| Aantekeningen |
- Barber Rokus Boutenstein, geb. 's-Gravenhage, begr. Moordrecht 1707; zoon van Rochus Jacobs van Boutestein, mr. metselaar in Den Haag, huw. 's-Gravenhage 1625, 1638; zoon van Jacob Cornelisz Boutesteyn, waard in Het Wapen van Zeeland en Het Rode Hert in 's-Gravenzande, ovl. voor 1642; zoon van Cornelis Jansz Boudesteyn, schout van Wateringen, ovl. 1586 [Slootweg-1997, p 69].
[F.J. van Rooijen, 'Boudestein', in: GN 32 (1977), p 209].
Bron: http://www.cbgfamilienamen.nl
---
Profession: Waard in "Het Wapen van Zeeland" en in "Het Rode Hert", beide te 's Gravenzande. te 's Gravenzande voor 6-11-1642. Op die datum testeert Beatrix van Engelen, als zijn weduwe. [Not. Archief Den Haag]
Bron: http://robertlamping.com
---
f. 208v d.d. 7-1-1605: Comp. Jan Niclaesz. van der Leeuw bode tot ‘s Gravenzande als geordonneerde curator bij het Hof van Holland over de boedel en goederen van zaliger Pieter van Dijck in zijn leven baljuw en schout van ’s Gravenzande en Zandambacht en bekende verkocht te hebben aan Jacob Cornelisz. timmerman en waert binnen de stad ’s Gravenzande in ’t Wapen van Zeelandt zeker huis en erve staande en gelegen aan het marktveld binnen de voorsz. stad bij de Poelsloot genaamd ’t Wapen van Zeelandt en daar de voorn. Van Dijck in zijn leven in te wonen placht.
f. 209 d.d. 7-1-1605: Comp. Jacob Cornelisz. timmerman en waert alhier in ’t Wapen van Zelandt en bekende schuldig te wezen aan Jan Niclaesz. van der Leeuw als geordonneerde curator bij het Hof van Holland over de boedel en goederen van zaliger Pieter van Dijck in zijn leven baljuw en schout van ’s Gravenzande en Zandambacht de som van 1000 car. gld. uit zaak van koop en levering van een zeker huis en erve laatst bewoond bij de voorn. Van Dijck genaamd ’t Wapen van Seelandt staande en gelegen binnen de voorsz. stad aan het marktveld bij de Poelsloot.
f. 242 d.d. 19-8-1607: Comp. Frans Jansz. thans wonende binnen Delft en bekende verkocht te hebben Jacob Cornelisz. Boudesteijn onze inwonende poorter een zeker huisken en erfgen staande en gelegen binnen de stad ’s Gravenzande op het zuideinde.
f. 243v d.d. 11-10-1607: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn waert in het Waepen van Zeelant onze inwonende poorter en bekende verkocht te hebben aan Anna Claesdr. weduwe van Mathijs Pietersz. ’s Gravenzande een zeker huisken en erfgen staande en gelegen binnen de stad ’s Gravenzande op het zuideinde.
f. 251v d.d. 7-1-1608: Comp. Anna Jaspersdr. weduwe laatst van Maerten Claesz. ‘s Gravenzande met Jan Jansz. Voegelaer haar gekoren vooogd in deze en bekende verkocht te hebben aan Jacob Cornelisz. Boudesteijn waert in het Waepen van Zeelant alhierhaar huis en erve staande en gelegen aan de Langestraat omtrent het stadhuis genaampd het Waepen van Zeelant.
f. 252 d.d. 7-1-1608: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn waert in het Waepen van Zeelant onze inwonende poorter en bekende schuldig te wezen aan Anna Jaspersdr. laatst weduwe van Maerten Claesz. wonende tot ‘s Gravenzande de som van 700 car. gld. uit zaak van koop enlevering van een huis en erve staande en gelegen aan de Langestraat binnen de stad ’s Gravenzande met de toegift van de actie van omtrent 4,5 morgn bruikwaar gelegen in het nieuweland in Zandambacht.
f. 254 d.d. 13-1-1608: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn eertijds timmerman wonende alhier tot ’s Gravenzande onze inwonende poorter [in de aanhef staat: Jacob Cornelisz. Boudesteijn waert alhier in Zealant] en bekende geconstitueerd en verkocht tehebben Pieter Joestensz. van Ruijven houdtcooper binnen Delft een zekere vrije jaarlijkse losrente van 16 car. gld. Comparant verbindt tot speciale hypotheek zijn gekochte huis en erve daar hij comparant tegenwoordig in woont staande en gelegen binnen de stad ’s Gravenzande genaamd het Waepen van Zeelandt.
