jansz, Wiggert Claesz Ruijs man van Joostgen Jansdr, Hendrick Cornelisz Velthuijsen man van Lijsbeth Jansdr en Jan Gerritsz de Bruijnen man van Lijsbeth Jansdr alle mondige kinderen van het voorgaande echtpaar, daarnaast nog Jacob Cornelisz Boelhouwer oom en voogd van Jacob Jansz, Gerrit Jansz en Marrichgen Jans onmondige kinderen van het voorgaande echtpaar, ter andere zijde. De boedelhouder keert uit aan zijn negen kinderen 13.450 gulden. 4000 gulden is voor de vier ongehuwde kinderen, omdat de vijf getrouwde kinderen reeds bij hun huwelijk 1000 gulden hebben ontvangen. De overige 9450 gulden wordt verdeeld in gelijke porties, nl. 1050 gulden per persoon. De boedelhouder heeft ook nog vijf voorkinderen gekregen bij Joostgen Dircx.
Bron: RHC Rijnstreek en Lopikerwaard, ONA Woerden (beheersnr. W054), inv.nr. 8543, aktenr. 127-128, d.d. 05-11-1661
|