| Aantekeningen |
- 31-1-1548: Gerrit Florisz beclaecht Jan Jansz ende Gerrit Jacobsz dat sij den kennisse geve zulle off met bedonge en was ten die boellscheijdinge van Jacob Hermansz erffgen. dat den erffgen. vande memorien hem helpen vrijen souden die die kerck heeft op seven mergen lants die Swaen indie boelschijdinge angenomen zijn off van elcx vijftich gl. dair voor. Actum voor scout, geswoeren den datum uts.
Bron: RHCRL, ora Benschop 204 (FS scan 244/606).
31-1-1548: Jan Petersz tuijcht ten versoick van Gerrit Florisz bijden eedt, die hij int stuck zijns offitius gedaen heeft, dat hem kenlicken ende waerachtich voorstaet dat hij dair mede met meer anderen bij geweest heeft omme een boellscheijdinge te maicken tusschen den erffgen. van Jacob Hermansz, ende onder veell woorden die sij metten anderen hadden van malcanderen te setten ende den erffgen. voirden Swaen Jacobsdr een pont groet dat sij die drie stucken lants setten souden, ende dat en wouse niet doen, ende dair na soe heeft hij getuijge met Egbert Gerritsz, Aris Jacobsz ende meer anderen het selve vanden anderen geset souden malcanderen ijet dair aff te geven, te wetten die hofstede, huijs, hoff, etc., 14 mergen lants groet wesende voor dertich hondert schilt, noch een halff hoeff lants voor vijfftiendalff hondert schilt ende die zeven mergen voor twaleffhalff hondert schilt, wair van Swaen Jacobsdr huer cuer hadde welck perceel zij kiesen woude ende sij koes die zeven mergen lants daer d'erffgen
Bron: RHCRL, ora Benschop 204 (FS scan 262/606).
|