| Aantekeningen |
- [fol. 231] 26-7-1562: Trijncken Claesdr. out ontrent LVII jaren en(de) Marijcken Claesdr. out ontrent L jaren bijde wonen(de) tot Naeldwijck rechtel(icken) daer toe gedaecht wesende ten versoucke van Ph(ilip)s Jansz. wonen(de) an(de) Swartendijck ende hebben die voorn. comparanten verclaert hoe dat heurl(uijden) beijder vader en(de) moeder begraven leggen tot Schravesande binnen der kercken onder die preeckstoel en(de) dat zij van elck graff die kerck aldaer een koe gegeven hebben wt saecke waer omme zijluijden seggen dat die voorn. graven haer mit haer susters en(de) broeders kinderen toecomen. Seggen noch dat inde selfde graven begraven leijt Jan Baeck zijn moeder mit zijn soen. Noch seijde die voorn. Trijncken Claesdr. dat ande noortzijde van(de) voors. graven begraven leijt een proester ghenaempt heer Cornel(is) Hardebol.
Bron: ORA Naaldwijk, inv.nr. 1 [Hogenda/P. van der Hoeven]
---
[fol. 36] 28-1-1580 (= 1581, erboven geschreven: ‘een ende’): Arien Ariensz. onsen buijerman en(de) bekende getransporteert te hebben Ph(ilip)s Jansz. twee margen anderhalff hont lants.
[fol. 36v.] 24-9-1580 (= 1581?): Philps Jansz. en(de) bekende vercoft te hebben Pieter Corn(elis)z. upte Geest twee mergen ende anderhalff hont lants.
[fol.64v.] (doorgehaald, ongedateerd): Pieter Corn(elis)z. upte Geest onsen buijerman en(de) bekende sculdich te weesen Ph(ilip)s Jansz. de somme van vijffentseventich guldens van coop van twee mergen anderhalff hont lants mits thoehebben(de) de bruijckwaer van landen daer bij geleegen.
[fol. 103] 31-10-1577: Corn(elis) van Reijnegom ende bekende vercoft te hebben Johan van Eijndoven Heijmansz. een jaerlixe rente van vijftijen st. brabants elcke stuijver tot twee grooten vls. gereeckent. Ende tot meerder zeeckerheijts van deesen compareerde noch voir ons gezwoirens voirnt. Jan Dircksz. in den Brouck, Ph(ilip)s Jansz. aende Swartendijck, Jan de Brasser Anthonisz., Crijn Centen en(de) Willem van Hooff rentmr. van Honshol de welcke hem voir de waringe van desen stellen(de) en(de) verbindende waeren.
[fol. 110v.] (actum als boven): Claes Huijgensz. wijelmaecker bekende sculdich te weesen Maerten Lambrechtsz. de somme van vijerhondert gulden ter cause van coop van een huijs en(de) erve staende binnen onsen dorpe. Compareerden noch Dirck Jansz. Vercrocht en(de) Ph(ili)ps Jansz. en(de) constitueerden haer selven en(de) alle haeren goeden als borgen.
[fol. 116v.] 3-6-1581: Gielis Pietersz. scuijtvoerder bekende sculdich te weesen Louris Pietersz. de somme van tweehondert vijff en(de) tseventich gulden ter cause van coop van een huijs en(de) erve staen(de) binnen onsen dorpe. Compareerde noch Frans Pietersz. Coppelle en(de) Ph(ilip)s Jansz. wonen(de) aenden Swartendijck en(de) constitueerden haer selven borgen.
Bron: ORA Naaldwijk, inv.nr. 3 [Hogenda/P. van der Hoeven]
---
[fol. 23] 7-10-1581:Pieter Ariensz. up Vreuchdenhol bekennen(de) sculdich te weesen Reijer Corn(elis)z. in Maeslandt de somme van achtijen ponden grooten vls. wt saecke van coop van huijs en(de) erve. Compareerde noch Ph(ilip)s Jansz. wonen(de) tot Monster en(de) Claes Dircksz. wonen(de) in onsen voirs. dorpe die haer selven constitueerden borgen.
[fol. 26v.] 23-5-1582: Arent Gerritsz. ende bekende sculdich te weesen Adriaen Jansz. metselaer de somme van seshondert vijff en twintich guldens ter cause van coop van een huijs en(de) erve staende binnen den dorpe voirnt. Compareerde noch Ph(ilip)s Jansz. aen(de) Swartendijck en(de) constitueerde hem selven tot borge.
