| Aantekeningen |
- NH dopen Berschenhoek:
06-06-1660 Sijmen; o. Aelbrecht Sijmense en Arijaentje Pieters; g. Pleuntje Andries
11-09-1662 Sijtje; o. Aelbrecht Sijmonse en Arijaentje Pieters; g. Reijmptje Cornelis
06-05-1664 Cornelis; o. Aelbrecht Sijmonse en Arijaentje Pieters; g. Jaepje Willems
11-12-1667 Gooltje; o. Aelbrecht Sijmonse en Arijaentje Pieters; g. Pieter Crijne en Annitje Joppen
12-05-1669 Jan; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Maartje Aelbrechts
20-07-1670 Dirck; o. Aelbecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Grietje Jans
20-09-1671 Leendert; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Maartje Aelbrechts
12-08-1674 Marijtje; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Ariaentje Pieters; g. Jannitje Leenderts
03-11-1675 Marij; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Arijaentje Pieters; g. Jannigje Leenderts
12-09-1677 Grietje; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijse en Ariaentje Pieters; g. Arijaentje Aelbrechts
25-06-1679 Claas; o. Aelbrecht Sijmonse Broeckhuijsen en Arijaentje Pieters; g. Sijtje Aelbrechts
---
Balten Cornelissen Dergant, meester-smith, 42 jaar, en Aelbert Sijmon Aelbertsz, 42 jaar, beiden wonend op Bergsenhoeck onder Hillegontsberch, leggen een verklaring af op verzoek van Cornelis Dammissen, wonend aldaar. Balten zegt dat hij daar 15 jaar woont en Aelbert 25 jaar. Zij hebben altijd goede omgang met Cornelis gehad, die een man van eer is en eerlijk in zijn nering, zij hebben ook nooit geruchten over hem gehoord.
Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 588, aktenr. 43, d.d. 31-08-1651
---
ORA H’berg, inv. nr. 1824, fol. 140. 15-02-1657.
Zijn gekomen Aelbrecht Simon Aelbrechtsz weduwnaar van Ariaantje Ariens, en heeft uitkoop gedaan tegen Arien Corsz Holshoorn en Lenert Ariens Evenblij als omen en voogden over Lenert Aelbrechtsz, oud 18 jaar, Jan Aelbrechtsz, oud 14 jaar, Maritge Aelbrechts, oud 12 jaar, en Claes Aelbrechtsz, oud 10 jaar, zijn kinderen geprocreëerd bij de voornoemde Ariaantje Ariens. Moederlijke grootvader is Arien Lenertsz Evenblij.
---
Jeremias Jaspertsz, wonende aan de Rotte buiten het Hofpoortge benoemt Neeltge Eliasdr, weduwe van Barent Gerritsz Kerckenringh, wonend te Berckel, dochter van zijn broer tot erfgename. Legaten zijn er voor Jan Jacobsz en Aelbrecht Sijmonsz te Berckel, Arien Ariensz, backer te Berckel, Claes Ariensz te Pijnacker het kind van Leendert Ariensz, Gille Claesz, Cent de Reu, Pieter de Reu, Charel de Roose, Gerrit Wille en Joris West, zijn huurluiden wonende op de Staeck de Vijvre, Gerrit Wille zijn neef wonende in de polder Someren bij Gent, Pieter Claesz en Keuntge Ariensdr diens vrouw, Arien Cornelisz, Maertge Ariensdr, weduwe van Jan Danielsz, Teuntge Jacobs Duyfhuysen en Lijsbet Jacobs Duyfhuysen.
Bron: SA Rotterdam, ONA Rotterdam (toegangsnr. 18), inv.nr. 220, aktenr. 82, d.d. 25-09-1662
---
"Aelbrecht Sijmonsz Aelbrechtsz wonende aenden Berchsenhoeck onder Hillegersbech mijn notario bekent dewelcke verclaerde op den xx novemb 1656 wel en deuchdel. bekent te hebben schuldich te wesen volgens schriftel. obligatie aen en tot behoeve van Cornelis Jansz Hobbe za. doen mede wonende aen de Berchsenhoeck voorsz. een somme van driehondert guldens capl." (onder de akte: "Sijmon Aelbert Sijmonsz")
Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 2, fol. 67, d.d. 09-03-1670
---
Aelbrecht Symonsz Broeckhuisen
NB: Insolv. boedel
Omvang: 1 omslag en 1 charter
Bron: SA Rotterdam, Weeskamer Hillegersberg (toegangsnr. 6-01), inv.nr. 2103, d.d. 1678-1679
---
"Cornelis Pietersz van Leeuwen out ontrent dertien jaaren woonende aenden achter wegh binnen den ambachte van Hillegonsb. de welcke getuijghden ende attesteerde ter requesie ende instantie van mr. Johanis de la Sepelle, curghijn op den Berchsenhoeck hoe waer ende waerachtich is dat hij comparant ontrent drie weecken geleden sonder nogtans inden presisen dagh behaert te willen zijn, is comen gaen neffens de huijsvrouwe van Aelbrecht Sijmonsz Broekhuijsse, ende haere dochter Arjaentge Aelbrechts Broekhuijsse op de Rotte cade naets de stadt Rotterdam ontrent het Swaenen eijlant alwaar ons van achteren mede aen quam gaen den reqt. en sijn huijsvrouw Arjaentge Willemsz Versijde" (Het betreft een ruzie tussen Ariaantje Willems Versijde en Ariaantje Aalbrechts Broekhuizen.)
Bron: SA Rotterdam, ONA Berkel en Rodenrijs (toegangsnr. 1250), inv.nr. 4, fol. 98, d.d. 23-11-1680
|