| Aantekeningen |
- NB. Het bestaan van Gosen Hendriks is hypothetisch. Het is gebaseerd op de mogelijkheid dat Susanna/Sanneken Gosen Henricsdr de zus is van Rijck Goossensz, gezien ze beiden uit Linschoten komen en het chronologisch gezien klopt. Het is mogelijk dat Huijch Hendricksz dan de broer is van Goosen Hendriks.
Kinderen:
Rijck Goossensz
Adriaan Gozewijnsz
Susanna/Sanneken Gosen Henricsdr x1 Frerick Claesz Coster (Linschoten) x2 Gerrit Jansz de Rijck
Hendrik Gozewijnsz (belending van nr. 180 in het Repertorium van Montfoort)
---
Susanna wijlen Fredrick Claesz Costers weduwe met Gerrit Jansz die Rijck, haar kerkvoogd(?), doet uitkoop, in het bijzijn van Cornelis Fredericksz, naaste bloedvoogd, van haar acht kinderen, verwekt bij Fredrick Claesz, met namen Claes, Gosen, Jan, zonen, Marigen, Anthonia, Matte, Anna en Kunera, dochters, elk 25 schulden. Claes Fredricksz, oudste zoon, heeft zijn deel ontvangen en heeft op rente het geld van de andere kinderen aangenomen. Als onderpand geldt zijn huis bij de Linschoter kerk.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 108, fol. 82v, d.d. 31-10-1550
De weeskinderen van zaliger Fredric Claesz, in zijn leven verwekt bij Sanneken Gosen Henricszdr, zijn huisvrouw, met namen Jan Fredricsz en Anna en Kunera Fredricxdr. Gosen Fredricsz heeft aangenomen op rente van de drie weeskinderen, zijn broer en twee zussen, elk 25 Hollandse schilden. Als onderpand geldt een huis gelegen bij de Linschoter Haar en 9 morgen land met een huis op Rapijnen.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 108, fol. 162, d.d. 04-08-1555
---
Linschoten
177. 4,5 morgen: land aan de (1558: Lange) Linschoten in Jan Heinenz. (1604: Cornelis Nikolaasz.) weer, (1618: behorend aan de leenman), boven: de heren van het Duitse huis te Utrecht, beneden: Jan die Lewe Geerlofsz. (1558: Cornelis Gerardsz.; 1575: Cornelis Rijkenz.; 1602: weduwe Gerard Willemsz. Keizer; 1604: de leenman; 1618: Jan Gerardsz. Keizer).
19-2-1516: Hugo Hendriksz. voor Adriaan Gozewijnsz., zijn neef, bij overdracht door Nikolaas Hendriksz., 285 fol. 88.
29-9-1529: Rijkaert Gozewijnsz. bij overdracht door Adriaan Gozewijnsz., 288 fol. 45.
11-7-1540: Rijkaert Gozewijnsz., 288 fol. 45.
29-10-1558: Rijkaert Gozewijnsz., te versterven in de boedel met f 600.- karolus, 288 fol. 45.
Bron: Repertorium op de lenen van de hofstede Montfoort, 1362-1649 door J.C. Kort
---
Papekop
171C. 14 morgen in Diemerbroek in het gerecht van heer Gerard van Polanen (1462: van de jonkheer van Montfoort), (1366: strekkend van Diemerdijk tot Waarder landscheiding), oost: Botte Lam (1462: de jonkheer van Montfoort; 1544: de koorheren in de kerk van Montfoort), west: heer Gerard van Polanen (1462: de Waarder wetering; 1544: de Coddewetering).
13-3-1504: Gozewijn Hendriksz. bij overdracht door Arnout Ram voor Agatha van Hoof, diens vrouw, te komen half op Hendrik, zijn zoon, en half op Sanne, zijn dochter, LRK 122 c. Sticht fol. 9v-10.
29-11-1515: Hendrik Gozewijn Hendriksz. bij dode van zijn vader, LRK 123 c. Sticht fol. 17.
23-5-1531: Rijk Gozewijnsz. voor Marieke, dochter van Hendrik Gozewijnsz., zijn nicht, bij dode van haar vader, LRK 125 c. Sticht fol. 7v.
Bron: Repertorium op de lenen van de hofstede Amstel, 1236-1650 door J.C. Kort
|