[fol. 30] 13-2-1582: Adriaen Ariensz. eertijts bode des gerechts voirs. ende bekende dat hij overgenomen heeft van Ph(ilip)s Jansz. aenden Swartendijck de coope van zeecker verbrant erff daer eertijts up gewoont hadde en(de) toe te behoren plach Jan Jorisz. timmerman za:ge: bij decreet voirde gerechte voirs. doen vercoopen ten versoucke van Adriana Pietersdr. wed(uw)e wijlen Matijs Jacobsz. mitsgaders dheijligeestmrs. van Naeldijck, Pieter Ariensz. Houckman en(de) Jan Dirxz. in Naeldijckerbrouck elx zoo zij procedeerden en(de) opposeerden en(de) bijden voirs. Ph(ilip)s Jansz. gecoft in indicie des voirs. gerechts upten XXVIII martij a° XVC LXXIX voirde somme van hondert dertich guldens.
[fol. 32] 6-10-1582: Gielis Jansz. timmerman ende bekende vercoft te hebben Corn(elis) Jaspersz. Loos een huijs en(de) erve staen(de) en(de) gelegen binnen den dorpe voirnt. Tot meerder zeeckerheijts compareerde noch Ph(ilip)s Jansz. wonende aende Swartendijck en(de) constitueerde hem selven waerborge.
[fol. 33] 21-2-1583: Dirck Gerritsz. molenair als principael sculdenair, Jan Joppen wonen(de) aende Maesdijck en(de) Ph(ilip)s Jansz. wonen(de) aende Swartendijck als borgen ende meede als principael sculdenair ende bekenden sculdich te weesen en(de) gelicht te hebben wt de weeskiste van Naeldijck de somme van ses en(de) dertich gulden welcke penn(ingen) aldair geleijt waeren bijde wed(uw)e en(de) gemeene erffgen(amen) van za: [mr. = doorgehaald] Arent Storm in zijn leven secretaris der stede van Sgravensande ten behouve van Machtelt Arentsdr. ter cause van haers moederlicke erve.
[fol. 41] 1-1-1583: Joosgen Arentsdr. wed(uw)e wijlen Jan Baeck Claesz. met haer gecoiren voocht Ph(ilip)s Jansz. haer zoon ende bekende vercoft te hebben Jan Anthonisz. Brasser een gangpat streckende van des voirs. de Brassers erve deur haer boomgaert tot achter up de sloot toe.
[fol. 114v.] 27-10-1585: Floris Gielisz. onsen buijerman als man en(de) voocht van Maergen Fransdr. wed(uw)e wijlen Vincent Florisz. en(de) bekende vercoft te hebben Jonge Willem Jacobsz. een huijs erve en(de) geboomte. Compareerde Ph(ilip)s Jansz. wonende aenden Swartendijck en(de) constitueerde hemselven waerborge.
Bron: ORA Naaldwijk, inv.nr. 4 [Hogenda/P. van der Hoeven]
---
[fol. 18] 12-8-1587: Dirck Jansz. Vercroft als principael en(de) Ph(ilip)s Jansz. als borge ende bekende vercoft te hebben Joost d’Jonge een jaarlixe losrente van een ende dertich gulden.
[fol. 39v.] 11-2-1589: Neelgen Claasdr. wed(uw)e wijlen Dirck Jansz. Vercroft wonen(de) binnen den ambachte voors. ende bekende met haar voochds hand Ph(ilip)s Jansz. haren broeder, schuldich te weesen hare ses kinderen haar achtergelaten en(de) inder echte gewonnen bij Dirck Jansz. voors. elck van hemluijden uijt saack van uijtcoop haars svaaders erffenisse en(de) besterffenisse de somme van negenhonderd vijftich gulden te betalen de knechtkens tot haaren twintich jaren ende den meijskens tot haren achtijen jaren op drie Delff marcten naast an ijgelix mondigen dagen … Boven desen onvermindert tgundt voors. es soe belooffde zij de kinderen voors. behalven Claas Dircksz. als tot zijnen jaren gecomen zijnde voords naamtelicken Jannegen Dircksdr. oud vastenavont laatstleden zeventhijen jaren, Jacob Dircksz, oud Andrees(?) lestleden vijfthijen jaren, Jan Dircksz. oud ontrent Jansmisse in junio voirleden negen jaren, Augustijn Dircksz. oud Egidij voorleden seven jaren, en(de) Jozijntgen Dircksdr. oud vui
[fol. 112] 22-5-1593: Ph(ilip)s Jansz. wonende ande Swartendijck en(de) Neelgen Claesdr. wed(uw)e wijlen Ph(ilip)s Jansz. Vos met haer voochds hand Claes Dirxz. Vercroft ende bekenden vercoft te hebben Dirck Jansz. Brasser een huijs erve en(de) boomgaert staende ende geleegen binnen den dorpe van Naeldijck.
[fol. 183] 24-2-1595: Ph(ilip)s Jansz. aen den Swartendijck en(de) bekende vercoft te hebben Doe Adriaensz. Luck drie mergen lands geleegen binnen den ban voors.
