| Aantekeningen |
- 158. 14 1/2 morgen land in Polsbroek op de noordzijde in het gerecht van Gerard van Vliet, neef van de leenheer, (1534: van de heer van Montfoort; 1550: van Aremberg) achter de hofstede van Brakenburg, die Johan van Almelo, neef van de leenheer, houdt, (1410: vermeerderd met de hofstede Nijenburg met 5 morgens tijns- en tiendvrij aan het eind van het land van de leenheer in Polsbroek; 1549: bijeen het goed Slappendel, jaarlijks f 108.- waardig).
17-6-1616: Accoord door Johan Snel, procureur, voor Wijnand van Wijngaarden, domproost en grootbaljuw van Luik, met Hugo Jansz. Bout en Wouter Hendriksz., nazaat van Pieter Jansz. Duyst, voor de wees van Balichje Bouwens over de verkoop in 1592 aanHugo Bout van 19 1/2 morgen, genaamd Slappendel, en de onkosten, G fo. 83v-86.
Het leen 158 gesplitst in 158 A, 158 B en 158 C.
158 A. Drie vierde deel van de helft van het leen.
11-1-1637: Jan Cornelisz. Moesgens voor Margje Wouters, zijn vrouw, bij dode van Baartje Wouters, haar zuster, 1 fo. 2-3 en fo. 28.
23-5-1638: Jan Hendriksz. Bout, neef van Jan Hugenz., zoon van Hugo Jansz. Bout, bij dode van zijn neef, 1 fo. 17-18.
27-5-1647: Gerard Gijsbertsz. voor Margje Jans, weduwe van Cornelis Woutersz. Kooiman, bij accoord, 1 fo. 66v-67v en fo. 72v-73.
158 B. Twee achtste deel in de oostelijke helft van het leen en de helft van de westelijke helft.
2-1-1633: Gerard Gijsbertsz. voor Balichje Buyens, zijn vrouw, bij dode van Hugo Jansz. Bout, G fo. 177v-178~.
8-2-1643: Gerard Gijsbertsz. van Dam te Oudewater ook voor Gijsbert, zijn zoon, bij dode van Balichje Buyens beiden met de helft, 1 fo. 52-53~ en fo. 94.
158 C. De helft van de westelijke helft van het leen.
2-1-1633: Wouter Hendrik Stoffelsz. voor Leentje, dochter van Pieter Duyst, zijn vrouw, bij dode van Hugo Jansz. Bout, G fo. 176.
27-12-1653: Hendrik Woutersz., zoon van Leentje Pieters Duyst, weduwe van Wouter Hendrik Stoffelsz., 1 fo. 105v-106.
Bron: De lenen van de hofstede IJsselstein, 1310-1656 door J.C. Kort
|