| Aantekeningen |
- Cornelis Rijckensz als man en voogd van Catharijna Floor Jacobsdr en zich sterkmakende voor Huijch Florisz en de drie kinderen van Cornelis den Benschopper, Baert Jansdr, weduwe van mr. Sijbert Moningsz en Brunt Harmensz als curator en voogd van Marrichgen Jansdr zijn voor hun zesde deel volledig betaald door Hooft Jansz weduwe.
Bron: RHCRL, WK Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 108, fol. 295v, d.d. 19-06-1580
---
De kinderen van Jan Willemsz Sluijs, met namen Crijn Janssen, zoon, Marijcken en Arckgen Jan Willemsz, dochters. Jacob Jansz Sluijs, broer van de kinderen, heeft uitgekocht zijn broer en zussen voor 750 gulden van hun vaderlijke en moederlijke erfenis.
Crijn Jansz Sluijs heeft van Jacob Jansz Sluijs, zijn broer, ontvangen het derde deel van de hoofdsom. Akte d.d. 28-04-1588.
Jacob Jansz Sluijs heeft betaald aan Cornelis Ariensz vleeshouwer, man en voogd van Marrichgen Jan Sluijsendr, zijn huisvrouw, de erfenis van zijn schoonouders. Akte d.d. 02-04-1591.
Cornelis Rijckensz, man en voogd van Arckgen Jansdr Sluijs, heeft ontvangen het derde deel van de hoofdsom, uit handen van Jacob Jansz Sluijs, haar broer. Akte d.d. 08-12-1594.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 109, fol. 177, d.d. 21-11-1584
---
De vier nagelaten weeskinderen van Cornelis Rijckensz, met namen Flooris, een zoon, Marrichgen, Elizabeth en Marrichgen Cornelis, verwekt bij Catharijna Floren. Cornelis Rijckensz, de vader van de vier kinderen, heeft ze uitgekocht van hun moederlijke erfenis voor 250 gulden per kind. Cornelis Rijckensz zal de kinderen opvoeden en onderhouden. Als onderpand geldt een viertel eigen land, gemeen met de Memorieheren te Montfoort, strekkende van de IJssel tot de Blokwetering, belend ten oosten Aert Gerrit W..., en ten westen Henrick Jan Borritsz met de kerk van Montfoort.
In de marge: Op 09-08-1614 heeft Peter Henricxsz Brunt, weduwnaar en boedelhouder van Marrichgen Cornelis Rijckendr de oude, met wie hij kinderen heeft, ontvangen van Cornelis Rijckensz, zijn schoonvader, 250 gulden.
Floris Cornelisz en Elizabeth Cornelisdr, geassisteerd door Floris Cornelisz, haar broer en gekozen voogd, ontvangen van Cornelis Rijckensz, hun vader, 250 gulden vanwege hun moederlijke erfenis. Akte d.d. 29-01-1606.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 110, fol. 21, d.d. 23-08-1592
---
De weeskinderen van Jan Thonisz zadelmaker te Utrecht, met namen Cornelis, Jan, Thonis, Freerick, zonen, en Geertruijt, een dochter, verwekt bij Jannichgen Jansdr. Cornelis Rijckensz en Jan Adriaensz Collaert hebben als kameraars van het gemene land van Willeskop en Blokland aangenomen op rente van Henrick Jacobsz, tegenwoordige man en voogd van Jannichgen Jansdr, en van de weeskinderen 400 gulden.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 110, fol. 93, d.d. 13-08-1598
---
De twee nagelaten weeskinderen van Arckgen Jansdr zaliger, verwekt bij Cornelis Rijckensz, met namen Rijck Cornelisz, een zoon, en Trijngen Cornelis, een dochter. Cornelis Rijckensz als weduwnaar van Arckgen Jansdr, koopt zijn twee kinderen uit, tegenover Jacob Jansz Sluijs als oom en bloedvoogd voor 775 gulden. Cornelis Rijckensz houdt alle goederen in de boedel en zal zijn kinderen opvoeden en onderhouden. Als onderpand geldt 4,5 morgen eigen land in zijn hofstede te Willeskop met 1/2 morgen eigen uiterdijk bij Willeskop.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 111, fol. 233, d.d. 15-01-1606
---
De twee onmondige nagelaten dochters van Marrichgen Cornelis Rijckendr de oude zaliger, verwekt bij Pieter Hendricksz Brunt, met namen Trijngen ende Marrichgen Peters. Peter Henricxsz Brunt doet uitkoop van zijn twee dochters tegenover Cornelis Rijckensz, hun grootvader en naaste gerechte bloedvoogd voor 675 gulden.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 111, fol. 363v, d.d. 09-08-1614
---
De twee nagelaten onmondige nakinderen van Cornelis Rijckensz en Arckgen Jansdr, echtelieden, met namen Rijchart, een zoon, en Trijntgen, een dochter. Arien Willemsz van Bodegraven, zwager van voornoemde kinderen, heeft op rente aangenomen van Floris Cornelisz, broer, en Quirijn Jansz Sluijs, oom, naaste bloedvoogden van voornoemde kinderen, een hoofdsom van 230 gld. 2 st. Als onderpand geldt 4,5 morgen eigen land gelegen te Willeskop, gemeen met de burggraaf van Montfoort en het Kapittel van memorieheren van Montfoort, belend ten oosten de testamenair-executeurs van mr. Evert van der Pol en ten westen Pieter Henricxsz Brunt c.s.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 112, fol. 24, d.d. 16-06-1616
---
Arien Willemsz Bodegraven heeft van de onmondige kinderen van Cornelis Rijcken en de nakinderen van Merrichgen Cornelis aangenomen een hoofdsom van 1.696 gulden, uit handen van Floer Cornelisz en Peter Henricxsz Brunt als bloedvoogden.
