| Aantekeningen |
- Lopik
[1536] d’Heeren van Ste. Catharijnen t’Utrecht seventhien mergen lands, bruijct Pell Reijersz de mergen tsjaars om xliij st. facit xvij oud schilt xvij st.
[1599] Den eijgendom blijfft aen de heeren voorsz, ende bruijcken nu Gerrit Jacobz derthien-d’halve mergen, ende Pell Adriaenz vijfft’halve mergen.
[1536] Noch t’convent van Oudtwijck ende een vicarije Ste. Nicolaes t’Utrecht t’samen vijf t’halve mergen lands, bruijct Pell voorsz de mergen tsjaars om xliij st. facit iiij oud schilt xxv5 st.
[1599] Den eijgendom blijfft aen de convent ende vicarije voorsz, ende bruijct Pell voorsz.
[1536] Noch Willem Aertsz t’Schoonhoven seven mergen lands, bruijct Pell voorn. de mergen xliij st. facit vij oud schilt vij st.
[1599] Nu eijgenaars ende bruijckers Ghijsbert Jan de Witt van drij mergen ende Gerrit Jacobz van vier mergen die hij in erff-pacht heefft van de Duijtschen huijs.
[1536] Noch Jan Ruijsschen erffgen. t’Utrecht ses mergen lands, bruijct Pell voorsz de mergen xliij tsjaars facit vj oud schilt vj st.
[1599] Nu eijgenaar Dirck van Werckhoven t’Utrecht offte Jan van Noort, ende bruijct Pell Adriaensz voorsz
Bron: Oudschildgeld inv.nr. 1674 (fol. 243v-244v).
|