f. 262 d.d. 18-8-1608: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn waerdt in het Roo Handt binnen de stad ’s Gravenzande en bekende schuldig te wezen aan Johan Nicolaesz. van der Aa brouwer in de Os binnen de stad Delft de som van 700 car. gld. uit zaak vandeugdelijk gerekende penningen van gehaalde bieren. Comparant verbindt tot hypotheek speciaal zijn huis en erve daar hij comparant tegenwoordig in woont, eerste genaamd het Waepen van Zeelandt en nu het Roo Handt staande en gelegen binnen de stad ’sGravenzande aan de Langestraat naar het zuideinde toe. Compareerde mede Philips Cornelisz. cleermaecker tot Monster en bekende zich borg te stellen.
f. 280v d.d. 5-5-1610: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn onze inwonende poorter en bekende schuldig te wezen Bruijn Harmansz. brouwer in de Gecroende B tot Delft de som van 200 gld. te zake van gehaalde bieren en goede deugdelijke gerekende penningen. Tot waarborg verbindt comparant zijn huis en erve staande en gelegen binnen de stad ’s Gravenzande aan de Langestraat omtrent het stadhuis genaamd het Roe Hardt en waarin hij comparant tegenwoordig woont.
f. 302 d.d. [ongedateerd]: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn waerdt in het Roe Handt binnen de stad ’s Gravenzande en bekende al in het jaar 1606 verkocht te hebben aan zaliger Claes Willemsz. van der Burch in zijn leven mede alhier een zeker huis,barg en erf staande en gelegen aan het marktveld tegen of bij de Puelsloot binnen de stad ’s Gravenzande laatst bewoond bij hem comparant, en alzo tot deze tijd tot van dezelve koop nog geen brieven waren gepasseerd, zo heeft hij bij deze hetzelvehuis, barg en erf opgedragen aan Maertge Pietersdr. weduwe van de voorn. Claes Willemsz., staande en gelegen als voren. [het laatste stuk van de akte w.o. de datering ontbreekt]
f. 351 d.d. 21-4-1614: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn [zet handtekening] waert in het Roe Handt binnen de stad ’s Gravenzande en bekende getransporteerd te hebben aan Cornelis Adriaensz. in het Acxsternest wonende in het Noorlant van Zandambachten Philips Cornelisz. cleermaecker wonende tot Monster, eerste een obligatie sprekende op ene Dirick Pietersz. waert in de Oliphant wonende tot Oegstgeest inhoudende de som van 36 gld. uit zaak van huur van land bij hem deze aanstaande zomer met lijnzaad te betelen, wezende d.d. 26-3-1614. Idem nog de inhoud van zekere akte van bekentenis bij Adam Heijnricxsz. onder zijn handgeschrift verleden sprekende als dat hij bekende dat de helft van de som van 62 gld. op Pieter Pietersz. Jonge Zeemande voorn. comparant waren competerende, wezende deze akte d.d. 12-4-1614. Voorts nog mede alzulk resterende gedeelte en portie als hem comparant mede competerende is als erfgenaam van zaliger Maertge Joestendr. nu onlangs overleden in zeker boedelcedulle binnen ’s Gra
f. 363 d.d. 5-11-1614: Comp. Jacob Cornelisz. Boudesteijn waert in de Roe Handt alhier binnen ’s Gravenzande en bekende schuldig te wezen Aleonora van Slingeland weduwe van Jan Oem wonende tot Dordrecht de som van 78 car. gld. ter zake van afrekening van hout.
Bron: Protocol van de transporten en schuldbrieven van 's Gravenzande 1587-1618, door Teun van der Vorm
---
f. 52 d.d. 19-5-1643: Comp. Soetgen Diricxsdr. weduwe van Jacob Cornelisz. Boutesteijn geassisteerd met de secretaris als haar gekoren voogd in deze zaak en bekende verkocht te hebben aan Jacob Jansz. van der Poll schoenmaecker alhier zeker huis enerve staande en gelegen binnen deze stad aan de noordzijde het marktveld.
Bron: Protocol van de transporten en schuldbrieven van 's Gravenzande 1639-1660, door Teun van der Vorm
---
Notitie van lijfrenten, losrenten, obligaties en openstaande schulden achtergelaten door wijlen Elisabet Otten, weduwe van Bruijn Hermansz Schenckel op verzoek van haar kinderen en erfgenamen.
Noch een losrentebrieff van … tot last van Jacob Corn. Boudesteijn te sGravesande gepasseert voor schepenen aldaer opten 9 julij 1627 comt 12 gul. 10 st.
Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 15, fol. 28, d.d. 05-06-1635
---
Anthonij Verhorst machtigt Jacob Cornelisz Boutesteijn, procureur voor het gerecht van 's-Gravenzande, om waar te nemen en te vervolgen een proces dat hij heeft lopen tegen Jan Dircxz, zoon van Dirck Jansz B..ent, e.a.
Bron: GA Den Haag, ONA Den Haag (toegangsnr. 0372-01), inv.nr. 156, fol. 293, d.d. 23-07-1640
|