Bron: RHCRL, ORA Montfoort (beh.nr. M017), inv.nr. 112, fol. 110v, d.d. 14-05-1622
---
Folio 15.
Cornelis Rijcken bruijckt ses mergen landts van Dirrick Tijemensz. tot Amstelredam voor die somme van drie en dertich gulden tsiaers sonder meer, verschijnende als vooren. Compt ter somme van f 33.
Bron: Geannoteerde goederen RtA-4588 (Hogenda/A. van der Tuijn):
[In dit document worden genoemd: Rijck Gosensz, Peter Rijcken, Jan Rijcken, Anthonis Rijcken, Hendrick Rijcken en Cornelis Rijcken; allemaal onder Lange Linschoten]
---
Linschoten
177. 4,5 morgen: land aan de (1558: Lange) Linschoten in Jan Heinenz. (1604: Cornelis Nikolaasz.) weer, (1618: behorend aan de leenman), boven: de heren van het Duitse huis te Utrecht, beneden: Jan die Lewe Geerlofsz. (1558: Cornelis Gerardsz.; 1575: Cornelis Rijkenz.; 1602: weduwe Gerard Willemsz. Keizer; 1604: de leenman; 1618: Jan Gerardsz. Keizer).
5-5-1571: Anton Rikaartsz. bij overdracht door Rijkaert Gozewijnsz., zijn vader, 288 fol. 45.
16-11-1575: Rijk Gozewijnsz. voor Anton Antonsz., zijn kleinzoon, 290 fol. 88.
24-1-1585: Gozewijn Rijkenz. voor Anton Antonsz., 290 fol. 88.
25-10-1595: Cornelis Rijkenz. voor Cornelia Antonsdr., zijn nicht, bij dode van Anton Antonsz., haar broer, 290 fol. 88.
1-6-1602: Nikolaas Cornelisz. bij overdracht door Jan Jansz. van de Poel voor Cornelia Antonsdr., zijn zuster, die f 21.- karolus behoudt, 290 fol. 88.
Bron: Repertorium op de lenen van de hofstede Montfoort, 1362-1649 door J.C. Kort
---
Willeskop
[Fol. 459] Die gemeen choorheeren tot Montfeert vier mergen lands, bruijckt Jan Willemsz Tap tsjaers om viij phs. gul. facit iiij out schilt xxxij st.
Den eijgen blijft, nu bruijcker Cornelis Rijckensz
[Fol. 459v] Noch Jan Henricxsz vier mergen lants, bruijckt Jan Willems tsjaers die mergen liij st. facit v out schilt ij st.
Nu eijgenaer ende bruijcker Cornelis Rijckensz
Noch Cornelis Huijgensz twee mergen lands bruijckt Jan voorsz tsjaers om v k. gul. vj st. facit ij out schilt xxij st.
Nu eijgenaer die vicarie van Ste. Marien Magdalenen altaer inder kercke tot Montfoort, bruijcker Cornelis Rijckensz voorsz
Noch drie mergen lants, toebehorende mijn Joncher van Montfoort, bruijckt Jan voorsz tsjaers om vj gouden gul. facit iiij out schilt
Nu eijgenaer ‘t huijs van Montfoort, ende bruijcker Cornelis Rijckensz voorsz
[Fol. 480] Cornelis Rijckensz j5 hont hem selffs toebehorende getauxeert op x5 st.
Blokland
[Fol. 498v] Marijcken Willem Aertsz wedue ende Anthonis Jansz wedue t’samen vij mergen lants heml. toebehorende bij eede tsiaers om vij out schilt
Nu eijgenaer die commandurie tot Montfoort ende bruijcker Cornelis Rijckensz
Oudschildgeld 1600
|