Bron: ORA Naaldwijk, inv.nr. 6 [Hogenda/P. van der Hoeven]
---
[fol. 48v.] 7-4-1598: Philps Lanschot als speciale last en(de) procuratie hebben(de) van(de) E: heeren Staten van Holland en(de) Westvrijesland representerende de H: overheijt der selver landen en(de) heeft voor ons opgedragen ten behouve van Philps Jansz. wonende aen den Swartendijck anderhalff mergen lands geleegen in des selfs wooninge en(de) landen.
[fol. 58v.] 30-12-1598: Philps Jansz. woonenden aenden Swartendijck en(de) bekende vercoft te hebben Doe Pietersz. eerst veerthijen hond lands en(de) noch drie margen tsestich gaerden lands geleegen teijnden aen elcander offscheijden met een greppel en(de) Heijndijck.
Bron: ORA Naaldwijk, inv.nr. 6 [Hogenda/P. van der Hoeven]
---
1584
Philps Jansz. aen Swertendijck heeft innegehuijrt seven hont lants genaemt de Lange Margen die Maerten Gerritsz. te bruijcken plach ende noch derdalff margen geestlant gelegen in Monster ambocht, die heer Dirck van Poelgeest te bruijcken plach, tsamen omme £ 11 tsiaers munte alsvoren. Ende es hier dat 4e 5e jaer pachts, verschenen Lamberti anno ’84, £ 11.
Bron: Geannoteerde Goederen GRK-3384d [Hogenda/A. van der Tuijn]
1607
Gerrit Philipsz. Baeck in plaetse van Philips Jansz. aende Swartendijck (doorgehaald is: nu Gerrit Philipsz. Baeck sijn soon) bruijct derdalff mergen geest landt, geleegen inden ban van Monster ende int ambacht van Naeldwijck dat heer Dirck van Poelgeest canoninck tot Naeldwijck in zijn leeven hier voormaels in huijre ghehadt heeft vijff jaren lanck aen een gheduijrende om thien ghulden tsjaers vrij gelt. Ende es hier dat tweede 5e jaer pachts, verscheenen Lamberti anno 1600 ende seeven, £ 10.
Jan Jansz. tHooft voorschreeven bruijct zeeven hondt lants genaemt de Langhe Mergen die Philips Jansz. te bruijcken plach vijff jaren lanck om seeven gulden tsjaers vrij gelt. Ende es hier dat hier dat
tweede 5e jaer pachts, verscheenen anno 1600 ende seeven, £ 7.
Bron: Geannoteerde Goederen GRK-3384f [Hogenda/A. van der Tuijn]
---
Nr. 1 omblad d.d. ± 1590.
Wij Claes Adriaensz. en Huijch Jansz. gezworenen in Naaldwijk doen kond dat gecompareerd is …….. wijlen Dirck Jansz. Vercroft wonende in de ambacht van Naaldwijk met Philips Jansz. haar broeder wonende aan de Swartendijk binnen de heerlijkheid …….. haar gekozen voogd, en bekende verkocht te hebben ……steijn Adriaensdr. weduwe van Mr. Jan van Treslong, in leven president van de Hoge Raad van Holland, een rente van f 44 carolus per jaar.
Bron: ONA Naaldwijk, inv.nr. 6163 [Hogenda/A. van der Tuijn]
---
Cornelis Isaacxz, 59 jaar en zijn vrouw Aeltjen Andriesdr 49 jaar, wonende in Delfshaven, en Jan Arentsz 56 jaar, molenaer, getrouwd geweest met Jannetjen Andriesdr, erfgenamen van Andries Maertensz, overleden te Naeldwijck, verklaren op verzoek van Antonis Corsz van Vliet, wonende te Monster, dat zij voor 1/4 part, de kinderen van Aeltjen Aelbrechtsdr, gewezen vrouw van Andries Maertensz voor 1/4 part en Antonis Corsen van Vliet voor 2/4e parten erfgenamen zijn van Andries Maertensz, en dat zij met Gerrit Philipsz Baeck wonende in Monster, die de goederen van zijn vader heeft verkocht, in 1615 mondeling zijn overeengekomen dat Gerrit Philipsz de 800 gulden geleend geld van zijn vader Philips Jansz aan de erfgenamen zou betalen, wat ook gebeurde. Zij verklaren dat zij in oppositie kwamen tegen het besluit van de verkoop van de Hofstede van Gerrits vader. Zij hebben Van Vliet vaak horen klagen dat hij zijn geld dat op rente stond niet kon krijgen. Zij hadden Van Vliet gemachtigt tot het maken van het a
Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 323, aktenr. 53, d.d. 22-04-1635
---
26-10-1602 Doritea Huyge huisvr. van Philips Jans Baeck in de kerk, 3.15.-
19-01-1616 Phillips Jans Baeck vrindengraf, 3.15.-
Bron: Begraaflijst Naaldwijk [Hogenda/J.H. Brakke]
|